donderdag, 30 maart 2017
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Waarom de ongelijkheid toeneemt – nee, het is niet wat u denkt

Boek Karel3-01-cover longread — ongelijkheid neemt toe, mensen hebben geen zekerheden meer en u weet wel, dat komt allemaal omdat de verzorgingsstaat is uitgekleed door neoliberalen. Mis, zegt Karel Beckman, het komt juist doordat de verzorgingsstaat zo uit de hand is gelopen. Karel Beckman is auteur van het nieuwe boek De Staat Voorbij, waarin hij laat zien waarom de Staat de vijand is van welvaart, recht en vrede.

U kent het verhaal. Voor een steeds grotere groep mensen zijn er geen vaste banen meer, pensioenen worden uitgesteld en uitgekleed, woningen worden onbetaalbaar voor starters op de markt, de zorg voor ouderen met lage inkomens wordt steeds kariger en alles wordt alsmaar duurder. Voor jongeren is er nauwelijks uitzicht meer op een beter en zekerder bestaan.

Daarentegen is er nog steeds een groep mensen die het voor de wind gaat – die veel geld verdienen, kapitaalkrachtig zijn, profiteren van de hoge huizenprijzen, genieten van uitstekende pensioenen en arbeidsvoorwaarden, die vijf keer per jaar op vakantie gaan en riante vergoedingen meekrijgen als ze onverhoopt worden ontslagen.

De kloof tussen deze twee groepen neemt toe.

Ik ben het eens met dit verhaal.

Ik ben het alleen niet eens met de analyse die dan meestal volgt.

De groeiende ongelijkheid wordt steevast toegeschreven aan het “neoliberalisme” of “globalisering” of “marktwerking” of “privatisering” of bedenk maar wat soortgelijke termen. Met andere woorden: aan de vrije markt.

De vrije markt leidt tot concurrentie van lage–lonenlanden en goedkope arbeiders, die de eigen verzorgingsstaat ondermijnt. Tegelijk leidt de vrije-marktideologie tot bezuinigingen door regeringen die zich hebben uitgeleverd aan banken en financiële markten. Zo worden de mensen aan de onderkant van de samenleving dubbel gepakt. Dat is de standaard-analyse.

De oplossingen liggen voor de hand: meer overheidsuitgaven voor zorg en om ongelijkheid tegen te gaan, beperking van vrijhandel en vrij verkeer van personen, betere bescherming van werknemers, hogere minimumlonen, hogere belastingen voor de rijken.

Het probleem is: de analyse deugt niet. Er is een olifant in de kamer waar niemand acht op slaat. Dat is de Staat. Om precies te zijn: de parasitaire rol van de Staat in de economie.

De Staat wordt in het verhaal altijd beschouwd als de redder in nood. De overheid wordt hooguit bekritiseerd als zij te weinig doet om de zwakkeren te beschermen. Dat de overheid juist teveel doet – en daarmee onze welvaart ondermijnt, komt bij niemand op.

Toch is dit wat er aan de hand is. Ja, er is een groeiende kloof in de samenleving, maar die bevindt zich tussen de mensen die profiteren van de Staat en de mensen die het gelag betalen.

De mensen die profiteren vind je bij de overheid zelf, bij gesubsidieerde instellingen, bij bedrijven (zoals banken) die gebruik maken van door de overheid verstrekte privileges, en bij bevolkingsgroepen die onevenredig worden bevoordeeld door de Staat. De rest zijn de verliezers.

*

Boek Karel3-01-cover

Laten we eens kijken hoe en waarom de Staat onze welvaart ondergraaft.

Het eerste misverstand dat bij veel mensen bestaat is dat het de overheid is die “zorgt” voor (vaste) banen, goede arbeidsvoorwaarden, pensioenen en gezondheidszorg.

Maar het is niet de Staat die de middelen creëert om voor mensen te “zorgen”. Het zijn de burgers en bedrijven zelf die de middelen ophoesten die eerst door de overheid in beslag worden genomen en vervolgens worden “herverdeeld”.

Het is niet zo dat de overheid onderwijs, zorg, pensioenen, infrastructuur, openbaar vervoer en andere voorzieningen levert, in de zin dat de overheid dit allemaal cadeau doet aan de burgers, als een soort Vadertje Staat die voor zijn kinderen zorgt. Burgers en bedrijven betalen premies voor AOW en werkloosheidsuitkeringen, we betalen belastingen waarmee onderwijs, zorg en infrastructuur worden bekostigd, en voor al die andere zaken die de overheid “voor ons” regelt. Als de overheid dit allemaal niet zou doen, en we zouden het zelf regelen, dan zouden we honderden miljarden per jaar rijker zijn.

