woensdag, 9 juli 2008
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Waarom cultuur belangrijk is

Cultuur doet ertoe, beweert de Britse filosoof Roger Scruton in zijn nieuwe boek: Waarom cultuur belangrijk is.
Cultuur is onderscheid leren maken: tussen waar en onwaar, smaakvol en smakeloos.
Door het collectivisme, socialisme en politieke correctheid van de afgelopen decennia is het vermogen tot onderscheid maken ernstig ondermijnd.
Neem bijvoorbeeld het onderwijs waar nu de laagste prestatie de norm is.

De Europese lidstaten dreigen op te gaan in een “betekenisloze collectiviteit”. Dat zegt de Britse conservatieve filosoof, cultuurcriticus en euroscepticus Roger Scruton. Deze dreiging komt niet alleen van buitenaf, maar vooral ook van binnenuit: ons eigen denken over onze cultuur – het postmoderne nihilisme en het cultuurrelativisme – hollen de Europese natiestaten van binnen uit. En dat terwijl cultuur zo belangrijk is en Europa zo veel beschavende cultuur heeft voortgebracht, stelt Scruton in zijn meest recente boek Culture counts.

Roger Scruton keert niet graag terug naar het stadje waar hij opgroeide. De karakteristieke gevels en eerbiedwaardige gebouwen die in zijn jeugdjaren het stadsbeeld kenmerkten, hebben plaatsgemaakt voor smakeloze architectuur. Dit voorbeeld gebruikte Scruton toen hij een paar weken geleden in Utrecht een lezing gaf, ter promotie van zijn nieuwe boek. Hij wil ermee duidelijk maken dat we vandaag in een ‘wegwerpcultuur’ leven. Er geldt nauwelijks meer een onderscheid tussen waardevol en waardeloos: alles is even goed of even slecht. Scruton aarzelt niet om deze ontwikkeling aan te duiden als nihilistisch: alles van waarde gaat verloren.

In zijn boek schetst Scruton diverse ontwikkelingen. Architectuur is er een van, evenals beeldende kunst en muziek. Er heeft zich op die terreinen de afgelopen vijftig jaar een grote verandering voltrokken, merendeels door toedoen van de staat. Wat altijd gold als een gezaghebbende traditie, moest op de schop en hervormd worden naar ‘democratisch inzicht’. Cultuur is in de ogen van vernieuwers een kwestie van ‘dode witte Europese mannen’ en allemaal ingegeven door vooroordelen die cirkelden rond de eigen superioriteit. Dat diezelfde ‘vernieuwers’ precies dezelfde superioriteit ten toon spreiden, valt weinigen op.

