maandag, 3 september 2007
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Onstlagrecht

Er is de laatste tijd enige consternatie ontstaan rondom het ontslagrecht, of beter gezegd: het ontslagverbod, met recht in de zin van rechtvaardigheid heeft het immers weinig te maken.
Werkgeversorganisaties, kabinet en vakbonden zijn het behoorlijk oneens omtrent de richting die er gevolgd moet worden.

De vakbonden laten zien dat het extreem conservatieve organisaties zijn geworden, door elke wijziging af te wijzen. Het kabinet volgt de ‘lijn Bos’, oftewel: draait met alle winden mee. De werkgeversorganisaties op hun beurt laten een gruwelijk gebrek aan verkoopvaardigheden zien, door hun wensen op totaal verkeerde gronden voor het voetlicht te brengen. Toch zou er een vrij simpele oplossing mogelijk zijn om uit deze impasse te komen. Voor we bij die oplossing komen moeten er echter eerst heel wat kanttekeningen gezet worden bij het ontslagrecht.

Om te beginnen met de aard van het ontslagrecht. Om iemand te kunnen ontslaan moet je, als werkgever, eerst iemand in dienst hebben genomen. Logischerwijs is dit een proces waar twee volwassen partijen een rol in spelen. De werkgever, die een arbeidsovereenkomst aanbiedt waarbij hij verwacht hier beter van te worden, en aan de andere kant de werknemer, die ook verwacht beter te worden van de overeenkomst. Wat deze twee ook afspreken met elkaar, met deze afspraken doet men niemand kwaad. Er is dus logischerwijs geen enkel maatschappelijk belang waarom de overheid een rol zou moeten spelen. De werkgever is al lang niet meer de grote boze kapitalist zoals de vakbeweging hem wil doen laten voorkomen, de werknemer is ook niet meer het onschuldige slachtoffer van die kapitalist. Hedendaagse arbeidsverhoudingen zijn zoals alle vrijwillige overeenkomsten: in beider belang. Zo bezien is er dus geen enkele reden voor de overheid om daar allerlei wetgeving aan te verbinden. Als de werknemer wettelijk gezien in staat word geacht om een hypotheek en verzekeringen af te sluiten, een auto te rijden, te trouwen en al die andere beslissingen in het leven zelfstandig te nemen, waarom zou een werknemer dan niet zonder wettelijke bescherming een baan kunnen accepteren?

Ook zonder ontslagrecht zou er namelijk een arbeidsovereenkomst zijn, waarbij werknemers ongetwijfeld zouden eisen dat er bepaalde contractuele verplichtingen zijn omtrent een onverhoopt ontslag. Niets anders dus dan nu, behalve dan dat de werknemer en werkgever dit soort regelingen op individuele basis kunnen afspreken. Maatwerk in plaats van one-size-fits-all. Zo zou een werkgever een proeftijd van één jaar kunnen afspreken met een werknemer die in het verleden wel eens een scheve schaats heeft gereden en daardoor moeilijk aan de bak komt. De werknemer wordt hier beter door, hij komt nu immers wél aan de bak, de werkgever loopt niet het risico veroordeeld te zijn tot een slecht functionerende werknemer waar hij niet meer van af komt.

Helaas lijken de hoofdrolspelers in het conflict zich dit niet te beseffen, er moet blijkbaar een wettelijke regeling zijn, hoe dan ook. Deze hoofdrolspelers in dit verhaal zijn op zichzelf allemaal al behoorlijk verdacht. Niemand vraagt het zich schijnbaar ooit af, maar hoe representatief zijn deze clubs nu werkelijk? De vakbond heeft in geen enkele sector een organisatiegraad hoger dan 50%, in sommige sectoren zelfs lager dan 3%. Nooit spreekt de vakbond dus namens de meerderheid der werkenden, laat staan namens de niet-werkenden.. Hetzelfde geldt voor de werkgeversorganisaties, vrijwel geen enkele ondernemer is er lid van. En toch handelt men namens al die werkgevers.

En dan hebben we nog de regering. Ook die werd niet door de meerderheid van de bevolking gekozen. Men heeft zo’n 60% van de tweede kamerzetels, maar dat betekent dat minder dan 42% van de kiesgerechtigden op deze partijen heeft gestemd. Een aparte gewaarwording, dat er drie partijen onderhandelen over iets waarbij men alle drie minder dan 50% steun heeft van de ‘achterban’. Niet echt democratisch, zou je zeggen.