Nu zou je kunnen zeggen, wat maakt het uit? Per saldo verandert er dan niets. Als de Staat zich niet zou bemoeien met de economie, zouden we, wat we nu afdragen aan de Staat, mogen behouden, maar dan zouden we het zelf moeten besteden aan al die dingen die de Staat nu voor ons regelt. Gemiddeld genomen gaan we er dan niet op vooruit of achteruit, hooguit worden de middelen anders verdeeld.

Maar zo simpel is het niet.

Ten eerste zijn we geld kwijt aan de bureaucratie die al die mooie dingen voor ons regelt. We weten dat de overheid over het algemeen inefficiënt werkt. Dat komt omdat de overheid geen concurrentie heeft. Overheidsinstellingen kunnen ook niet failliet gaan.

Daarnaast zorgt de overheid goed voor haar eigen werknemers. Die hebben prima ontslagbescherming, uitstekende arbeidsvoorwaarden en goede pensioenen. Of ze nu goed presteren of niet. De overheid kan dat bieden, want degenen die de arbeidsvoorwaarden vaststellen hoeven de kosten toch niet uit eigen zak te betalen. Je zou kunnen zeggen, fijn voor de ambtenaren – en niet te vergeten de consultants die door de overheid worden ingehuurd – maar de middelen hiervoor moeten wel worden opgebracht – door de rest van de bevolking.

Ten tweede heeft de bureaucratie een belang om zichzelf onmisbaar te maken. Dat is menselijk. Iedereen wil graag goed verdienen en belangrijk zijn. Maar de overheid hoeft niet net als bedrijven de markt op, om te kijken of er vraag is naar haar producten en diensten. Omdat de overheid uit belastingafdrachten wordt betaald, kan zij haar producten en diensten simpelweg aan mensen opdringen.

Dit betekent om te beginnen al dat je als burger geen controle hebt over jouw geld dat je aan de overheid moet afdragen. De overheid kan zomaar beslissen de pensioenleeftijd met twee jaar te verhogen, bijvoorbeeld. Je hebt jarenlang premie betaald, maar geen contract om op terug te vallen. De overheid kan de pensioengelden ook gewoon aan andere zaken besteden, zodat je straks helemaal geen pensioen meer hebt.

De overheid richt daarnaast de zorg, het onderwijs en heel veel andere zaken in – en je moet nemen wat je aangeboden krijgt. Je kunt niet je eigen keuzes maken. Je kunt niet rechtstreeks zaken doen met een onderwijsinstelling, of verzekeringsmaatschappij, of ziekenhuis, of andere zorgaanbieder. Dus heb je ook geen invloed over hoe je al deze zaken zelf het liefst zou regelen. Ja, je mag eens in de vier jaar stemmen, maar de invloed die je daarmee verkrijgt over je eigen middelen en leven is verwaarloosbaar.

De overheid kan ook allerlei leuke dingen gaan doen met haar geld en allerlei activiteiten subsidiëren die het zonder subsidie niet zouden redden. Dit lijkt genereus, maar het betekent dat heel veel mensen worden gedwongen om te betalen voor zaken waar ze niet op zitten te wachten.

Maar dit is nog maar het begin van de problemen. De overheid beschikt niet alleen over een groot deel van de middelen die burgers en bedrijven voortbrengen – zij maakt ook de regels die we moeten volgen. En de overheid heeft belang bij meer en ingewikkelde regelgeving. Ook dat is niet zo vreemd. Iedereen wil belangrijk zijn – en goed verdienen – en de overheid kan dat alleen als er veel regels zijn om uit te voeren en te controleren. Leuker kunnen ze het niet maken, maar ze zullen het ook nooit makkelijker maken, ook al zeggen ze van wel, want dat druist in tegen hun eigen belang. Vandaar dat belastingregels of regels in de zorg en onderwijs nooit simpeler worden.

Daarnaast is er voor de overheid een prikkel om allerlei regelingen in te voeren waardoor burgers haar zien als hoeder van het algemeen belang, terwijl de kosten voor die regelingen moeten worden opgebracht door burgers en bedrijven zelf. Dus de overheid zorgt voor ontslagbescherming, minimumlonen, verplichte verzekeringen bij ziekte en ontslag, regels rond arbeidsomstandigheden, AOW, enzovoort. Dat burgers hierdoor veel minder zelf te besteden hebben, deert de overheid niet. En dat het voor bedrijven, door alle extra kosten, niet meer loont om mensen in dienst te nemen, neemt de overheid ook graag voor lief. Zo worden de kansen die mensen hebben op de arbeidsmarkt en de middelen die zij hebben om in hun levensonderhoud te voorzien steeds minder – terwijl ze niet door hebben dat dit komt omdat de overheid zo goed voor hun “zorgt”.

