woensdag, 26 november 2008
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Communicatie oorlog

„De pers zou meer een eigen agenda moeten volgen onafhankelijk van de overheid. Geen genoegen nemen met wat de overheid wil geven, maar uitzoeken wat ze achterhoudt. De pers moet ook zorgvuldiger worden en minder lui. We moeten scherper zijn op weggegeven primeurtjes – je laat je ook voor een karretje spannen.”  Aldus Frits Bloemendaal, chef redactie bij de Geassocieerde Pers Diensten (GPD), in een interview met NRC naar aanleiding van zijn onlangs verschenen boek De communicatie-oorlog.

Bloemendaal beschrijft in zijn boek de PR activiteiten van de overheid. Een buitenproportioneel voorlichtingsapparaat stelt alles in het werk om het imago van ministers op te vijzelen en de mening van burgers te beinvloeden. Overheidsvoorlichting wordt centraal georganiseerd vanuit de Rijksvoorlichtingsdienst en regeren is een kwestie van beeldvorming geworden. Persberichten met een pakkende kop en een goede lead worden gretig van het ANP-net gepikt door al dan niet gratis verspreide kranten, nieuwsblogs en overige media.

Frits Bloemendaal en zijn collega’s houden een zwartboek bij over de trucs en manipulaties van overheidsvoorlichters. De tactiek van doodzwijgen, liegen en ontwijken geldt als lesstof voor verslaggevers. Communicatie is oorlog geworden waarin de overheid lijdt aan controledrift en de pers ziet als een bedreiging. De media moet dienen als doorgeefluik om de politieke boodschap bij de burger er in te stampen.

Aanleiding voor het boek vormt ‘GPD-gate’; twee ex-medewerkers van het GPD die voorlichters bij het ministerie van Sociale Zaken waren geworden, logden honderden keren in in het besloten computersysteem van de GPD, dat nieuws levert aan regionale kranten. Bedrijfsspionage zeg maar. Onlangs kregen ze taakstraffen wegens computervredebreuk. Bloemendaal was zo laaiend over deze infiltratie-actie dat het venijn van de bladzijden spat.

De rol van de overheid in de media en vice versa is al talloze keren aan bod gekomen op de Vrijspreker. Dat je voor echt objectieve nieuwsgaring beter op het internet terecht kan, zal menigeen beamen. De main stream media voert een achterhoedegevecht waarin het tempo van nieuwsfeitjes brengen steeds sneller gaat, de oplagen gestaag dalen en de inkomsten uit advertenties verder afkalven. De onthullingen van Bloemendaal zijn voor de doorsnee libertarier gesneden koek maar het is goed dat hij het geschreven heeft. Zoals met zoveel dingen is het beter als mensen zelf de waarheid ontdekken en vervolgens anderen informeren. Na bewustwording kan er verandering komen. 

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars

Door , topic: Boekbespreking
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.
Reacties
  1. Spy-Nose schreef op : 1
    Spy-Nose

    Goed gedaan, Seneca.
    Toeval bestaat niet, maar ik was juist bezig dit boek voor de volgende week op de agenda te zetten! 🙂

  2. Seneca schreef op : 2
    Seneca

    Dank ! Was ik net een (veld-) slag op voor in de communicatie oorlog !

