Paul-VerhaegheIn een artikel in The Guardian neemt de Vlaamse klinisch psycholoog en psychotherapeut Paul Verhaeghe stelling tegen het neoliberalisme. Mensen worden er ongelukkig van, schrijft hij.

Het punt van Verhaeghe lijkt te zijn dat in de huidge maatschappij alleen psychopaten gelukkig zijn. Normale mensen (lees: niet-psychopaten) voelen zich opgejaagd, gebruikt en zijn (dus) ongelukkig. De solidariteit, de band met collega’s en de emotionele binding met de onderneming of organisatie gaan verloren. Alleen het eigen succes telt. Pestgedrag is niet langer beperkt tot scholen, maar komt nu ook op de werkplek voor. Omdat mensen hun zelfrespect ontlenen aan de erkenning die ze van anderen krijgen, betekent het niet nodig zijn in onze maatschappij verlies aan zelfrespect. Vrijheid en zelfbestemming (lees: zelfredzaamheid) zijn een neoliberale illusie: we zijn vrijer dan ooit, maar het dagelijks leven is een constant gevecht tegen een bureaucratie waarvan wijlen Franz Kafka knikkende knieën zou krijgen. En wie niet voldoet aan de eis van “succesvol zijn”, in de ogen van anderen dan wel, wordt door zijn of haar omgeving veroordeeld. Dat komt door het huidige economische systeem, want dat brengt al dit slechts (aldus Verhaeghe) in de mens naar boven. Tot zover het zijn artikel, althans zoals ik het begrijp.

Wat me allereerst treft in zijn artikel is het ontbreken van de eigen rol van het individu. Meer specifiek bedoel ik dan het vermogen om initiatieven te nemen om een ongewenste situatie te veranderen. Het stuk ademt een sfeer van slachtofferschap. Slachtoffer zijn van een maatschapij die is georganiseerd op basis van een fout idee.

Ik wil niet ontkennen dat er mensen zijn die niet gelukkig zijn met hun leven. Het is me altijd al opgevallen dat er onder WAO’ers nogal wat mensen rondlopen die zichzelf zien als slachtoffer van de maatschappij dan wel van het leven zelf. Maar ik heb onder zulke mensen nog nooit iemand aangetroffen die met het cultiveren van zulke gevoelens ook maar iets opgeschoten is.

Dat het op de werkplek niet altijd feest is, is vast ook waar. Maar stel nu eens dat je werkt voor een baas met psychopatische trekjes, die het voor elkaar krijgt dat jij en je collega’s elkaar naar de strot vliegen, alleen maar om hem of haar tevreden te maken? Zulke bazen bestaan, dat weet iedereen die weleens een echte baan heeft gehad. Net als pestgedrag op de werkvloer. Het beroepsleven is wat dat betreft niet anders dan de speelplaats op school vroeger. Als het goed is snappen volwassen mensen met een baan overigens hoe destructief pestgedrag is en corrigeren zij zichzelf en hun ondergeschikten. Daarin onderscheiden zij zich van kinderen op het schoolplein, die het ontbreekt aan inzicht in de gevolgen van hun gedrag. En wie voor een baas werkt die iedereen tegen elkaar op weet te zetten gaat zich vroeger of later afvragen of het geld dat die baan oplevert het wel waard is. Het stellen van die vraag kan het begin zijn van een proces dat tot concrete verandering leidt. Want inzicht alleen is niet genoeg. Pas als inzicht tot actie leidt, ontstaat er verandering. Het is dát perspectief dat ik mis in zijn stuk. Dat is de echte human condition: vanuit bewustzijn handelen en verandering bewerkstelligen, niet slachtofferschap als gegeven nemen.

Zijn opmerking over de macht van – doorgaans grijze, amorfe – bureaucratieën over het individu doen eerder een kritiek op het streven naar een planmaatschappij verwachten, dan een kritiek op het economisch of politiek liberalisme. Het zijn immers de maatschappijplanners die het samenleven van mensen willen veranderen in intensieve mensenhouderij. Meer macht voor de overheidsbureaucratie is daartoe het middel. Maar hoe meer macht er naar de overheid gaat, en hoe meer instituties zoals kerken, beroeps- en standorganisaties, het particuliere onderwijs en andere worden gereguleerd en ingeperkt, hoe kwetsbaarder het individu wordt ten opzichte van de macht van de alles bestierende overheid.