En dan is er nog iets waar de critici van de “vrije markt” het nooit over hebben. Misschien wel het belangrijkste van alles: de overheid controleert ook nog eens het geldwezen. Dat verschaft haar vrijwel onbeperkte middelen om in te grijpen in de economie.

Iedereen weet dat banken en financiële markten een puinhoop hebben veroorzaakt ten tijde van de financiële crisis. Dat bevestigt ook het beeld van het falen van “de vrije markt”. Maar ons financiële stelsel heeft niets met de vrije markt te maken. Banken hebben er een puinhoop van kunnen maken omdat ze van de Staat geld uit het niets mogen creëren – en omdat ze worden aangemoedigd door de Staat (de centrale bank) om geld in het systeem te pompen. Toen ze in de problemen raakten werden ze door de Staat gered. Hoezo “vrije markt”?


Tegelijkertijd stelt het financiële systeem de overheid in staat zelf goedkoop geld te lenen en ongestraft torenhoge schulden te maken. De Staat redt de banken, ja, maar de banken redden ook altijd de Staat. Zo werkt het systeem.

Anders dan de meeste economen ons wijs maken, leidt al deze geldsmijterij niet tot werkelijke economische groei – maar tot zeepbellen en de financiering van allerlei nutteloze zaken waar niemand op zit te wachten, en die echt nuttige activiteiten duurder maken of uit de markt verdringen.

*

Boek Karel3-01-cover

Feit is: onze economie wordt in verregaande mate gecontroleerd en gedomineerd door de Staat. De overheid heeft monopolies op tal van sectoren, beheert het geldwezen, vaardigt regels uit, bestiert de pensioenen en sociale voorzieningen. Het is dan ook niet zo dat ondanks de overheid de ongelijkheid toeneemt – maar dankzij de overheid.

De gevolgen van alle overheidsinterventie zijn onmogelijk precies te becijferen. Ik kan ze het beste illustreren aan de hand van een aantal willekeurige voorbeelden.

Elk jaar geeft de Nederlandse overheid vele miljarden uit aan rentebetaling op de staatschuld. Omdat de Nederlandse overheid niet failliet kan gaan, is zij erin geslaagd een schuld op te bouwen van €440 miljard. Ik schat (natte-vingerwerk) dat over de laatste twintig jaar €180 miljard aan rente is betaald. Hier hadden heel wat ouderen thuishulp voor kunnen krijgen.

Ander voorbeeld. Uit een studie van prof. dr. Bert van Wee van de TU Delft uit 2013 bleek dat er sinds 1980 door de overheid €100 miljard over de balk is gegooid bij kostenoverschrijdingen en uitstel van grote infrastructurele projecten. Weggegooid geld. Nog een bericht. Uit onderzoek van een Kamercommissie uit 2014 bleek dat de overheid zo’n €4 à 5 miljard euro per jaar uitgeeft aan falende ict-projecten.

Of neem het feit dat de overheid meer dan €500 miljoen per jaar uitdeelt aan de publieke omroep – die ook nog eens inkomsten uit reclame ontvangt. Van dat geld kun je ook 20.000 verpleegsters een salaris betalen van €25.000 per jaar. Op de een of andere manier hoor je de critici van het “neoliberalisme” nooit over dit soort ongelijkheden.

Wat de kosten van regulering zijn voor het bedrijfsleven is ook moeilijk in te schatten. Ik heb een oud bericht uit het Financieele Dagblad bewaard waaruit bleek dat het bedrijfsleven in één jaar tijd (2003) €51 miljard kwijt was aan “extra lasten gemoeid met nieuwe wet- en regelgeving”. Niet de premies en belastingen zelf, maar de bureaucratie eromheen. Ieder jaar weer. Tel het eens bij elkaar op.

Dit geldt natuurlijk niet alleen voor Nederland. Sterker, ik denk dat Nederland het relatief beter doet dan de meeste andere landen, hoewel dat niet zoveel zegt.

