woensdag, 3 september 2008
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Falsification of the atmospheric CO2 greenhouse effects within the frames of physics.

In dit paper (arxiv.org) uit 2007, dat voor publicatie is ingestuurd en nu beoordeeld wordt, beweren Gerhard Gerlich en Ralf Tscheuschner dat de hypothese dat de aarde opwarmt door een hogere CO2 concentratie in de atmosfeer, geen wetenschappelijke basis heeft, in die zin dat zij onmogelijk vanuit de vaststaande natuurkundige beginselen kan worden afgeleid. Ook rekenen zij af met populaire terminologie binnen de klimaatwetenschap en bekritiseren zij de houding van de klimaatwetenschappers en de zekerheid die zij aan hun voorspellingen toekennen.

Hieronder zullen wij proberen om hun paper samen te vatten op een begrijpelijke manier. Formules zullen overgeslagen worden, omwille van de leesbaarheid. Hoewel op de opbouw van het paper wellicht iets aan te merken valt, zal toch dezelfde structuur aanhouden worden in deze samenvatting.

Gerlich en Tscheuschner citeren in hun inleiding de bewering van het IPCC, dat het zogenaamde broeikaseffect een welbegrepen effect is, dat gebaseerd is op gevestigde wetenschappelijke principes. In hun artikel tonen zij aan, dat die hypothese onjuist is.
Gerlich en Tscheuscher (G & T) beginnen met effect van CO2 op de warmtegeleiding van lucht en warmteverspreiding in lucht (Hoofdst. 1). Er wordt voorgerekend dat een verdubbeling van de hoeveelheid CO2 (nu 0,06 m%) zal leiden tot een verhoging van warmtegeleiding van 0,07% en van warmteverspreiding van 0,03%, hetgeen binnen de huidige meetnauwkeurigheden niet significant is.
Echter de “consensus” binnen de klimaatwetenschap is dat warmtetransport door straling veel belangrijker is dan warmtetransport door geleiding, convectie en condensatie. In klimaatmodellen wordt warmtegeleiding meestal verwaarloosd. Het IPCC hanteert het begrip “stralingsbalans” en laat dit compenseren door het “broeikaseffect”:

Volgens de gangbare theorie komen zichtbaar licht en de infrarode straling van de zon ongehinderd door de atmosfeer en worden door de aarde geabsorbeerd. De warme aarde straalt infrarood (van langere golflengte) straling uit, hetgeen wél gedeeltelijk wordt geabsorbeerd door de “broeikasgassen” (CO2, waterdamp, methaan, etc.) in de atmosfeer en ook weer gedeeltelijk wordt teruggezonden naar de aarde. Meer broeikasgas zorgt voor meer absorptie van infraroodstraling en dus ook meer “terugstraling”, hetgeen leidt tot een opwarming van de aarde.
De broeikas-analogie komt van de bewering van klimatologen, dat een broeikas opwarmt omdat ook het glazen dak zichtbaar licht doorlaat maar langgolvig infrarood licht tegenhoudt. Glas zou dus dezelfde werking hebben als CO2.

In hoofdstuk 2 tonen G & T vervolgens aan met basisformules uit de stralingsleer en beschrijving van een eenvoudig experiment met een auto in de zon, dat voor een echte broeikas (of auto), de stralingsbalans niet terzake doet voor de temperatuur. De beperking van convectie (luchtstroom) is de belangrijkste reden ervoor dat een broeikas warm wordt. Ze verwijzen ook naar een experiment uit 1909 door Wood, die “glas” gebruikt dat infrarood licht wél doorlaat (panelen bestaande uit een bepaald kristallijn zout), dat onomstotelijk aantoont, dat een broeikas niet opwarmt door absorptie van warmtestraling, maar door het insluiten van lucht.

In hoofdstuk 3 weerleggen zij de hierboven aangehaalde bewering van het IPCC, dat het atmosferisch broeikaseffect -in tegenstelling tot het fysisch broeikaseffect- gebaseerd zou zijn op gevestigde wetenschappelijke principes, in casu op theoretisch fysische principes. Sterker nog, zij ontkennen het bestaan van het atmosferisch broeikaseffect. Dit illustreren zij aan de hand van een opsomming van de verschillende verklaringen die door verschillende scholen voor deze effecten worden aangenomen. Helaas bestaat er geen literatuurbron waarin het broeikaseffect wordt geintroduceerd in overeenstemming met de wetenschappelijke standaarden van de theoretische fysica – zo merken zij op.
Ondanks dat in 1909 al bekend was hoe een broeikas werkt, in 1973 nogmaals in een bekende publicatie werd bevestigd dat een broeikas een misleidend model is voor de atmosfeer van de aarde, en klimaatwetenschappers zelf ook toegeven dat de atmosfeer iets heel anders is dan een broeikas, blijft de vergelijking populair in schoolboeken, kranten en encyclopedieën. G & T geven hier talloze voorbeelden van, voorzien van commentaar.

Ook andere populaire misvattingen (volgens de schrijvers misleidingen) worden aangekaart, zoals het idee dat infraroodstraling door CO2 wordt gereflecteerd in plaats van geabsorbeerd en weer uitgezonden.
Vervolgens wordt aandacht besteed aan hoe de broeikas hypothese voor de aardse atmosfeer tot stand is gekomen. Een van de eersten die erover publiceerden was Arrhenius in 1896. De fouten in zijn berekeningen over de temperatuur van de aarde werden al snel door zijn tijdgenoten opgemerkt, maar decennia later werd de theorie van Arrhenius toch weer uit de kast gehaald door klimaatwetenschappers.
Dan volgt onzes inziens de kern van het betoog van G & T, namelijk dat de aanname van een stralingsbalans (z.g. “radiative balance”), een model, waarin stralingsintensiteiten worden opgeteld en afgetrokken, in strijd is met mathematische en fysische beginselen. In de meeste klimaat-literatuur wordt een balans opgesteld in termen van stralingsintensiteiten, hoewel conservatiewetten hiervoor niet gelden. In de klimaatliteratuur wordt ook niet uitgelegd wat de pijlen in de stralingsbalansdiagrammen fysisch voorstellen. De diagrammen zijn zeer suggestief, want zij lijken op de electrotechnische Kirchhoff regels. Maar die gelden alleen, wanneer van conservering sprake is. De de pijlen zijn echter nonsens, want zij kunnen geen stralingsintensiteiten voorstellen, geen stromingen en passen evenmin in de standaardtaal van systeem theorie of systeembesturing.

