
We hebben momenteel een situatie gecreëerd, waarbij de pensioenen onder druk staan. Als pensioenfondsadviseur, alsmede financieel-economisch analist zie ik evenals velen een groot probleem ontstaan op het gebied van de betaalbaarheid van de pensioenverplichtingen op lange termijn.
De kwestie is niet zozeer dat penisoenfondsen slecht hebben gehandeld, in sommige gevallen is dat wel het geval geweest, maar dat pensioenfondsen te veel worden beïnvloed door politieke beweegredenen. Er werd maar op gehamerd over de afgelopen decennia om een dekkingsgraad van 105% te behalen, zodat de verplichtingen konden worden nagekomen.
De ellende was namelijk de fiatering van onze financiële economie, waarbij het geld, of betaalmiddelen onderhavig waren aan voortdurende ontwaarding. De centrale bank drukt geld, bijgenaamd M0, dit heet de monetaire inflatie, waarbij de ontwaarding van de gulden en nu de euro gestaag doorgaat. Tijdens het guldentijdperk was de monetaire inflatie zo´n 7% per jaar en sinds de invoering van de euro is dit opgelopen naar 11% per jaar. Dit heeft gevolgen voor de prijsstijgingen en de onderliggende waarde van de pensioenen natuurlijk.
Omdat de rentestanden eveneens gecontroleerd worden door de centrale bank en de bancaire sector, zijn deze almaar lager geworden over de afgelopen 30 jaar. Van zo´n 12% in 1980 tot ca. 2% nu. Dat had consequenties voor iedereen, die spaargeld op de bank had of een pensioen opbouwde. Waar men vroeger een gemiddelde rente kreeg van ca. 7% per jaar, krijgt men nu een rente van maar 2-4% per jaar op overheidsobligaties. Dit, tezamen met de enorme monetaire toevloed op de kapitaalmarkten in deze tijd heeft gezorgd dat de aandelenbeurzen, alsmede de vastgoedmarkten gigantisch omhoog zijn gegaan.
Zodoende zijn pensioenfondsen deze markten opgekomen om hun steeds verder slinkende rendementen op te krikken door in deze markten te investeren en daardoor soms onacceptabele risico´s hebben genomen, zie bijvoorbeeld de internetbubbel in 1999-2000 en sindsdien de vastgoedzeepbel.
De pensioenfondsen zijn derhalve in een valstrik gelopen. Aan de ene kant kreeg men steeds lagere rendementen op de kapitaalmarkten en anderzijds te maken met een steeds volatielere beleggingsmarkt.
Om de aandeleninstorting te compenseren heeft de Federal Reserve in de Verenigde Staten de kredietsluizen opengezet voor de Amerikaanse vastgoedhausse. In feite is hetzelfde gebeurd in Nederland en daarbuiten door middel van de invoering van de euro en de absurd lage rentestanden voor de landen in de periferie: Ierland, Spanje, Portugal, Griekenland en Italië. Dankzij dit monetaire en kredietbeleid hebben zowel de VS als de EU een monster geschapen. De vastgoedcrisis begon met de stagnering van de huizenmarkt in de VS in 2007 en loopt nu dus door in de Europese Unie. Nederland moet de grote inzakking van de huizenmarkt nog meemaken.
Deze crises had uiteraard enorme gevolgen voor de dekkingsgraden van pensioenfondsen. De AEX in Nederland zakte van 702 in 2000 naar ca. 330 nu. Ook de vastgoedmarkt is zo´n 20% gezakt over de afgelopen twee jaar. Dat had een gigantische weerslag op de pensioenfondsen die massaal in de aandelen- en vastgoedmarkten hadden geïnvesteerd. Zodoende zagen we sinds 2008 dramatische gevolgen voor de dekkingsgraden van deze pensioenfondsen. Deze hebben zich nauwelijks tot niet hersteld en vanwege de lage rentestanden hadden deze fondsen geen enkele mogelijkheid om zich in te dekken tegen de verliezen die zijn geleden. Vandaar de continu afkalving van de vermogens van pensioenfondsen.
Wat moet er dus gedaan worden. In mijn ervaring als adviseur hebben we een aantal maatregelen genomen.