Over Italië – ik pak maar weer een willekeurig voorbeeld – stond ooit een interview in NRC Handelsblad met Roberto Perotti, hoogleraar economie, die tijdelijk begrotingsadviseur was geweest van de Italiaanse regering. Hij vertelde: Er wordt niet systematisch naar de uitgaven van de overheid gekeken. Er zijn programma’s die al veertig jaar draaien zonder dat iemand er naar omkijkt. Hij kwam er een tegen van 150 miljoen euro die nergens toe diende, maar “de directeur was er zo aan gehecht”. Publieke managers binnen de overheid verdienen ongelooflijk veel in Italië, vaak meer dan 200.000 euro. Het land krijgt €10 miljard per jaar aan Europese fondsen, maar niemand weet hoe dat geld wordt besteed. De bureaucratie, zei Perotti, is een enorm probleem waar vrijwel niets aan wordt gedaan. (Marc Leijendekker, 15-11-2016)

Griekenland is een ander geval. Bastiaan Bommeljé schreef in NRC Handelsblad (25-4-2015) dat dit land “sinds 1945 niet één jaar [heeft] gefunctioneerd zonder aanzienlijke buitenlandse hulp. … Tot 1998 bedroeg de Amerikaanse hulp elk jaar meer dan 100 miljoen dollar. … die donaties verbleekten tegenover de stroom aan Europese hulp. Tussen 1974 en 1981, het jaar dat Griekenland toetrad tot de EU, werden al talloze miljarden aan preparatiesteun gegeven, en na 1981 nam dat nog verder toe. Zo ontving Griekenland in 1982 meteen 682 miljoen ECU … voor ‘prijsstabilisatie’, plus vanaf de toetreding elk jaar 6,8 miljard ECU aan landbouwsubsidies. [De ECU is vergelijkbaar met de euro.] Daar bovenop kwam tussen 1989 en 1993 nog eens 7,2 miljard ECU aan ‘structuursubsidies’ bij….”

Tegelijkertijd “nam het ambtenarenapparaat [in Griekenland] toe van 73.000 personen in 1952 naar meer dan 768.000 in 2010 (en 1 miljoen als alle gesubsidieerde instellingen worden meegerekend). Geen toeval want vanaf 1952 werd het land steevast geleid door eenpartij–regeringen die de koek verdeelden. Het resultaat was dat in 2009 de ambtenarensalarissen en pensioenen 55% van alle overheidsinkomsten opsoupeerden.”

Frankrijk, om een ander voorbeeld te noemen, telt 5 miljoen ambtenaren die een 35-urige werkweek hebben en op hun 60e met pensioen mogen. De belastingdruk voor burgers is loodzwaar, maar Franse parlementariërs, zoals presidentskandidaat Fillon, en zijn collega’s, mogen hun familie en kennissen baantjes toeschuiven waarmee vele honderdduizenden euro’s worden verdiend. Fillons vrouw streek op deze manier 830.000 euro op, een bedrag waar gewone mensen alleen maar van kunnen dromen.

Een voorbeeldje uit het archief ontwikkelingshulp. De EU schonk in de periode 2007-2013 €223 miljoen aan Honduras. Voor de periode 2014-2020 is de steun vastgesteld op €235 miljoen. Uit onderzoek van de Europese Rekenkamer bleek dat een aanzienlijk deel van deze financiële bijstand is verleend in de vorm van “begrotingssteun”. Dat betekent dat het rechtstreeks naar de Hondurese overheid gaat die het vervolgens naar eigen goeddunken kan besteden. De Rekenmaker stelde daarbij vast “dat het corruptieniveau in Honduras problematisch blijft”. De armoede in de periode 2007-2015 in Honduras bleek te zijn gestegen. (Bron: sceptr.net) Vermenigvuldig dit voorbeeld gerust nog een paar honderd keer, want het is typerend voor hoe ontwikkelingshulp werkt.

Inmiddels hebben de Staten in de wereld samen $73.000 miljard aan schuld opgebouwd (hoorde ik van een bankier, in januari 2017.) Als we even stellen dat er 7,3 miljard mensen op aarde wonen, dan zijn de Staatsschulden gelijk aan $10.000 per hoofd van de wereldbevolking. Is dit neo-iberalisme? Het feit dat ongelijkheid en onzekerheid toenemen, de werkloosheid hardnekkig blijft, het onderwijs slechter wordt, terwijl de uitgaven en schulden van Staten de pan uitrijzen, geeft aan dat de invloed van de Staat helemaal niet positief is.

Vaak wordt er gewezen op dat in Amerika de ongelijkheid nog veel groter is dan hier en de onzekerheid troef. En Amerika is natuurlijk “de vrije markt”, of niet? Nee dus. In november 2016 bedroeg de Amerikaanse staatsschuld $14300 miljard. Dat zijn alle uitstaande overheidsobligaties tesamen. Dit is exclusief $5400 miljard die de Staat verschuldigd is aan pensioenen en andere uitkeringen. Daarmee kwam de totale schuld uit op $19700 miljard. en.wikipedia.org

Die schuld loopt voortdurend op, zoals hier te zien is: www.us Op 28 december 2016 stond het schuldtotaal op $19943 miljard. Dit was op dat moment ruim $61.000 per hoofd van de bevolking en ruim $166.000 per belastingbetaler.