Als alleen straling een mogelijkheid was voor warmtetransport, dan zou men de Stefan-Boltzmann vergelijking gebruiken. Die is echter alleen geldig voor een ideale “black body” en is niet zonder meer toepasbaar op een reëel object zoals de aarde. De waarden van de parameters waarmee vanuit de Stefan-Boltzmann wet een effectieve gemiddelde temperatuur wordt berekend, zijn arbitrair gekozen. Hiermee komen klimaatwetenschappers op een gemiddelde effectieve temperatuur van de aarde zonder atmosfeer van -18 graden Celsius. De waargenomen “gemiddelde” temperatuur is 15 graden Celsius en de 33 graden verschil zou volgens de consensus door het broeikaseffect worden verklaard.
G & T tonen echter aan, dat deze berekeningsmethode van de gemiddelde effectieve temperatuur onjuist is, omdat men wiskundig gezien eerst de 4e machtswortel moet trekken voor men gaat middelen. Door op een correcte manier de gemiddelde effectieve temperatuur uit te rekenen met dezelfde aannames, zou deze temperatuur zonder atmosfeer -129 graden Celsius zijn. Kennelijk is hier iets fundamenteel onjuist.
Zij stellen dat in de klimaatwetenschap de temperatuur wordt berekend uitgaande van de gegeven stralingsintensiteiten, waarmee oorzaak en gevolg worden verwisseld. De actuele locale temperaturen bepalen de stralingsintensiteiten en niet omgekeerd.
Hoewel het onjuist is een temperatuur te bepalen op basis van een gegeven stralingsintensiteit mag men een effectieve stralingstemperatuur berekenen uitgaande van gemiddelde effectieve temperaturen van de aarde en deze vergelijken met een veronderstelde gemiddelde temperatuur van de aarde.
Wiskundig zal de zo berekende gemiddelde effectieve temperatuur altijd hoger zijn dan de waargenomen “gemiddelde” temperatuur.

Vervolgens laten zij zien dat zelfs het begrip “gemiddelde globale temperatuur” slecht te definiëren is en onmogelijk analytisch of numeriek uit te rekenen voor enig realistisch model voor de aarde.
Dan rekenen zij voor dat het niet vanzelfsprekend is om de stralingswetten voor een zwart lichaam (vast object waar de straling uit de wanden komt) toe te passen voor een gas zoals CO2.
Vervolgens: bij een zeer eenvoudig modelsysteem blijkt reeds dat het onmogelijk is om warmtestraling en warmtegeleiding te scheiden in een warmtetransportprobleem. Men kan niet zomaar een van tweeën negeren.
Dan volgt een redenatie die tot veel discussie heeft geleid: G & T stellen dat de tweede hoofdwet van de thermodynamica wordt geschonden door de broeikas hypothese. Deze wet houdt in dat warmte niet van een kouder lichaam naar een warmer lichaam kan stromen zonder externe arbeid. Volgens de broeikas hypothese zou de warme aarde de koude atmosfeer opwarmen en zou de koude atmosfeer die extra warmte gedeeltelijk weer terugstralen naar de aarde, zonder externe arbeid, dus in strijd met de natuurkundige wet. Zij denken dat deze schending van de thermodynamische wet komt omdat in klimaatmodellen de thermische geleiding van de atmosfeer gelijk nul wordt gesteld.

In hoofdstuk 4 betogen zij, dat aan een wetenschappelijk correcte klimaatwetenschap een redelijke natuurkundige theorie ten grondslag moet liggen. Ervan uitgaande, dat zo’n theorie al bestaat, blijven twee fundamentele problemen nog onopgelost:

  1. De inbedding van een puur natuurkundige theorie in een veel wijder kader, inclusief de chemische en biologische reacties binnen het gebied van de geofysica.
  2. De correcte natuurkundige behandeling van een mogelijk niet-triviaal stralingseffect die veel verder moet gaan dan de fameuze zwart lichaam benadering, die niet van toepassing is op gassen.

Hun conclusie is uiteindelijk dat die theorie zo ingewikkeld is dat geen verifieerbare voorspellingen kunnen worden gedaan. Het niettemin doen van deze voorspellingen kan worden uitgelegd als een ontsnapping uit het gebied van de wetenschap om niet te zeggen als wetenschappelijke fraude.
Zij concluderen dat de huidige klimaatvoorspellingen vanuit computermodellen geen wetenschappelijke basis kunnen hebben.

Vervolgens wijden ze een korte beschouwing aan het demarcatie-probleem. Dat stelt de vraag, hoe wetenschap moet worden onderscheiden van religie, pseudo-wetenschap, fraudulente systemen, en niet-wetenschap in het algemeen. En passant stuiten zij op het begrip “consensus” over een hypothese. Volgens hen ligt de notie ervan buiten de natuurwetenschap, aangezien het compleet irrelevant is voor de objectieve waarheid van een natuurkundige wet.

