donderdag, 19 juni 2008
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Ierland en de Vrije Markt

Nu alle ogen op Ierland zijn gericht en boze tongen beweren dat de Ieren het allemaal niet begrepen hebben en dat ze dankbaar moeten zijn voor de welvaart die de EU met al haar subsidies de Ieren gebracht zou hebben is het nuttig nog eens te bekijken wat het werkelijke effect van subsidies is en waaraan de Ierse welvaart werkelijk te danken is. Dit doe ik aan de hand van een artikel van het Cato institute, dat ik voor u vertaald heb. Het feit dat dit artikel al in 2003 verschenen is mag aantonen dat het geen gelegenheidsartikel is om nu even tegenwicht te bieden aan de pro-EU geluiden, maar een serieuze analyse van wat Ierlands groei in het laatste decennium van de vorige eeuw heeft bewerkstelligd.

Markets Created a Pot of Gold in Ireland

by Benjamin Powell
This article was published in FOX News Online, April 15, 2003.

Gedurende het laatste decennium heeft Ierland zich ontwikkeld van een Europees economisch achterblijvertje tot één van de meest ontwikkelde Europese economiën. De laatste tijd zwakt de Ierse economische groei wat af. Hoewel veel waarnemers proberen om de Ierse successen aan Europese subsidies toe te schrijven laat een wat nauwkeuriger observatie zien dat Ierlands succes te danken is aan haar toenemende vertrouwen in de vrije markt.

In 1987 zweefde het Ierse per capita inkomen op ongeveer 63% van dat in het VK. Tussen 1990 en 1995 groeide de Ierse economie met 5% per jaar, en in de daaropvolgende vijf jaar zelfs met 9% per jaar. Tegenwoordig (2003, red.) overstijgt Ierlands gemiddelde $25.500 per capita inkomen dat van het VK met $3.200.

’s Lands verbluffende economische decennium-historie heeft sommigen ertoe gebracht het de titel ‘Celic Tiger’ toe te kennen. Een goed begrip van de oorzaken van het Ierse succes kan het land helpen om beleidsvergissingen te vermijden gedurende de huidige periode van lagere economische groei. Dergelijke vergissingen zouden haar toekomstige potentieel kunnen ondermijnen.

Na een periode van 13 jaar stagnatie (minder dan 2% groei) koos Ierland vrij radicaal voor het snijden in uitgaven, opheffen van instellingen en het verlagen van de belastingen. Tegelijkertijd deed de overheid geloofwaardige toezeggingen om het begrotingstekort niet te vergroten en geen inflatie toe te staan.

Ierlands lange historie van vrije en open handel heeft ook een rol gespeeld in haar herstel. Maar pas nadat ook andere aspecten van de economie vrijer werden gemaakt door de belasting te verlagen, regelgeving te verminderen, inflatie te beteugelen en een stabiel fiscaal klimaat te creëren werd het mogelijk snel genoeg te groeien om Europa’s levensstandaard te overtreffen.

Ierlands vooruitgang wordt weergegeven in The 2002 Index of Economic Freedom, gebubliceerd door de Wall Street Journal en The Heritage Foundation, waarin Ierland op de 4e plaats van ’s werelds meest vrije economieën prijkte.

Veel buitenlandse waarnemers schrijven Ierlands succes met het verbeteren van haar levensstandaard gedurende de laatste 15 jaar toe aan subsidies van de EU. Maar in feite doen EU subsidies niets anders dan hinderen van consument-vriendelijke economische groei.

Landbouwsubsidies zijn één onderdeel van EU steun en een voorbeeld van hoe goedbedoelde steun economische ontwikkeling kan dwarsbomen. De subsidies verhogen het agrarische inkomen, maar vertragen de natuurlijke economische ontwikkeling door het aantal agrariërs kunstmatig hoog te houden. Een aantal van deze landbouwers zouden meer waardevolle producten in de steden kunnen produceren. Zolang mensen betaald worden om vast te houden aan bepaalde beroepen zal Ierland niet haar relatieve voorsprong in de internationale werkverdeling ten volle kunnen uitbuiten. Dit drukt salarissen en remt groei.

De aanwezigheid van EU-fondsen vertraagt groei ook op een andere manier. Alhoewel het totale aanbod van ondernemers tussen bevolkingsgroepen varieert, varieert de productieve bijdrage van ondernemende activiteiten veel meer, als gevolg van hun verdeling tussen productieve activiteiten, zoals innovatie, en onproductieve, zoals lobbyisme voor subsidies of voorrechten. De aanwezigheid van EU-fondsen creëert een pot met goud waar Ierse ondernemers naar op zoek kunnen. Dit zorgt er voor dat ondernemers, die eerst productief waren, zich nu bezig houden met lobbyisme. Dit lobbyisme verkwist zowel fysieke als personele middelen die aangewend hadden kunnen worden om te voldoen aan wensen van de consument en daarmee economische groei te bewerkstelligen.

Het is dan ook niet verbazingwekkend te moeten constateren dat er geen positief verband bestaat tussen EU-steun en economische groei.

Als de subsidies een belangrijke oorzaak waren voor de Ierse groei zou verwacht mogen worden dat deze groei het hoogst was toen Ierland de meeste steun ontving. Maar groeipercentages en netto steun als percentage van het BNP bewogen zich juist in tegengestelde richtingen bij Ierlands hogere groeipercentages gedurende de jaren 90.