De Amerikanen hebben ook met afstand de hoogste militaire uitgaven, de meeste gevangenen, en een stortvloed aan regels waaraan bedrijven en burgers moeten voldoen, met zware sancties voor overtreding. De Amerikaanse Staat is, kortom, de machtigste ter wereld.

Overigens, wie gelooft dat de Amerikaanse schuld ooit wordt terugbetaald leeft in een droomwereld. Dat doen veel mensen, want 45% van de staatsschuld is in bezit van buitenlanders. Zoals Nederlandse pensioenfondsen.

Dan zijn er nog de gevolgen van het monetaire beleid van de Staten en centrale banken. Het officiële beleid van onze geldmeesters is om te zorgen voor permanente inflatie. Voor veel mensen is dit min of meer een natuurlijk fenomeen – ze weten niet beter dan dat prijzen altijd omhoog gaan. Maar er is niet natuurlijks aan. In een vrije markt zou alles goedkoper worden en zouden we amper hoeven te sparen voor onze oude dag.

De slachtoffers van dit systeem zijn vooral de mensen met lage inkomens of pensioenen die er niet in slagen om de inflatie bij te houden. “Hoe Draghi [voorzitter van de Europese Centrale Bank] uw pensioenfonds sloopt” was een veelzeggende titel van een artikel van Maarten Schinkel in NRC Handelsblad (24 oktober 2015).

Het monetaire beleid van de Staat jaagt ook de prijzen van bezit op, en daarmee de vermogensongelijkheid. Daarnaast profiteren beurshandelaren en speculanten het meest van al het nieuwe geld dat in de markt wordt gepompt. Zij “runnen” het systeem – en zorgen uiteraard goed voor zichzelf. Ook de multinationals profiteren. Ik denk dat de meeste mensen niet eens beseffen dat de Europese Centrale Bank (ECB) voor tientallen miljarden aan goedkope leningen verstrekt aan grote energiebedrijven als Shell en Total en aan grote autoconcerns als Daimler, Volkswagen, Renault en BMW. Dit zijn in feite subsidies waarmee de bonussen van de managers worden betaald.

De mensen die profiteren van al dit door de Staat uit het niets gecreëerde geld – waar geen enkele tegenprestatie tegenover staat – drijven door hun rijkdom de prijzen op van huizen en andere goederen en diensten, waardoor het leven van de rest van ons duurder wordt.

En net als ambtenaren hoeven de financiële instellingen voor faillisementen niet te vrezen – ze worden toch wel gered door de overheid (de belastingbetaler) als ze in de problemen komen.

*

Boek Karel3-01-cover

Tot dusver heb ik het alleen nog maar gehad over de zichtbare kosten die door overheidsinterventie worden veroorzaakt. Er zijn echter ook aanzienlijke onzichtbare kosten mee gemoeid, zoals de 19e eeuwse Franse econoom Bastiat al vaststelde. Die zijn misschien nog veel groter – maar moeilijker meetbaar.

Een voorbeeld: als die miljoenen mensen die zich nu bezighouden met het invoeren, uitvoeren en controleren van overbodige regels, nuttig werk zouden doen, zouden we veel welvarender zijn dan nu. Als het geld dat nu naar gesubsidieerde instellingen gaat of naar overheidsorganen die er niets nuttigs mee doen, beschikbaar zou zijn voor werkelijk productieve of innovatieve activiteiten, zou dat ook leiden tot veel meer welvaart.

Of denk aan de innovatie die plaats zou kunnen vinden in sectoren als zorg en onderwijs, als die bevrijd zouden worden van het juk van centraal opgelegde doelstellingen.

De realiteit is dat het de hoge Staatsuitgaven zijn, de vele regels – het enorme beslag dat de Staat legt op de economie – die de oorzaak zijn van economische stagnatie en toenemende ongelijkheid. De Staatsapparaten zorgen voor zichzelf en hun “doelgroepen” en maken de rest van de bevolking armer.

Maar op de een of andere manier hoor je de mensen die klagen over “neoliberalisme” en “globalisering” hier nooit over.

*

Boek Karel3-01-cover

Ongetwijfeld zullen er veel lezers zijn die tot op zekere hoogte met mij mee kunnen gaan, maar toch bang zijn dat de zwakkeren zwakker worden als de Staat er niet is om ze te helpen.