Volgens Scruton is smaak een belangrijke kwestie als je niet kunt leven met de gedachte dat alles evenveel waard is. Verdient een popsong van een amateurbandje dezelfde waardering als een cantate van Bach? Het intuïtieve antwoord op die vraag luidt: ‘nee’. Dat is precies het punt, betoogt Scruton. Er zijn zaken die onze waardering en respect verdienen. Er is cultuur die we moeten koesteren, omdat ze in diepste zin de waardigheid van de mens tot gelding brengt. Scruton vindt dat je ronduit moet kunnen spreken over goed en kwaad. Als het gaat om bijvoorbeeld de beoordeling van romans, moet de morele dimensie aan het licht gebracht worden. Niet voor niets heeft een ‘hoge cultuur’ van romans en dichtwerken de eeuwen doorstaan. Die teksten maken ons wijzer, omdat ze ons uitdagen en laten nadenken over wezenlijke kwesties. Maar duidelijk is ook dat mensen zich dit oordeelsvermogen eigen moeten maken; hard nodig zijn dus ook leermeesters in de ware zin van het woord. Een groot punt van zorg is volgens Scruton het onderwijs. Hij is afkomstig uit een lagere sociale klasse, maar tot zijn geluk kreeg hij de kans fatsoenlijk onderwijs te volgen. Daar ging een wereld voor hem open. Hij studeerde filosofie, maar verdiepte zich ook in literatuur, architectuur en muziek. ,,Ik ontdekte een reservoir aan inzichten, aan kennis en wetenschap die mij zeer hebben verrijkt. Ik besefte: dit is door voorgaande generaties aan mij doorgegeven. Op mijn beurt moet ik het ook doorgeven. Maar wat gebeurt er in het onderwijs vandaag? Het uitgangspunt ligt bij de leerling. Wat is relevant voor de leerling, wat kan hij of zij ‘behappen’?’’ Een fataal uitgangspunt, stelt Scruton, omdat je in dat geval kiest voor de laagste gemene deler. Bovendien is het uitgangspunt zelf verkeerd. Het gaat uiteindelijk niet om de leerling. De beslissende kwestie is: kan de cultuur en de kennis die daarin is opgeslagen worden doorgegeven aan volgende generaties, via deze leerling? Scruton constateert dat de Europese cultuur goeddeels is voortgekomen uit de bron van de religie: hoofdzakelijk de joods-christelijke traditie, maar ook de Griekse en Romeinse klassieke oudheid. De band met religie verdampt echter in rap tempo. De secularisatie is een groot probleem, omdat het contact met de wortels van de beschaving minder en minder wordt. Ondanks dat betoogt hij dat de Europese cultuur zonder die expliciete verankering een grote vitaliteit bezit en de innerlijke kracht heeft ons vandaag te inspireren. We geloven niet meer in de goden die in de Griekse tragedies een rol spelen, vergelijkt Scruton. Toch vormen die tragedies een rijke bron, die ons stimuleert om op niveau na te denken over mens-zijn, over politiek en over samenleven. Er ligt hier een probleem waar je niet zomaar aan voorbij kunt. Scruton is pragmatisch: we hebben een cultuur van eeuwen en daarmee kunnen we ver komen in de bezinning op waarden en normen, vrijheid van denken, de eindigheid en zin van het bestaan. Het zou uitermate zinvol zijn om ontwikkelingen uit het verleden onder de loep te nemen en te bezien welke morele waarden daarin ter sprake komen. Iemand die persoonlijk betrokken is bij kerk en geloof ziet andere dingen gebeuren in de klassieke tragedies, in de toneelstukken van Shakespeare, in het werk van Dante, Vondel, Dostojewski en Tolstoi. Roger Scruton: Waarom cultuur belangrijk is, Uitgeverij Nieuw Amsterdam, Amsterdam 2008, 144 blz., € 16,95.
 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars

Door , topic: Boekbespreking
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.
Reacties
  1. GB schreef op : 1

    *De secularisatie is een groot probleem, omdat het contact met de wortels van de beschaving minder en minder wordt.*

    Is die kerel ingehuurd door J.P. Balkenende en zijn religieuze vriendjes??
    Secularisatie is juist een zegen voor het ontwikkeling van een eigen cultuur. Cultuur is trouwens geen vast afgekaderd iets maar constant aan verandering onderhevig.
    Met alle respect maar dit lijkt me het toch een beetje een ouwe lullen verhaal van “vroeger was alles beter”.
    Neemt niet weg dat het het wereldwijde multicultiralisme alleen maar leidt tot eenheidsworst. Respect voor je roots is heel belangrijk maar om de secularisatie de schuld van de teloorgang van je eigen cultuur te geven slaat m.i. nergens op.