  3. Fred schreef op : 3

    Rond 1980 begon deze situatie te ontstaan. In die periode was er een richtingenstrijd binnen de overheidsvoorlichters. Een groep die meende dat de overheid zich moest beperken tot voorlichting over goedgekeurd beleid en alleen gericht op kennisoverdracht; beleid dat dus bevestigd was door de TK of Gemeenteraad. Als het ging om voorgesteld beleid dan had de overheidsvoorlichting de plicht alle visies te belichten. Zij werden de ‘preciezen’ genoemd.
    De andere groep noemde zichzelf de ‘rekkelijken’ en vonden dat overheidsvoorlichting meer en meer de bestuurders moest dienen en niet alleen kennis diende over te brengen, maar ook de mentaliteit en het gedrag van burgers moest proberen te beïnvloeden, ook om steun te krijgen voor nog niet aangenomen beleid. Bij die laatste visie wordt de waarheid gelogen, d.w.z bewust feiten achtergehouden, verdraaid, gebagatelliseert of gevaren juist overdreven. Die laatste groep heeft gewonnen, waarna er een enorme groei aan overheidsvoorlichters ontstond.
    Het interessantste is de rol van de journalistiek. In de periode dat veel overheidsvoorlichters nog voornamelijk tot de preciezen behoorden, de jaren ’70, werd er journalistiek gesproken juist enorm gespit en kwamen er veel gegevens door dit werk boven water. Op het moment dat er meer en meer bewust gestuurd werd door overheidsvoorlichters en journalisen juist op hun hoede hadden moeten zijn en steeds tegels hadden moeten lichten, verdween die onderzoeksjournalistiek meer en meer naar de achtergrond.
    Is dat vreemd? Niet als je kijkt naar de carriére van veel journalisten en voorlichters. Het werd meer en meer normaal gevonden dat journalisten overstapten naar de overheidsvoorlichting, al is het alleen maar omdat het beter betaalt. Wat doen journalisten die rond het Binnenhof werken en eventueel later nog een leuke baan bij de overheid willen? Die worden meegaander en laten zich makkelijker ringeloren door voorlichters en politici. Men gaat sinds die jaren ’80 ook steeds vriendelijker met elkaar om en brengt vele uren gezamenlijk door, etend en drinkend in Nieuwspoort.
    Dus beperkt men zich tot de nieuwtjes, tot braaf notuleren bij wat er gezegd wordt in de TK en opo persconferenties. De journalisten zijn langzmerhand grotendeels vergeten tussen de regels door te lezen en feiten te controleren of op zoek te gaan naar wat verborgen wordt gehouden. Vandaar ook dat men in die periode nooit de moeite nam eens te gaan kijken in de oude wijken welke ontwikkelingen daar plaatsvonden. Zo misten bijna alle journalisten het multicuturele drama. In plaats van bijvoorbeeld even op de fiets te stappen en een paar moeilijke wijken in Den Haag te bezoeken, bleef men amper een kilometer of twee verwijderd van de Schilderswijk gezellig aan de sherry en pils met kamerleden en ministers.

    Ik ben benieuwd naar dit boek, Wel denk ik dat één speler in het spel niet aan bod zal komen. Het publiek. Want ook dat wilde meer en meer niet weten wat er aan de hand was. Kranten verloren massaal abonnees en hadden steeds minder geld voor kostbare onderzoeksjournalistiek. De televisie commercialiseerde en werd meer en meer een amusementmedium, zelfs nieuws en actualiteit moest leuker en aangenamer worden gebracht, aansluitend bij de dagelijkse werkelijkheid van de kijker, anders zapte dat publiek onmiddellijk door naar een fijne show. We hebben namelijk als publiek zelf ook de bestuurders, voorlichters en journalisten gekregen die we kennelijk verdienen.

    Spy-Nose [5] reageerde op deze reactie.
    R. Hartman (NI) [9] reageerde op deze reactie.

  4. Spy-Nose schreef op : 4
    Spy-Nose

    Het zou goed zijn, wanneer op basis van wetsontwikkeling en uitvoering een particuliere werkgroep tot stand zou komen, die het regeringsoptreden als zodanig in een eerder stadium dan nu het geval is, op de korrel neemt.

    Hub Jongen [6] reageerde op deze reactie.

  5. Spy-Nose schreef op : 5
    Spy-Nose

    @Fred [3]:
    Interessant betoog.
    Ik weet niet of je de draad van PON (Populistische Omroep Nederland) van Wladimir van Kiel helemaal gevolgd hebt, maar in dit verband is het mediabeleid van de Nederlandse staat in het algemeen relevant. Dus ook van radio/TV.

    In genoemde draad werd verwezen naar de zeer verhelderende en uitstekend gedocumenteerde kroniek van H.J. Hogeveen, waaruit de nodige keiharde conclusies getrokken kunnen worden:
    www.hetvrijevolk.com

    Deze informatie geeft al met al een onthutsend en zeer onrustbarend beeld van de historische ontwikkelingen en van de feitelijke situatie waarin deze z.g. “democratische rechtsstaat” zich bevindt en hoe zich e.e.a. verder zal ontwikkelen, als er niets tegen gedaan wordt.
    Fred [8] reageerde op deze reactie.

  6. Spy-Nose schreef op : 7
    Spy-Nose

    @Hub Jongen [6]:
    Dat hangt er helemaal vanaf, of er voldoende basis voor is, zowel commercieel als politiek.
    Daarvoor is m.i. naast een platform een marktverkenning nodig.