Om te beginnen: het overgrote deel van wat de Staat doet is niet bedoeld om lage-inkomensgroepen te helpen, zoals ik hierboven heb laten zien. Als de Staat echt iets wil doen om de ongelijkheid te verkleinen, en te zorgen dat mensen met weinig geld beter af zijn, kan dat makkelijk genoeg. Ik heb wel een paar tips.

Schaf de BTW af, bijvoorbeeld. De prijzen van de meeste goederen en diensten gaan dan met 21% omlaag. Daar hebben mensen heel wat meer aan dat het geneuzel over de “koopkrachtplaatjes” waar onze politici goede sier mee denken te maken. Of verlaag de inkomstenbelastingen. Verlaag de sociale premies. Schaf subsidies af in de culturele sector, waar vooral hoge-inkomensgroepen baat bij hebben. De subsidies voor de publieke omroep bijvoorbeeld.

Dat gebeurt allemaal niet – omdat dit zaken zijn die status, geld en macht verschaffen aan de overheid. Dit toont de hypocrisie aan van de critici van de vrije markt.

Niettemin, als overtuigd aanhanger van de vrije markt zou ik graag een voorstel doen waarmee ik de mensen tegemoet kom die zich oprechte zorgen maken over de zwakkeren in de samenleving. Laten we afspreken dat de overheid vanaf nu alleen nog maar zorgt voor de armen en zwakkeren en zich verder niet meer bemoeit met de economie. Ik vind dan wel dat we duidelijk van tevoren moeten vaststellen hoeveel dat moet gaan kosten. Het kan geen bodemloze put zijn. Kunnen we het af met bijvoorbeeld €50 miljard per jaar? Dat is €10.000 euro gemiddeld per persoon voor 5 miljoen mensen, bijna een derde van de Nederlandse bevolking. Dat moet toch genoeg zijn?

Verder laten we de vrije markt – de echte vrije markt – het werk doen. Ik wed dat de mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt het heel snel heel veel beter gaan krijgen.

Noot

Karel Beckman is auteur van het nieuwe boek De Staat Voorbij, dat in maart 2017 is verschenen bij uitgeverij Aspekt. Het is te bestellen bij onder meer bol.com. In dit boek schetst hij een libertarische toekomstvisie die een alternatief biedt voor zowel “linkse” als “rechtse” politieke oplossingen. Het is de opvolger van De Democratie Voorbij, uit 2011, dat hij samen schreef met Frank Karsten, en dat inmiddels in 20 talen is vertaald.

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars

Door , topic: Algemeen
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.
Reacties
  1. Nico schreef op : 1

    Aardige analyse. Waaraan ik wil toevoegen dat de staat zelfs de dood misbruikt om te kunnen melken en te herverdelen. Dat is echt schunnig!

    Stel je voor, je gaat dood. Je wordt middels de dood beroofd van alles wat je hebt, want dat gaat over naar nabestaanden. Zijn die er niet, dan vervalt je bezit aan de staat.

    De staat verbiedt je nabestaanden om je lichaam in de achtertuin te begraven. Het moet naar een begraafplaats. De grafrechten (huur of koop van een graf) zijn schunnig hoog. Je nabestaanden worden afgeperst om die huizenhoge rekening te betalen. Hebben ze dat geld niet, dan kom je in een armengraf. Ook dat moet betaald worden, wat de bevolking als geheel verplicht betaalt via belastingen.

    Dit is de gang van zaken in westerse landen. Vanaf een bepaald moment is er naast begraven cremeren geïntroduceerd. Ook niet goedkoop, en de staat vangt via BTW en inkomstbelasting. Cremeren wordt door christenen etc. onwenselijk geacht, want als je verbrandt bent dan kun je niet meer uit de dood opstaan.

    Er is bij de dood sprake van ongelijkheid tussen 3 partijen: Degene die dood is gegaan (heeft nergens last meer van), de staat die wil vangen en nabestaanden die afgeperst worden (of een bevolking die die rol overneemt).

    Een andere schunnige ongelijkheid is ‘van de doden niets dan goeds’. Sinds wanneer is iemand niet meer verantwoordelijk voor eigen gedrag? Waarom wordt iemand wel postuum geëerd maar is het taboe om hem postuum aan de schandpaal te nagelen? Dat is met twee maten meten. Het argument ‘hij is er niet bij en kan zich niet verdedigen’ snijdt geen hout. Want als iemand zich niet kan verdedigen, dan kan hij ook geen complimenten in ontvangst nemen. Dit taboe is een typisch gevalletje van rechtsongelijkheid dat niet mag bestaan. Het werkt fabeltjes in de hand.

