donderdag, 5 januari 2012
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Wij staan klaar voor alle dieren

Tegenwoordig is de goededoelenindustrie de zware industrie van Nederland. Zo zijn er enige tienduizenden, doorgaans zwaar staatsgesubsidieerde stichtingen in die bedrijfstak actief die werk verschaffen aan tienduizenden zoniet honderdduizenden mensen.

Professioneel bedelen voor willekeurig welk “goed” doel is intussen gouden business geworden, vooral door de overvloedige staatssubsidies die beschikbaar zijn zodat die markt heel aantrekkelijk is voor nieuwe toetreders.

Intussen heeft zowat iedere denkbare ziekte wel een bijpassende bedelstichting die zegt iets te doen tegen zo’n ziekte zoals bijvoorbeeld voorlichting geven of tegen de bewuste ziekte dansen zoals het Aidsfonds dat propageert zodat de bedelmarkt verzadigd raakt en er een krapte aan nieuwe goede doelen dreigt te ontstaan.

Dat probleem wordt heel elegant opgelost door te gaan overkoepelen (generaliseren) zoals bijvoorbeeld de Pijnstichting dat doet. Die doet iets tegen alle pijn, ongeacht de oorzaak terwijl iedere pijn al een eigen bedelstichting heeft.

In de wereld van dierengoededoelen doet Stichting Menodi (“Wij staan klaar voor alle dieren”) iets soortgelijks, deze club financiert andere stichtingen die iets “goeds” doen voor dieren zodat u voortaan geen geld meer hoeft te geven aan bijvoorbeeld de dierenambulance maar dat geld aan Menodi geeft die, na aftrek van de kosten voor het salaris van de directeur & hofhouding, het weer doorgeeft aan de dierenambulance.

Hier dijen de goededoelenclubs uit in twee dimensies, de basisorganisaties als eerste dimensie en de overkoepelde laag er boven als tweede dimensie maar er bestaat ook nog een derde dimensie die de eerste en tweede overkoepelt en dat zijn de controlerende organisaties zoals de KGB (Keurmerk Goed Besteed) dat controleert of het opgehaalde geld wel goed terecht komt en het CBF ( Centraal Bureau Fondswerving) dat algemeen toezicht schijnt te houden op alle bedelfondsen.

Er is zelfs nog een vierde dimensie en dat is de staat (gemeenten, provincies en landelijke overheid) die alle drie andere dimensies controleert en subsidieert.

Zoals gezegd, een gouden business met oneindige groeimogelijkheden maar in mijn ogen is het allemaal tamelijk doorzichtige zwendel om een dik salaris voor de directeur & zijn hofhouding bij elkaar te schooien zodat ik nooit iets geef.

Het is eerder “Wij staan klaar voor alle directeuren”.

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars

Door , topic: Algemeen
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.
Reacties
  1. Hoc Voluerunt schreef op : 1
    Hoc Voluerunt

    Zeker mee eens.. Maar het kan ook anders, persoonlijker en gerichter. Die zie je morgen op de site!

  2. Hoc Voluerunt schreef op : 2
    Hoc Voluerunt

    Toevallig trouwens.

  3. Hub Jongen schreef op : 4
    Hub Jongen

    @Zé [3]:

    Natuurlijk.
    Geef op dat je in aanmerking komt, en ik zal zorgen dat je zeker 100 euro krijgt
    ALS je 1000 euro op mijn rekening stort. Die worden dan gebruikt voor mijn onderzoekers om na te gaan of alles klopt, of jij het wel waard bent, of er geen doublures zijn en alles wat daarmee verband houdt.
    Als dat allemaal onderzocht is, krijg je dan volledig belastingvrij de toegezegde 100 euro.

    Zé [5] reageerde op deze reactie.
    Zé [7] reageerde op deze reactie.

  4. schreef op : 5

    @Hub Jongen [4]: Mmm, in dat geval ga ik liever verder met waar ik al mee bezig was, namelijk het planten van bomen.
    Die kan ik namelijk hier gratis uit het bos halen en zullen mij en anderen de komende jaren veel plezier en rendement bezorgen.
    Die euro’s en al het andere geld zijn namelijk niets meer waard, maar bomen groeien al op de planeet zo oud alsdat zij is.

    Het beste, mijn beste,

    Zé.

  5. schreef op : 7

    @Pteranodon [6]:Ik denk 100 voor Zé, en 900 voor de directeur etc.
    Zoals bij het Rode kruis en andere instanties.
    Zé.

  6. schreef op : 8

    @Pteranodon [6]: Voorbeeldje?

    Irene Khan was van 2001 tot 31 december 2009 de zevende internationale secretaris-generaal van Amnesty International. Ze kreeg eind 2009 een vertrekpremie van 600.000 euro toegestopt.

