maandag, 30 april 2007
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Economische cycli

Veel wordt er gesproken tegenwoordig over de ‘lichtpuntjes’ in de economie. Dit wordt vooral gedaan door economen van onze staatsinstellingen, politici en hun financiële mediaschoothondjes. Kritische vragen hoor je niet of nauwelijks.

Derhalve hebben de politici vrij spel om de economie te blijven manipuleren en de statistieken aan te passen aan wat hen het beste uitkomt. De nomenklatura van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Centraal Planbureau (CPB) zijn erg behulpzaam met het wegmoffelen van zaken die niet welgevallig zijn. In Nederland met haar regenteske stelsel duidt het erop dat de samenwerking tussen deze instituten, universiteiten en de politiek altijd innig is geweest.

Om een voorbeeld te geven, vaak wordt er gezegd dat dankzij de groei van de Chinese en Aziatische economie de vraag naar grondstoffen is gestegen, nooit wordt er bijverteld dat de geldgroei dit decennium enorm is geweest. Hierbij een overzicht van The Economist over de monetaire geldgroei (M1) in 2006.

China 19%
VS 8,5%
EU (o.a. Nederland) 9,7%
Canada 10,2%
Australië 13%
Groot Brittannië 13%
Japan 1%

Zoals men kan zien is de inflatie enorm gestegen over het afgelopen jaar en gaat nog steeds voort. Als men daarbij de cijfers zet van het Bruto Binnenlands Product (BBP) van deze landen volgens de methode van de overheid, dan komen we op het volgende:

China 11,1%
VS 3,1%
Nederland 2,7%
Canada 2,3%
Australië 2,8%
Groot Brittannië 2,8%
Japan 2,3%

Wat men moet beseffen dat deze cijfers aantonen dat men met uitzondering van Japan overal armer wordt. De monetaire geldgroei overstijgt het BBP verre in de genoemde landen. Kijken we naar de mate van verarming, dan zien we het volgende, we halen daarbij de CPI-cijfers (Consumentenprijsindex) ervanaf, die door de overheden zijn vastgesteld als ‘inflatie’, dan komen we op het volgende uit:

China 19% (M1) – 3,39% (CPI) = 15,7% restinflatie
VS 8,5% (M1) –3,1% (CPI) = 5,4% restinflatie
Nederland 9,7% (M1) – 2,7% (CPI) = 7% restinflatie
Canada 10,2% (M1) – 2,3% (CPI) = 7,9% restinflatie
Australië 13% (M1) – 2,8% (CPI) = 10,2% restinflatie
Groot Brittannië 13% (M1) – 2,8% (CPI) = 10,2% restinflatie
Japan 1% (M1) – 2,3% (CPI) = -1,3% restinflatie

De mate van toenemende of afnemende welvaart kan men uit deze cijfers gemakkelijk achterhalen. We zien dat Japan zich langzaam maar zeker uit de zware economische depressie omhoog tilt, want de economische groei is sterker dan de overheidstatistieken aangeven, terwijl de rest van de wereld een reële negatieve groei laat zien. We hebben deze verbeterde cijfers opnieuw naast elkaar gezet en we zien het volgende met betrekking tot de werkelijke economische groei versus officiële BBP:

China 15,7% (restinflatie) – 11,1% (BBP) = -4,6% groei
VS 5,4% (restinflatie) – 3,1% (BBP) = -2,3% groei
Nederland 7% (restinflatie) – 2,7% (BBP) = – 4,3% groei
Canada 7,9% (restinflatie) – 2,3% (BBP) = -5,7% groei
Australië 10,2% (restinflatie) – 2,8% (BBP) = -7,4% groei
Groot Brittannië 10,2% (restinflatie) – 2,8% (BBP) = -7,4% groei
Japan –1,3% (restinflatie) – 2,3% (BBP) = 1% groei

Deze cijfers zijn duidelijk ten aanzien van de negatieve groei in de meeste landen. De Japanse centrale bank probeert met man en macht de geldgroei te stimuleren, maar na 17 jaar depressie heeft geen enkele Japanse consument behoefte aan een verdere opbouw van schuld. In plaats daarvan zijn zij zeer spaarzaam.

Momenteel zorgt de wereldwijde geldgroei voor een grote hausse in de grondstoffenmarkt. Dit heeft niets te maken met de Chinese groei of opkomende markten, maar alles met de gigantische toename in liquiditeit. Voorheen werd deze liquiditeit opgenomen door de aandelenmarkt en later de onroerendgoedmarkt, maar heeft zich nu verplaatst naar de grondstoffensector. Zoals bijgaande CRB-index al laat zien.

