woensdag, 22 april 2009
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Lysenkoïsme in de polder


aaa_klimaat_hlabohmNederland kent een ‘Platform Climate Change Communication’ (PCCC). Hierin zijn tal van wetenschappelijke instellingen verenigd, die zich met verschillende aspecten van de klimaat’problematiek’ bezig houden, waaronder: PBL (Planbureau voor de Leefomgeving); KNMI (Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut); Wageningen UR: Climate Change and Biosphere Centre en Alterra; ECN (Energieonderzoek Centrum Nederland); Vrije Universiteit; Universiteit Utrecht; Deltares; en NWO (Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek). Het is de wetenschappelijke pijler van de Nederlandse klimaatindustrie, die uitsluitend de menselijke broeikashypothese propageert en alternatieve opvattingen effectief buitensluit. Geen enkele andere wetenschappelijke discipline kent een dergelijke strakke organisatie voor de communicatie van haar inzichten. Het PCCC is dus een ‘Fremdkörper’ in wetenschapsland. Deze constructie roept ook associaties op met de straffe wijze waarop het landbouwonderzoek in de jaren veertig in de voormalige Sovjet-Unie was georganiseerd onder leiding van Trofim Denisovich Lysenko.
 
 aaa_klimaat_hlabohmHet PCCC heeft een nieuw rapport uitgebracht, ‘De staat van het klimaat_2008,  dat maandag aan staatssecretaris Tineke Huizinga-Heringa werd aangeboden. Volgens het PCCC biedt ‘De Staat van het Klimaat 2008’ een goed overzicht van de relevante ontwikkelingen op het gebied van klimaat, klimaatverandering, klimaatonderzoek en klimaatbeleid. Dit overzicht is onontbeerlijk om de discussies te kunnen plaatsen. Aldus het PCCC.
Bij lezing van het rapport blijkt dat helaas geenszins het geval te zijn. Het rapport vormt een schoolvoorbeeld van ‘cherry-picking’ (selectief winkelen), dat zo langzamerhand tot norm schijnt te zijn verheven waar het de klimaat’problematiek’ betreft. Het feit dat de gemiddelde wereldtemperatuur nu al zo’n tien jaar niet meer stijgt, ondanks toename van de CO2-concentratie in de atmosfeer, blijft bijvoorbeeld verscholen in het staartje van een suggestieve grafiek over de periode 1900 – 2009 (blz. 10), waarvan de totaalindruk er een van voortgaande stijging van de temperatuur is.

Wat zijn nu de belangrijkste tekortkomingen van het rapport?
Prof. dr. ir. Arthur Rörsch, voormalig topman van het TNO en thans een van de belangrijkste klimaatsceptici in ons land en daarbuiten, heeft, mede na consultatie met tientallen wetenschappers in het internationale circuit, de belangrijkste omissies op een rijtje gezet.

Ik citeer:

  • 1. Uit waarnemingen blijkt dat de CO2-concentratie sinds het begin van deze eeuw (met zo’n 5,5% procent), is toegenomen terwijl zich geen mondiale temperatuurstijging heeft voorgedaan. Er zijn zelfs aanwijzingen dat de temperatuur sinds 2006 is gaan dalen en dat deze daling zich gedurende het volgende decennium zal voortzetten.
  • 2. De hypothese dat toeneming van CO2 een temperatuurstijging kan veroorzaken is gebaseerd op modellen met specifieke veronderstellingen over de uitwerking van de fysische eigenschappen van CO2 van H2O om infrarood (warmte-)straling te absorberen in de atmosfeer. Deze modellen voorspellen een specifieke temperatuurstijging nabij de equator op ca. 10 km. hoogte. Deze stijging is niet waargenomen.
  • 3. De modellen hebben de stabilisatie van de temperatuur vanaf het begin van de 21ste eeuw niet voorzien, waardoor de aannamen over het veronderstelde CO2/temperatuur effect fundamenteel op de helling moeten.
  • 4. In genoemde modellen is een mogelijke invloed van variabiliteit van de zonne-activiteit sterk onderschat (hoewel deze op een geologische tijdschaal evident is). Het huidige gedrag van de zon wijst er echter op dat we een afkoelingsperiode tegemoet gaan in het volgende decennium. Het is zelfs niet uitgesloten dat deze afkoeling zich de komende 60-100 jaar zal voortzetten.
  • 5. De vraag waarom zich enige mondiale temperatuurstijging van zo’n 0,6 0C heeft voorgedaan aan het eind van de eerste helft van de 20ste eeuw is niet afdoende beantwoord. Onderzoek wijst er echter op dat deze stijging niet noodzakelijkerwijs boven de natuurlijke variabiliteit uitkomt.
  • 6. Er is geen verdere onderbouwing geleverd van de hypothese dat toename van CO2 de oppervlaktetemperatuur zou verhogen.