De conclusie is ondertussen duidelijk: als Paul Verhaeghe nog eens gaat ontdekken dat planmaatschappijen mensen niet gelukkig maken, net zo min als planeconomieën welvaart scheppen, dan heeft het klassieke liberalisme (anders wel het voluntarisme) er weer een pleitbezorger bij.

Maar misschien is Paul Verhaeghe wel een (sociaal-)conservatief. Dat zou zijn kritiek nog enigzins begrijpelijk maken. In het geval hij zich tot het links-collectivisme rekent is de term “neoliberalisme” in zijn stuk alleen maar een schimpwoord. Maar ik ken zijn politieke affiniteit niet, en laat daarom de conclusie op dit laatste punt open.

Paul Verhaegh

12 REACTIES

  1. Naar goed socialistich gebruik dat de schuld altijd bij een ander ligt, stel ik voor VerhaeghE aan te klagen: omdat hij ons bewust maakt van ons ongeluk, maakt hij ons veel ongelukkiger.En daar kunnen wij niets aan doen toch?

  2. Ik begrijp het niet. In de guardian neemt P. Verhaegh stelling tegen het neoliberalisme. Maar, het artikel op deze is onderschreven door Paul verhaegh, die commentaar geeft op het artikel in de gaurdian.
    Of zij het echt 2 verschillende personen met bijna dezelfde namen?

    Jan Patat [5] reageerde op deze reactie.

  3. “Meer macht voor de overheidsbureaucratie is daartoe het middel.”

    Het verergert het probleem juist, want je hebt er weer een werkvloer bij, waar gepest kan worden. En zeker onder ambtenazi’s, waar dagdieverij en verveling aan de orde van de dag zijn, grijpt dit fenomeen snel om zich heen.

  4. Paul Verhaeghe is net als zovelen verdwaald in zijn eigen vakgebied. Classificatie van maatschappelijke stromingen gaat voorbij aan de leidende drift(feed and breed) van mensen om deel uit te willen maken van homogene groepen. In een 100% neoliberale, kapitalistische of om het even wat maatschappij( met een maximale ondermarge van 10%) is iedereen gelukkig. Helaas bepaalt de overheid hoe individuen in de groep zich tot elkaar verhouden en zijn sociale cohesie en correctie middels regelgeving onmogelijk gemaakt. Je mag dan weer wel kiezen in welk ideologisch pak de eeuwige leider zich tijdelijk mag hijsen om zijn heersbeleid te rechtvaardigen. Helaas is het nooit de kleur of maat die je had opgegeven. Tel daarbij op de softe wetenschapsrakkers die je eens in de zoveel tijd een ander hokje aanmeten en ja, daar kan je diep ongelukkig van worden, of je nu psychopaat bent of niet.

  5. Jammere(nde) opinie over een helder en duidend opiniestuk.

    Uw eerste kritiek: “Wat me allereerst treft in zijn artikel is het ontbreken van de eigen rol van het individu”

    In het originele stuk wordt vrijwel in zijn geheel benaderd vanuit “het eigen / de eigen rol”. Meest bepalend zijn de volgende uitspraken:
    1. “Our presumed freedom is tied to one central condition: we must be successful – that is, “make” something of ourselves.”
    2. “I have become convinced that economic change is having a profound effect not only on our values but also on our personalities.”
    3. There are certain ideal characteristics needed to make a career today.”
    4. On top of all this, you are flexible and impulsive, always on the lookout for new stimuli and challenges.”
    5.”Solidarity becomes an expensive luxury and makes way for temporary alliances,”
    Uit deze uitspraken blijkt inderdaad een zekere mate van afhakelijkheid aan het systeem. Dit is nu ook juist het hele punt. Het neoliberalisme heeft mede vorm gegeven aan onze maatschappij. De invloed van het individu op deze organisatievorm is ZEER beperkt. Er is in dit systeem een mate vanafhankelijkheid, of u dat wenselijk acht of niet.
    U spreekt over WAO-ers die zich hebben geschikt in de slachtofferrol. Dit is om twee redenen volledig buiten de context van het besproken stuk. 1. Het stuk spreek over actief deelnemende burgers. 2. Het stuk maakt duidelijk dat, mits actief deelnemend, er geen mogelijkheid is te ontkomen aan de invloed die het neoliberalisme op de maatschappij en economie heeft.
    Sterker nog, U het bedadrukt, wellicht onbedoeld, de strekking van het originele stuk. Te weten; dat de wijze van organisatie van de economie, voorgekomen uit het neoliberalistisch gedachtengoed, tot gevolg heeft dat velen zich niet in staat voelen invloed te hebben op hun eigen leven en mate van geluk.

