maandag, 15 augustus 2011
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Ingezonden: 15-08-2011: 40 jaar fiatgeld

Dit is een ingezonden bijdrage bedoeld ter discussie. Vrijspreker.nl
staat niet per se achter de meningen die erin verkondigd worden.

Gecondoleerd. U leeft momenteel in een financieel systeem dat vandaag op de kop af veertig jaar bestaat. Op 15 augustus 1971 knipte voormalig VS-president Nixon definitief het laatste lijntje door van de toen al wankelende verbinding tussen de dollar en goud. Enkele “open deuren” en wat wetenswaardigheden en vooral geschiedenis omtrent dit 40-jarige fenomeen, voornamelijk aan de hand van de wereldreservemunt (nog wel, tenminste): de US dollar.


SOORTEN GELD

Er zijn vele manieren om geld onder te verdelen in verschillende soorten. Hieronder een onderverdeling op basis wat geld nu eigenlijk bevat: een waarde, een belofte of vertrouwen?

1. Waarde-geld is geld met een innerlijke waarde, zoals bijvoorbeeld een gouden of zilveren munt. Het hadden ook schelpen kunnen zijn, of konijnenkeutels, maar edelmetalen zijn schaarser en gewilder en daarom beter geschikt om als ruilmiddel te dienen.
Vooral omdat je maar een kleine hoeveelheid nodig hebt om toch een behoorlijke tegenwaarde in andere artikelen te kunnen kopen en dat is wel zo praktisch. Bekende voorbeelden zijn de Zuid-Afrikaanse Krugerrand, het Nederlandse Gouden Tientje en de Mexicaanse zilveren Libertad. Het materiaal van waarde zit meteen in de munt. In de wereldgeschiedenis is dit altijd de meest succesvolle geldsoort gebleken. Waarde-geld kan immers maar net zoveel gemaakt worden als er van de bewuste “waren” voorradig zijn. Hierdoor behoudt het zijn schaarsheid, gewildheid en relatief hoge tegenwaarde voor andere (te kopen) goederen. En het kan niet onbeperkt bijgemaakt worden.

2. Daarnaast is er het belofte geld. Dit kan een notitie zijn die waarborgt, dat de tegenwaarde van die notitie een hoeveelheid goud of zilver in de reserves van een bank is. De notitie is een belofte om te betalen in waarde-geld. Voorbeeld hiervan is het zogenaamde papiergoud; u doet handel in een soort aandelen (waardepapieren zo u wilt) waarop staat vermeld dat u het recht en de garantie heeft dat er voor de nominale waarde op het papier een tegenwaarde in goud mag opeisen. Maar kijk uit: aandelen in goud (papiergoud) hebben een hefboomwerking, de beruchte leverage, van 1 tegen 100. Voor elke 100 kilogram goud die u op papier koopt, ligt er uiteindelijk maar 1 kg op u te wachten. Dit belofte geld leent zich dus voor doeleinden volgens de hieronder beschreven geldsoort.

3. En we hebben fiatgeld. Fiatgeld is geld dat niet wordt ondersteund door waardevolle fysieke goederen zoals edelmetalen. Fiatgeld is gebaseerd op…. niets. Niets anders dan vertrouwen in dat geld. Preciezer: “geloof” in dat geld. Voorbeelden hiervan zijn: de Amerikaanse dollar (de Canadese trouwens ook), de euro, de Noorse krone, de Britse pond, enzovoorts, enzovoorts. Geloof-geld zou een betere term zijn en meer mensen aan denken zetten.

De regering van uw land bepaalt welk van de bovenstaande typen geld het wettig betaalmiddel is in uw land. De kans is zeer groot (> 99%), dat u in een land leeft dat fiatgeld als wettig betaalmiddel heeft. Uw regering heeft er dan alle baat bij, dat u gelooft in die stukjes met koper bekleed metaal, die papiertjes met wat inkt erop en vooral die getallen in de virtuele wereld: het computergeld, het elektronisch geld, de bits en bytes die u vertellen hoe u er tijdens uw internet-bankiersessie financieel voorstaat. Want hoe meer u gelooft in dat fiatgeld van uw regering, hoe machtiger zij is en hoe meer zij er gemakkelijk van bij kan maken.