Voor het volledige artikel van Arthur Rörsch (met literatuurverwijzingen), zie hier

www.platteland-in-perspectief.nl

Klik op ‘Actueel Document’ en ga naar de desbetreffende pdf.

Alle bovengenoemde elementen ontbreken dus in het PCCC-rapport. Conclusie: het IPCC-rapport schiet ernstig tekort om als basis van rationele politieke besluitvorming te kunnen dienen. Het negeert belangrijke nieuwe inzichten en actuele gegevens. Op geen enkel beleidsterrein zouden dergelijke tekortkomingen worden geaccepteerd. Helaas zijn dit soort praktijken op klimaatgebied eerder regel dan uitzondering.

Het PCCC-rapport is hier te vinden:

www.klimaatportaal.nl 

Ingezonden door Hans Labohm

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars

Door , topic: Algemeen, Milieu, Politiek
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.
Reacties
  1. Paul Martens schreef op : 1
    Martens Paul

    Er zullen nu wel weer discussies op gang komen welk onderzoek (-bureau) maatgevend is, maar als ik de 6 citaten uit het onderzoek goed begrijp en ze één voor één overloop:

    1. Daarover hebben “ze” (de overheden) dus tegen ons gelogen.
    2. Daarover hebben “ze” (de overheden) dus tegen ons gelogen.
    3. Daarover hebben “ze” (de overheden) dus tegen ons gelogen.
    4. Daarover hebben “ze” (de overheden) dus tegen ons gelogen.
    5. Daarover hebben “ze” (de overheden) dus tegen ons gelogen.
    6. Daarover hebben “ze” (de overheden) dus tegen ons gelogen.

    Dus…. als ik het dan nog steeds goed begrijp, hebben ze ons (de bevolking van de Westerese landen) al die jaren miljarden euro’s/dollars afhandig gemaakt met leugens als basis?

    Gelukkig, ik dacht al dat ik wantrouwend aan het worden was. Maar mijn conclusie, dat de overheid een leugenachtige dievenbende was, blijkt toch te kloppen.

  2. Bas schreef op : 2

    Een van de kenmerken van een intellectueel mens is de wetenschap dat hij zo weinig kennis heeft.
    Lager op de ladder verdwijnen vragen ,tot alleen voedsel [geld=macht]nog belangrijk is.
    Nog lager is het stadium waar geloven zich zo thuis voelen.
    Klimaat kenners en gelovige volgelingen horen hier thuis.
    Helemaal onderop op de eerste tree staan wat wij idioten of achterlijke mensen noemen die het makkelijkst tevreden te stellen zijn met beloftes, wat opvalt in wat de verkiezing strijd heet.
    Ze worden zwevende kiezers genoemd en zijn door de getal waarde heel belangrijk voor de geloven.
    Op de bodem van die ladder staat de rest wat leven heet ,en die hebben geen moer te vertellen.

  3. Armin schreef op : 3

    Een slechte beurt van Arthur Rörsch. Let wel, zoals bekend moge zijn ben ik extreem kritisch over de hypothese dat wij als mensen een groot effect op het klimaat zouden hebben via CO2 cq deze effecten dramatisch slecht uit zouden vallen. Maar, de kritiek op de PCCC is niet inhoudelijk. Deze 5 punten zijn algemeen van aard en hebben geen relatie met de inhoud van het rapport. Punten zijn wellicht wel juist, maar dus niet gericht op het rapport zelf.

    Overigens is het argument dat sinds 2006 (in klimaattijden zoiets als sinds twee seconden) de temperatuur niet gestegen is, een nietzeggend punt. Ook onnodig, want de trend heeft zich sinds ruweg 1997 niet meer voortgezet en op het zuidelijk halfrond reeds gekeerd. Veel beter is de wijzen op de geringe kans dat deze laatste 10 jaar binnen de natuurlijke variatie vallen.

    Arthur Rörsch [5] reageerde op deze reactie.

  4. Antares schreef op : 4

    @Armin:
    Alinea 2: moet dit niet 2007 zijn i.p.v. 1997? De laatste zin kan ik door deze onduidelijkheid niet plaatsen.

