zaterdag, 16 december 2006
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Remember 16th December

Op de dag voor de zeventiende kwamen de burgers van het graafschap Suffolk bijeen in een van de kerken van Boston om te overleggen welke maatregelen als opportuun konden beschouwd worden om het lossen van de thee te verhinderen en het volk de collecte van de rechten te besparen. Op die bijeenkomst werd een comité aangeduid om te blijven wachten op Gouverneur Hutchinson om hem te vragen welke maatregelen hij zou nemen om het volk tegemoet te komen met betrekking tot het onderwerp van de meeting.

Bij het eerste verzoek zei de Gouverneur hen dat hij hen om 5 uur des namiddags het definitieve antwoord zou verschaffen. Maar toen het comité zich op het afgesproken uur bij de Gouverneurswoning aanmeldde, vernamen zij dat de Gouverneur vertrokken was naar zijn buitenhuis in Milton, een tiental kilometer daarvandaan. Toen het comité terug in de vergadering kwam en het nieuws van de afwezigheid van de Gouverneur meedeelde ontstond er een verwarrend gemor, en de vergadering werd onmiddellijk opgeheven. Velen riepen “Laat eenieder zijn plicht doen en trouw blijven aan zijn land”. En het ging met algemeen hoerageroep richting Griffin’s wharf.
Het was ondertussen avond en ik verkleedde mij met het kostuum van een Indiaan, uitgerust met een kleine bijl, die wij tomahowk noemden, en een knots. En na mijn gezicht en handen te hebben geschilderd met de kolen van een smidse, trok ik naar Griffin’s wharf. Van zodra ik zo verkleed op straat kwam voegde ik mij bij de vele anderen die eveneens zo verkleed en uitgerust waren, en samen marcheerden we vastberaden naar de plaats van onze bestemming.
Toen we aan de kade aankwamen waren er drie onder ons die de leiding namen over de operatie en waaraan wij ons spontaan onderschikten. Zij verdeelden ons in drie groepen met als doel het enteren van de drie schepen die met thee geladen waren. De naam van de leider van de groep waaraan ik werd toegevoegd was Leonard Pitt. De namen van de andere leiders heb ik nooit geweten.
We kregen onmiddellijk het bevel van onze respectieve leiders om gelijktijdig aan boord te gaan van de schepen, een bevel dat we prompt opvolgden. De leider van de groep waar ik toe behoorde stelde mij aan als boots en gaf me het bevel om naar de kapitein toe te gaan en van hem de sleutels voor de luiken te vragen en een dozijn kaarsen. Ik deed het verzoek zoals bevolen en de kapitein gaf mij ten antwoord meteen de gevraagde zaken. Maar hij vroeg mij tezelfdertijd om geen schade aan te brengen het schip of de tuigage.
Vervolgens kregen we bevel om de luiken te openen en alle kisten thee boven te halen en ze in zee te storten. Wij gingen onmiddellijk aan de slag om dit bevel uit te voeren, maar braken de kisten eerst open met onze tomahowks, zodanig dat de thee direct in contact met het water zou komen.
In ongeveer drie uur na het aan boord gaan hadden we alle kisten met thee opengebroken en overboord gegooid, terwijl de groepen in de andere schepen hetzelfde deden op het zelfde moment. We waren omsingeld door Britse oorlogsschepen, maar er werd geen poging ondernomen om ons te weerstaan.
Daarna keerden we rustig terug naar huis, zonder tegen elkaar te praten of te vragen naar de identiteit van onze medestanders. Ik kan mij ook niet één naam van hen herinneren, behalve die van Leonard Pitt, de leider van mijn groep, die ik reeds noemde. Er scheen een overeenstemming te zijn dat ieder individu vrijwillig meedeed, zijn geheim zou bewaren en zelf de risico’s zou dragen. Er waren verder geen onregelmatigheden bij de verrichting en men kon vaststellen dat het de stilste nacht was die Boston had genoten gedurende vele maanden.
Terwijl we de thee overboord gooiden waren er verschillende pogingen van sommige burgers van Boston en omgeving om kleine hoeveelheden thee mee te nemen voor eigen gebruik. Zij raapten enkele handenvol thee op van het dek dat vol lag, en stopten dat in hun zakken.
Ene Kapitein O’Connor, die ik goed kende, kwam met dat doel aan boord en, toen hij dacht dat niemand het zag, vulde hij zijn zakken. Maar ik had het wel gezien en wees de kapitein erop wat hij aan het doen was. Wij kregen het bevel om hem in bewaring te nemen, en net toen hij van het schip af ging kon ik hem bij de slip van zijn jas grijpen in een poging om hem terug aan boord te trekken, maar ik scheurde het af. Door snel weg te springen kon hij ontsnappen. Maar hij moest spitsroeden lopen door het volk op kade die hem, terwijl hij doorliep, schopten of stampten.
Ook een grote, wat oudere man die een steek en een witte pruik droeg, wat toen in de mode was, deed nog een poging om een beetje thee voor vernietiging te redden. Behendig stopte hij een klein beetje in zijn zak, maar eenmaal betrapt, gooiden ze de steek, de pruik, samen met de thee die ze uit zijn zakken hadden gehaald, mee het water in. Om zijn leeftijd te ontzien werd hem toegestaan te vluchten met slecht hier en daar een stootje.
De volgende morgen, nadat we de schepen van hun thee ontdaan hadden, zagen we dat grote hoeveelheden ervan op het wateroppervlak dreven. En om de mogelijkheid dat er nog iets van bruikbaar zou zijn uit te sluiten, werden een paar kleine bootjes bemand met burgers en zeelui, en die roeiden naar die delen van de haven waar er thee zichtbaar was en door er met de riemen en roeispanen in te slaan er voor te zorgen dat de thee zo gedrenkt werd dat de volledige vernietiging ervan onvermijdelijk was.
— George Hewes