Er is ook nog wel wat verbazingwekkends te zeggen over het hele idee van het ontslagrecht.
Het ontslagrecht is een systeem dat de mensen met een baan beschermt, en daarmee de mensen zonder baan benadeelt. Zij kunnen namelijk niet zonder meer een baan accepteren op de door hun gewenste voorwaarden. Ook de werkgevers, en daarmee dus de hele economie zijn hiervan de dupe.

Vakbonden en linkse partijen laten zich zo voorstaan op het beschermen van de zwakkeren. Het hoeft geen betoog dat werklozen zwakkeren zijn. En juist die groep wordt gedupeerd dankzij de inspanningen van links en de vakbeweging.

En toch is er een simpele oplossing denkbaar. Ik noem hem maar de wet-BWAV (dit soort afkortingen werkt op ambtenaren zoals stroop werkt op vliegen, wie weet wek ik op die manier interesse in een of andere ivoren toren). Deze wet ‘buiten-wettelijke arbeids voorwaarden’ is een heel simpel wetje, dat de tweede kamer in een vloek en een zucht kan aannemen.

De wet BWAV luidt zo:

Art.1: Indien werkgever en werknemer een arbeidsovereenkomst wensen aan te gaan waarin opgenomen zijn bepalingen die ingaan tegen hetgeen in de wet staat is dit mogelijk onder de volgende voorwaarden:
Lid a: Derden mogen geen aantoonbare schade leiden door de buiten-wettelijke bepalingen in het contract.
Lid b: De buiten-wettelijke bepalingen in de overeenkomst moeten als zodanig zijn aangemerkt en herkenbaar gemaakt voor de werknemer
Lid c: De buiten-wettelijke bepalingen mogen een geldigheid hebben van ten hoogste drie jaren.

Klaar is de wet. Door het aannemen van deze wet zou het werkgever én werknemer vrij staan om in een arbeidscontract alle voorwaarden op te nemen die men wenst. Mits het in het contract maar duidelijk vermeld staat dat een bepaalde bepaling buiten-wettelijk is. De rest van het ontslagrecht hoeft verder niet aangepast te worden, en treedt na maximaal drie jaar (of eerder, indien contractueel vastgelegd) gewoon in werking. Kortom: alleen maar winnaars.

Vrijheid voor de ondernemer, meer kansen voor de werknemer met een ‘vlekje’, en niemand kan hierdoor schade ondervinden.
De vakbonden krijgen weer een mooie taak, want zij kunnen hun leden juridisch advies gaan geven of het wel of niet verstandig is om als werknemer met een bepaling in een contract akkoord te gaan. De bescherming voor huidige werknemers blijft in stand, dus ook daar verliest niemand iets. En het belangrijkste: er is een klein beetje vrijheid teruggekeerd in de Nederlandse samenleving.

Op langere termijn zal ongetwijfeld duidelijk worden dat vrijheid werkt. Waardoor dit soort wetten gebruikelijker zullen worden. Mits de politici hun verstand zouden gebruiken. En vooral dat laatste zal, zo leert de ervaring, wel eens een heel groot probleem kunnen zijn.

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars

Door , topic: Politiek
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.
Reacties
  1. Hub schreef op : 2
    Hub Jongen

    Prima. Grote sprong in de juiste richting.
    Alleen waarom niet 5 jaar in plaats van 3 jaar in de BVAB ?

  2. IIS schreef op : 3

    Wat je hier voorstelt kan niet, tenminste niet in NL. Je kan in NL namelijk niets regelen zonder tussenkomst van de overheid. Er zijn op dit moment personen en instantie’s die niet zonder het ontslagrecht kunnen. Je slaat ze letterlijk het brood uit de mond!

    Eigenlijk heb ik nooit begrepen waarom een werkgever en werknemer er zelf niet uit zouden kunnen komen bij het afsluiten van een arbeidsovereenkomst? Maar wel als je bedenkt dat dat in NL niet kan. Tuurlijk zou het voor de marktwerking beter zijn, maar dat is toch iets waar niemand echt in is geïnteresseerd. Vakbonden en politiek zeker niet die willen de pap om de vinger laten.
    Ik als zelfstandige betaal belasting, maar kan me op geen enkele privilege beroepen(wil ik ook niet).
    Waarom krijgen werknemers dat wel? Een vraag waar je alleen maar een nietszeggend verweer op krijgt.
    En het argument dat de zwakkere dan buiten de boot dreigen te vallen is kul. Hele groepen zogenaamde "sociaal zwakkeren" vallen op dit moment daar ook buiten. Vakbonden moeten deze oude koeien laten rusten. Over vakbonden gesproken, volgens mij kunnen we daar ook wel zonder net als links en rechts.

