Het persoonlijke leven van de Frans-Zwitserse filosoof Jean-Jacques Rousseau (1712-1778) doet vreemd eigentijds aan. Zelfbeklag en paranoia worden afgewisseld met verkeerde beslissingen en het ontlopen van verantwoordelijkheid. De mens is van nature goed; het is de samenleving en het systeem die de mens corrumpeert. Iconisch voor Rousseau’s denken is het beeld van de edele wilde, de mens in zijn natuurlijke staat voor de val uit het paradijs.

Er is niets ambivalents aan Rousseau’s ethiek: hij dacht dat zijn doctrine van twee substanties de sleutel was voor een goede moraal [Jonathan I. Israel, Radical Enlightenment, 2001, p., 2001, p. 719].

Hij zag in de decadentie van het klassieke Athene de kwalijke invloed van de rede. Hij vond de rustiekere, militaristische Spartanen veel nobeler en puurder. Hun abjecte gewoonte pasgeborenen bloot te stellen aan de elementen – nu in dispuut – zou zo maar Rousseau’s inspiratiebron kunnen zijn geweest, om zijn eigen vijf spruiten te onderwerpen aan het regime van het Parijse weeshuis.

Hoewel Rousseau  al voor het uitbreken van de Franse Revolutie is gestorven (1778), is zijn rechtvaardiging van het gebruik van geweld de inspiratiebron geweest voor de Jacobijnse Terreur. In 1792 stond de burgermilitie tegenover het Pruisische leger bij Valmy, dat in Parijs de monarchie wilde gaan herstellen. De Jacobijnen behaalden een psychologische overwinning.

Eerder had in de hoofdstad een meute de Tuillerieen bestormd. Meer dan duizend politieke gevangenen werden aan moten gehakt. Fabre d’Eglantine verklaarde vanaf de barricaden: “Laat het bloed van de verraders de eerste massamoord zijn voor de vrijheid, zodat we, als we marcheren tegen de vijand, ons geen zorgen hoeven maken wat er achter onze rug gebeurd!”

Na de ‘massamoord voor de vrijheid’ zouden er nog vele volgen. Het is een typisch gevolg van de constellatie van ideeen die Rousseau eigen is. De belangrijkste ingredienten staan in “Profession de Foi“. Het is een algehele afwijzing van traditie, openbaring en geinstitutionaliseerde macht. [Radical Enlightenment, p. 718]

Rousseau is de bron van iedere illiberale, gewelddadige opstand sinds de Franse Revolutie. Hij blijkt bovendien de vader te zijn van veel andere ellendige, collectivistische tradities: de Romantiek, socialisme, Communisme, filosofisch agrarisme, communitarisme, Nazisme, en uiteindelijk ook de contra-Verlichting en het postmodernisme (inclusief anti-humaan ecofascisme).

Velen zijn afgedaald in zo’n collectivistische hel. In Frankrijk heeft Rousseau’s radicale gelijkheidsideaal geleidt tot de Jacobijnse Terreur; in Duitsland tot links en rechts socialisme met bekende afloop; in Rusland en het Verre Oosten tot communisme, mensgemaakte hongersnoden en slachtpartijen op grandiose schaal. In China liep Mao Zedongs Grote Sprong Voorwaarts uit op de grootste massamoord in de menselijke geschiedenis; in de Cambodjaanse, agraristische uitroeiingscampagne van de Rode Kmer vondt twintig procent van de totale bevolking de dood. Dit is het gezicht van het kwaad.

Waarom Rousseau anders is
Rousseau is anders in vele opzichten. Bij hem begint de ideologische tegenstelling in de Westerse cultuur tussen het Angelsaksische en continentale model; bij Rousseau eindigt de Verlichting en begint de contra-Verlichting: Rousseau is in essentie anti-modern.

Hij volgt ogenschijnlijk het traditionele pad van de Verlichtingsdenkers, maar zijn radicale standpunten verschillen cruciaal: zijn anti-individualisme [Isaiah Berlin, “Against the Current”, 2001], zijn anti-kapitalisme en verwerping van eigendomsrechten (“Radical Enlightenment”, p. 273), tegen wetenchap en technologie (Luddisme), radicale gelijkheidsidealen, en de impliciete ethiek, dat het ‘nobele’ doel, alle middelen heiligt.

