vrijdag, 24 juni 2016
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Gevestigde orde wil ‘zetelrovers’ aanpakken

80px-Raubritter3De Tweede Kamer broedt op maatregelen om afsplitsers aan te pakken. Afsplitsers zijn volksvertegenwoordigers die hun fractie verlaten en hun zetel meenemen. Omdat de meeste volksvertegenwoordigers hun verkiezing aan hun plaats op de kieslijst te danken hebben en doorgaans niet aan voorkeursstemmen, spreken de achterblijvers in zo’n geval steevast van ‘zetelroof’. De zetel is – in hun redenering – immers van de partij, niet van degene die deze bezet.

De stelling dat afsplitsers hun zetel terug moeten geven (lees: opgeven en dus vertrekken uit de volksvertegenwoordiging) heeft voors en tegens.

Wie ervoor is vergeet dat de volksvertegenwoordiger in kwestie niet voor niets op een verkiesbare plaats is gezet. Dat gebeurt omdat de partij vindt dat die persoon geschikt is om een bepaald gedachtegoed te vertegenwoordigen. Een ander, meer praktisch argument is als volgt: als iemand een zetel bezet maar de kiesdeler niet heeft gehaald zijn of haar zetel niet mee mag nemen, hoe zit het dan met iemand die twee of drie keer de kiesdeler heeft gehaald? Mag die dan twee of drie zetels meenemen? Met andere woorden, werkt de logica dan ook naar twee kanten, of misschien toch maar niet?

Tegenstanders van afsplitsen met medeneming van de zetel wijzen erop dat iemand die zetel heeft om de partij te vertegenwoordigen, en dus niet mag denken dat hij of zij zelf aanspraak heeft op die zetel.

Feit is dat afsplitsers voor dynamiek zorgen. Denk maar eens aan Geert Wilders, die zich afsplitste van de VVD en met veel succes zijn – nieuwe – partij groot wist te maken. Hij is echter een uitzondering. Vaker dan niet worden afsplitsers bij de eerstvolgende verkiezing weggestemd.

Dat laatste is misschien wel het beste argument tegen het onmogelijk maken van afsplitsen: het is niet aan de gevestigde orde om te bepalen of een afsplitser gelijk heeft of niet, maar aan de kiezer. Als partijen afsplitsen effectief onmogelijk kunnen maken worden volksvertegenwoordigers personeel van hun partij, hetgeen in de praktijk betekent dat ze moeten luisteren naar de baas van hun fractie. En iedere fractie heeft iemand – of enkele personen – die de facto ‘baas’ zijn, democratie of niet. Als afsplitsen onmogelijk wordt gemaakt, zal afwijking van de fractielijn kunnen leiden tot uitzetting uit de fractie, met als gevolg een gedwongen vertrek uit de volksvertegenwoordiging. Het resultaat is dat fracties het beetje democratie dat er intern is zullen verliezen. De democratie verliest daardoor het veiligheidsventiel, want dat is wat de mogelijkheid van afsplitsing is. Met als gevolg de hiervoor genoemde verschuiving van macht naar de leiding.

Het feit dat de gevestigde orde een dergelijke stap denkt te moeten zetten getuigt niet van veel zelfvertrouwen, en nog veel minder van vertrouwen in de kiezer en de dynamiek van de democratie in het algemeen. Het onderstreept maar weer eens dat we door ‘verkramptes’ geregeerd worden. In Zuid-Afrika hadden ze ook ‘verkramptes’. Iedereen weet hoe het daarmee afgelopen is.

Paul Verhaegh

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars

Door , topic: Politiek
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.
Reacties
  1. anp rebel schreef op : 1

    T.K. afsplitsers

    Bij de bepaling hoe met afsplitsers het beste kan worden omgegaan kan gekeken worden naar de positie van een T.K. lid. Zelf zeggen die volksvertegenwoordigers dat zij een mandaat van de kiezer hebben. Daarmee bedoelen ze dat ze eenmaal in de T.K. wat betreft hun stemgedrag zich niet hoeven te richten naar de meerderheid van hun kiezers. Als je dat als uitgangspunt hanteert, dan is de afsplitsing slechts een van de manieren waarop je blijkbaar volgens de kamerleden zelf legitiem zou kunnen afwijken van de wil van de kiezer.
    “Zou kunnen”, want wellicht wijkt de fractie wel af en de afsplitser niet.
    Het sanctioneren van afsplitsers is in elk geval in strijd met de eigen opvattingen van de ‘volksvertegenwoordigers’.

    Daarnaast bestaat nog het praktische probleem van het bepalen van wie afsplitst: splits je zelf af of word je door de achterblijvende T.K. partijleden afgesplitst? In dat laatste geval zal sanctioneren tot rechtsprocedures leiden. Immers men schaadt financieel een betrokkene hiermee. De partij zal dan moeten aantonen dat rechtmatig iemand is afgesplitst of ook wel de partij is uitgezet. Dan zal de rechter zich met politiek moeten gaan bezighouden. Een onwerkbare situatie. Maar ja, voor maatschappelijke intelligentie moet je niet bij de partij apparatsjiks zijn. Weer een voorbeeld dat we dringend van het politieke partij stelsel af moeten. In feite wordt het stelsel alleen nog overeind gehouden door hun media vrienden.

