Atlas Shrugged is vertaald in ATLAS IN STAKING.
Een boek dat overduidelijk laat zien en de oorzaken verklaart van de huidige situatie in de maatschappij.
Een boek dat we nog steeds aanbevelen met “must reading”.
Dank zij de vertaler, Jan de Voogt, kunnen we regelmatig een fragment op de Vrijspreker plaatsen.
Zoals Jezus tekeer ging tegen de Farizeeërs, die het volk een juk oplegden, zo gaat de hoofdpersoon in dit boek tekeer tegen de predikers van moraliteit en zonde van de mens.
“Een zonde zonder wil is een slag in het gezicht van moraliteit en een arrogante contradictio in terminis: datgene wat buiten de mogelijkheid van keuze ligt is buiten het gebied van moraliteit. Als de mens slecht is door zijn geboorte, heeft hij geen wil en geen macht dat te veranderen; als hij geen wil heeft kan hij goed noch slecht zijn; een robot is zonder moraal. Het aanmerken als menselijke zonde van een feit, waarin hij geen keuze heeft, is een aanfluiting van moraliteit. Het aanmerken van de menselijke natuur als zondig is een aanfluiting van de natuur. Hem bestraffen voor een misdaad die hij beging voordat hij werd geboren is een aanfluiting van gerechtigheid. Hem aan te merken als schuldig in een kwestie waarbij geen onschuld bestaat is een aanfluiting van rede. Het vernietigen van moraliteit, natuur, gerechtigheid en rede door middel van één enkel begrip is een staaltje van slechtheid dat nauwelijks valt te evenaren. Toch is dat de wortel van uw opvatting.
“Verschuil u niet achter de lafhartige ontwijking dat de mens is geboren met een vrije wil, maar met een ‘neiging’ tot het kwade. Een vrije wil opgezadeld met een neiging is als een spel met vervalste dobbelstenen. Het dwingt een mens tot een moeizame poging te spelen, om verantwoordelijkheid te dragen en te betalen voor het spel, maar de uitslag valt uit in het voordeel van een neiging waaraan hij niet kon ontsnappen. Als de neiging iets is van zijn keuze, kan hij die niet bij zijn geboorte reeds hebben; als die niet van zijn keuze is, heeft hij geen vrije wil.
“Wat is de aard van de schuld die uw leraren ‘Oorspronkelijke Zonde’ noemen? Wat is het kwade dat een mens verkreeg toen hij verviel van een staat die zij als volmaaktheid beschouwen? Hun mythe verklaart dat hij de vrucht at van de boom der kennis – hij verkreeg een verstand en werd een rationeel wezen. Het was de kennis van goed en kwaad – hij werd een moreel wezen. Hij werd veroordeeld tot het verdienen van zijn brood door hard werken – hij werd een productief wezen. Hij werd veroordeeld tot het ervaren van begeerte – hij kreeg het vermogen van seksueel genot. De kwade dingen waarvoor zij hem vervloeken zijn: rede, moraliteit, creativiteit, vreugde – alle kardinale waarden van zijn bestaan. Het zijn niet zijn ondeugden waartoe hun mythe van ’s mensen zondeval is bedoeld, om uit te leggen en af te keuren; het zijn niet zijn fouten die zij beschouwen als zijn schuld, maar de essentie van zijn aard als mens. Wat hij ook geweest mag zijn – die robot in de Hof van Eden, die bestond zonder verstand, zonder waarden, zonder arbeid en zonder liefde – hij was beslist geen mens.
“De zondeval van de mens was, volgens uw leraren, dat hij de deugden verwierf, benodigd om te leven. Die deugden zijn, volgens hun maatstaf, zijn Zonde. Zijn kwaad, beweren ze, is dat hij mens is. Zijn schuld, beweren ze, is dat hij leeft.
“Zij noemen dat een moraal van genade en een leerstelling van liefde voor de mens.
“Nee, zeggen ze, zij prediken niet dat de mens slecht is, het slechte is alleen maar dat vreemde voorwerp: zijn lichaam. Nee, zeggen ze, zij willen hem niet doden, zij willen alleen maar dat hij zijn lichaam verliest. Zij streven ernaar hem te helpen, zeggen ze, tegen zijn smart – en ze wijzen naar de martelbank waarop ze hem hebben vastgebonden; de bank met twee draaischijven die hem uitrekken in tegenovergestelde richtingen; de bank van de leerstelling die een splijting veroorzaakt tussen zijn ziel en zijn lichaam.
“Ze hebben de mens in tweeën gesplitst, en de ene helft tegen de andere opgezet. Ze hebben hem geleerd dat zijn lichaam en zijn bewustzijn twee vijanden zijn, die in een dodelijk conflict zijn gewikkeld; twee tegenstanders van tegenovergestelde aard, met tegenstrijdige aanspraken en onverenigbare behoeften; het goed doen aan de ene is het kwetsen van de andere; dat zijn ziel toebehoort aan een bovennatuurlijk gebied, maar dat zijn lichaam een kwade gevangenis is die het aan deze aarde gebonden houdt – en dat het goede is zijn lichaam te onderwerpen, het te ondermijnen door jaren van geduldige moeizame strijd, zich een weg banend naar die glorieuze ontsnapping uit de gevangenis die voert naar de vrijheid van het graf.
“Ze hebben de mens geleerd dat hij een hopeloos buitenbeentje is bestaande uit twee elementen, beide symbolen van de dood. Een lichaam zonder ziel is een lijk, een ziel zonder lichaam is een spook – toch is dat hun beeld van ’s mensen natuur: het strijdtoneel van een worsteling tussen een lijk en een spook; een lijk begiftigd met een kwade wil van zichzelf, en een spook begiftigd met de wetenschap dat alles, wat de mens kent, niet bestaat; dat alleen het onkenbare bestaat.
———————————————–
Eerder geplaatste fragmenten,
—Francisco in gesprek met James Taggart over de San Sebastián Mijnen: www.vrijspreker.nl/vs/item/…







Doorsturen
Printen








Stimulerend en oogopenend, een verademing.