 

GESCHIEDENIS FIATGELD

Oftewel: is dat fiatgeld iets van de laatste jaren, nu er zoveel aandacht voor blijkt te zijn?

Erg mooi om te bekijken is de 13 minuten en 25 seconden durende uitleg (in het Engels) hoe de Amerikaanse Dollar van “waren”-geld, via “belofte”-geld is afgegleden naar fiatgeld. Te bekijken op Mises.org en video.google.com . Overigens, geheel tegen de eigen wet en grondwet, waarmee de Amerikaanse overheid feitelijk niets anders doet dan valsmunterij: papiertjes printen en hiermee haar eigen grondwet negeren. Maar dit terzijde.

Van 1785 tot 1861 hadden de VS een vaste goudstandaard, 76 jaren lang. De stichters van de VS, de “founding fathers”, waren van begin af aan erg bezorgd over een onbeperkte uitbreiding van de geldvoorraad en ze reageerden hierop om de uitgifte van geld te limiteren. Ze hadden namelijk al ervaring met fiatgeld vanuit de “Oude Wereld”… het oude continent, Europa dus. De revolutionaire oorlog werd grotendeels gefinancierd met “Continental money”, geld vanuit Europa, en het geld bleek zonder waarde te zijn, waardeloos, dus. Vandaar de Amerikaanse uitdrukking uit die tijden “not worth a Continental”. De Continental Currency werd in 1792 vervangen voor de US Dollar.

De Amerikanen zorgden volgens de “Coinage Act of 1792” voor de U.S. Mint, de instantie die de zilveren en gouden Dollar-munten moest gaan slaan. “One Dollar” werd vastgesteld als een specifiek gewicht in goud, gemeten in greinen (grain). De doodstraf werd aangezegd aan een ieder die het waagde om de dollar te vervalsen. President George Washington propageerde het belang van een munt die onderbouwd werd door goud en zilver (“backed by gold and silver”).

Van 1862 tot 1879 kenden de VS een systeem met variabel fiatgeld. Variabel wil zeggen, dat de onderlinge omrekenkoersen variabel waren, dus zoals nu veranderde de Dollarkoers regelmatig, hij werd niet vastgezet.

Na de Civil War in de VS moesten de hoge kosten betaald worden. Dit was de eerste keer, dat de VS papiergeld drukten dat niet ondersteund werd door goud of zilver. Deze ongedekte papieren biljetten werden “Greenbacks” genoemd. De Greenbacks waren niets anders dan schuldbrieven van de U.S. Government, die op een later, niet specifiek te noemen datum, ingelost konden worden voor goud.
De Greenbacks kwamen in omloop samen met de Goudcertificaten die een belofte vermeldden dat de overheid hiervoor goud zal betalen.

Van 1880 tot 1914 kenden de VS weer een vaste goudstandaard, een periode van 34 jaren. De US Dollar werd weer hardhandig aan goud gekoppeld in een vaste verhouding, hetgeen resulteerde in een binnenlandse prijsstabiliteit en praktisch geen inflatie. Maar de financiële situatie tijdens de Eerste Wereldoorlog bracht een einde aan deze periode van goudstandaard.

Van 1915 tot 1925 kwam er dus weer een periode met variabel fiatgeld. WW1 moest betaald worden en dat kon alleen door veel geld bij te maken. En al die biljetten konden niet ondersteund worden door een waarde in goud of zilver, want er was simpelweg niet genoeg materiaal voorhanden om als gouden tegenhanger voor al die dollars te dienen.

Van 1926 tot 1931 was er weer een periode van 5 jaren volgens de vaste goudstandaard, vastgelegd in de Gold Exchange Standard. In deze relatief korte periode van goudstandaard koppelde vrijwel elk land haar valuta aan de US Dollar en de Britse Pond, die beide ondersteund werden door de echte Dollar, die van goud. Toen in deze periode de Grote Depressie begon, wilde iedereen zijn geld ruilen voor hetgeen waar zij recht op hadden: goud. Deze “run” op het goud was definitief het begin van het einde van deze goudstandaard.

Van 1931 tot 1945 kenden we wereldwijd een periode van variabel fiatgeld. Het losbandig gelddrukken was begonnen, met de crisis van de jaren ’30 en de Tweede Wereldoorlog als belangrijke oorzaken.

