vocHet is 10 februari 1661. Het VOC schip Arnhem vaart met onder meer een lading rijst van de Oost naar de Kaap. Ze hebben de wind goed in de zeilen en maken 200 mijl per dag. Helaas neemt de storm zodanig toe dat bijna alle zeilen gestreken moeten worden. Het schip maakt slagzij en raakt lek. De situatie wordt verergerd doordat de lading rijst nat wordt en gaat werken. Kanonnen en lading worden overboord geworpen maar het schip maakt steeds meer water….

Men laat de sloep te water. Met 12 man erin, onder commando van een boekhouder. Eenmaal te water voelt de bemanning van de sloep er niets voor om langszij te komen, uit vrees dat iedereen de sloep bestormt en zal zinken. Ze bekeken de rest van de tragedie van een veilige afstand. Er waren nog ongeveer 150 opvarenden. Hiervoor was alleen de barkas beschikbaar. Dit is een wat grotere sloep. Haastig werd deze te water gelaten. Iedereen bestormde de barkas en uiteindelijk zaten er 108 man in dit scheepje. Veertig man verdronken.

De barkas kwam de sloep in de nacht tegen, en men paaide de sloep om de menselijke last eerlijker te verdelen. Men wou een man of tien overzetten van de barkas in de sloep. Onze boekhouder besloot echter weg te roeien. En hij, en zijn lotgenoten zijn nadien nooit meer gezien.

De situatie in de barkas was nijpend, het water stond tot bijna tot aan de boorden. Men zat in de eindeloze Indische oceaan, Mauritius was het gemakkelijkste te bereiken maar dit was 900 kilometer verwijderd. Eerst werd er met zeil een constructie gemaakt die de boorden verhoogde waardoor men hoop had om Mauritius te bereiken.

De boot was nog steeds zwaar beladen, er was weinig voedsel. Een drietal bootslieden stelden voor om 40 man overboord te zetten zodat de rest een eerlijke kans had op overleving. De schipper, die niet uitblonk in gezag, wist echter dit plan te torpederen door een loterij voor te stellen met 50 “nieten”. Wie een niet trok moest overboord. De drie bootslieden en de rest deinsden terug voor de ultieme consequentie.

De volgende dag begon het hard te waaien, en toen besloot men om te handelen. Zonder loterij. Als eerste werd de doodzieke bottelier overboord gezet. Daarop volgde een halfblinde oude baas en een manke Portugees. Tenslotte werd een jonge Ambonees overboord gezet. Toen hij weer in de boot probeerde te komen en zich wanhopig vastgreep aan de boot, wou iemand zijn vingers afhakken. Dit vond men te bruut, maar men wrikte wel de vingers los. Uiteindelijk sloot het water zich boven de Ambonees.

Een paar dagen later werd er een scheepsraad gehouden waarin men besloot om nog 9 man overboord te zetten. Ten dienste van het algemeen belang. Het hartverscheurende kermen van degenen die de prijs moesten betalen mocht niet baten, ze werden overboord gewerkt.

Uiteindelijk doemde na 8 etmalen van angst en ellende een eiland op. Vele avonturen later bereikten de schipbreukelingen uiteindelijk het vaderland.

bron: JC Mollema, de Nederlandse vlag op de wereldzeeën deel 2 vlag in sjouw. Voor minder dan 10 euro ruim verkrijgbaar bij de site boekwinkeltjes.

NB: lifeboat dilemma’s worden ook voor de mainstream media relevant bij zelf rijdende auto’s. Moet de voetganger of de bestuurder sterven?

20 REACTIES

  1. @Bertuz [1]: klopt, de chauffeur kan ingrijpen en is dan verantwoordelijk. De programmeurs van zelfrijdende automobielen kunnen er echter niet vanuit gaan dat de bestuurder in zal grijpen en het is aan de programmeurs om een keuze te maken in die gevallen waarin de chauffeur niet ingrijpt.

    Lifeboat discussies worden binnen de libertarische wereld wel gevoerd om de grenzen van het libertarisme te verkennen. Als de boot gaat zinken als er nog 3 mensen aan boord komen, en er nog 6 man in het water zwemmen, wat doe je?

    Bertuz [8] reageerde op deze reactie.
    Philosoof G&R Eigenwijs [9] reageerde op deze reactie.

  2. Zoals bij de meeste verhalen, gaat het in het begin al verkeerd. Aangezien iedereen is geïndoctrineerd met de gedachte ‘big is beautiful’ valt het nog niet eens op.

    Maar… waarom een schip? Als je een kano gebruikt zoals een kajak, dan kun je er als man of vrouw (of als man én vrouw) in en op zodanige wijze dat je kunt wildwatervaren, omslaan en weer boven komen etc.
    Wie de luxe uitvoering wenst vindt een mini-buitenboordmotortje uit en een omslagbestendig zonnescherm.
    Wie wat vracht wil meenemen, vindt een maritieme ‘aanhanger’ uit.

