Laten we als voorbeeld de autoindustrie nemen. In de afgelopen jaren hebben veel automerken nieuwe fabrieken geopend in Mexico. De auto’s kunnen daar relatief goedkoop geproduceerd worden, en worden daarna geëxporteerd naar de Verenigde Staten. Wat zou er gebeuren als Trump besluit een (hoge) belasting te heffen op de invoer van auto’s?
Minder innovatie. Voor buitenlandse fabrikanten, die geen of weinig fabrieken in de Verenigde Staten hebben, wordt het door de hoge belasting op hun producten een stuk lastiger om te concurreren met binnenlandse producenten. Daardoor ontstaat er een gebrek aan concurrentie en hoeven binnenlandse producenten minder moeite te doen hun product aan de man te brengen, met als gevolg minder innovatie.
Hogere prijzen. Fabrikanten bouwen niet voor niets zoveel auto’s in Mexico; het is daar een stuk goedkoper. Door belasting te heffen op de invoer van die auto’s moeten Amerikaanse consumenten meer betalen. Waar zij eerst bijvoorbeeld 20.000 dollar kwijtwaren voor een auto, kost die met een importtarief van 35 procent ineens 27.000 dollar. Natuurlijk kunnen ze uitwijken naar in Amerika gebouwde auto’s, maar die zijn door hogere productiekosten dan in Mexico ook een stuk duurder.
En de banen dan? Hoewel Trump en zijn medestanders waarschijnlijk bekend zijn met bovenstaande argumenten, werpen zij tegen dat binnenlandse banen door importtarieven beschermd zullen worden. Dit is echter een klassieke fout in het economische denken: ze kijken alleen naar de directe gevolgen van hun voorgestelde beleid, en niet naar de indirecte.
Natuurlijk zullen door het invoeren van importtarieven sommige autofabrieken verplaatst worden van Mexico naar de Verenigde Staten, met als gevolg dat Amerikaanse arbeiders daar kunnen werken. Maar wat vergeten wordt, is dat in andere Amerikaanse bedrijfstakken de werkgelegenheid juist afneemt. Als consumenten veel meer geld kwijt zijn aan het kopen van auto’s, dan houden zij minder geld over voor de koop van andere producten en diensten.
Voorbeeld: de auto van de familie Smith gaat onherstelbaar kapot, en dus hebben zij een nieuwe nodig. Vóór de invoer van importtarieven zouden zij 20.000 dollar betalen voor een nieuwe auto. Met hun spaargeld van 30.000 dollar hadden ze dan ruim genoeg geld over om in de zomer op vakantie te gaan naar Florida. Door het importtarief kost de auto nu 27.000 en moeten zij hun vakantie afzeggen om nog genoeg geld op de bank te houden.
Omdat er duizenden families zijn in een vergelijkbare situatie, ontstaan er grote veranderingen op de arbeidsmarkt. Sommigen van hen zullen nu een auto uit Amerika kopen in plaats van uit Mexico, waardoor de Amerikaanse autofabrieken nieuwe arbeiders moeten aannemen. Doordat er geen geld meer overblijft om op vakantie te gaan in Florida, moeten de hotels en attractieparken daar juist veel mensen ontslaan.
Uiteindelijk leveren importtarieven dus geen nieuwe banen op, maar worden ze slechts verplaatst van de ene naar de andere sector. Daar staat tegenover dat de prijzen stijgen – waardoor Amerikanen minder kunnen kopen – en dat er minder stimulans is bij bedrijven om te innoveren. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de afname van de export naar Mexico, omdat de mensen daar ook minder te besteden hebben…
Als Trump Amerika weer groots wil maken, dan moet hij dus niet voor minder vrijhandel zorgen, maar juist voor meer.
Gale Boetticher
Gale Boetticher is de auteur van Een Pleidooi voor Vrijheid – libertarisme in ’t kort (nu in vernieuwde druk). Bestel dat boek via Bol.com of in de plaatselijke boekhandel.

Gevolg eenzijdige importheffing
Er is iets fout gegaan in de berekening. Een rekenvoorbeeld om dit duidelijk te maken.
Stel een auto in de V.S. gemaakt kost 110 voor de Amerikaanse consument. Een auto in Mexico gemaakt kost hem 100. Met een Amerikaanse importheffing van 35 op de Mexicaanse auto’s valt de verkoop daarvan stil. Auto’s blijven nodig. Er worden dan dus in verhouding meer Amerikaanse auto’s verkocht. De consument is wel 10 duurder uit, maar hij vangt als werknemer in de auto industrie meer loon. Stel dat van een Amerikaanse auto van 110 er 90 in arbeidsloon zit. Dan gaat de Amerikaan er dus 90 – 10 = 80 op vooruit en dus niet achteruit, zoals de schrijver van het artikel abusievelijk aanneemt.
Importheffingen zijn gunstig zolang als er voldoende werklozen zijn om de verhoogde productie in eigen land te realiseren en zolang als ze eenzijdig blijven! Maar in dit geval zal de export van Amerikaanse auto’s naar Mexico wel veel kleiner zijn dan andersom. Het wordt pas schadelijk voor de V.S. indien Mexico andere Amerikaanse producten zou weigeren in een omvang die groter is dan de eigen weggevallen auto export naar de V.S. Maar Amerika heeft een ongunstige handelsbalans met lage lonen landen, wellicht ook met Mexico. Bij deze situatie en bij relatief hoge werkloosheid importheffingen invoeren is dan voor de eigen economie natuurlijk slim. De wereld als geheel schiet er niets mee op. Maar als je uitgangspunt is America first, dan lijkt het een doelmatig beleid.