Tussen 1945 en 1968 zaten “we” weer vast aan de vaste goudstandaard, een periode van maar liefst 26 jaren. In 1944 geïnitieerd door het beroemde Bretton Woods Akkoord, met min of meer dezelfde bepalingen als het Gold Exchange Standard (1926-1931). Wederom 2
belangrijke valuta, de US Dollar en de Britse Pound. En wederom een run op goud, wat het instorten van de Pond betekende, aan het einde van deze “Bretton Woods”-periode.

De redding van het systeem duurde 3 volle jaren en wat was de oplossing? In 1963 werden nieuwe Federal Reserve biljetten uitgebracht met één groot verschil met de daarvoor uitgebrachte biljetten: er ontbrak iets. Namelijk de tekst dat het nieuwe biljet een belofte was op een tegoed in echt en, conform de Grondwet, wettig geld. Er stond geen garantie, geen tegenwaarde in goud of zilver meer tegenover. In dit jaar verdween ook het $ 1 zilvercertificaat. De tekst op de biljetten waren voorheen een garantie wat het biljet waard was, vanaf 1963 ontbrak deze tekst en werd het biljet een papiertje met een intrinsieke en gegarandeerde waarde van potentieel “nul”.

In 1965 was inmiddels al het zilver uit de fysieke munten verdwenen, met uitzondering van de Kennedy half-dollar, waar het zilveraandeel door president Lyndon Johnson tot 40% was gereduceerd.

Deze zelfde Lyndon Johnson ondertekende “The Coinage Act of 1965” waarmee de doodstraf op valsemunterij, 173 jaren eerder door George Washington vastgelegd, kwam te vervallen. Wel handig voor het opperhoofd valsmunterij, nietwaar? Tevens werd met deze wet geregeld dat de US Treasury al het zilver uit de munten mocht elimineren. Dit veranderde definitief de Amerikaanse munten van
“waren”-geld naar fiatgeld, hetgeen met de waardpapieren al was gebeurd (verandering van beloofde geld naar fiatgeld).

In 1968 werd onder de Lyndon Johnson regering ook nog vastgelegd, dat alle Federal Reserve Silver Certificates in één klap fiatgeld werden; zij behielden hun nominale en wettelijke waarde wel, maar deze certificaten kon men in één keer niet meer inwisselen in een tegenwaarde zilver.

In 1971 was er nog een 5 maanden durende variabele fiatgeldperiode, toen de toenmalige president Nixon op 15 augustus 1971 definitief de internationale goudstandaard voor valuta beëindigde. Voor de eerste keer had geen enkele valuta in de wereld een ondersteuning van
het edelmetaal.

Van 1971 tot 1973 begon dit met een 2 jaren durende vaste Dollar standaard, een vast fiatgeldsysteem dus. Men kon de wisselkoers wel vaststellen (fixed), maar zonder dekking van goud of zilver bleef het een fiatvaluta. In de Smithsonian Agreement was vastgelegd dat
alle wereldvaluta aan de US Dollar werden gekoppeld voor hun vaste koersomrekening, in plaats van aan goud.

Van 1973 tot ??? zitten we in het variabel fiatsysteem dat we nu kennen. De US Dollar is de wereldreservemunt, maar biedt geen (zoals uit de media en het beursnieuws te zien is) vaste koersomrekening, vandaar “zwevende fiatvaluta”, oftewel “floating fiat currency”.

WAT LAAT DIT NU ZIEN?

Wel, ten eerste dat perioden van fiatgeld eindig zijn en dat ze altijd opgevolgd worden door een korte of langere periode van goudstandaard. Het is wachten tot dit weer gaat gebeuren, niet óf het gebeurt, maar wanneer.

Ten tweede, dat deze manier van afwisselen van goudstandaard en fiatvaluta een handige manier is om hyperinflatie tegen te gaan. De
goudvoorraad en delving van nieuw goud is redelijk constant, dus iedere nieuwe goudstandaardperiode kan de overheid de waarde van het in omloop zijnde geld herwaarderen tegen de actuele goudvoorraad. Dan weer een periode fiatgeldsysteem, waarin weer heerlijk en uitbundig geld bijgemaakt kan worden, dan weer een herwaardering tegen die min of meer zelfde voorraad goud, enz.