  2. Nico schreef op : 2

    Hier iets over iemand die het lijk van zijn vrouw in z’n achtertuin had begraven en dat graf van de overheidsmachine moest ruimen (‘laat de doden met rust’ geldt kennelijk wel voor burgers, niet voor overheidsdienaren). Plus nog wat commentaar over de Wet op de Lijkbezorging.

  3. Rob schreef op : 4

    Volkomen eens met het artikel en de commentaren.
    En ach, cremeren is veel goedkoper dan begraven, daar klaagden de begraafplaatsen ook al over omdat steeds meer mensen zich laten cremeren.
    Wedden dat gemeenten komen met een crematiebelasting om hun inkomstenderving recht te trekken? Geld stinkt niet, ook niet als dat over een lijk verdiend wordt.

    Nou heb ik alles met mijn nabestaanden en niets met onze diefachtige, leugenachtige en dictatoriale overheid. Dus probeer ik mijn zaken zo te regelen dat de Overheid na mijn dood zo min mogelijk over houdt.

    Nico [6] reageerde op deze reactie.

  4. The Red Pill schreef op : 5

    Uitstekend verhaal.

  5. Nico schreef op : 6

    @Rob [4]: Cremeren lijkt me wel een aardig idee voor de “crème de la crème”. After all… dan is een maatschappelijk probleem zoals kwijlende mensen bij het graf van Mao ook weer opgelost. Problemen… kun je heel goed in rook laten opgaan! Whahaha….

  6. Nico schreef op : 7

    @Ratio [3]: De auteur maakt wel een punt, maar verhult dat zodanig dat het velen nog niet eens zal opvallen. Het punt op zich is goed, maar dringt niet door tot de kern van het verhaal, de oorzaak van allerlei perikelen.

  7. Nico schreef op : 9

    @jhon [8]: Ik weet niet tegen wie je het hebt? Wij laten ons in ieder geval niet kisten. De geest is uit de fles 😉 We zijn niet van plan ongelijkheid te laten toenemen.

    Een anekdote uit mijn grabbelton, waargebeurd:

    Op een dag zei een Arabier tegen me: “Je bent een jinn!”. Van jinn komen de woorden genie en genius, in Europa ook wel bekend van de geest in de wonderlamp. Voor een jinn is alles mogelijk. Hij is in staat om de wensen van anderen te vervullen, het verlangen van het hart van anderen werkelijkheid te laten worden. Ik moest deze man terugbrengen naar de realiteit en zei: “Ik ben man net zoals jij. Ook jij kunt als een jinn worden. Wil je dat?”.

    jhon [11] reageerde op deze reactie.

  8. pietjepuk schreef op : 10

    Het zit ‘m erin dat veel mensen geen ruggegraat meer hebben en hun bek niet meer lostrekken laat staan NEE zeggen of weigeren nog mee te doen.

    Bovendien zou men de huichelaars die hun ziel of zelfs nog hun moeder verkopen voor eens en altijd de rug moeten toe keren. Maar de meeste schapen gaan weer vrolijk stemmen in de waan dat het ene sikkepit uit zou maken. En de ratten en wolven in schaapskleren lachen ze vierkant uit ze onderwijl leidend naar de slachtbank.

    En de bankiers hadden allang met pek en veren op de maan gedumpt moeten worden. Hopelijk gaan steeds meer mensen inzien hoe we belazerd worden. Hopelijk…

    To be continued…

  9. Nico schreef op : 12

    @jhon [11]: Ah, duidelijk. De verhalen (vrijwel wereldwijd) over overlijden en wat er met lijken gedaan wordt, zijn één grote sluikreclame te zijn voor bestuurlijke denkwijzen en dito methoden. Over een doodscultuur.

    Neem voorouderverering in bijvoorbeeld Japan. Wanneer iemand een overgangsritueel heeft doorlopen wordt zijn vroegere leven dood geacht, komt hij (levend en wel) in een verheven positie waarin hij geëerd dient te worden en wordt voor het gewone volk, wat een bepaald mechanisme niet doorziet, een verhaaltje over voorouders die geëerd dienen te worden verzonnen. Sluikreclame.