    Uw onaflatend prediken over zelfbeschikking en eigen verantwoordelijkheid, dat u hier laat volgen op het afgeven op AOW-ers die daartoe per difinitie minder in staat zijn, is stuitend en komt tot volle wasdom in uw uitspraak: “Maar ik heb onder zulke mensen nog nooit iemand aangetroffen die met het cultiveren van zulke gevoelens ook maar iets opgeschoten is.”
    U gaat hier voorbij aan de aanleiding, het waarom. Deze levenshouding, de aanleiding voor deze klinisch psycholoog en psychotherapeut, om dit maatschappijkritische stuk te schrijven is nu juist dat zoveel mensen zich in deze gemoedstoestand weten. Hij schrijft vanuit zijn 30 jaar ervaring waarin hij dit steeds meer, vaker en bij een maatschappelijk zeer breede en relevante groep (de werkenden) constateerd.

    Als of dit nog niet genoeg is, verkracht u vervolgens het uitgangspunt van het originele stuk door het zo te draaien dat neoliberalisme een uitvinding zou zijn van burocraten.
    U schrijft: “Zijn opmerking over de macht van – doorgaans grijze, amorfe – bureaucratieën over het individu doen eerder een kritiek op het streven naar een planmaatschappij verwachten, dan een kritiek op het economisch of politiek liberalisme. Het zijn immers de maatschappijplanners die het samenleven van mensen willen veranderen in intensieve mensenhouderij. Meer macht voor de overheidsbureaucratie is daartoe het middel.”

    Hierover schrijft de auteur van het originele stuk:
    “Our society constantly proclaims that anyone can make it if they just try hard enough, all the while reinforcing privilege and putting increasing pressure on its overstretched and exhausted citizens. An increasing number of people fail, feeling humiliated, guilty and ashamed. We are forever told that we are freer to choose the course of our lives than ever before, but the freedom to choose outside the success narrative is limited.”
    En:
    ““Never have we been so free. Never have we felt so powerless.” We are indeed freer than before, in the sense that we can criticise religion, take advantage of the new laissez-faire attitude to sex and support any political movement we like. We can do all these things because they no longer have any significance – freedom of this kind is prompted by indifference. Yet, on the other hand, our daily lives have become a constant battle against a bureaucracy that would make Kafka weak at the knees.”

    Het hele punt zijnde dat neoliberalisme heeft geleid tot een enorme verhufering van de maatschappij. Dat psychopaten de meest welfunctionerende burgers zijn geworden. Dat de regelgeving, waar u zo op afgeeft, niet het gevolg is van burocratie maar dat door de verheffing van het winst-ideaal, de verheffing van het neoliberalistische ideaal, de mens als mens zijnde op het tweede, derde of wellicht zelf vierde plan is komen te staan. Dus de overname van de politiek en effectief de burocratie door de corporaties. De mate waarin u als mens succesvol bent binnen dit construct is bepalend voor uw maatschappelijk succes, en ultiem dus voor het gevoel van eigenwaarde. Deze koppeling van maatschappelijk succes opbasis van financieel-winnen is wat kritisch bezien moet worden. Het individu kan binnen dit construct niet meer winnen en heeft geen invloed meer.

    Uw conclusie: “De conclusie is ondertussen duidelijk: als Paul Verhaeghe nog eens gaat ontdekken dat planmaatschappijen mensen niet gelukkig maken, net zo min als planeconomieën welvaart scheppen, dan heeft het klassieke liberalisme (anders wel het voluntarisme) er weer een pleitbezorger bij.”