  2. Nico schreef op : 2

    Leuk verhaal over zetelrovers. Maar… wanneer anderen zich op een zetel willen zetten om jouw leven te besturen, dan is hij een zetelrover. Jij behoort op de troon van je eigen leven zitten. Om als een soeverein goede betrekkingen te onderhouden met andere soevereinen.

    Conclusie: Een politicus is per definitie een zetelrover. Best grappig, hoe men dat op anderen projecteert.

    frits [3] reageerde op deze reactie.

  3. frits schreef op : 3

    @Nico [2]: Maar ja, als jij niet op een keizers lijst staat van een partij, zullen ze niet op jou stemmen toch?
    Toch geniet ik wel van zetel roof. Behalve van die Turken…

    Nico [4] reageerde op deze reactie.

  4. Nico schreef op : 4

    @frits [3]: Waarom zou je jezelf afstemmen op de (muziek)partij van een ander als je in staat bent om je eigen (muziek)parrtij te componeren?

    Als je je eigen leven bestuurt, kun je als een artiest te werk gaan zodat anderen erdoor geïnspireerd worden. Als er echt muziek in zit, krijgen andere mensen vanzelf zin om dat voorbeeld na te volgen en hun eigen leven te gaan componeren. Op die manier kunnen mensen van creativitet en variëteit genieten. Da’s wat anders dan een ‘gerecht’ van een menukaart kiezen, voor zover er wat te kiezen valt.

  5. Ratio schreef op : 5
    Ratio

    De term zetelroof getuigd van weinig respect voor de grondwet. En van weinig historisch besef. Ik haal de volgende tekst aan: Soms duikt nog wel eens het begrip ‘last en ruggespraak’ op. Dat is een verouderd begrip, dat tot 1983 in de Grondwet stond. Waar kwam dat vandaag en wat staat er nu in de Grondwet?
    Huidige artikel

    In hoofdstuk III (over de Staten-Generaal) van de Grondwet van 1983, artikel 67, derde lid, staat:
    “De leden stemmen zonder last.”
    Bij de Grondwetsherziening van 1983 werd overwogen dat ‘zonder ruggespraak’ ten onrechte de indruk wekte dat Kamerleden niet met hun achterban, partij of anderen mochten overleggen. ‘Rugge(n)spraak’ werd toen geschrapt.
    Het begrip ‘zonder last’ werd wel gehandhaafd. Het betekent: zonder een bindend mandaat. Ieder Kamerlid is vrij om te stemmen zoals hij zelf wil. Juridisch is binding aan bijvoorbeeld een regeerakkoord niet mogelijk. Dat geldt niet alleen voor tegenstanders in een fractie van zo’n akkoord, maar evenzeer voor degenen die vóór stemmen. Er kan wel sprake zijn van een politiek-morele binding.

    linkje: www.parlement.com

    Niet alleen de burger moet stemvee zijn, de tweede kamerleden moeten dat volgens het huidige partijkader ook zijn, die mogen slechts klapvee zijn en de partijlijn ondersteunen. Als men “zetelroof” als probleem ziet, ziet men de grondwet en de basis van de democratie als probleem

    Nico [6] reageerde op deze reactie.

  6. Nico schreef op : 6

    @Ratio [5]: Hoe kan een politicus stemmen zonder last? Hij wordt geacht een volksvertegenwoordiger te zijn, maar het volk denkt misschien anders dan hij. Hij komt op kieslijsten en is verkiesbaar wanneer hij loyaal is aan de partij en handelt zoals de partij dat wil. Wat niet altijd is zoals het volk het zou wensen. Anderzijds: Weet het volk wat zij wenst? Of wat goed is voor hen?

    Hoe men het ook draait, op het politieke toneel wordt een klucht opgevoerd. Er gaat niets boven een mens die zichzelf is, als individu optreedt, in een soevereine positie verkeert, waardig handelt en dat in harmonie met anderen.

    Ratio [7] reageerde op deze reactie.

  7. Ratio schreef op : 7
    Ratio

    @Nico [6]: Je zegt het volgens mij zelf al, een volksvertegenwoordiger hoort het volk te vertegenwoordigen. En dus niet de partij. Hij hoort primair verantwoording af te leggen aan het volk. Op het moment dat hij geacht wordt vervangbaar klapvee te zijn voor de partij is hij primaire verantwoording verschuldigd aan de partij, dat is wat met last bedoeld wordt.

    Dat is een kanteling van de oorspronkelijke opzet, verantwoording aan het volk. Dat in de praktijk de partijen domineren en in hoge mate bepalen waarvoor moet worden gestemd is helaas de dagelijkse praktijk. Het zou een stuk helpen als de eerste en tweede kamerleden veel meer naar eigen inzicht zouden stemmen en zich niet achter een partijlijn verschuilen.