In hoofdstuk 5 geven ze een overzicht van de conclusies en een slotconclusie. Hier vallen te noemen:

  1. Er zijn geen gemeenschappelijke natuurkundige wetten tussen de opwarming in broeikassen ende fictieve atmosferische broeikas, de relevante natuurkundige verschijnselen verklaren. De termen broeikaseffect en broeikasgassen zijn opzettelijk misleidend.
  2. Er zijn geen berekeningen om een gemiddelde oppervlakte-temperatuur van een planeet te bepalen: a) met of zonder een atmosfeer; b) met of zonder rotatie; c) met of zonder infrarood licht absorberende gassen.
  3. Elke stralingsbalans voor de gemiddelde stralingsflux is volstrekt irrelevant voor de bepaling van de luchttemperatuur op de bodem.
  4. Gemiddelde temperaturen kunnen niet worden bepaald met de 4e-machts wortel uit de gemiddelde waarden van de van de 4e macht van de absolute temperatuur.
  5. Straling en warmtestromingen bepalen niet de temperatuurverdelingen en hun gemiddelde waarden.
  6. Re-emissie is niet reflectie en kan de lucht aan de grond op geen enkele wijze opwarmen tegen de feitelijke warmtestroming zonder mechanische arbeid.
  7. De temperatuurstijgingen in de berekeningen van het klimaatmodel worden plausibel gemaakt door een perpetuum mobile van de tweede soort. Dit is mogelijk door de warmtegeleiding in de atmosfeer modellen op nul te zetten. Het zou niet langer een perpetuum mobiile van de tweede soort zijn, als de fictieve gemiddelde stralingsbalans, die sowieso geen natuurkundige rechtvaardiging heeft, werd opgegeven.
  8. Waterdamp is verantwoordelijk voor de absorptie van het grootste deel van de infraroodstraling van de aardatmosfeer. De golflengte van het stralingsgedeel, dat door CO2 wordt geabsorbeerd is maar een klein deel van het gehele IR-spectrum en verandert niet aanmerkelijk door zijn partiele druk te verhogen.
  9. Detectie- en attributiestudies, voorspellingen uit computermodellen in chaotische systemen en het concept van scenario-analyse liggen buiten het gebied van exacte wetenschappen, in het bijzonder van de theoretische fysica.
  10. De keuze van een geschikt discretiseringsmodel en de definitie van geschikte dynamische grenzen (flux control) die deel zijn gaan uitmaken van computermodellering, is niets anders dan een andere vorm van “data curve fitting”. De mathematisch physicus v. Neumann zei eens: “Als je vier vrije parameters geeft kan ik een mathematisch model bouwen, dat alles beschrijft wat een olifant kan doen. Als je me een vijfde geeft, zal het model, dat ik bouw voorspellen, dat de olifant kan vliegen.
  11. Hoger afgeleide operatoren kunnen nooit worden toegepast op wijdmazige coordinatenstelsels. Daarom is de beschrijving van de warmtegeleiding in globale computermodellen onmogelijk.
  12. Computermodellen van hogerdimensionale chaotische systemen (niet-lineaire partiele differentiaalvergelijkingen, z.g. Navier-Stokes vergelijkingen) verschillen fundamenteel van berekeningen waar de perturbatie-theorie van toepassing is en successievelijke verbeteringen van voorspellingen door verhoging van de rekencapaciteit mogelijk zijn.
  13. Klimatologie misinterpreteert onvoorspelbaarheid van chaos, bekend als het “butterfly-fenomeen” als een nieuwe bedreiging van de gezondheid van de Aarde.
  14. Waar het natuurlijke broeikaseffect al een mythe is, al is het een of andere natuurkundige realiteit, het CO2-broeikas-effect is een zinsbegoocheling. Dat betekent, dat als de conclusies van de computersimulaties meer dan simpele speculaties moeten zijn moeten niet de critici de effecten van de benadering inschatten, maar de onderzoekers, die de computersimulaties doen.

Slotconclusie

Het antwoord op de vraag hier gesteld, of het veronderstelde atmosferische effect een natuurkundige basis heeft, luidt ontkennend. Al met al bestaat er geen atmosferisch broeikaseffect en in het bijzonder geen CO2-broeikas-effect in de theoretische fysica en thermodynamica.. Dus is het illegitiem voorspellingen af te leiden die een adviserende oplossing zouden bieden voor economische en intergouvernementele politiek.

Verder lezen

Niet verbazingwekkend kwam na dit artikel in eerste instantie een ad-hominem offensief vanuit de klimaatwetenschap, maar later ook meer serieuze kritiek. Links naar beide categorieën vindt u op www.realclimate.org. Het is zeker aan te raden om ook deze artikelen te lezen, vooral de bijdragen in discussies en het paper van Arthur Smith.

En hier vindt u een antwoord van G & T op de (vorm van) kritiek die zij gekregen hebben, het is comment 974: dotearth.blogs.nytimes.com.

Spynose & Geert

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars

Door , topic: Milieu
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.
Reacties
  1. herman siero schreef op : 1

    Hoogste waardering voor de auteurs Gerlich en Tscheuschner.
    Een controversieel onderwerp wordt op wetenschappelijk solide basis onderzocht. De vraag of het geheel volledig correct is of slechts gedeeltelijk, of niets correct is doet daar niets aan af. Het belang van het onderwerp is dermate groot dat iedere poging tot falsifiering buitengewoon waardevol is.

    Echter, veel, zo niet alles van de natuurkundige onderbouwing lijkt zeer solide. De aanpak van het demarcatieprobleem is waardevol in dit verband.

    Lof ook voor “Geert”. Hij/zij heeft de op zich voor leken ontoegankelijke wetenschappelijke verhandeling toegankelijk gemaakt voor een ieder.

    herman siero

  2. SpyNose schreef op : 2
    Spy-Nose

    Het artikel van Arthur Smith, dat het bovenstaande artikel van Gerlich en Tscheuschner zou weerleggen kan direct gevonden worden door te klikken op:

    arxiv.org

  3. Harm schreef op : 3

    Geert en SpyNose bedankt voor de samenvatting en vertaling.