    Uw conclusie heeft niets te maken met de inhoud van originele stuk. U heeft de inzichten van een klinisch psycholoog over het individu niet meer in staat is te slagen of gelukkig te worden binnen de hededaagse maatschappelijke werkelijkheid op verachtelijk wijze verdraaid tot propoganda voor uw eigen heilige koe.
    Jammer, want de conclusie van de Paul Verhaeghe die het originele stuk scheef, is zeer waardevol. Wellicht kan bewustwording van de strekking van zijn conclusie zelfs een aanzet zijn tot realisatie van Uw eigen idealen. Of is het idee dat (neo)liberalisme tot ellende kan leiden u eenvoudig te veel?

    Paul [9] reageerde op deze reactie.

  6. Ik heb het artikel gelezen in de guardian. De auteur is van mening dat mensen lijden onder het huidige economische klimaat. Neoliberalisme bestaat helemaal niet, een neoliberaal ben ik nog nooit tegengekomen. Maar, laat ik het een gereguleerde economie noemen waarbij de overheid de spelregels oplegt aan de actoren in de markt.
    Stel: het huidige model houdt op te bestaan. Gaan mensen dan gelukkig worden, zullen de sociopaten / psychopaten /egoïsten/hufters, houden die dan op te bestaan?
    Volgens mij bepaalt de maatschappij of overheid niet de karaktertrekken van mensen. Dat krijg je mee met je geboorte. Als je een hond slaat, bijt hij vroeg of laat terug. Maar, dat wil niet zeggen dat de hond vals is, maar hij verdedigt zich.
    Het artikel in de Guardian is een opsomming van ellende en vervelende situaties waarin mensen zich kunnen bevinden. Maar, oplossingen zie ik niet, laat staan wat je zou kunnen doen omdat tegen te werken.
    Het leuke van het artikel is wel, dat ondanks de wet- en regelgeving, het probleem niet wordt opgelost.
    Naar mijn idee kun je dit helemaal niet oplossen, want sommige mensen zijn nu eenmaal zo. Er is geen pilletje of spuitje die dit kan veranderen, misschien maar goed ook.
    In het verleden had ik een andere baan gezocht, omdat ik in een omgeving zat, waar ik niet meer wilde werken. Maar niet iedereen doet dit. Dus wat krijg je: een overheid die eist dat er altijd de juiste en correcte werkomgeving moet zijn!!! Als of dit DE oplossing is. Nee dus. Je zult als individu toch zelf aan de slag moeten.

  7. @Patrick [7]: Twee opmerkingen:
    1. Mijn kritiek op Verhaeghe is niet dat de problemen die hij schetst niet zouden bestaan. Mijn kritiek is dat hij mensen ALLEEN maar als SLACHTOFFER ziet, niet als actoren.
    2. Het huidige systeem is niet liberaal, en ook niet neoliberaal (een schimpwoord overigens), maar een planmaatschappij. Als mensen dan ongelukkig worden, is het door de georganiseerde dwang. Dat heb ik overigens niet zelf bedacht, dat schrijft Verhaeghe al.

    Patrick [10] reageerde op deze reactie.

  8. @Paul [9]:
    In het originele stuk wordt geschreven: “Thirty years of neoliberalism, free-market forces and privatisation have taken their toll, as relentless pressure to achieve has become normative.”

    Ik denk dat de schrijver hier aangeeft dat de verandering van de maatschappij mede werd ingegeven door het neoliberalistisch gedachte goed. Belangrijkste punt zijnde dat prestatiedruk enorm omhoog is gegaan.

    Reactie op uw punten 1,2.

    1. Alle mensen in één keer bespreken zou ook nooit iets opleveren, hij richt zich op een zeer groot deel, dat zich in deze situatie misplaatst voelt, en constateerd dat die groep steeds groter wordt. Het argument dat hij alleen over mensen als slachtoffers spreekt is naar mijn idee nog steed niet juist. De groep slachtoffers van de huidige maatschappelijke koers, waarin neoliberalisme bepalend is geweest, is groeiende.

    2. Dit is nog steeds dezelfde verdraaiing van de werkelijkheid en een enorme oversimplificatie. Dat de liberalisatie een groot deel van de vastwaarden in onze maatschappij tot winstgevende onzekerheden heeft gemaakt, hoef je alleen je postbode maar aleens te vragen. Handelsverdragen hebben het speelveld klaargemaakt voor de overheersing van de markten door een paar gigantische entiteiten die feitelijk dwingen tot slikken of stikken. Wat jij planmaatschappij noemt is toch veel eerder corporatische dictatuur?