De Boston Tea Party was het hoogtepunt van een belastingrevolte van Amerikaanse kolonisten tegen de Britse overheid. De Stamp Act van 1765 en de Townshends Acts van 1767 hadden heel wat kwaad bloed gezet in de Amerikaanse koloniën en hadden een grootsscheepse theesmokkel tot gevolg gehad. Met de Tea Act van 1773 schafte de regering in Londen de invoerrechten af om de British East India Company toe te laten te concurreren met de smokkelaars. De meeste koloniën weigerden echter de thee toe te laten in de havens. Alleen de gouverneur van Massachusetts stond aan de kant van de Company. Maar de Sons of Liberty hebben er met hun aktie voor gezorgd dat de thee ook in Boston niet op de markt kwam.

Deze gebeurtenissen waren van groot symbolisch belang in de opstand van de Amerikaanse koloniën tegen de Britse onderdrukker en die geleid heeft tot de onafhankelijkheid en tot één van de meest belangwekkende libertarische experimenten in de geschiedenis.

Maar het experment is van korte duur gebleken. De kolonisten hebben twee kapitale fouten gemaakt: (1) zij geloofden dat een overheid nodig was om de chaos te vermijden en (2) zij dachten dat het mogelijk zou zijn om de macht van de overheid en haar honger naar groei door een constitutioneel systeem van ‘checks and balances’ in toom kon worden gehouden. Zij begrepen niet dat het in de sterren geschreven staat dat een minarchie een monsterstaat moet worden. De idee zelf van een minarchie is hopeloos utopisch.

Predik ik de revolutie? Nee, integendeel. Revoluties hebben, net als politiek, een logica die op macht is gebaseerd. Beiden werken in het voordeel van de machtzuchtigen en de volksmenners. En na afloop worden zij die er de verworvenheden van durven betwijfelen doorgaans opgeknoopt.

“No taxation without representation” was toen de slogan. Nu zijn we 233 jaar illusie van politieke ‘vertegenwoordiging’ rijker en moet de kreet zijn “No taxation, full stop!” Wanneer gooien wij de thee in het water?

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars

Door , topic: Algemeen
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.
Reacties
  1. Maverick. schreef op : 1

    Daar wordt het inderdaad tijd voor hier. Helaas zijn de meeste mensen overheids-junkies voor wie afkicken een nachtmerrie is. Leuke acties zouden zijn: openlijke boycot van alle staatsproducten waarvoor alternatieven zijn; spaargeld offshoren; allerlei acties die op vreedzame wijze zand in de raderen van de bureaucraten strooien. Heeft een lezer met juridische achtergrond leuke suggesties?

  2. Bep schreef op : 2

    Tja Geert,

    Eerst de horeca verplichten tienduizenden te investeren in brandweerbaarheid en via de media een hetze voeren over ‘dure’ biertjes.
    Vervolgens wordt een (binnenkort totalitair?) rookbeleid ingevoerd zodat je die centen ook niet terug kunt verdienen.