Rousseau wordt vaak opgevoerd als de ultieme verlichtingsdenker, maar het is duidelijk dat hij juist alle stellingen en waarden van de Verlichting afwijst. Er is geen twijfel mogelijk – Rousseau is de Ground Zero van de contra-Verlichting.

Rousseau geloofde niet in wederzijds vrijwillige samenwerking, of in de goedaardige effecten  van gezond eigenbelang op de samenleving (Bernard Mandeville (1670-1733), “The Fable of the Bees“). Hij was van mening dat, “de samenleving nauwelijks behoefte heeft aan de menselijke liefde voor zichzelf en zijn verlangen om haantje de voorste te zijn.” [“Radical Enlightenment”, p. 273].

Rousseau’s radicale gelijkheidsideaal vindt zijn echo in de gedachte, dat rationele en hardwerkende mensen met hun inhumane machines, de monarchie zouden vervangen als slavendrijvers van de gewone man: ze zijn nog beter en nog gewetenlozer in het verzamelen van aardse goederen. Hij vond de scheiding van wetenschap en kunst van politieke en kerkelijke controle schadelijk voor de samenleving en voor de menselijke moraal. [Bloom, 1990]. Maar het kan nog erger!

‘Volkswil onder de staat’ voor vrijheid
 Rousseau is de uitvinder van het eerste sociale contract tegen de prijs van vrijheid. Hij is ook de vader van een collectivistische notie, die zich het beste laat vertalen als ‘volkswil onder de staat’. Het is een concept waarbij de staat de wil van het volk uitdrukt. In de praktijk is dat het natuurlijk andersom: het is de collectieve staat die het volk vertelt hoe de staat het wil.  [“Radical Enlightenment”, p. 720].

En ja, hoor. Daar heb je ’t al! “Voor de vestiging van de ‘volkswil onder de staat’ hoeft het volk alleen de dictaten van de staat te accepteren“. Voor Rousseau is dit de essentie van “werkelijke beschaving” (waar hebben we dat de laatste tijd meer gehoord?). De ‘morele strijd tussen rijk en arm’ wordt dan middels afgedwongen zelfheersing naar een hoger plan getild.

Met dat morele dilemma uitbesteed aan de staat, zouden mensen vrij zijn van materialistische, aardse verlangens en tot volle potentie komen. De mens wordt dus geisoleerd van zijn sociale en economische context, waarin hij normaal leeft en interacteert met zijn medemens. De ideale staat, een hemel op aarde, zonder woekeraars en zorgen over aardse zaken – de blauwdruk voor de collectieve welvaartsstaat was geboren!

Deze etatische benadering van vrijheid – een groteske abominatie – werd nader uitgewerkt door Karl Marx, die schreef: “Kapitalistische, individuele vrijheid is de meest complete onderdrukking van vrijheid en is de onderwerping van het individu aan sociale condities” (waarschijnlijk een van die vele contradicties waarin maakbaarheidsdenkers zo sterk in zijn). [Marx, “Grundnisse”, pp. 131].

“Vrijheid kan slechts bestaan voor de gesocialiseerde mens, samenwerkende producenten, die op een rationele manier hun interactie met de Natuur reguleren, brengen het onder de gemeenschappelijke controle (van de staat), in plaats van er blind door geleid te worden; vrijheid bereiken met de minste moeite en onder condities die goed en menswaardig zijn” [Marx, “Selected Writings”, pp. 496].

En zo geschiedde het, dat de mens werd gescheiden van zijn natuur en zijn moraal (met de beste bedoelingen natuurlijk). Zelden in de geschiedenis zijn er slechtere mensenkenners geweest dan Rousseau en zijn volgelingen: allen wilden op de een of andere manier de individuele vrijheid beheersen om condities te creeren, die nodig werden gevonden om “de ware vrijheid” te creeren. Rousseau’s concept van ‘volkswil onder de staat’ zou het meest bloedige instrument voor sociale maakbaarheid worden in de menselijke geschiedenis.