  2. Fred schreef op : 2

    Je neemt mij de woorden van het toetsenbord. Ik deel wel de zorgen van Scruton dat in het onderwijs te weinig aandacht wordt besteed aan bijvoorbeeld de ‘klassieke’ literatuur (vooral 19e eeuwse en begin 20e eeuwse dus) – kijk maar eens naar hoeveel uren literatuuronderwijs er nog is, zelfs op het atheneum. Maar nooit tevoren waren er zoveel radio- en televisiezenders waar kennis kan worden genomen van die cultuur die mensen als Scruton liever met een hoofdletter schrijven. Daarnaast biedt ook internet ongekende mogelijkheden. Zelfs drogisterijen als kruidvat verkopen voor een habbekrats het verzamelde werk van Bach en Mozart. En Classic FM is een mooie eerste kennismaking met klassieke muziek.
    Wat cultuurpessimisten als Scruton altijd vergeten is in hoeverre die hoge cultuur nu werkelijk heeft bijgedragen aan de beschaving. De 19e eeuw kan met recht een Gouden Eeuw van de kunst worden genoemd, een eeuw van grote filosofen ook. Uiteindelijk kon dat twee wereldoorlogen en een holocaust niet tegenhouden. Tel uit je winst.
    Scruton lijkt mij een leeftijdsgenoot van mij , maar wat hij schrijft over de kennismaking met de hoge cultuur, deel ik niet helemaal. Jazeker was er iets meer aandacht voor dan nu, venmoed ik. Maar toen was ik ook al een van de weinigen die zich er zo voor interesseerde dat ik bibliotheken afging, musea bezocht e.d. Het merendeel was toen meer geinteresserd in sex, drugs en rock & roll. Ongelijk kon ik ze ook niet geven. Trouwens af en toe praat ik nog wel eens met jongeren – iets dat ik Scruton aanraad – en dan zijn er nog steeds die dezelfde nieuwsgierigheid en interesse hebben en voor zover ik kan beoordelen, is dat nog steeds een even kleine groep als vroeger.
    Door de dominante aanwezigheid van tv lijkt het hoogstens dat de hoge cultuur wegkwijnt. Eén blik echter in de winkels en op internet is voldoende om je daar niet al te druk over te maken.

    Trouwens, ik neem aan dat de eerste alinea van Seneca zelf is. Denk je werkelijk dat “door het collectivisme, socialisme en politieke correctheid van de afgelopen decennia het vermogen tot onderscheid maken ernstig is ondermijnd”? De commercialisering heeft mogelijk nog een grotere invloed gehad. Ooit waarschuwden die linkse rakkers waar je zo’n hekel aan hebt tegen de ‘vertrossing’ die zou leiden tot wat Scruton hier beschrijft. Het waren toen dezelfde figuren als jij die daarom moesten lachen. En wat bedoel je in godsnaam met het vermogen tot onderscheid maken?

  3. Scrutinizer schreef op : 3

    Wat een bekrompen nostalgicus.
    Afgezien van het feit dat hij vergeet dat figuren als Beethoven en Mozart in hun tijd ook rebellen waren, is hij incosistent met zijn gezeur over “betekenisloze collectiviteit”. De ergernis over wat ons nu beleidsmatig opgedrongen wordt, deel ik wel maar ik ergerde me eveneens aan de verplichte lessen literatuur op school. Dat die klassieke werken eeuwen overleefden, komt o.a. daardoor. Als men Fokke & Sukke verplicht stelt in het curriculum, zal men over 200 jaar misschien ook vaststellen dat ze “de eeuwen doorstaan”. Zelf heb ik evenwel nog nooit iemand aanbevolen om vrijwillig Vondel, Moliere od Shakespeare te lezen (wel Ayn Rand trouwens en die ken ik niet vanop de schoolbanken).
    De fout is niet dat beleidsmakers iets moderns opdringen en andere zaken afbreken, de fout is dat ze zich er ueberhaupt mee bemoeien. Als onderwijs zich zou beperken tot leren lezen en schrijven, rekenen, natuurwetenschappen en logica en verder niets, dan pas zouden we zien of pakweg Bach en Goethe de tand des tijds doorstaan. En wie weet misschien ook wel Madonna en Lee Towers (grapje).
    Nu is meneer Scrotun net zo’n collectivistische dwingeland die overtuigd is van zijn eigen superioriteit als de nihilistische lui die hij veroordeelt.