  7. Fred schreef op : 8

    @Spy-Nose [5]: Ik heb de gehele pdf gedownload en ga er binnenkort eens rustig voor zitten.
    Ik kan je trouwens zeggen dat mijn betoog op eigen ervaringen zijn gestoeld, daar ik jaren werkzaam ben geweest bij de overheid op afdelingen voorlichting, weliswaar als simpele tekstboer en niet als communicatieadviseur, en met lede ogen heb moeten toezien hoe in de afgelopen 20 jaar overheidscommunicatie meer en meer verworden is tot manipulatie en propaganda en uiteindelijk niets meer met voorlichten te maken heeft.
    Je begrijpt dat ik tot het kamp van de preciezen behoorde (en nog steeds behoort) dat vond dat overheidsvoorlichters bij aangenomen beleid de burgers helder moeten uitleggen hoe iets werkt en wat de rechten en plichten zijn. Niet meer, niet minder.
    Als het om plannen gaat, dienen in mijn ogen alle pro’s en contra’s te worden genoemd, zodat burgers zelf een mening kunnen vormen. Dat gebeurt allang niet meer. In Leiden waar ik woon, zijn we zo al jaren in het luchtledige gehouden en voorgelogen over de Rijn-Gouw Lijn.

  8. R. Hartman (NI) schreef op : 9
    R. Hartman

    @Fred [3]: Helder verhaal. “Kranten verloren massaal abonnees en hadden steeds minder geld voor kostbare onderzoeksjournalistiek.” Was dit oorzaak of gevolg? Zo heb ik zelf pas in een vrij laat stadium mijn krant eruit gegooid, na een onthutsende mailwisseling met een redacteur, waaruit zonneklaar bleek dat hij in zijn opiniestukjes de lezer bewust een rad voor ogen draaide. Zo jaag je je klanten wel weg, natuurlijk.

    Fred [10] reageerde op deze reactie.
    Spy-Nose [11] reageerde op deze reactie.

  9. Fred schreef op : 10

    @R. Hartman (NI) [9]: Goede vraag, het is een beetje kip en ei. Maar ik kan mij toch nog wel herinneren dat Volkskrant, NRC en VN in de jaren ’70 uitstekende achtergrondartikelen hadden en dat dit in de loop van de jaren ’80 minder en minder werd. Het grote abonneeverlies kwam toen op gang. Het zijn twee ontwikkelingen die elkaar versterkt hebben, denk ik.

    Spy-Nose [11] reageerde op deze reactie.

  10. R. Hartman (NI) schreef op : 12
    R. Hartman

    @Spy-Nose [11]: Ja, ik heb daar inderdaad een opinie over, maar eerlijk gezegd geen idee hoe je dat zou moeten aanpakken. Om te beginnen veronderstelt het dat je al voordat de media er over schrijven op de hoogte bent van de diverse plannen, en daarvoor zou je veel dichter bij het vuur moeten zitten. Als ik je intentie goed begrepen heb, tenminste.

    Spy-Nose [13] reageerde op deze reactie.

  11. Spy-Nose schreef op : 13
    Spy-Nose

    @R. Hartman (NI) [12]:

    Wat het vuur betreft, daar is genoeg van voorhanden:
    Je kunt het zoveel uitbreiden of beperken als je wilt. Een greep uit de hete kolen:

    Wetgevende en uitvoerende macht:
    1) Regeerakkoord
    2) Parlementaire agenda’s
    3) Europese agenda’s (Coreper, Comite van de Regio’s)
    4) Per ministerie:
    Beleidsstukken, adviezen (CPB, WRR, etc.)
    5) Idem mutatis mutandis voor Provincies en Gemeenten
    6) Zelfstandige bestuursorganen (ZBO’s), bijv. UWV, allerlei subsidieverstrekkers, etc.
    7) Benoemingen, belangenverstrengeling.

    Rechterlijke Macht:
    1) Raad voor de Rechtspraak
    2) Openbaar Ministerie
    3) Jurisprudentie
    4) Benoemingen en belangenverstrengeling

    Publiek-private instellingen:
    1) SER en bedrijfs-/branche-organisatie
    2) (“Vrije”) Beroepsverengingen
    3) Vakbonden

    Ik zou op basis van een marktverkenning ($, $$ of $$$?) een prioriteitenlijstje maken.

    Maar hoe verder daarna?