  9. Ik heb nog problemen met de definities van waarover hierboven gediscussieerd wordt/
    WAT is dat neo-liberalisme nu precies?

    Toen maar AIKIPEDIA er bij gehaald.
    Sie zegt
    “Neoliberalisme
    Neoliberalisme was oorspronkelijk het streven naar een gereguleerde markt, waarbij marktinvloeden gecombineerd worden met overheidsinvloeden. Hiermee onderscheidde het neoliberalisme zich van het klassiek-liberalisme dat minimale overheidsinvloed beoogt en het socialisme dat méér overheidsinvloed nastreeft. Oorspronkelijk werd het neoliberalisme derhalve geplaatst tussen het socialisme en het klassiek-liberalisme.
    De term neoliberalisme stamt uit de jaren dertig van de twintigste eeuw[1] en is sindsdien meermaals van betekenis veranderd.[2][3]Tegenwoordig wordt de term vooral op negatieve wijze gehanteerd[2] als politieke slogan[4] of ‘politiek scheldwoord’,[5][6] waarbij onduidelijk blijft wat er exact mee bedoeld wordt, waarmee ‘neoliberalisme’ een essentially contested concept is geworden.[2] De term wordt tegenwoordig vaak op negatieve wijze gebruikt door mensen die zich tegen vrije markten keren.[2]

    Essentially contested concept
    Een essentially contested concept (Nederlands: wezenlijk betwist begrip) is een begrip of concept dat onvermijdelijk eindeloze discussies met zich meebrengt over het juiste gebruik en de juiste interpretatie. Het begrip is in 1956 geïntroduceerd door de Engelse filosoof Walter Bryce Gallie in een brief aan de Aristotelian Society.[1]

    Klopt het dan dat neoliberalisme = half socialisme + half liberalisme (kapitalisme??)
    waarin “half” betekent ” ongeveer 50 %)

    Ik ben benieuwd.

  10. Half (ongeveer 50%) in reactie op, en voor de andere helft (ongeveer 50%) in aavulling op wat Hub schreef:

    Ik denk dat één van de grootste problemen van deze tijd is dat we eigenlijk niet goed meer kunnen duiden, en daarmee weten, waar we nu eigenlijk over praten.

    Enerzijds is dat het gevolg van het almaar complexer worden van de wereld en de problematiek die we trachten te beschrijven.

    Anderzijds is dat het gevolg van het niet meer hebben van éénduidige begrippen die voldoende specifiek een systeem of proces beschrijven.

    Maar ten derde, is het volgens mij vooral een tekort aan creativiteit en een gebrek aan wil om te vernieuwen.

    Wat hier in de discussie ook gebeurt is dat er langs elkaar heen gesproken wordt, eenvoudig omdat we niet hetzelfde bedoelen met dezelfde begrippen.

    De begrippen die we vandaag gebruiken, zoals; sosialisme, kapitalisme, liberalisme enz. zijn in ver vervlogen tijden ontwikkeld en, beschreven vrij exact, een systeem of filosofie zoals die toen aangetroffen werd. De hoeveelheid informatie die deze begrippen omvatten volstaat in deze tijd niet meer om hetzelfde te omschrijven of te duiden. Door de begrippen op te rekken door er bv. “neo” voor te zetten of door begrippen te koppelen zoals; christensocialisme, nationaalsocialisme, wordt de verwarring allen maar groter. Want immers, ook deze opgerekte begrippen schieten op een goed moment ook tekort. En een begrip als Neoliberalistischsosoiaaldemocratischkapitalisme… tsja.

    De filosofie heeft zich de laatste decenia niet meer (vernieuwend) bezig gehouden met maatschappij kritisch denken. Ook binnen de filosofie is er alleen door geborduurt op de “oude” grootheden.
    Dit gekoppeld een een maatschappelijke verstandhouding (op wereld niveau) die gebaat is bij het vasthouden aan de oude opdelingen en dus blijft hameren op de oude waarden en (gevaarlijke) verschillen, zorgt voor een dood denklandschap.

    De verheffing van de economie heeft tot gevolg de verlaging van het denken. De werekende mens is verheven boven de denkende mens.

    En de taal is het voertuig van de geest. Als het voertuig niet meer functioneerd gaat de geest ook nergens meer naartoe.

Comments are closed.