Als u dan ook nog weet, dat geld exponentieel sneller bijgedrukt werd en wordt:

Tussen 1776 en 1983 is de M3 (*) groei in de VS:  2,5 biljoen dollar in die 207 jaar.

Tussen 1983 en 1997 is de M3 groei in de VS:  2,5 biljoen dollar in die 14 jaar.

Tussen 1997 en 2001 is de M3 groei in de VS:  2,5 biljoen dollar in die 4 jaar.

Er is in de 17 jaar van 1983 tot 2001 dubbel zoveel geld bijverzonnen als de 207 jaar daarvoor. Het nieuws van enkele weken geleden staat nog vers in het geheugen: schuldenplafond VS 2,1 biljoen dollar omhoog. En dit terwijl de VS tussen 2001 en 2011, vóór de jongste verhoging van het schuldenplafond, dit plafond al van 6 biljoen dollar had verhoogd naar 14,5 biljoen dollar… in 10 stappen. De jongste verhoging van 2,1 biljoen dollar was slechts de elfde stap in 10 jaar.

Fiatgeld, gebaseerd op niets of erger: op schulden. Fiatgeld, valsmunterij door uw regeringsleiders, een constante vermindering van koopkracht, met als afloop een onvermijdelijke (hyper)inflatie. Fiatgeld… vandaag op de kop af 40 jaar oud: gecondoleerd.

(*) M3 geldvoorraad = M1 + M2 + M3
M1 = de enge ofwel maatschappelijke geldvoorraad, dat wil zeggen chartaal geld (munten en bankbiljetten) + giraal geld (tegoeden op girale betaalrekeningen inclusief elektronisch geld zoals uw chipknip-tegoeden, maar ook tegoeden op de harde schijven van banken, maar niet pinpassen en creditcards).
M2 = de tussenliggende geldhoeveelheid, zijnde M1 geldvoorraad plus kortlopende deposito’s met looptijden tot 2 jaar, alsmede deposito’s met opzegtermijnen tot 3 maanden.
M3 = de ruime geldhoeveelheid, zijnde M1 + M2 + repo’s, aandelen in geldmarktfondsen en korte schuldbewijzen met een looptijd tot 2 jaar.

(onderschrift gebruikte plaatje: “Fiat Currency. A human invention and we all know humans ain’t perfect.”)

Ingezonden door MMAP.

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars

Door , topic: Economie, Geschiedenis, Ingezonden, Internationaal, Overheid, Politiek, Politiek gesjoemel
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.
Reacties
  1. Nico de Geit schreef op : 1

    Het lijkt me dat het geklungel met de euro nog decennia aan kan houden. Daarna een wereldmunt, en daarna totale chaos?

    Inflatie of deflatie? Voor mensen met een hypotheek is inflatie natuurlijk ideaal: door inflatie wordt aflossen makkelijker, zeker als de rente laag wordt gehouden.

    Voor mensen met spaargeld is een laag gehouden rente terwijl je geld verdampt door inflatie niet erg prettig. Waarom zou je nog sparen als je spaargeld verdampt?

  2. Nico de Geit schreef op : 2

    – Euro’s zijn staatsgeld

    – Goud, zoals Krugerrands of goudstaven, is marktgeld

    Iedereen mag voor zichzelf beslissen waar hij het meeste vertrouwen in heeft, in de staat of in de markt.

    Ik ga er vanuit dat grote partijen zoals China uiteindelijk levering zullen eisen van het beloofde goud. Mogelijk komt de fraude met het papieren goud dan boven. Goud leveren dat nog onder de grond zit, maar wat wel op papier verkocht is, zal niet worden geaccepteerd.

    Hub Jongen [7] reageerde op deze reactie.
    offthegrid [8] reageerde op deze reactie.

  3. Hoc Voluerunt schreef op : 4
    Hoc Voluerunt

    @Nico de Geit [123]: Helemaal niet waar.
    Ja je kan goud en zilver kopen.
    Echter met heffingen en kosten die bovenop de zilver prijs komen…. is hij inens dubbel zo duur om te kopen dan dat de huidige marktwaarde is.
    Je kan goud kopen… maar het is niet zo dat je naar de bank kan gaan om je goud of zilver op te eisen.
    Die is en blijft in handen van de overheid en geeft de bevolking nutteloos papier terwijl ze zelf op de rjikdommen zitten. Die ze afgenomen hebben

    offthegrid [5] reageerde op deze reactie.
    Nico de Geit [12] reageerde op deze reactie.