    Gelukkig zijn de biertjes in de tent nog te betalen 😉

  3. Bep schreef op : 3

    [2]

    oeps.

    mijn reactie hoort bij het vorige stukje.

  4. nina osinga schreef op : 4

    Een klein begin zou zijn om ons allen te abonneren op De Republikein.Deze mensen hebben steun nodig en voelen zich vrijer door een grote achterban om meer te publiceren. over dingen die wij niet mogen weten b.v.

    Nina

    Hij was weer leuk, de laatste aflevering van 2006, vileine stukjes.Zeg het voort,Zeg het voort.

  5. Hub schreef op : 5
    Hub Jongen

    [4] Nina, is het een idee voor je om eens een stukje voor de frontpagina te schrijven met uitleg wat Die Republikein precies wil en aanduiding dat het een stap is in de richting van de soevereiniteit van ieder individu?
    So ja, stuur het dan aan
    de@vrijspreker.nl

  6. Hub schreef op : 6
    Hub Jongen

    Uitmuntend stukje, Arjen.
    Maar:"Predik ik de revolutie? Nee, integendeel."

    Ik wil graag wel een revolutie! Niet nu, niet nu met wapengekletter en een boel geewld. Dat leidt alleen maar tot vervanging van de ene macht door de andere, zoals je ook terecht opmerkt.

    Maar ik wens een revolutie van vrije mensen. Mensen die hun eigen soevereiniteit durven op te eisen.

    Om die te laten slagen is de enige (???) weg dat we eerst een gezonde basis creeren: dwz véél meer mensen moeten de vrijheidsfilosofie begrijpen.

    Een van de wegen daartoe is dat we met zijn allen zorgen dat het bezoekersaantal van de Vrijspreker om te beginnen tien keer zo groot wordt!
    Een voornemen voor 2007???

  7. Arjen (auteur van dit artikel) schreef op : 7
    Arjen

    [6] Hub
    Ik neem aan dat je weet dat we het daarover helemaal eens zijn. Met het woord revolutie bedoelde ik wel degeljk de georganiseerd, bruuske omwenteling, al dan niet gepaard met geweld. Maar het is verder een louter semantische discussie. Wat jij voorstaat (het individueel opeisen van de eigen soevereiniteit) ligt naar mijn gevoel dichter bij evolutie dan bij revolutie.

    Het viel me trouwens ook op dat de sons of liberty zich die nacht vrijwillig "onderschikten" aan de leiders de operatie. De samenleving waar ik van droom is er een die geen leiders nodig heeft.

  8. Hub schreef op : 8
    Hub Jongen

    [7] Ja, we zijn het zeker eens. Maar soms is het nuttig bepaalde ideeen nog eens extra van een andere kant te belichten.
    BVB:
    Onze ideeen moeten zeker via de "evolutie" verbreid worden. Wij zullen zeker niet gaan schieten!
    Maar in feite zijn we wel zeker bezig met een "revolutie" in het denken. Het overgrote deel van de mensen vindt nog steeds dat mensen zich moeten opofferen voor het algemeen belang. Het tegendeel beweren, dat ieder mens recht heeft op zijn eigen leven, is een geestelijke revolutie.

    Vertellen "de huidige "democratie" een immoreel en slecht systeem is, is een revolutie. "Iedereen weet toch dat er geen beter systeem is!"

    En wat "leiders" betreft, die zullen er ook altijd blijven. Mensen als Hank Rearden zullen ook in de libertarische maatschappij nodig blijven.

  9. Arjen (auteur van dit artikel) schreef op : 9
    Arjen

    Hub,
    Ook met het woord "leiders" hebben we weer een semantisch probleem. Ik bedoelde leiders in de zin van heersers, zij die zich boven de individuele soevereiniteit verheffen. Er is natuurlijk niets op tegen om zich te laten leiden door mensen als HR (of HJ uit S) omdat zij een voorbeeld zijn. Wat er in de nacht van 16 december gebeurde leek mij, voor zover dat is af te leiden uit het ooggetuigeverslag, eerder een bevelsstructuur, het embryo van een staat en de mind set van de onverantwoordelijkheid. De Amerikaanse geschiedenis toont in ieder geval dat het resultaat een monsterlijk opdeling werd tussen meesters en slaven die, eufemistisch, het betere systeem genoemd wordt.