De verwachting is dat de geldgroei verder gaat toenemen in de volgende 10 jaar en dit de grondstoffen verder omhoog zullen stuwen. We zijn in feite beland in een stagflatiesituatie, waarbij er negatieve groei is met een hoge inflatie. De rentes zullen moeten stijgen om deze hoge inflatie bij te houden en dat is historisch gezien slecht voor de onroerendgoed-, obligatie- en aandelenmarkten. De kunst van de centrale banken is nu om te zorgen dat er geen hyperinflatie komt, want dan kan de consument vertrouwen verliezen in de munt. Op dit moment is deze toestand in China reeds aan de gang. Andere landen zullen dit voorbeeld volgen in het komende decennium en evenals Japan een lange depressie moeten doorstaan, alvorens de reële economische groei weer kan worden bewerkstelligd.

Aardige voorbeelden van verhulling van de werkelijke cijfers kan men in de volgende artikelen lezen, waaruit blijkt dat het probleem van verhulling of misleiding door de overheid niet nieuw is.

www.groene.nl
www.volkskrantblog.nl
www.bouwonderzoek.nl
www.cijfers.net
www.meervrijheid.nl
www.fortuynpolitiek.nl
www.fembusiness.nl

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars

Door , topic: Economie
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.
Reacties
  1. SpyNose schreef op : 1
    Spy-Nose

    Fantastisch werk Albert ! zo kan iedereen zien, waar zijn koopkracht blijft.

    In feite spreken we -op basis van cijfers van de Economist- over MONDIALE RECESSIE, dus over reële verarming van de wereldeconomie, in 2006, terwijl iedereen wordt aangepraat, dat het zo goed gaat met die wereldeconomie, haha.

  2. Maverick. schreef op : 2

    Best schokkende cijfers hierboven. De links bekijk ik binnenkort een keer. Opmerkelijk dat zelfs een land met hoge ‘groei’ cijfers als China een feitelijke krimp laat zien. Dat geeft te denken over de werkelijke situatie in de eurozone waar de overheden toch als stevig sjoemelen bovenop de ‘officiele’ cijfers over begroting, economie, arbeidsmarkt, etc.

  3. Albert (auteur van dit artikel) schreef op : 3
    Albert Spits

    [1] [2] Precies. Overheden zijn notoir ten aanzien van manipulatie, gedokterde cijfers en misleiding. Omdat alle statistieken worden bijgehouden door diezelfde overheid is het natuurlijk het spek om de kat binden, waar het gaat om de bittere waarheid te verhullen. Dit wordt al decennia gedaan. Niet alleen in totalitaire staten, maar ook in de westerse wereld.

  4. SpyNose schreef op : 4
    Spy-Nose

    Citaat uit FEM business: "Een centrale bankier uit een van die landen zou in ieder geval niet zeggen dat ‘Als de president je iets vraagt te doen, dan doe je dat.’ Van wie is die zin dan wel afkomstig? De man die onafhankelijk van politici de korte termijn rente in de eurozone moet bepalen. Inderdaad, Trichet."

    Oui Monsieur le President, je vous en prie.

  5. Fukkov schreef op : 5

    Amsterdam (BETTEN BEURSMEDIA NEWS) – De aangepaste geldhoeveelheid M3 in de eurozone is over maart 2007 met 10,9% gestegen ten opzichte van dezelfde maand een jaar eerder. Dat heeft de Europese Centrale Bank (ECB) maandag bekendgemaakt.

  6. Bud schreef op : 6
    Bud Rrevensky

    Negatieve groei betekent volgens mij dat de productie daalt. Zoals Albert het hier aanbrengt heeft hij het over koopkrachtvermindering en niet over negatieve groei.
    Is toch belangrijk punt van kritiek.

  7. Albert S. schreef op : 7

    [6] Klopt Bud, negatieve groei hoeft niet te betekenen dat de industriële productie daalt, maar wel dat het gemiddelde bestedingsniveau achteruit gaat. Productieprijzen zijn dan ook een gevolg van de inflatie en niet de inflatie zelf. Uiteindelijk gaat de productie naar beneden als gevolg van het verminderde bestedingspatroon van consumenten en de kostenverhoging van de grondstoffen die moeten worden doorberekend in de prijzen. Dit veroorzaakt een verdere stijging van de werkloosheid, omdat fabrieken overschakelen naar verdere automatisering en efficiëntere productiemethoden. In China bijvoorbeeld is het officiële werkloosheidspercentage ook al 9,4%.

  8. loper schreef op : 8

    De kunst van de centrale banken is nu om te zorgen dat er geen hyperinflatie komt, want dan kan de consument vertrouwen verliezen in de munt. Op dit moment is deze toestand in China reeds aan de gang.