    Nico [8] reageerde op deze reactie.

  8. Nico schreef op : 8

    @Ratio [7]: Het hele verhaal over democratie en volksvertegenwoordigers klinkt mooi, alleen is de werkelijkheid anders. ‘Het volk’ wordt geregeerd. Niet door vertegenwoordigers van het volk, want kamerleden zweren bij beëdiging geen trouw aan het volk maar aan de koning. En de koning aan wetten die hij zelf heeft ondertekend – of zijn voorgangers.

    Bij de term ‘kanteling van de oorspronkelijke opzet’ denk ik aan een geraffineerde foltermethode die een toename van inzicht kan veroorzaken. Lang niet iedereen is tegen deze methode bestand. Roepen om een andere foltermethode is geen oplossing, teruggaan naar de oorspronkelijke opzet wel. Het laatste impliceert zelf verantwoordelijkheden nemen en zelf taken uitvoeren.

    frits [10] reageerde op deze reactie.

  9. anp rebel schreef op : 9

    Het falen van ons partij politieke stelsel

    De partij gaat met haar partijprogramma naar de kiezer. Zij suggereert naar de kiezer dat zij achter haar eigen partijprogram staat en dat program zoveel als politiek mogelijk na de verkiezingen zal trachten uit te voeren. Alle kandidaten op de kieslijst van de partij ondersteunen deze doelstelling. Dat is wat de partij aangeeft naar de kiezers.

    Echter na de verkiezingen wordt het partijprogramma in de hoek gegooid. De kiezers krijgen geen rechten van de partij om de partij nog lastig te vallen met het voorgespiegelde partijprogramma.
    De politici verdedigen deze praktijk door hun stelling dat eenmaal gekozen de kiezer hen een mandaat heeft gegeven te handelen volgens hun eigen inzichten, los van enige verplichting als gevolg van gedane toezeggingen.
    Zij baseren deze indirecte vertegenwoordiging zonder correctiemechanisme of zelfs maar verantwoordingsplicht achteraf op het vertrouwen in hen dat hun kiezers zouden hebben dat zij handelen conform de wensen van hun kiezers. De politici vertrouwen er daarmee op dat als zij onbetrouwbaar blijken de kiezers toch vertrouwen blijven houden in hun partij politieke stelsel, hooguit de volgende keer op een andere partij stemmen die dan weer onbetrouwbaar mag blijken. Dit spel kan eindeloos zo doorgaan volgens de politici zonder dat de kiezers vertrouwen verliezen.

    In de politieke praktijk blijkt dat de samenleving al decennia bestuurd wordt door een regering bestaande uit een samenstel van politieke partijen die tamelijk kort na de verkiezingen al in de opiniepeilingen een minderheid vormt. Zo heeft de huidige regering van PvdA en VVD al lange tijd nog geen 30% van de kiezers meer achter zich.
    Door deze opvattingen en praktijken zijn de politici in staat geweest om vele jaren een politiek beleid te voeren dat haaks staat op de wensen van de Nederlandse bevolking.

    Het spreekt vanzelf dat door dit stelselmatig afwijken van het aan hun kiezers overhandigde partijprogramma in de Tweede Kamer spanningen ontstaan in fracties. Afsplitsingen maken dit zichtbaar voor de kiezer. Het initiatief van politici om afsplitsingen tegen te werken moet daarom dan ook gezien worden als weer een poging om de vuile was binnen te houden.

    Het is de hoogste tijd van het partij politieke stelsel met zijn huidige praktijken afscheid te nemen. De kosten er van zijn inmiddels al te hoog gebleken. Dat deze hypocrisie van een verondersteld vertrouwen van de bevolking in onbetrouwbaarheid zolang heeft kunnen blijven bestaan is mede te wijten aan het niet functionerende media wereldje, waarin men hardnekkig blijft wegkijken van deze fatale tekortkoming van ons partij politieke stelsel.

  10. Nico schreef op : 11

    @frits [10]: Kanteling is gewoon een woord om aan te geven dat de mens zoals hij was als het ware is omgevallen. Denk aan het verhaal van Adam en Eva en wat hun nakomelingen ervan gebakken heeft.

    Terug naar de oorspronkelijke opzet betekent dan niet langer in overgave plat op je gezicht voor een heerser liggen, maar opstaan en herontdekken wat het betekent om mens te zijn. Als mensen in staat zijn een hel op aarde te creëren, dan zijn ze toch zeker ook wel in staat om een paradijs op aarde te herscheppen? Daar is dan wel evolutie van karakter voor nodig…

    frits [12] reageerde op deze reactie.

  11. frits schreef op : 12

    @Nico [11]: Nico, God kijkt naar je hart en weet alles van je leven. Niet zelf alles willen doen. Ja, het is bewezen, mensen maken in hun hart, voor zichzelf en voor anderen er een puin hoop van. Allen kan Jezus Christus ons van onszelf verlossen. En dat is vrede naar Gods wil.