  4. offthegrid schreef op : 5

    @Hoc Voluerunt [124]: Is het niet de ABN/Amro waar je nog goud en zilver kan kopen? Kan me vergissen, hoor. Ik doe uitsluitend zaken met private firma’s voor het kopen van edelmetaal, niet met staatsbanken.

    En dat zilver dubbel zo duur is dan de marktwaarde valt best mee. Maximaal 19% BTW op zilverbaren. Maakkosten heb je altijd, voor zowel zilver als goud, zowel munten als baren.

    Mijn laatste bestelling (1 kg zilverbaar, 1 kg zilveren munt en 22 stuks zilveren munten van 1 ounce) kostte € 2889,35 excl BTW en met de € 180,04 BTW kwam het totaal op € 3069,39.

    Op de € 2889,35 kwam er maar 6,23% BTW bij, omdat er 1 kg zilverbaar in de bestelling zat en 1,684 kg zilveren munten die vrij zijn van BTW.

    Bovendien: bestellingen boven de € 2500,- gratis verzekerd en aangetekend thuisbezorgd.

    Totaal dus € 3069,39, gedeeld door 2,6842 kg = € 1143,50 per kg betaald voor deze bestelling.

    Gezien de zilverprijs van 5 augustus (de besteldatum) zit er op deze bestelling een extra kosten van circa 20-21%. Het is bij zilver steeds een mix vinden tussen munten en baren.

    Goud is simpeler: vooralsnog geen BTW. Alleen maakkosten en verzend-/verzekeringskosten.

    Paul [9] reageerde op deze reactie.
    Rien [14] reageerde op deze reactie.

  5. offthegrid schreef op : 6

    Ook interessant, duurt 33 min 21 sec:
    www.amsterdamgold.nl

  6. Hub Jongen schreef op : 7
    Hub Jongen

    @Nico de Geit [122]:

    “Mogelijk komt de fraude met het papieren goud dan boven. Goud leveren dat nog onder de grond zit, maar wat wel op papier verkocht is, zal niet worden geaccepteerd”

    A, niet wachten op de chinezen. Laten wij zelf de overheid uitdagen voor een onafhankelijke controle.
    Zorg voor nog wat aanhangers voor de petitie:
    petities.nl
    Er zijn al 912 deelnemers!!!!!

    B.Goud leveren dat nog onder de grond zit, is “short selling”. En dat zal de overheid toch niet doen?
    Of wel als het in haar kraam te pas komt?

    offthegrid [8] reageerde op deze reactie.
    Rien [14] reageerde op deze reactie.

  7. offthegrid schreef op : 8

    @Nico de Geit [122]: @Hub Jongen [127]: Of die leverage van 1 tegen 100 ligt in het feit van nog te winnen goudhoeveelheden weet ik niet. Ik denk eerder een gokje (en niet alleen van overheden, JUIST door private initiatieven) op basis van mensen die voor langere termijn in papiergoud beleggen. Men schuift het incasseren/uitbetalen dan ver vooruit.

    Cijfers van de LBMA gaven aan dat er voor 240.000 ton aan papiergoud was verkocht in 2010 (of 2009, ben ik even kwijt). terwijl de productie 2.400 ton per jaar is. Men “gokt” dus op de winning van goud voor de komende 100 jaar? En als ze een jaar later hetzelfde trucje flikken? Dan hebben ze in 2 jaar tijd voor 200 jaar gouddelving op papier verkocht. Of zie ik het nu verkeerd?

  8. Offthegrid schreef op : 10

    @Paul [129]: Inderdaad, geen BTW op munten. Ik vind het leuk om het een beetje te spreiden, munten en baren. De munten vanwege de kleinere gewichten en in uitzonderlijke gevallen een munt van 1 kg omdat ik het leuk vind, de baren als verzamelen/sparen op basis van gewicht. Beide met als doel een flinke koopkrachtvermeerdering hopen te scoren over een tijdje.
    Bovendien heb ik een eigen bedrijf, dus als ik mijn pensioentje ga innen, kan ik het zilver in baarvorm altijd nog met BTW verkopen. Verder voorzie ik de komende 5-10 jaren een dermate stijging van de zilverwaarde, dat die BTW mij niet zoveel uitmaakt.