    Beste Albert.
    Kunt u meer bewijs leveren voor deze uitspraak.
    Bvd. loper

  9. Albert S. schreef op : 9

    [8] Voor centrale banken is het altijd een kunst om zoveel mogelijk geld te drukken, zonder dat het volk vertrouwen verliest in de munt. Een aantal landen in het verleden heeft dit geprobeerd en volkomen gefaald. Voorbeelden zijn Argentinie, Mexico, Brazilie, Israel, Turkije in het recente verleden. Wat meer terug waren het Weimar Duitsland en China van vlak na de oorlog. Alle munten verloren hun waarde en er moesten nieuwe munten worden geïntroduceerd, zodat het carousel weer opnieuw kan beginnen. Zie mijn eerdere artikel hierover: www.vrijspreker.nl…

  10. Armin schreef op : 10

    Het artikel suggereert dat overliquiditeit (te grote M3) een directe invloed heeft op de prijzen van goederen en diensten. Dat is incorrect. Welliswaar kan het aanleiding geven tot speculaties op de financiële en onroerendgoedmark, maar in ons monetair stelsel leidt het niet direct tot inflatie. Sterker nog sinds een aantal jaren heeft M3 nauwelijks invloed meer op de prijzen van goederen een diensten.

    Dat mag raar lijken, maar komt omdat deze M3 groei vrijwillig volledig opgepot wordt. Zou het besteed worden, zou het pas problemen geven, want tot inflatie leiden. Dit komt enkel omdat veel ‘mensen’ besloten zaken als beleggingen van de kapitaalmarkt (buiten M3) naar de geldmarkt schuiven (binnen M3). Je krijgt groei van M3 zonder dat er echt meer geld in omloop is. Zie ook de Verkeersvergelijking van Fisher.

    In de andere reacties wordt ook weer met de boze vinger gewezen naar de overheid en DBN/ECB. Onterrecht, daar – zoals ik in de discussies omtrent de goudstandarad tevergeefs al riep – de grootste oorzaak van binnenlandse M3-groei de kredietverlening door private banken is. Deze echter is ondergeschikt aan de M3-groei door buitenlands kapitaal.

    Let wel, ik beweer niet dat de M3 groei niet erg is. Het kan namelijk wel heel erg worden, indien ‘mensen’ opeens het M3 geld wel gaan uitgeven. Meestal krijg je dan het ineenklappen van bepaalde bubbels, (Denk aan zoiets als het inzakken van de aandelenmarkt rond 2001.)

  11. Michielsens schreef op : 11

    [10] "Welliswaar kan het aanleiding geven tot speculaties op de financiële en onroerendgoedmark, maar in ons monetair stelsel leidt het niet direct tot inflatie. Sterker nog sinds een aantal jaren heeft M3 nauwelijks invloed meer op de prijzen van goederen een diensten."

    Klopt maar de vastgoedprijzen stegen wel harder dan trendmatig. Zou men die op 1 of andere manier in het prijsniveau kunnen vervatten, dan lag de inflatie aanmerkelijk hoger.

  12. Armin schreef op : 12

    [11] Geheel eens, maar het is ook geheel terrecht dat die vastgoedprijzen niet in de ‘gewone’ inflatie meegenomen wordt. Immers, ze leidt niet tot werkelijke prijsstijgingen van consumentenproducten.

    (Let wel, koopkrachtwijziging is niet inflatie, al maken met name kranten die verwarring wel eens.)

    De inflatie die niet in M3 zit, noemt men ook wel asset-inflatie.

    Andersom, als een bubbel (zoals de huizenbubbel) ooit leeg loopt, zal M3 sterk dalen zonder dat dit perse tot lagere inflatie (laat staan deflatie) zal leiden.

  13. Albert S. schreef op : 13

    [10] [12] M3 is nu eenmaal de schuldopbouw binnen de economie. Het is de totale geldgroei die men tegenkomt. M1 is daar een onderdeel van. Als men geld leent dan wordt dit als M3 gezien, terwijl als men een nieuw huis, auto, jacht etc. voor koopt dit wordt omgezet in M1. De bouwonderneming en fabrikant hebben dit kapitaal nodig voor grondstoffen, bouwmaterialen, personeel, apparatuur. Anders is het met geld lenen voor bestaande koopmiddelen, zoals een bestaand huis, 2e handsauto etc. Dan wordt M3 niet onmiddellijk omgezet in M1. Dit leidt inderdaad tot ‘asset inflatie’. Als men het geld in ‘overwaarde’ uit het huis neemt dan wordt dit gedeelte weer gemonitiseerd tot M1. Deflatie in M1 is onmogelijk, omdat men geld kan blijven drukken zonder dat de hieruit volgende prijzen zullen zakken. Deflatie bestaat derhalve in M3, oftewel ‘asset deflatie’. Dat betekent dat de zeepbel ineenzakt in de onroerendgoedmarkt, aandelenmarkt of obligatiemarkt. Wat mij zorgen baart is dat we nu in zo’n situatie zijn aanbeland en dat de centrale banken proberen de M1-geldgroei te stimuleren, die nooit de M3-geldhoeveelheid kan vervangen, vanwege de enorme grootte van het laatste. De resulterende M1-inflatie wordt dan rechtstreeks vertaald naar naar de eerste levensbehoeften en dit zijn grondstoffen, omdat de schaarste daarvan duidelijk wordt. Immers, als geld minder waard wordt dan stijgen de prijzen, niet alleen de grondstoffensector, maar ook de producenten- en consumentenprijzen, hoezeer er ook met deze laatsten gedokterd wordt door de overheden.