Ten eerste is een onderkenning van de werkelijke staat van de economie essentieel en ook dat de eurozone een existentiële crisis heeft. Met andere woorden de eurozone staat op instorten. Veel economen en fondsen onderkennen deze komende problemen niet eens. In tegenstelling tot wat men beweert, dient men snel een alternatief scenario gaan ontwikkelen.
Dat betekent een actiever beleid en ook een investering buiten de eurozone mogelijk maken, zelfs als dat als wantrouwen wordt gezien van de eurozone. Want de eerste verantwoordelijkheid van een pensioenfondsbestuurder alsmede een pensioenadviseur is de belangen te behartigen van de gepensioneerden en degenen die hun pensioenen opbouwen.
Het is namelijk zo dat mensen tijdens hun productieve jaren maatregelen nemen dat zij kunnen rondkomen in hun niet-productieve jaren. Daar dient het beleid van elk pensioenfonds op gericht te zijn. Als bestuurder kijken naar de mogelijkheid om niet alleen buiten de eurozone te beleggen, maar ook naar obligatielanden die er beter voorstaan dan bijvoorbeeld de EU-landen, want die zijn er. Verder is een verzekering tegen monetaire ontwaarding een must, dus goud, zilver, platina, grondstoffen en energie zijn hierbij een gegeven. Dit ter liquidering van de opgebouwde schulden, daar men tastbare zaken kan leveren om de schuld te financieren en uiteindelijk af te betalen.
Dit in ogenschouw genomen te hebben, maak vervolgens een inventaris van de verplichtingen en inkomsten van een fonds en ga daar dan mee aan de slag. Probeer alles buiten de derivatensfeer te houden, waar pensioenfondsen nu nog massaal inzitten, dit vanwege de derivatentijdbom van ca. €500 biljoen wereldwijd. Deze derivaten zijn een claim op maar €50 biljoen wereldproduct.Wanneer deze tijdbom ontploft dan zijn alle aanspraken op pensioenverzekeringen, zoals swaps, rente-afdekkingen en geconsolideerde schuldobligaties van nagenoeg nul en generlei waarde en kunnen voor 90% worden afgeschreven.
Zodoende vergt het nogal wat van de bestuurder, maar met een goede begeleiding hoeft dat geen problemen op te leveren. Zo´n stappenplan is voor elk pensioenfonds essentieel.
Met betrekking tot de meeste pensioenfondsen is een afstempeling onontkoombaar, maar wanneer deze afstempeling heeft plaatsgevonden is het opportuun om het niet uit de hand te laten lopen en zorgen dat er weer wordt geïnvesteerd in tastbare waarde en niet meer in speculatief papier.
Dit was deel vijf en tevens laatste deel van de presentatie, gehouden in de Prinsessenzaal te Café Heffer op 10 december 2011.









Doorsturen
Printen







Duidelijk artikel, 5 sterren!!!
Dit zal veel dromers en “overheidsgelovers” wakker schudden. Hoop ik voor ze, tenminste.
Als het scenario doorgaat, zoals u omschrijft, ben ik blij dat ik me al ruim 15 jaar afzet tegen de collectieve pensioenvoorziening en sinds half jaren negentig voor mijzelf aan het zorgen ben. Die mogelijkheid heb ik als zelfstandig ondernemer. Dit artikel bevestigt mijn (destijds ongefundeerde) onderbuikgevoel.
Het grootste deel van mijn omgeving vertrouwt echter nog op hun pensioenmaatschappij, zelfs wanneer ze brieven krijgen dat ze meer in moeten leggen wegens de crisis. Wat is er toch met mensen aan de hand, dat ze dit soort belangrijke zaken niet kunnen of willen begrijpen? Of is het, omdat zij VERPLICHT mee moeten doen aan dit collectieve circus? En geen mogelijkheid (financiële reserves) hebben om bij te sparen?
Die mensen zullen het hardst getroffen worden bij het uiteenvallen van de euro, vrees ik. De mensen die (uit onwetendheid, luiheid, laksheid, onmogelijkheid) niet voor zichzelf gezorgd hebben.