  9. Schele Henk schreef op : 11

    Even een leken vraag. Stel dat de goudstandaard weer wordt ingevoerd. Dan is er dus een bepaalde hoeveelheid geld in omloop. Dat zou voor banken dan de nekslag zijn want die kunnen dan alleen maar geld opslaan en het niet uitlenen aan een investeerder want dat geld hebben ze dus niet (nu ook niet maar dat is minder duidelijk tot de bankencrisis voorbij kwam) Moeten we dan met z’n allen naar de Dragon’s Den om een lening te krijgen?
    En als de hoeveelheid geld gelijk blijft waarom zou je dan nog geld uitlenen? Als de hoeveelheid uitgeleend geld groter wordt dan de hoeveelheid geld dan krijgen één of meerdere uitleners zijn geld niet meer terug.

    Offthegrid [13] reageerde op deze reactie.
    Rien [14] reageerde op deze reactie.

  10. Nico de Geit schreef op : 12

    @Hoc Voluerunt [124]:

    ‘Echter met heffingen en kosten die bovenop de zilver prijs komen’

    Dan koop jij een emmer met zilveren rijksdaalders, die zijn in Nederland vrij van btw. Zelfs de Belgen komen hier kopen.

    Goud wordt in munten en staven aangeboden op diverse sites, zonder btw. Goud is wel makkelijk meenemen, je kunt er zelfs mee vliegen. Met emmers vol zilver is dat wat lastiger.

  11. Offthegrid schreef op : 13

    @Schele Henk [131]: Zou mooi tijd worden voor die nekslag voor banken, nietwaar?

    Verder zullen mensen hun goud en zilver in bewaring stellen bij veilige beheerders, noem ze even goudbanken. En er is momenteel een redelijk vaste hoeveelheid nieuw goud dat per jaar gedolven wordt, circa 2400 ton. Meer groei in de economie kun je dus wereldwijd niet hebben. De goudvoorraad groeit elk jaar met hetzelfde percentage als de wereldbevolking. Mooi toch, dat de welvaart gelijk oploopt met de goudvoorraad? Zijn we meteen van die hefboomwerkingen en fiatgelden af.

    Die goudbanken kunnen dan een kleine commissie vragen voor de bewaring van het goud. Ook zal een bank met continue 1000 kg goud in voorraad (voorbeeld) best leningen verstrekken, net zoals nu een hefboom op het bankkapitaal zit. Maar ze zullen wel voorzichtiger zijn en wij, met zijn allen, zullen die controle blijven uitoefenen. Regeringen kunnen geen banken meer een bail-out geven, want regeringen kunnen dat goud niet bijmaken en dus niet garanderen.

  12. Rien schreef op : 14

    @Hub Jongen [127]: “B.Goud leveren dat nog onder de grond zit, is “short selling”.”

    Nee, dat is hedging. Goud verkopen dat je geleend hebt is short selling, goud verkopen zonder dat je het hebt is naked shorting.

    @offthegrid [125]: “Is het niet de ABN/Amro waar je nog goud en zilver kan kopen?”

    Ik zou eens moeten navragen. Ik heb een goudgram fonds en kilozilver fonds van de A/A waarvan in 2001 gezegd werdt dat het omwisselbaar was tegen fysiek goud resp zilver. Maar sinds de sterke stijging is hierover niets meer te vinden in de voorwaarden. Overigens is de spread op het kilo zilver fonds 4% bij aan en verkoop. Die zullen nog een hoop aan mij verdienen als ik verkoop 🙂
    (Wel, een ‘hoop’ voor mijn begrippen dan…)

    @Schele Henk [131]:
    Dat is dus een ruilhandel systeem. Dat zou de banken inderdaad een hoop verlies opleveren tov vandaag. Maar een bank zou toch wel winst kunnen draaiien. Wel zou je dan regelmatig een bankrun hebben, en veel mensen zouden regelmatig hun goud kwijtraken. Maar het zou wel een eerlijk systeem zijn.