    Haar plaatsvervangster kreeg 360.000 euro en deze betaling maakte deel uit van een geheime deal die inmiddels is uitgelekt. Hoe zit het met andere ‘goede doelen’?

    Onderstaande lijst is gebaseerd op de jaarverslagen van de respectievelijke organisaties. Het jaarsalaris van de bestuurders is exclusief de reisjes die ze maken, beloningen, enzovoorts. Hoge functionarissen zijn er niet vies van vluchten met een privéjet te declareren.

    UNICEF – Henk Franken – €371.459

    Rode Kruis – Cees Breederveld – €198.000

    Hartstichting – Hans Stam – €181.119

    Nierstichting – Paul Beerkens – €177.249

    Kerk in Actie – Haaije Feenstra – €176.000

    KWF Kankerbestrijding – Ton Hanselaar – €175.135

    Artsen zonder Grenzen – Hans van de Weerd – €174.000

    Prins Bernard Cultuurfonds – Adriana Esmeijer – €160.400

    Natuurmonumenten – Jan Jaap de Graeff – €154.000

    Plan Nederland – Tjipke Bergsma – €136.000

    Wereld Natuur Fonds – Johan van de Gronden – €129.498

    Cordaid – René Grotenhuis – €128.514

    Greenpeace – Liesbeth van Tongeren – €126.901

    Woord en Daad – Jan Lock – €125.361

    Astma Fonds – Michael Rutgers – €125.000

    Zonnebloem – Marijke van Eck – €122.416

    Terres des Hommes – Ron van Huizen – €117.440

    Amnesty International – Eduard Nazarski – €115.955

    Oxfam Novib – Farah Karimi – €115.769

    SOS Kinderdorpen – Albert Jaap van Santbrink – €103.164

    Cliniclowns Nederland – Hans Geels – €94.577

    Liliane Fonds – Kees van den Broek – €92.016

    War Child – Mark Vogt – €87.600

    Deze instellingen zien zichzelf als ‘goed doel’. Blijven geven wanneer de collectebus weer langskomt of een einde maken aan de bedelcultuur?

    De gemiddelde Nederlander geeft gul tijdens gezamenlijke televisieacties. Wat gebeurt er uiteindelijk met het geld? Neem als voorbeeld de aardbeving in Haïti vorig jaar. Een jaar na de aardbeving is meer dan de helft van het hulpgeld uitgegeven aan transport, salarissen van lokaal en internationaal personeel en logistieke kosten. Het geld ging niet zozeer naar de Haïtianen zelf.

    Van de bijna 8 miljard euro aan hulp die de internationale gemeenschap heeft toegezegd voor de wederopbouw van Haïti is in totaal minder dan 2 procent in het Caraïbische land terechtgekomen.

    Bron: Boinnk.nl

    Zé.

    Hub Jongen [9] reageerde op deze reactie.

  7. Hub Jongen schreef op : 9
    Hub Jongen

    @Zé [8]:

    Zonder gekheid: Het Libertarisch Centrum heeft de Stichting LIFHAS (Libertarisch Fonds voor HulpActies) opgericht om hulpacties uit te voeren “op libertarische wijze”.

    Die komt nog niet echt van de grond. Alles gebeurt daar op 100% vrijwillige basis, en 100 % van het geld wordt voor het doel gebruikt.

    Als iemand een waardig doel heeft, kan hij met deze Goede Doelen Stichting overleggen hoe dit te doen.

    Een vn de leuke dingen is indertijd geld besteden aan het weer bewoonbaar maken van 13 vissershuisjes die door de grote Tsunami waren verwoest.
    Zijn we nog trots op!!

    Zie o.a. www.vrijspreker.nl

    Zé [10] reageerde op deze reactie.

  8. schreef op : 10

    @Hub Jongen [9]: Hoi Hub, geweldig.
    Een vriend van mij heeft een soortgelijke actie ondernomen in Turkije waar hij 9 huizen heeft neergezet na de grote aardbeving.
    Dit om te voorkomen dat 9 families uiteen raakten.
    Hij is daar zelf zijn hele fabriek kwijt geraakt en heeft nog steeds geen cent gezien van de verzekering.
    Dit concept heeft hij later overgedaan aan een vriend die zo 2600 huizen in Cambodja heeft neergezet.
    Wederom, ondanks veel negatief nieuws, helaas ook op Vrijspreker, gebeuren er ook veel mooie dingen in onze wereld.
    Laten we daar vooral voeding en aandacht aan geven.

    Stay Human,

    Zé.

  9. Vilseledd schreef op : 11

    “Tegenwoordig is de goededoelenindustrie de zware industrie van Nederland.”

    Dan hadden de Sovjets het nog beter begrepen met de omvorming van een boerenstaat tot een natie met veel zware industrie.