    Als technoloog vind ik de rapportage van G&T realistisch. Het zet de problematiek overzichtelijk in een proportioneel begrijpelijk kader, in het bijzonder ook door hun uiteenzetting over de stadia van de wetenschappelijke methode.

    Resultaten over de Opwarming van de Wereld ?
    Er zijn slechts meetgegevens, hypotheses en gekunstelde [Probeer & Huiver]-computermodellen. Veel gissing / “conjecture”.
    Geen resultaten van Experimental Designs, geen Factor/Response analyses.
    Is het ooit mogelijk ?

    Zonder testen in de werkelijkheid onder diverse instellingen lijkt mij geen enkele olieraffinaderij of kerncentrale definitief in bedrijf gesteld, geen vliegmachine de lucht ingegaan en geen medicijn is op de markt verschenen zonder product aansprakelijkheids onderzoek.

    Maar dan wel even de Global Climate fabriek in bedrijf nemen ? Welja waarom niet. Ze weten al veel.

    ” Jaha, deze productie unit draait op CO2 en anthropogene variatie !…
    ” Ten gevolge van 4 miljard consumenten produceren we momenteel ‘Warming’.
    ” Wij kunnen desgewenst ook ‘Cooling’ leveren. Neemt u daarvoor contact op
    ” met: ” Al Gore Jr., IPCC afdeling ” NWO, City of Megaloman.

    Humor…
    Pfff. Wordt wakker mensen. Er is geen beheersingsmodel.

    SpyNose, bedankt voor je citaten van Freeman Dyson, waarin ik de onderstaande, mij zeer relevant voorkomende observatie tegenkwam.

    “The next meta-plane beyond physics would be a questionnaire among scientists and already performed, a democratic vote about the validity of a physical law.
    Exact science is going to be replaced by a sociological methodology involving a statistical held analysis and by “democratic” rules of order.” – Freeman Dyson

    Heb ik vertaalt als:

    “Het volgende meta-nivo zou een enquete zijn dat niets met fysica te maken heeft, democratisch stemmen [wat al gebeurt], onder wetenschappers over de geldigheid van een fysische wet. De exacte wetenschap zal worden vervangen door een sociologische methodiek, die een statistische analyse behelst, en door “democratische” orde voorschriften.

    Precies wat al langer gaande is: “Cargo Cult Science”.
    calteches.library.caltech.edu
    en
    www.youtube.com

    SpyNose reageerde op deze reactie.

  4. SpyNose schreef op : 4
    Spy-Nose

    @Harm:

    Inderdaad. Er is een ellen-lange lijst te maken van menselijke probeersels of wannabee uitvindingen die door professionals werden of worden toegepast en die tot nu toe alleen nog maar langer wordt.
    Om een paar voorbeelden te noemen.

    Aderlaten,
    Aflaten,
    Astro-TV (RTL, SBS6)
    Vliegpak (goed voor een duikvlucht van de Eiffeltoren),
    Moderne virussen (HPV, HIV, vogelgriep),
    EPO,
    Wichelroedelopen,
    Sterrenwichelarij,
    Horoscopie,
    Ritueel slachten,
    Kwakzalverij (homoeopathie, orthomanuele therapie, gebedsgenezing, kattenklauw etc. etc.),
    Etc., etc.

    www.kwakzalverij.nl

    Men zie, hoe sommige mainstream media zoals de Volkskrant met kritische professionals omspringen:

    www.volkskrantblog.nl
    Harm reageerde op deze reactie.

  5. Harm schreef op : 5

    @SpyNose:

    Precies, de pseudo-wetenschappers, de kwakzalverij aanhangers,
    de godsdienst bevorderaars, de politici.

    Deze mensen die wel graag op logische gronden serieus genomen willen worden
    (immers ze bezigen een taal nietwaar)
    maar dan zichzelf niet aan logisch redeneren willen of kunnen houden.

    Hmmm, Misleiding.

    Als het opzettelijk is dan komt dat voort uit Autoritairisme (Fascisme, Communisme (Socialisme)). Instemmen met geweld, dwang en misleiding.

    Dit in tegenstelling met Libertairisme dat wil afzien van geweld, dwang en misleiding, dat geen politiek Bestuur wil, maar een nachtwakers Staat.

    Een effectieve werkwijze voor een libertair is wetenschappelijk denken en handelen.

    Peter de Jong reageerde op deze reactie.

  6. Peter de Jong schreef op : 6

    @Harm:

    Om de een of andere reden worden alpha’s in NL hoger ingeschat dan beta’s. In de meeste andere landen is het juist omgekeerd. E.e.a. heeft tot gevolg dat het onderwijs sterk de nadruk legt op het voorkomen van ongeletterdheid. Van het grote aantal ongecijferden dat het NL onderwijs produceert ligt men blijkbaar niet wakker.

    Studenten kennen meestal wel iets van Joost van den Vondel of W.F. Hermans, maar hebben zelden iets gelezen van Christiaan Huygens of Hendrik Lorentz. Dat maakt het voor politici mogelijk cijfermatig de grootst mogelijke onzin te verkopen, zonder dat het grote publiek in staat is dit, op de achterkant van een sigarenkistje weliswaar, dus in hoofdlijnen, zelf na te rekenen.

    Opnieuw een teken, dat staatsonderwijs slechts bedoeld is mensen te conformeren ipv te verheffen.

    en.wikipedia.org

    Harm reageerde op deze reactie.
    Andre reageerde op deze reactie.

  7. Harm schreef op : 7

    @Peter de Jong:

    Bedoel je dit over ongecijferdheid 😉

    “Twee edellieden zijn uit paardrijden en de een daagt de ander uit voor een wedstrijd. Degene die het grootste getal weet te noemen heeft gewonnen.
    De ander stemt hiermee in, denkt een paar minuten lang na en verklaart trots: ‘Drie’.
    Degene die de wedstrijd heeft voorgesteld is een half uur lang stil, haalt dan zijn schouders op en geeft zich gewonnen.