  5. Arthur Rörsch schreef op : 5

    @Armin [3]: Geachte Armin, het PCCC rapport is getiteld ‘De staat van het klimaat 2008’ Op grond daarvan verwachtte ik een overzicht hoe anno 2008 de vlag er bij hangt. De door Labohm aangehaalde punten vormen dus, wat ik zie als een omissie van het rapport. Voorts In mijn stukje op www.platteland-in-perspectief.nl wordt een referentie aangehaald die er op wijst dat de huidige temperatuurschommelingen binnen de natuurlijke variatie kunnen vallen. Vervolgens wordt er in aangekondigd dat ik een manuscript in voorbereiding heb waarin nader op de materie zal worden ingegaan. Indien U de web beheerder toestemming geeft mij Uw e-mail adres te geven, zend ik het U toe met het verzoek er commentaar op te leveren.
    Tenslotte, het trekken van curven door een puntenwolk, is een principieel wetenschaps filosofische questie genaamd curve-fitting met het oogmerk wetmatigheden te ontdekken. Regel is dat daarbij de fitting niet tot één trend beperkt blijft. Dit is ook van toepassing op het klimaatsysteem dat naar verwachting overlappende oscillaties vertoont. De AGW aanhangers zien dit laatste als ruis, en het veronderstelde temperatuur effect van CO2 als lineaire hoofdtrend. De vraag is dus of deze aanname gerechtvaardigd is. Voor de periode 1980-2008 heeft een liniaire trend een regressie coefficient van 0.37. Een sinus achtige kromme van 0.52

    Armin [7] reageerde op deze reactie.

  6. Bertus schreef op : 6

    en alternatieve opvattingen effectief buitensluit. Geen enkele andere wetenschappelijke discipline kent een dergelijke strakke organisatie voor de communicatie van haar inzichten….

    Da’s teveel eer. In de rokendiscussie met gerelateerde ziekten en kwalen dunkt me eenzelfde fenomeen gaande.

  7. Armin schreef op : 7

    @Arthur Rörsch [5]:

    Op grond daarvan verwachtte ik een overzicht hoe anno 2008 de vlag er bij hangt

    Verwachte je dat echt? 🙂 🙂

    Het is natuurlijk een politiek rapport. Het rapport trekt de onderliggende aanname dat er een klimaateffect is geheel niet in twijfel. Die fase is men al voorbij zeg maar. Politiek is dat niet haalbaar en zelfs al zullen er politici zijn die zelf ook twijfelen, zullen ze dit niet kunnen zeggen. Dat is binnen de gevestigde belangen geen optie. Het KNMI is uberhaupt een kritiekloos volger van de IPCC en ECN heeft belang bij klimaatellende voor hun subsidies.

    In die zin dapper natuurlijk dat u met een rapport komt, maar ik denk dat het vechten tegen d ebierkaai is, en verwacht qua effectiviteit meer van de Lomborg methode: doen alsof je geloofd in AGW, en aangeven dat zelf binnen die aannames het nog steeds onzinnig is.

    Wetenschappelijk kritiek moet je aan wetenschappers richten die publiceren buiten de politiek en andere openbare wereld. Daarbinnen is het tij aan het keren, met name door wetenschappelijke verhandelingen.

    Zeker nu de temperatuur op aarde niet meewerkt:

    De AGW aanhangers zien dit laatste als ruis, en het veronderstelde temperatuur effect van CO2 als lineaire hoofdtrend. De vraag is dus of deze aanname gerechtvaardigd is.

    Exact wat ik bedoel. Alleen zegt dat dan ipv te spreken over 2006 😉 Ik begrijp echter dat dat niet uw woorden, maar van Labohm zijn? Dan moet ik mijn kritiek terugnemen op dat punt.

    Maar inhoudelijk: De kans dat de laatste 10 a 12 jaar binnen die ruis valt is inderdaad steeds kleiner aan het worden.

    Kerndenkfout van de AGW’ers is dat ze blind aannemen dat er een onderliggende lineaire trend is. Vaak beseffen ze niet eens meer dat die trend ook maar een aanname is. Andere curves, zoals een sinus, zijn geheel wel mogelijk.

    Wel alleen ben ik huiverig voor statistische fits zonder wetenschapelijke hypothese. Daarmee bedoel ik – maar dat stelde u ook niet – dat we dan niet meteen moeten roepen dat het dus een sinus is. Maar geeft wel aan dat een dominante lineair trend een niet voor de hand liggende keuze is.