De Atlantische Rug
In de Verenigde Staten was Thomas Jefferson de meest prominente aanhanger van de Franse Revolutie. Maar eigendomsrechten en Liberteit in de geest van John Locke, De Montesquieu en Adam Smith stonden er in graniet gebeiteld.

Er zijn nogal wat eerste beginselen waarvan de Franse Revolutie verschilt van de Amerikaanse Onafhankelijkheidsstrijd. Dat is collectivisme versus individualisme, en anti-rede versus rede. Het eerste leidt tot relativisme, waarmee het op den duur zelfmoord pleegt. Amerikanen worden op het rechte pad gehouden door Christelijke waarden, constitutionele beginselen en soeverein patriottisme.

Desalniettemin glijdt de huidige Democratische Partij steeds verder weg van het ideaal van individuele rechten en wordt de partij in een wurggreep gehouden door een groep postmoderne demagogen. De goede revolutie dreigt 250 jaar later toch nog het slachtoffer te worden van de slechte.

Ingezonden door Cassandra Troy

——————————
In deel II B  (verschijnt zondag 6 maart): In Europa is de situatie totaal verschillend. John Locke’s invloed bleef beperkt tot de Britse eilanden. Frankrijk en Duitsland hebben beide tradities volgens Rousseau. In Duitsland kwam die invloed binnen via de contra-Verlichters, de Duitse Idealisten, met name Kant en Hegel.

37 REACTIES

  1. @Nico de Geit [28]: “Mensen die wit brood eten en cola drinken zijn volledig de weg kwijt”

    Welnee, die zijn slechts consequent. Als je donker verafschuwt en alleen je eigen soort wil steunen ga je niet tegen een bruine boterham aan zitten kijken en ben je blij als je de zegeningen van het westerse kapitalisme kan promoten. 😉

    Het punt is ook niet dat het bij fascisten om een sekte gaat. Iedere ideologie is in de kern een sekte met irrationele gewoonten en rituelen. Waar het om gaat is dat mensen in discussies als deze zich aan de feiten zouden moeten houden.

    Een demonisering van Hitler en het fascisme hoort daar niet bij. Socialisten hebben nog veel meer onschuldige mensen vermoord dan fascisten en de onderdrukking door sociaal-democraten is zo mogelijk nog erger (want in het geniep waar fascisten openlijk hun afkeer van andersdenkenden laten blijken).

    Daarbij is het optreden van Hitler en zijn nazi’s volkomen verklaarbaar en grotendeels ook nog te rechtvaardigen. Dat kan van de acties van socialisten en sociaal-democraten niet worden gezegd.

    Def [34] reageerde op deze reactie.
    Def [35] reageerde op deze reactie.

  2. @Cassandra Troy [32]:

    Kijk uit met Bastiat. Zijn ‘broken window fallacy’ is een economische misvatting.

    Na WOII groeide de West-Duitse economie als kool (Wirtschaftswunder). Men bleek na de jaren zestig een veel hoger welvaartsniveau te hebben bereikt dan wanneer de gemiddelde groei vanaf het begin van de eeuw gewoon had doorgezet.
    http://www.j-bradford-delong.net/Graphics/image66.gif
    http://www.factcheck-deutschland.de/fileadmin/user_upload/pdf/BIP-1950-2004.jpg

    In de VS was het niet anders:
    http://www.ethanzuckerman.com/blog/wp-content/2009/02/growth.jpg

    En na de aanslag van 9/11 ging het opeens weer veel beter met de economie van de VS:
    “both consumer spending and investment accelerated in the quarter immediately following the attack — October, November, and December of 2001 — producing the strongest quarter for growth for nearly two years in either direction.”
    http://www.upmc-biosecurity.org/website/events/2005_bullsbearsbirds/speakers/shapiro/transcript.html

    ===
    “Economics is extremely useful as a form of employment for economists.”
    ~ John Kenneth Galbraith

Comments are closed.