    Of dit nivo:

    Een miljoen, een miljard, een biljoen euro, het geeft niet hoeveel, als we maar een oplossing kunnen vinden voor het probleem.

    Uit: “Ongecijferdheid” – John Allen Paulos [1989]

    Peter de Jong reageerde op deze reactie.

  8. Peter de Jong schreef op : 8

    @Harm:

    Ja! Dat is allemaal een gevolg van de afbraak van het onderwijs, pardon ‘onderwijshervorming’:

    1960 Een boer verkoopt een zak aardappelen voor 10,-. Zijn productiekosten bedragen 4/5 van de verkoopprijs. Hoe groot is zijn winst?

    1970 Een boer verkoopt een zak aardappelen voor 10,-. Zijn productiekosten bedragen 4/5 van de verkoopprijs, dat wil zeggen 8,- Hoe groot is zijn winst?

    1980 (modern) Een boer ruilt een verzameling A van aardappelen tegen een verzameling G van geld. Het kardinaalgetal van G is gelijk aan 100 en ieder element van G bestaat uit 1 dubbeltje. Teken 100 dikke punten die de verzameling G vertegenwoordigen. De verzameling van de productiekosten heet P en bevat 80 punten uit de verzameling G. Geef in een Venn-diagram de verzameling P aan als deelverzameling van G. Geef ook het antwoord op de volgende vraag: wat is het kardinaalgetal van de verzameling W die de winst voorstelt en arceer die verzameling met rood.

    1980 (vernieuwend) Een agrariër verkoopt een zak aardappelen voor 10,-. De productiekosten lopen op tot 8,- en de winst is dus 2,-. Opdracht: Onderstreep het woord aardappelen en discussieer hierover met je buurman/vrouw.

    1980 (hervormend) Un bevoerregte kappitalistiese boer verreikt zich onregtmatig met 2,- aan nun zak aardappulu. Analyseer de tekst, zoek de taalfouten en zet, zo nodig, op de juiste plaatsen komma’s en punten. Geef vervolgens je mening over de manier van verrijken afgezet tegen de rechten van de mens.

    1990 (computerondersteund) Een producent in een agrarische omgeving heeft een on-line verbinding waarmee hij de dagprijs van aardappelen kan bekijken. Hij start zijn belastingaangiftendiskette en onderzoekt de cashflow in een spreadsheet. Teken met je muis de contouren van een zak aardappelen. Log vervolgens in op het schoolnetwerk met de code 3615 ZA (zak aardappelen) en volg de instructies op het scherm.

    2000 Ga vanuit je werknis naar de mediatheek. Zoek op Internet op: Wat is een boer? Maak een verslag van deze praktische opdracht (met logboek)

    BRON: detas.koezeweb.info

    Bep reageerde op deze reactie.

  9. SpyNose schreef op : 10
    Spy-Nose

    Buitenkansonderwijs:
    Een zwarte school huurt op advies van de schoolinspectie een busje om in het kader van een milieuprojekt een biologische boerderij te bezoeken.

    De chauffeur rijdt echter naar een pretpark. De leerlingen zijn dolenthousiast en zijn niet meer te bewegen om het projektonderwijs te volgen.

    De schoolleiding gelast tenslotte het hele projekt af, want er wordt alleen maar over vergaderd.

    De schoolinspektie acht ingrijpen zinloos, omdat zij oordeelt, dat op de betreffende school het woestijnklimaat reeds heeft toegeslagen.

  10. Andre schreef op : 11
    Andre

    Gelukkig zijn er, getuige dit artikel en de reacties daarop, een aantal mensen die hun hersens gebruiken.

    Ik vraag mij soms het volgende af: “waarom gebruiken sommige libertariërs hun hersens niet ?” Wellicht, als voorzichtige suggestie, ’t is maar een idee, komt dat door @Peter de Jong:

    Ook vraag ik mij sinds kort het volgende af: “waarom denken vrijwel alle libertariers dat er sprake is van een klimaat hoax ?” Wellicht, ik verval in herhaling, als voorzichtige suggestie, ’t is maar een idee, komt dat door @Peter de Jong:

    Sceptisch tegenover “moderne” wetenschap ? Ik ?

    Jazeker. Ontkennen van de invloed door de almachtige Staat op zowel vorm als inhoud is weliswaar zéér PC maar nogal onlogisch, getuige de klimatose.

    Waar zou de Wetenschap zijn zonder de Staat ?? Wie motta dán butaluh ?? Ennuh “De meeste wetenschappelijke vondsten zijn gedaan aan universiteiten, die waren meestal onderdeel deel van de staat.” toch, of niet ??

    Waar zou de Staat trouwens zijn zonder de door diezelfde Staat gefinancierde Wetenschap ??

    Tijd voor een flauwe glimlach..

  11. Geert - NI schreef op : 12
    Geert

    Toch jammer dat onder andere Mathijs Romans en Jimmy en Huub Mooren niet op dit artikel reageren.

    Zijn ze overtuigd (vast wel 😉 ), weten ze niet wat ze moeten antwoorden of hebben ze geen zin meer?

    Ik hoopte met dit artikel de discussie nieuw leven in te blazen en op een hoger niveau te brengen. Ik ben ook geïnteresseerd in tegenargumenten en hoopte die hiermee los te krijgen.

    Vol verwachting klopt mijn hart…
    Mathijs Romans reageerde op deze reactie.

  12. Mathijs Romans schreef op : 13

    @Geert – NI:
    Ik heb op dit forum al eerder even gereageerd:

    “Het artikel van Gerlich en Tscheuschner […] zal nooit gepubliceerd worden.