  8. fons schreef op : 8

    ik kan het niet helpen, maar dit stuk is zo belabberd dat ik erom moest lachen. Als dat tegenwoordig het niveau van het klimaatskepticisme is, dan mag IPCC op zijn beide oren slapen.

    Deze website zet zichzelf te kijk door dit stukje te publiceren.

    Hub Jongen [9] reageerde op deze reactie.

  9. Hub Jongen schreef op : 9
    Hub Jongen

    @fons [8]:
    Kan wel zijn en we trachten ons best te doen.

    Overigens maak jij je zelf schuldig aan oppevlakkigheid waarop ik de volgende opmering ontving:
    “Zo te zien is het stuk van fons niet meer dan een losse kreet, waarbij niet
    inhoudelijk op de materie wordt ingegaan.”

    fons [10] reageerde op deze reactie.

  10. Arthur Rörsch schreef op : 11

    @fons [10]:
    Beste hub
    Wie is fons en wie is Sargasso?. Het lijkt mij dat hier voor de tweede maal losse kreten worden geslaakt, zonder dat wordt ingegaan op inhoudelijke argumenten. Blijf je dat toe staan op je site?

    fons [12] reageerde op deze reactie.

  11. Arthur Rörsch schreef op : 13

    @fons [12]:
    Dank aan fons vooor meer duidelijker verwijzing naar Sargossa in tweede instantie. Ik heb me gedurende enige decennia bezig gehouden met dit soort statistische trend analyses, in verantwoordelijke posities. Bij TNO, L&V en in EG. Ik denk dat Sargossa statistische larikool verkondigt. Waarom zal ik in binnenkort in publicaties uitleggen.
    Dan de opmerking dat ik mensen de mond zou willen snoeren. Dat is absoluut niet het geval. Waar ik bezwaar tegen maak is dat mensen,
    zoals fons, maar wat roepen, zonder hun stellingname zelf te onderbouwen. fons heeeft wat onderbouwing van zijn visie betreft tot dus ver zelf niets gepresteerd. Vandaar mijn suggestie laten we hem maar even vergeten als deelnemer in een serieuze, inhoudelijke wetenschappelijke discussie.
    Niettemin, ik luister beslist wel naar de soort van reacties als die fons. Als demonstratie van een attitude die ik in een maatschappelijke discussie verwerpelijk acht.

  12. Spy-Nose schreef op : 14
    Spy-Nose

    Een discussie over tijdreeksen tussen mensen die wel en anderen die geen of onvoldoende statistische kennis in huis hebben, is niet altijd zinvol.

    We dienen echter op te merken, dat een sterke statistische correlatie nog lang niet bewijst, dat er ook een causaal verband bestaat. Daarvoor zijn andere criteria ontwikkeld. De epidemioloog Austin Bradford-Hill (1897-1991) was de eerste die een negental praktische criteria voor causaliteit bedacht:

    drabruzzi.com

    1. temporaliteit (effect na de stimulus)
    2. associatie (correlatie)
    3. dosis-effect relatie ((quasi-)proportioneel)
    4. consistentie met resultaten uit andere studies
    5. plausibiliteit (theoretische basis)
    6. alternatieve verklaringen (Occams razor)
    7. experimenteel bewijs (reproduceerbaar effect)
    8. specificiteit (zwak criterium in multifactoriele systemen)
    9. coherentie (compatibel met bestaande paradigma?)
    (10. analogie (vergelijkbaar fenomeen in vergelijkbare bekende causale systemen))

    Een aardig voorbeeld van de toepassing van deze criteria in de epidemiologie vindt men in:
    www.sv40foundation.org

    De meeste van deze criteria (behalve experimenteel bewijs) kunnen m.m. worden toegepast op klimaatsystemen.
    fons [15] reageerde op deze reactie.

  13. Spy-Nose schreef op : 16
    Spy-Nose

    @fons [15]:
    Graag gedaan. Zoals gezegd -voor er weer oeverloos geleuterd wordt- mij gaat het erom, dat een klimaatdiscussie, zoals op de Vrijspreker, zinvol is.

    Vandaar… 😉

  14. Arthur Rörsch schreef op : 17

    @fons [15]:
    Het beschouwen van een korte termijn reeks is in een aantal gevallen zinvol, vanwege de achterliggende wetenschap.
    Er is een goede theoretische basis om bij de waargenomen temperatuur punten verzameling meerdere krommen te beschouwen, om daar een wetmatigheid uit af te leiden. Ten eerste is het een grondregel in de curve fitting theorie.