    Een mens kan als individu (man of vrouw, of man én vrouw) als ZZP optreden; de kano. Maar nee, ‘big is beautiful’ en ‘dus’ moet iemand als werknemer lid van een club annex organisatie worden of scheepseigenaar annex loonslavenhouder van een organisatie.

    Als het begin van een redenering ontspoort, dan heeft wat erna komt niet of nauwelijks zin. Het mag dan wel wat lijken, maar resulteert vaak in ‘lijken in de kast’, beerputten en wat dies meer zij.

    Tijd voor liefhebbers (van het andere geslacht, van libertarisme etc.) om uit de kast te komen! Wees eerlijk, als je een gezond en klein model hanteert zoals een kano, ‘goed huwelijk’ en/of ZZP, dan wordt het leven pas echt spannend en bevredigend!
    Wie weleens uit de kast is gekomen (de werkelijke aard tonen) weet dat een dergelijke actie op protest en zelfs verzet stuit. Maar uiteindelijk werkt het bevrijdend, ook dat is een feit.

  3. Het moge duidelijk zijn dat bij een kano of kajak het lifeboat dilemma nog niet eens ontstaat. Voorkomen is beter dan genezen.

  4. Het lifeboat dilemma toont ook aan dat decentralisatie van macht allerlei ellende voorkomt.

    Stel je voor: Er hoeft maar één ramp te gebeuren en een schip vergaat met man en muis. De lading gaat verloren. Misschien dat een paar bemanningsleden overleven.

    Verdeel je de vracht over 50 kano’s met 50 maritieme ‘aanhangers’ (kano’s die op sleeptouw worden genomen, strak overspannen met een dekzeil) en er gaan 5 vrachtkano’s door een ramp verloren, dan blijven er heel wat levens en vracht behouden.
    Om de veiligheid te borgen kunnen de 50 kano’s boordgeschut meenemen zoals de moderne versie van pijl en boog, vuurwapens. De gezamenlijke vuurkracht is ongeveer gelijk aan dat van één boordkanon. Piraten moeten van goede huize komen om alle vracht te bemachtigen!

  5. Ratio: Dank voor het neerzetten van het lifeboat dilemma.

    De kano past netjes in het rijtje metaforen voor de man/vrouw relatie: De Chinouk helicopter, de 2-wieler, de Lucifer (bestaande uit een staaf en kop), enz.

  6. Na de Lifeboat ethics opgezocht te hebben, viel me het volgende op:

    Hardin compared the lifeboat metaphor to the Spaceship Earth model of resource distribution, which he criticizes by asserting that a spaceship would be directed by a single leader – a captain – which the Earth lacks. Hardin asserts that the spaceship model leads to the tragedy of the commons. In contrast, the lifeboat metaphor presents individual lifeboats as rich nations and the swimmers as poor nations.

    Hieruit kan geconcludeerd worden dat als een mr. en mrs. Universe ontbreken, er altijd mensen ‘buiten de boot zullen vallen’. Zoals vaak is het probleem de oplossing en de oplossing het probleem 😀

  7. @Ratio [2]: Het is lijkt me niet specifiek iets voor libertariers. Drs P. offert de kleine Pjotr aan de wolven op zijn tocht naar Omsk. Het lijkt me onzinnig om alle zes de drenkelingen aan boord te nemen en er zelf aan onder door te gaan.

  8. Het probleem is natuurlijk schaarste. We kunnen het interessanter maken door te stellen dat een paar van de lieden die buiten de boot vallen hun halve bezit aan te laten bieden.

    het doet me denken aan de verontwaardiging over aanbieders van hulpgoederen na een ramp die “asociale, exorbitante” prijzen rekenen. Dit soort klagers hoor je niet als er jaren geen Harvey is en dat ze met hun goederen blijven zitten en op een houtje moeten bijten.

    Nico [13] reageerde op deze reactie.
    Ratio [14] reageerde op deze reactie.

  9. @Leonardo Pisano [12]: Het probleem is niet schaarste, maar verdeling.
    Als op de ene plaats overschotten (van macht, middelen) zijn en op de andere plaats gebrek, dan is er ergens iets verkeerd gegaan.

    De kern van het Tao concept is dat alles in de natuur (en de mens is zowel onderdeel van de natuur als in staat om die te beheersen) zo veel als mogelijk met elkaar in evenwicht is, zodat er geen conflicten ontstaan.
    Op dit Tao concept is weer het het Mandate of Heaven concept voor keizers gebouwd.

    Leonardo Pisano [19] reageerde op deze reactie.