    Desondanks is het vermakelijk om te lezen. Neem nu bijvoorbeeld formule (73) in dat artikel. In deze formule wordt verondersteld dat de aarde een platte schijf is. Dit is in tegenspraak met allerlei directe waarnemingen! Goddank hebben we peer-review!
    […]
    Nee, het is geen grap. De aarde straalt in alle richting warmtestraling uit als een bol, maar ontvangt straling van de zon als een schijf. Als je dat negeert kom je een factuur 4 (verhouding tussen oppervlakte van een bol en van een schijf van straal R) tekort. Dat scheelt nogal meer dan 0,01 K, maar ik zie dat ze het zelf al hebben uitgerekend. Ze komen uit op een gemiddelde aarde-temperatuur tussen 76,8 en 121,2 graden celcius. Zo! Als ze weten dat deze berekening flauwekul is, waarom doen ze hem dan?

    Hmm, als ik verder lees zie ik dat ze verder rekenen met een aarde die wel rond is, maar geen warmtecapaciteit of atmosfeer heeft. Zodoende is de temperatuur aan de nachtzijde 0 K. De gemiddelde temperatuur is dan tussen -133 en -115 graden celcius. Dan gaan ze verder met een roterende aarde, nog steeds zonder atmosfeer, maar concluderen dan dat een dergelijke berekening te moeilijk wordt voor een computer en geven in de hele rest van het artikel geen kwantitatieve resultaten meer.

    Dan volgt een stuk over de atmosfeer als warmtepomp, waarbij de tweede wet van de thermodynamica wordt aangehaald. Hierbij wordt genegeerd dat de aarde natuurlijk geen gesloten systeem is.

    En dat terwijl de claim zo extravagant is: het broeikaseffect zou uberhaupt niet bestaan!”

    Ik zou het artikel uitgebreider moeten lezen om verdere problemen uit te lichten, maar die tijd heb ik op het moment even niet. Ik blijf wel bij mijn standpunt dat G&T een flinke claim doen (broeikaseffect bestaat niet), dit niet ondersteunen met een kwantitatieve berekening, en dus ook geen alternatieve verklaring geven voor de gemiddelde temperatuur van 14 graden op aarde. Verder passen ze een algemene fysische wet, de tweede hoofdwet van de thermodynamica, toe op de uitwisseling van warmte tussen troposfeer en stratosfeer waar veel kritiek op is, omdat de aarde geen gesloten systeem is. Dat klinkt inderdaad erg dubieus. Ik was een beetje verbaasd maar vind het ook wel mooi dat Artur Smith de moeite neemt een artikel te schrijven waarin hij heel geduldig uitlegt waarom het broeikaseffect bestaat en hoe het werkt. Al met al vrees ik dat G&T punten op de Baez index scoren.
    Geert – NI reageerde op deze reactie.
    Peter de Jong reageerde op deze reactie.

  13. Geert - NI schreef op : 14
    Geert

    @Mathijs Romans: Klimaatwetenschappers rekenen ook met een aarde zonder atmosfeer, en leiden hieruit af dat het verschil tussen die temperatuur en de gemeten temperatuur het broeikas effect is. G&T laten alleen zien dat de berekening vaak fout wordt uitgevoerd (verkeerd middelen) waardoor de temperatuur zonder atmosfeer in het algemeen te hoog uitvalt. Dus wat ze doen is op een correcte manier meerekenen met de klimaatwetenschappers, om te concluderen dat de uitkomst anders is.

    Ze laten vervolgens zien dat voor een realistisch model (precessie van de draaias van de aarde) de berekening onuitvoerbaar is. Ze kunnen dan wel met kwantitatieve resultaten komen, zoals klimaatwetenschappers doen, maar die hebben geen betekenis.

    De aarde is geen gesloten systeem, maar de aarde en atmosfeer als enkel systeem zijn wel in thermodynamisch evenwicht met de “rest” (van het universum). Dat wil zeggen: straling in = straling uit. Het is legitiem om dan binnen dit systeem thermodynamica toe te passen op processen die een veel kleinere tijdsschaal hebben en het overkoepelend systeem als geïsoleerd te beschouwen.
    Dat beweren zij in het paper als antwoord op iemand die letterlijk jouw argument hanteert (blz. 78). Misschien moet je het helemaal lezen, waarna ik benieuwd ben naar jouw weerwoord.

    Laat ik daarbij zeggen dat ik zelf ook niet overtuigd ben van de schending van de tweede wet van de thermodynamica door de broeikas theorie, maar ik kan de vinger niet op de zere plek in die bewering leggen. Graag reactie van iemand die hier verstand van heeft.

    Mathijs Romans reageerde op deze reactie.

  14. Peter de Jong schreef op : 15

    @Mathijs Romans:

    Mathijs,

    Bedankt voor het interessante artikel van Arthur Smith. Ik zal het maar beschouwen als je antwoord op mijn vraag naar het wisselende albedo van de aarde (dat o.a. volgens Lovelock de temperatuur constant houdt).

    Smith stelt, dat de relatief hoge temperatuur van de aarde niet te verklaren is zonder de isolerende werking van de atmosfeer. In zijn model komt hij tot een temperatuur die een factor 2^1/4 (ofwel 19%) hoger ligt dan wanneer de atmosfeer geheel transparant zou zijn. Als ik hem goed begrijp tenminste.

    Klopt het dat de gemiddelde temperatuur (van model 2 met het variërende albedo) dan stijgt van 168K (-115 graden Celsius) tot ongeveer 188K (-85 graden Celsius) ?

    In Tabel I geeft Nasa echter voor de temperatuur aan de zonkant 255K (-18 graden Celsius) en voor de gemiddelde temperatuur 288K (+15 graden Celsius). Dat is een verschil van 100K met Smith’s model met volledig absorberende atmosfeer. Hoe zit dat ?

    Peter de Jong reageerde op deze reactie.
    Mathijs Romans reageerde op deze reactie.