Een uitzondering zou kunnen zijn als de Mexicaanse auto’s ook nog veel beter zouden zijn dan de Amerikaanse. Maar dat is waarschijnlijk niet het geval. In Mexico staan ook de fabrieken van de Amerikaanse automobielbedrijven. En zelfs als dat niet het geval is en zij van de Duitse automobielfabrikanten met hun verondersteld superieure auto’s zijn, dan nog heeft de V.S. technologisch waarschijnlijk weinig te vrezen. De Duitsers zullen waarschijnlijk wel verkassen met hun fabrieken naar de V.S. Nee, het wordt pas technologisch een probleem als de Amerikaanse consument dan aangewezen wordt op inferieure producten. Dat was bijvoorbeeld het probleem in de voormalige communistische Oostbloklanden. Maar dat de Duitsers niet in de V.S. mogen investeren heb ik Trump niet horen zeggen.
Peter [4] reageerde op deze reactie.
Over vrije handel praten als er eigenlijk alleen sprake is van regelgeving arbitrage is natuurlijk onzin.
Zo simpel als hierboven gesteld wordt is het niet. Amerika was een crediteurenland. De halve wereld stond in de schuld bij ze. Door daar overmatig heen te exporteren werden die schulden gedelgd. Door er daarna mee door te gaan gingen de Amerikanen tenslotte op credit importproducten kopen. Dat kan natuurlijk niet zo door blijven gaan. Normaal gesproken zou de dollar tegenover andere valuta’s moeten dalen, maar door het min of meer onterechte vertrouwen in de dollar gebeurt dit niet. Mede door gemanipuleer van wisselkoersen blijft de dollar sterk. Dan blijft niks anders over dan de grenzen te gaan sluiten om weer tot een evenwicht in handel te komen. Amerika moet zich door bijvoorbeeld China niet kapot laten concurreren en dan tegen een totale ineenstorting van economie en waardeloze valuta aan lopen.
@anp rebel [1]: Je verhaal lijkt wel te kloppen. Toch is er iets niet pluis, ik denk als je echt gaat rekenen en omdat er zo ontzettend veel volume is met verkochte auto’s dat de maatschappelijke schade toch groter is dan “10.000” nieuwe banen. Er zullen minder auto’s verkocht worden bij hogere prijzen omdat de betaalbaarheid afneemt. Betekent ook macro dat “miljoenen” mensen wellicht geen vervoer meer kunnen betalen en meer tijd kwijt zijn om boodschappen te doen en naar het werk te gaan. Er wordt minder brandstof verkocht en de aanpalende sectoren als garagebedrijven zullen mensen moeten ontslaan. Nb. Dat effect zie je niet en veel diffuser en politiek dus geen issue. Was ook mooi in de crisisjaren. Ministers haasten zich om grote bedrijven te redden. Terwijl ik bij het MKB de een na de ander eruit zag vliegen en ging per saldo om VEEL meer mensen.
Armoede neemt daardoor toe. Daarnaast landen slaan natuurlijk terug met andere boycotten.
Voormalig DDR dacht ook zo en had een vrijwel 100% import verbod, dat uiteindelijk lijdt bij gebrek aan concurrentie tot inferieure producten en dat niemand een auto heeft. Wel had iedereen werkt. Joepie, maar ze moesten een hek om het land zetten om te voorkomen dat bijv. artsen naar het westen gingen waar ze veel meer konden verdienden. Ah natuurlijk een arts mocht naar het westen. Moest je wel je vrouw en kind achterlaten. Maar goed, dat is ook de grote fout die Amerikanen maken. Zó een hek, houd Mexicanen buiten, maar er kan een tijd komen dat het ook Amerikanen binnen houd die weg willen!!!
De beste remedie is mijns inziens de kosten van arbeid in de VS omlaag brengen. Ja dat doet pijn. Hard werken voor weinig. Maar dat doen ze in Mexico ook in de fabriek.
anp rebel [5] reageerde op deze reactie.
@Peter [4]:
Bedankt voor je reactie. In mijn stukje leg ik uit dat een eenzijdige importheffing op in Mexico gemaakte auto’s door de VS voor de VS gunstig kan werken. Je bent het daar niet mee eens, want je denkt dat de duurdere door henzelf gemaakte auto’s niet gekocht kunnen worden door de Amerikanen. Je schrijft: ”Er zullen minder auto’s verkocht worden bij hogere prijzen omdat de betaalbaarheid afneemt.”
Ik geef met een voorbeeld aan dat dit een misvatting is.
Stel je bent werkloos en je zou graag een terrasje achter je woning aanleggen. Je kunt het laten doen voor €20,-/uur of je kunt het zelf doen. Je rekent aan jezelf €40,-/uur. Wat zeg jij aan je kennissen? Ik heb het maar laten doen want zelf doen kon ik niet betalen?
Comments are closed.