  3. NvdB schreef op : 4

    De facto maakt jouw voorstel het arbeidsrecht van normaal aanvullend recht: Afwijking is mogelijk. Dat is nu net niet de bedoeling van de regeling omtrent de arbeidsovereenkomst: Veelal is het dwingend recht en daar waar dat niet het geval is betreft het 1/4 of 3/4 dwingend recht (afwijking enkel ten voordele van de werknemer / afwijking alleen overeen te komen door de "sociale partners").

    De enige grondslag waarom je regels van dwingend recht in een arbeidsrelatie wilt opnemen is om verzonken investeringen te beschermen. Bij een langetermijnrelatie als de arbeidsovereenkomsten mag men heronderhandelingen niet langer als vanzelfsprekend ex-ante efficient beschouwen. Maar afgezien daarvan is er weinig ruimte voor de reguleringsdrang die traditioneel aan het arbeidsrecht verbonden is.

  4. Kim (auteur van dit artikel) schreef op : 5
    Kim Winkelaar

    Het kan niet in Nederland. Mooi, maar vertel me nou eens een écht argument, die hoor ik namelijk niet.
    Wie of wat (behalve de graag almachtige politici) zouden nou slechter worden van invoering van de wet BWAV?

  5. Frenkelfrank schreef op : 6

    [5] De politici zijn degenen die hierover beslissen, dus wat denk je dat die doen als blijkt dat ze macht dreigen te verliezen? Dáárom kan het niet in Nederland. Ieder helder denkend en eerlijk mens zou uiteindelijk bij libertarisme terecht moeten komen, maar politici denken niet helder na en zijn zeker niet eerlijk…..

    Zoals ik ooit eens las: een communist (lees; collectivist) kan eerlijk zijn of intelligent, maar onmogelijk beide zijn.

  6. Dennis P. schreef op : 7

    [5] Jouw BWAV voegt niets nieuws toe aan de huidige situatie. Er is namelijk al een flexwet waar in staat dat een werkgever een werknemer drie keer achter elkaar een contract voor bepaalde tijd mag aanbieden. In de praktijk betekent dit dat een werknemer de eerste drie jaar een "proeftijd" heeft, oftewel vogelvrij is wanneer deze regel zo wordt toegepast. Vooral in de omroepbranche is dit schering en inslag. De ontslagbescherming zoals we die nu kennen gaat pas in nadat er echt een vast dienstverband wordt aangegaan. Het is ook niet ongebruikelijk dat een werknemer na drie contracten voor bepaalde tijd een paar maanden moet wieberen, om daarna deze truc weer geheel opnieuw op hem/haar toe te passen. Een werkgever heeft dus eigenlijk al genoeg middelen om ontslagbescherming te omzeilen, tenzij de arbeidsmarkt weer wat krapper wordt. Maar op dat moment wordt de onderhandelingspositie van de werkgever toch al slechter.

  7. R. Hartman schreef op : 8

    [7] Flexwet is alleen maar ellende. Onder het mom de werknemer te beschermen beperkt hij sterk de vrijheid van de freelanceren de kleine zelfstandige (ZZP). Als een freelancer of ZZPer wordt ingehuurd voor een bepaald project komt het regelmatig voor dat het project uitloopt, of dat er een vervolgproject wordt opgestart waarbij de kennis van het vorige project goed van pas kan komen.

    ZZPers moeten het hebben van hun kwaliteit en mond-op-mond reclame. Marketingles nummer één leert dat het vele malen gemakkelijker is bestaande klanten te houden dan nieuwe klanten te werven. De roverheid straft deze ondernemers omdat zij de kwaliteit van hun dienstverlening nauwelijks mogen benutten voor handhaven van opdrachten, zonder meteen tot loonslaaf te worden gedegradeerd, een ongewenste situatie voor zowel klant als ondernemer.

    Maar alles is gericht op zoveel mogelijk loonslaven, want daar kunnen premies van worden ingehouden.

    Zum Kotzen.