  15. Peter de Jong schreef op : 16

    @Peter de Jong:

    Oh ja, als die factor van 19% klopt, is het dan ook zo dat de maximum temperatuur die de aarde bij volledig absorberende atmosfeer kan bereiken 1,19×15= 18 graden Celsius is ?

    Als dat echt zo is zou ik me over het broeikaseffect niet zo veel zorgen maken. 3 graden stijging max. ! pffff 😉

    Geert – NI reageerde op deze reactie.

  16. Peter de Jong schreef op : 19

    @Peter de Jong:

    Oh nee, die 19% is de maximale waarde vanaf het nulniveau (255K). Het maximaal haalbare is dus 1,19×255= 303K ofwel 30 graden. Dat ziet er beter uit ! 😀

  17. Mathijs Romans schreef op : 20

    @Peter de Jong:
    Tja dat model 2 van G&T is helaas niet erg realistisch, omdat er vanuit gegaan wordt dat de aarde geen warmtecapaciteit heeft, en er geen atmosfeer is om warmte te verspreiden over de aarde. Dit is beter te vergelijken met de situatie op de maan, waar de temperatuur aan de zonkant 107°C is, en aan de nachtkant gemiddeld -153°C.

    Een model dat veel beter overeenstemt met de werkelijkheid, hoewel nog niet bepaald ideaal, is om ervan uit te gaan dat warmte altijd perfect verdeelt wordt over de aarde door de atmosfeer. Je gaat er dus vanuit dat het aardoppervlak overal even warm is. Als je dan de stralingsbalans uitrekent kom je geloof ik op -15°C uit.

    Merk nu op dat je kan aantonen dat bij elke andere verdeling van de hitte over de aarde, de gemiddelde temperatuur (dit lijkt op het G&T argument) lager is dan bij een gelijkmatige verdeling. Er moet dus een ander effect zijn dat de gemiddelde temperatuur op +14°C brengt.
    Peter de Jong reageerde op deze reactie.

  18. Mathijs Romans schreef op : 21

    @Geert – NI:
    “G&T laten alleen zien dat de berekening vaak fout wordt uitgevoerd (verkeerd middelen) waardoor de temperatuur zonder atmosfeer in het algemeen te hoog uitvalt.”

    Uiteraard wordt die bereking niet verkeerd uitgevoerd, dat de 4e macht van het gemiddelde niet hetzelfde is als het gemiddelde van de 4e macht snapt iedere student natuurlijk. Laat bovendien het artikel van Arthur Smith niet precies zien, dat je bij wat voor planeet dan ook nooit boven de 255 K uit kan komen?

    Geert – NI reageerde op deze reactie.

  19. Peter de Jong schreef op : 22

    @Mathijs Romans:

    Mathijs,

    Ik heb het niet over G&T maar over Arthur Smith. Met zijn bewijs van het broeikaseffect weet je wel. 😉

    Smith gebruikt de dimensieloze parameter λ om de verhouding aan te duiden tussen de hoeveelheid zonnestraling die de aarde per dag absorbeert en de energieinhoud van het bovenste aardoppervlak bij Teff.

    Als λ klein is (dwz de warmtecapaciteit van de aarde is dan groot, of de aarde draait snel rond, of je kijkt naar een gebied dicht bij de polen) dan zal opwarming en afkoeling traag plaatsvinden.

    Als λ groot is (dwz warmtecapaciteit of rotatiesnelheid zijn gering, of je kijkt naar een gebied bij de evenaar) dan vinden opwarming en afkoeling juist snel plaats. De temp.variatie is dan veel extremer.

    In Tabel I staan de λ waarden voor diverse hemellichamen:
    Mercurius 11
    Venus 0.7
    Aarde 0.04
    Maan 20
    Mars 0.2

    De waarde voor de aarde is zo klein vanwege de hoge rotatiesnelheid en de grote warmtecapaciteit van de oceanen, die het grootste deel van de planeet bedekken.

    Als je in Smith’s model de waarde voor het albedo varieert, gaat de temperatuur mee. Het aardse albedo nam tussen 1986 en 1996 met ongeveer 6% af.
    www.leif.org

    In Smith’s model geeft dat een temperatuurstijging van ca. 2 graden. Klopt dat enigszins met de gemeten temp.stijging in die periode?

    Mathijs Romans reageerde op deze reactie.

  20. Mathijs Romans schreef op : 23

    @Peter de Jong:
    Oh sorry, je hebt het over Smith’s artikel. Volgens mij is wat je schrijft correct. De albedo heeft een rechtstreeks effect op zowel temperatuur Teff als Tave, en ik verwacht dat het effect heel sterk is. Bijvoorbeeld (22):

    Teff^4 = (1-a) S / 4 sigma

    Ontwikkelen we de albedo rond een vast punt: a = a0*(1-d) (met straks d = 0.06) en doen we een taylor reeks, dan krijgen we

    Teff =(1+(0.25*a0*d)/(1-a0)) * Teff,0

    waarbij Teff,0 de temperatuur nu is (hoop dat ik effe geen foutje maak). Gok even a0=0.7 ofzo, dan wordt de temperatuur 3,5% hoger. Dat is dus 10 Kelvin. Inderdaad een beetje buitensporig. Doe jij ongeveer hetzelfde?
    Peter de Jong reageerde op deze reactie.

  21. Peter de Jong schreef op : 24

    @Mathijs Romans:

    Mathijs,

    Ik moest even van PC wisselen. Je ziet op pag. 8 dat Teff recht evenredig is met (1/(1-f/2))^1/4 waarbij f het gedeelte van de straling is dat door de atmosfeer wordt geabsorbeerd. Als f varieert van 0 tot 1 (ofwel 100%) dan varieert Teff van 1 tot 1,19 (ofwel 19%).

    Teff is ook recht evenredig met (1-a)^1/4 waarbij a het albedo is. Als a varieert van 0 tot 1 (ofwel 100%) dan varieert Teff van 1 tot 0 (ofwel ook 100%). De forcing van het broeikaseffect is dus 5 keer zo klein als de forcing van albedo variaties.