    De verhaaltjes van bijvoorbeeld farao’s en christenen over opstanding uit de doden komen op hetzelfde neer en zijn feitelijk sluikreclame. De grap is dat verheven mensen neerzien op het gewone volk als een dodenrijk, terwijl het gewone volk uitziet naar het dodenrijk om bijvoorbeeld een beloning voor rechtvaardig gedrag te incasseren. Maar dan moeten ze wel eerst dood gaan. Weten zij veel dat ze een overgangsritueel (de ‘burgerlijke dood’ sterven) moeten doormaken…

    Als je alle verhaaltjes wegknipt, zodat alleen de nuchtere werkelijkheid overblijft, dan maakt het voor een dode niet uit wat er met zijn lijk gebeurt. Hij merkt er toch niets meer van.
    Maar zijn er andere levensvormen die graag als lijkvreter optreden. Dat zijn gewoon natuurlijke processen. Een lijk in de brand steken, gewoonlijk met een kist er omheen, is een soort natuurramp voor die wezens, die, eerlijk is eerlijk, toch ergens van moeten leven 😉

  10. Benhur schreef op : 13

    Dit artikel geeft een mooi overzicht van een veel te groot en zwaar overheidsapparaat. Alleen jammer van dat domme commentaar van een zekere Nico die meent dat hij op ieder artikel moet reageren en waarschijnlijk denkt dat mensen daar op zitten te wachten.

    Nico [14] reageerde op deze reactie.

  11. Nico schreef op : 14

    @Benhur [13]: Wat de één dom vindt, kan voor een ander interessant zijn. Wie een specifieke auteur of reageerder niet waardeert, leest zijn tekst niet. Er is geen goede reden om jezelf nodeloos te irriteren (dat zou dom zijn), negeren werkt prima.

  12. Jaas schreef op : 15

    Een kapitaal zonder staat heeft nooit bestaan.

    Alleen in de middeleeuwen, maar dat was geen kapitalisme, maar feodalisme.

    Het construct van de concurrentie vind allemaal plaats binnen de mazen van de wet en het ambtenaren apparaat. De arena van de markt is heel goed afgesloten, zodat de vechtende leeuwen en gladiatoren niet het publiek in springen als het ware.

    Banken vallen, want speculanten doen rare dingen,dingen met geld, waar jij en ik, of misschien alleen ik, niet direct zicht op hebben en de speculanten ook niet. Een bubbel ontstaat en de staat moet wel ingrijpen ? Waarom, omdat we anders nu in een soort post apocalyptische toestand leefde, met plunderende bendes, levend in nucleaire wastelands.

    Dus, ja die staat, het is een heel makkelijke zondebok, maar die staat heeft het concurrentie verhaal geintroduceert in de jaren tachtig en negentig.

    Vergeet ook niet, de verzorgingsstaat was een buffer tegen het communisme. Geef mensen wat sociale voorzieningen, anders vallen ze voor de sovjet unie. Toen de sovje unie viel, was die verzorginsstaat pleister ook niet meer nodig. Vanaf nu gaan we full contra communism, full neo liberalism, hadden de staten bedacht. Maar natuurlijk zouden ze zichzelf niet opheffen en alles aan de kapitalisten overlaten. De staat wilt dat niet en 99 procent van het volk ziet daar ook niets in. Dus zit je met een kapitalisme in de schoot van een afbrokkelende verzorgingsstaat, dat allerlei contradicties met zich meebrengt.

    Karel Beckman [16] reageerde op deze reactie.

  13. Jaas schreef op : 16

    binnen de marge van de wet bedoel ik.

  14. Scrutinizer schreef op : 17

    In dit verband werd nog het machtsmisbruik vergeten.
    Ziehier een mooi voorbeeld van waar dit monopolie toe leidt.
    www.standaard.be

  15. Doc schreef op : 18

    ga dat stomme verhaal niet eens meer lezen,heb geen schijn van kans….ga het hebe over zo’n lullo die ik onlangs bij uitzendingen gemist zag. Hij leek behoorlijk veel op Claus, hullie weet wel die gup met die das….

    Guppie lullo zat daar namens voortuitgang “kom hier met je geld” thinkdenks, dus had ie het over aliboeboe met zijn miljarden(kutchinees noem ik zo iemand) vond het geweldig dat ie met zo’n kutchinees kon praten en wel meer dan 20 minuten!

    Behalve deze geweldige kutchinees had ie ook nog eens een onderonsje met een visionair en die heb zulke geweldige plannen namelijk ziektes oplossen mbv chips!

    Kijkt daar wachten we nu allemaal op.Nou meneer jansen uwe parkinson hebbe we zo unter controle(zo grapte Mengele weleens).

    Jawel onze keuninklijke jorhiness benne geheel onder de indruk van deze darklullo want is bezig met het uberproject om neurologie samen te voegen met chiptechnokut.

    Chiptechnokut is namelijk de oplossing voor al uwe problemen, ze willen de chip ook inzetten tegen alshetwelwaarisheimer want alle lullo’s worden oud vooral die keuninklijke……

    dus alle ongelijkheid worde opgelost door MENGELECHIP!

    dus dit soort uber lange loel verhalen benne niet meer nodig,ga naar een andere planeet!