  4. pcrs schreef op : 4

    A quote often associated with Hermann Göring, (Jan 12, 1893-Oct. 15, 1946) a member of the Nazi party who was sentenced to death at the Nuremberg Trials.

    The original quote was not actually from Göring, but from Act 1, Scene 1 of Hanns Johst’s play Schlageter, which was performed in 1933 for Adolf Hitler’s birthday. The original line was: “Wenn ich Kultur höre … entsichere ich meinen Browning!” which means “When I hear “culture” I release the safety catch on my Browning!”

    Cultuur lijkt me bedoeld om collectivistisch gedrag te vertonen, niet teveel vragen te stellen, omdat anderen er al over nagedacht hebben. De overheid monopoliseert en subsidieert cultuur dan ook als een bezetene (net als sport en onderwijs). Dan voelen degenen die cultuurgoed produceren zich lekker afhankelijk en moeten wel schrijven naar de wensen van hun broodmeesters. Als het dan ook nog eens onzin cultuur is, helemaal mooi. Als je geen vragen durft te stellen over dwaze kunst, dan stel je ze ook niet over andere dwaze dingen zoals de overheid.

    Niet bewust zo uitgedacht allemaal, maar net als religie de uitkomst van een beetje duw en trekwerk, trial and error om het beste punt op de laffer curve te vinden (beste voor de slavendrijvers dan)

  5. Owl schreef op : 5

    Scrutinizer,

    Helemaal mee eens.

    Voordat ik naar het gymnasium ging (waar ik me sowieso al afvroeg wat ik er in vredesnaam deed), las ik graag boeken, maar dan meer Roald Dahl, Thea Beckman en andere zaken die niet direct als “Literatuur” met “grote L” werd gezien. Na 6 jaar te zijn gemolesteerd met verplichte literatuurlijsten, zonder ooit begrepen te hebben wat nu precies het onderscheid is tussen “Literatuur” en een “gewoon boek”, behalve het oordeel van de “intellectuelen”, las ik praktisch niets meer. Tegen de tijd dat “Max Havelaar” aan bod kwam vond ik er geen doorkomen meer aan, evenals bij verscheidene andere boeken die in zulke “cultuurkringen” worden gezien als “groots”. Zelfs het lezen van boeken die ik op zich best “goed” vond, zoals “Ontdekking van de hemel”, “Die Blechtrommel”, “I Claudius”, en dergelijke, werd een onaangename bezigheid omdat het onder (tijds)druk moest.

    Nu moet ik achteraf zeggen dat ik Shakespeare eigenlijk best geestig en scherp vond en vind, en er soms spijt van heb niet aandachtiger te hebben gelezen i.p.v. het af te raffelen en samenvattingen te scannen (van Vondel kan ik me bijvoorbeeld praktisch niets herinneren, behalve iets over zijn Constantijntje met een “lodderoog”), maar ik vermoed dat ik uiteindelijk heel wat meer van “literatuur” zou hebben genoten, zowel in kwaliteit als kwantiteit, als het me niet door de strot was geduwd.

    Het lijkt me dus inderdaad beter om vooral onderwijs te geven in de “strikt noodzakelijke” vakken, waarmee een leerling kritisch kennis kan vergaren en evalueren, en verder gewoon zijn eigen interesses kan volgen, of vakken waar hij of zij werkelijk iets mee wil en kan doen. En nooit onder dwang, want leerplicht is wat mij betreft geen haar beter dan dienstplicht, en evenzeer een vorm van slavernij. Toch komisch dat men zich wel druk maakt over kindertjes in Pakistan die uit eigen wil kleding naaien en een vak leren, en er nota bene voor betaald worden, maar kinderen onder dwang op een school opsluiten om door de overheid geselecteerde “kennis” in te stampen, en daarvoor verplicht laten betalen, is kennelijk geen probleem.