    Je ziet dit ook in deze grafiek waarbij de albedo forcing in W/m2 is vergeleken met de forcing door het broeikaseffect (rode staaf). Hoe sterk het broeikaseffect ook is, het kan altijd worden gecompenseerd door verandering van het albedo.
    www.leif.org

    In de modellen van lovelock’s Daisy World zie je hoe de biosfeer in staat is een flinke temperatuurstijging te compenseren.

    Temp.verloop met en zonder regeling door biosfeer
    www.gerrymarten.com

    Zou het daarom niet meer voor de hand liggen om gedurende langere tijd de albedo variaties te meten en deze te correleren aan het gemeten temperatuurverloop ? Immers, als de albedo variaties steeds tegengesteld aan de temperatuurvariaties zijn is de aarde waarschijnlijk bezig het broeikaseffect te compenseren.

    En aangezien het regelbereik van het albedo veel groter is dan dat van het broeikaseffect denk ik niet dat we aan dat laatste effect nog enige aandacht hoeven besteden. 😉

    Zie ook:
    en.wikipedia.org

    Daisy World interactive model
    gingerbooth.com

    Mathijs Romans reageerde op deze reactie.

  22. Mathijs Romans schreef op : 25

    @Peter de Jong:
    Ja, Daisy World is allemaal heel leuk, maar er is geen enkele reden om aan te nemen dat dit iets met de werkelijkheid van doen heeft. De enige terugkoppeling van het albedo die ik ken is een positieve: als de temperatuur toeneemt smelt poolijs, en dit vermindert de albedo.

    Peter de Jong reageerde op deze reactie.

  23. Peter de Jong schreef op : 26

    @Mathijs Romans:

    Nee hoor, er zijn juist diverse negatieve terugkoppelingen. Denk bijv. maar aan ontbossing. Dat geeft een verhoogd albedo. Grote landbouwgebieden (graan e.d.) idem dito (steden en donkere asfaltwegen dan weer niet). En watervervuiling zorgt voor afsterven van plankton in de oceanen. Dat geeft eveneens een verhoogd albedo. Luchtvervuiling (aerosols) geeft ook een verhoogd albedo. Alleen daar waar vuile sneeuw en ijs liggen wordt dit weer gecompenseerd. En een hogere temperatuur geeft ook meer wolken die het zonlicht weerkaatsen. Waarom vind je het zo onwaarschijnlijk dat de aarde haar eigen temperatuur regelt ? De mogelijkheden daarvoor zijn immers aanwezig.

    Peter de Jong reageerde op deze reactie.

  24. Peter de Jong schreef op : 27

    @Peter de Jong:

    Is het trouwens niet zo dat één van de allerbelangrijkste negatieve terugkoppelingen bestaat uit de zwavelhoudende gassen die het fytoplankton in de oceanen produceert ?

    Als de temperatuur stijgt groeit immers het fytoplankton. Het neemt dan CO2 op en stoot o.a. SO2 uit. Dat vormt dan weer aerosols die op hun beurt niet alleen zonlicht weerkaatsen maar ook condensatiekernen voor wolken vormen. Die wolken weerkaatsen het zonlicht en de temperatuur daalt.

    Dus hogere temperaturen geven méér fytoplankton en dat zorgt weer voor méér wolken en die zorgen voor lagere temperaturen.

    Er bestaan vast wel gedegen studies naar dit verschijnsel. Misschien weet aerosol deskundige Ferdinand Engelbeen hier meer van ?

    Nogmaals Mathijs, waarom zou je je op CO2 richten als er veel krachtiger effecten zoals deze bestaan ?

    Huub Mooren reageerde op deze reactie.

  25. Huub Mooren schreef op : 28

    @Peter de Jong: Atmosferisch [DMS] daalt. Dit gaat je albedo ook al niet helpen.
    (doordat de atmosfeer warmer wordt, wordt de toplaag van de oceaan voedselarmer: de menging met onderliggende, voedselrijke lagen neemt namelijk af. Het fytoplankton in de toplagen krijgt het steeds moeilijker. De groei neemt af en niet toe door hogere temperaturen)

    Zwavel aërosolen zijn de reden dat de temperatuur in de periode 1950-1975 constant bleef. Toen humane zwavelemissies afnamen, kon de temperatuur weer gewoon doorstijgen.

    De aarde zelfregulerend?
    Welnee; da’s religie voor seculieren.
    De aarde heeft geen plannen met ons; wij hebben plannen met haar 🙂

    Mathijs Romans reageerde op deze reactie.
    Andre reageerde op deze reactie.
    Peter de Jong reageerde op deze reactie.

  26. Mathijs Romans schreef op : 29

    @Huub Mooren:
    Dit is ook een beetje mijn idee. De Gaia theorie valt zeer in de smaak bij de spiritueel denkenden, maar ik denk dat er geen reden is om aan te nemen dat de aarde zichzelf zou reguleren. Ook het geologisch verleden laat zien dat de aarde makkelijk uit evenwicht is te brengen, waarbij zich meestal een nieuw maar ander evenwicht instelt. Dit kan dan wel leiden tot massale sterfte.

    Merk trouwens op dat albedo de effectieve instraling kan verminderen, maar dat de albedo in infrarood gebied ook de effectieve uitstraling kan verminderen.
    Peter de Jong reageerde op deze reactie.

  27. Andre schreef op : 30
    Andre

    “maar ik denk dat er geen reden is om aan te nemen dat de aarde zichzelf zou reguleren”

    “…uit evenwicht is te brengen, waarbij zich meestal een nieuw maar ander evenwicht instelt.”

    Ik zou dat als een regelsysteem definiëren. Jij niet ? Zo nee, waarom niet ?

    Spreek jij jezelf niet tegen ?