Ierland begon steun te ontvangen nadat het zich in 1973 bij de EG had aangesloten. Netto ontvangsten van de EU bedroegen gemiddeld 3% van het BNP gedurende de snelle groei (1995-200) maar gedurende de lage groeiperiode (1973-1986) was dit 4%.

Absoluut gezien waren de netto ontvansten in 2001 op ongeveer hetzelfde niveau als in 1985. Gedurende de jaren 90 steeg de Ierse contributie aan de EU gestaag van € 359 mio in 1990 naar € 1.527 mio in 2000. Terwijl de ontvangsten uit de EU in 2000 lager waren dan in 1991, € 2.488 mio tegen € 2.798 mio.

Ierlands groeipercentages stegen terwijl de netto fondsen min of meer gelijk bleven en daalden in verhouding tot de omvang van de Ierse economie.

Als de subsidies echt de oorzaak waren van de economische ontwikkeling van Ierland zou verwacht mogen worden dat andere Europese landen die subsidie krijgen ook hoge economische groeipercentages laten zien. EU ‘Structural and Cohesion Funds’ vertegenwoordigden 4% van het Griekse, 2,3% van het Spaanse en 3,8% van het Portugese BNP. Geen van deze landen presteerde ook maar in de buurt van wat Ierland liet zien. Spanje bereikte gemiddeld 2,5%, Portugal 2,6% en Griekenland slechts 2,2% groei tussen 1990 en 2000.

Het opmerkelijke economische succes dat Ierland heeft ervaren gedurende de laatste 15 jaar is te danken aan het marktmechanisme. Hoewel EU-subsidies aanwezig waren zijn deze niet de drijvende kracht geweest maar mogelijk zelfs een rem op verdere groei. Een beleids dat economische vrijheid bevordert, dat het private ondernemers mogelijk maakte om economische groei te stimuleren, was de sleutel tot de creatie van de Celtic Tiger.

Hoewel dit beleid opmerkelijk succesvol was kan het normale fluctuaties in de conjunctuur niet voorkomen. De juiste institutionele omgeving zorgt voor economische ontwikkeling op de lange termijn. Normale, korte-termijn fluctuaties blijven voorkomen. Het hoeft geen verbazing te wekken dat als de VS in een recessie dipt Ierland, een belangrijke handelspartner van de VS, daar negatieve effecten van ondervindt.

Het grootste gevaar voor Ierland is dat de korte-termijn fluctuatie de overheid ertoe zal bewegen om het beleid te gaan ondermijnen dat de Celtic Tiger juist heeft gecreëerd.

Benjamin Powell is a Social Change Fellow at the Mercatus Center in Arlington, Va.

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars

Door , topic: Economie, EU
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.
Reacties
  1. Hub Jongen schreef op : 1
    Hub Jongen

    Deze ware redenen van de groei eisen wel een klein beetje nadenken over wat er gebeurt.
    Accepteren dat die groei komt doordat de EU (o.a. wij in Nederland/Vlaanderen) er zoveel belastinggeld aan hebben geschonken eist geen nadenken. Klinkt eenvoudig.
    En de politici gebruiken het maar al te graag.

    BTW, Gisteren stond op Teletekst een verhaal over grote fraudes in Bulgarije met het belastinggeld dat wij aan Bulgarije schenken.

  2. SpyNose schreef op : 2
    Spy-Nose

    “Als de subsidies echt de oorzaak waren van de economische ontwikkeling van Ierland zou verwacht mogen worden dat andere Europese landen die subsidie krijgen ook hoge economische groeipercentages laten zien. EU ‘Structural and Cohesion Funds’ vertegenwoordigden 4% van het Griekse, 2,3% van het Spaanse en 3,8% van het Portugese BNP. Geen van deze landen presteerde ook maar in de buurt van wat Ierland liet zien. Spanje bereikte gemiddeld 2,5%, Portugal 2,6% en Griekenland slechts 2,2% groei tussen 1990 en 2000.”

    Dat willen ze in Brussel e.o. natuurlijk NOOIT horen.
    Daarom zal de informatiestroom via internet vroeg of laat door de EU beteugeld worden.

  3. SpyNose schreef op : 3
    Spy-Nose

    Fraude in Bulgarije ? Wat toevallig ! Ik heb in Portugal precies hetzelfde meegemaakt, terwijl het systeem fraude juist moet voorkomen:

    De projecten voorzien allemaal in budgetten t.b.v. het functioneren van het systeem, zeg maar ambtelijke kosten. Dat systeem KOST grosso modo op zichzelf al 80% van het totale budget.

    Daarnaast gaan de subsidies gewoon door, ondanks het feit, dat er nog nooit een EG-jaarcijfer is goedgekeurd.

  4. Albert S. schreef op : 4

    Ik weet bijvoorbeeld dat Ierland sinds 1973 bij de EG zat, maar dat vanaf 1989 sinds Charles Haughey van de Fianna Fail premier werd dat Ierland pas krachtig begon te groeien. De belastingverlagingen waren daar de hoofdoorzaak van. Met als gevolg dat Ierland de Keltische tijger werd genoemd en een dankbaar investeringsgebied vormde voor bedrijven uit de rest van de wereld. De EG/EU heeft daar dus niets, maar dan ook niets aan bijgedragen. Dat zijn dus de mythes die door de Eurocratie in stand worden gehouden. Ierland had zich ook zonder de EU tot een uiterst welvarend deel van Europa kunnen ontwikkelen als ze dit beleid eerder had gevoerd. EU delende est.