    Ten tweede volgens de complexiteitstheorie kunnen in een systeem waar meerdere krachten werkzaam die ook elkaar beinvloeden, oscillaties optreden.

    In het klimaat systeem zijn een stuk of zes oscillaties herkenbaar, met verschillende golflengten (van 12 jaar tot enige honderdduizenden jaren). De belangrijkste waarop we op een tijdschaal van een eeuw te maken hebben, is de zoncyclus (ZC) met een golflengte van 12-20 jaar, de Pacific Decadal Oscillation (PDO) en de North Atlantic Oscillation (NAO) met golflengten van ongeveer 50 jaar.

    Wat we waarnemen als een ‘liniaire’ (stijgende) trend sinds 1850 is het gevolg van de superpositie van twee oscillaties die beide in hun opwaartse trend verkeren, de recovery van de laatste grote ijstijd (20.000 j geleden beeindigd) en de kleine ijstijd (150 j geleden beeindigd). De eerste zal zich nog wel enige duizenden jaren voortzetten.

    In het effect van de ZC en de PDO is, op grond van de regelmaat die zij vertonen, thans een dalende trend in de temperatuur te verwachten. Wanneer precies, op een jaar nauwkeurig, is niet te voorspellen. Maar het stabiliseren van de temperatuur sinds 10 jaar is (gezien de golflengten van de cycli) voldoende aanwijzing dat de dalende trends thans aan het inzetten zijn. Voor de ZC is zelfs 1 jaar voldoende om de voorspelling te doen. ZC nr 24 laat al meer dan een jaar op zich wachten. Aldus wordt op astronomische gronden een koude periode van ongeveer een decennium verwacht, een periode van 60 jaar is zelfs niet uit te sluiten. Voor literatuur zie [1] C. De Jager, S. Duhau. ”Forcasting the parameters of sunspot cycle 24 and beyond”. J. Atmospheric and Solar-terestial physics 71(2009)239-245. C. de Jager. “Solar activity and its influence on climate” . Neth. J. Geophysics 87-3 (207-213) 2008. Zie verder: www.cdejager.com

    In deze artikelen wordt voorts toegelicht waarom in IPCC AR4 rapport (2007) het effect van de zon (op stijgende en dalende temperatuur trends) is onderschat. De Jager laat ook zien dat de temperatuur fluctuaties gedurende de laatste decennia, in vergelijking tot voorgaande geen extreme hoogten hebben bereikt. In het PCCC rapport worden deze referenties node gemist.

    Naar mijn idee zijn veel hedendaagse klimatologen bij hun ‘lineaire’ interpretaties, de verschijnselen sinds het laatste decennium negerend, losgeraakt van de klassieke klimatologie, waarin mondiaal berekende temperatuurveranderingen worden toegeschreven aan het verleggen van de zes hoofd klimaatzones. (Die uiteindelijk door astronomische invloeden wordt veroorzaakt.) In het PCCC rapport vinden we daarvoor wel een indicatie. Gemeld wordt dat de temperatuur in Nederland de laatste decennia sterker is gestegen dan het mondiale gemiddelde en dat dit samenvalt met het meer overheersend worden van warme westen winden.

    Tot 1964 zijn de waargenomen klimaatwisselingen consistent met de theorie over de veranderende klimaatzones. Encyclopedia Britannica: volume 5 pagina 914-927 (1964)

    In een ander recent artikel van C. de Jager, wordt aangegeven dat in de periode daarna de zon veel actiever is geweest dan in 1000den jaren daarvoor.

    Tenslotte wil ik wijzen op het recent gestarte Argo project (2003) waarbij robots dagelijks tot 900 m diepte de oceaan temperatuur meten.C. Loelhe “Cooling of the ocean since 2003” E&E 20(1/2) 2009, 99-202. Aangezien de warmte capaciteit van water veel groter is dan van lucht, is de oceaan een betere graadmeter voor mondiale temperatuur veranderingen dan de atmosfeer. Nu is 4.5 jaar ongetwijfeld een te korte periode om vergaande conclusies te trekken, maar de door Loelhe berekende regressie coefficient R2 voor de waargenomen oscillatie is hoger dan van enige andere coincidentie.

    Loelhe:
    ABSTRACT

    Ocean heat content data from 2003 to 2008 (4.5 years) were evaluated for trend.

    A trend plus periodic (annual cycle) model fit with R2 = 0.85. The linearcomponent of the model showed a trend of -0.35 (±0.2) x 1022 Joules per year. The
    result is consistent with other data showing a lack of warming over the past few

    years.