  10. @Leonardo Pisano [12]: net zoiets. Iedereen mag verdienen aan bloedtransfusies, behalve degene wiens bloed het is. Iedereen mag verdienen aan orgaantransplantaties, behalve degene die het orgaan doneert. De bloeddonor kan eventueel slechts een reiskosten vergoeding krijgen https://www.sanquin.nl/donor/veel-gestelde-vragen-donor/#faq-4631146. Als je het jaarverslag over 2016 leest heeft de raad van bestuur van Sanuin in totaal 942 k euro ontvangen….. https://www.sanquin.nl/repository/documenten/nl/over-sanquin/over-sanquin/37356/Sanquin_jaarverslag_2016.pdf Ziek of terecht? De voorzitter ontving 220 k euro in 2016…. Wie verdient er van het bloed van anderen? (zoek op “topfunc” in de link)

    Nico [15] reageerde op deze reactie.

  11. @Ratio [14]: Typische gevalletjes van ‘met andermans veren pronken’ en ‘met de eer gaan strijken’?

    Bij bloedtransfusies moet de donor het ongemak ondergaan (prikje, daarna wat slapjes voelen). De rest van de toeleveringsketen doet wel wat werk, maar uiteindelijk voelt alleen de ontvanger zich daadwerkelijk beter.
    Het zou een enorme innovatie zijn als de ontvanger de donor zou kennen en als uiting reciprociteit ook een plezier kan doen. Liefst zonder tussenschakels in het proces

    Transfusie begon een slangetje tussen twee donors-op-bedden zodat die reciprociteit mogelijk was. Zoiets als ouders die hun kinderen bemoedigen (even wat levensenergie overhevelen).

    De toeleveringsketen die daarna is opgezet is professioneel van aard. Je weet inmiddels dat ik professionaliteit zie als ‘machinaal de naastenliefde bedrijven’ (liefst met industriële kwaliteit volgens industriestandaarden ?)
    Bah.

    Professionaliteit is dodelijk voor waarden die amateurs annex liefhebbers hanteren, zoals beroepseer, kleinambacht en vakmanschap.

    Nico [17] reageerde op deze reactie.

  12. Als we dan toch jongleren met metaforen, dan is ook duidelijk waarom:

    – Een scheepsbouwer bemanningsleden of passagiers geen enthousiasme kan bijbrengen voor het bouwen van kano’s. Er is teveel afstand tussen belevingswerelden.

    – Mensen die achteloos de natuur vervuilen en verzieken geen liefde voor de natuur bijgebracht kan worden door professionals. Er is teveel afstand tussen belevingswerelden.

    – De ‘Blauwe hemel’ (aristocratie) een bevolking geen liefde voor zelfbestuur (individueel of gezin) kan bijbrengen. Er is teveel afstand tussen belevingswerelden.

    Dit zijn gewoon natuurlijke mechanismen in actie.

    De frustratie van ‘grote jongens’ komt dus uit een volkomen logische en voorspelbare bron voort.

    De frustratie van ‘kleine mensjes’ (de ‘kabouterjes’ die het werk voor de ‘grote jongens’ dienen te doen) komt dus uit een gebrek aan goede voorbeelden en een overdosis aan misleidende voorbeelden.

    De ‘grote jongens’ vinden ‘big is beautiful’, terwijl ‘kleine mensjes’ weten dat wie het kleine niet eert, het grote niet weerd is terwijl ondertussen het grote verkillend en verziekend uitwerkt voor het kleine.
    Daarbij komt dat het kleine model, bevredigende beroepseer, kleinambacht en vakmanschap, door de ‘grote jongens’ verdrongen is middels klinische professionaliteit en schaalvergroting.

    ‘Generatie X’ (ook bekend als GenX) die door de ‘grote jongens’ is afgeschreven, is een generatie die weet dat het best anders kan. Maar hoe? Vandaar dat GenX door allerlei industrietakken als een gevaar wordt gezien. Kan GenX monddood en vleugellam blijven, dan ligt er een grootse toekomst voor ‘grote jongens’ in het verschiet. Waarbij de ‘grote jongens’ hebben bepaald dat er een X percentage ‘kleine mensjes’ buiten de boot dient te vallen om de angst (voor ontslag) erin te houden, zodat de productiviteit aangejaagd blijft worden.

  13. @Nico [15]: Twee donors-op-bedden klinkt misschien wat vreemd, maar de ene doneert bloed en de ander dankbaarheid. Twee mensen in één klap op verschillende manieren opgemonterd. Gedachtensprongetje.

  14. In het staartje 2 leerzame anekdote’s, ervaringen uit een vroeger leven, van voor onze emigratie ca. 12 jaar terug:

    1) Een goede opvoeder stond ooit regelmatig voor een groep. Hij was een goede story-teller. Hij bracht dan een verhaal, beeldende kunst, waarna hij de moraal van het verhaal vertelde.
    Dat stelden de ‘leiders’ (baasjes) van de groep niet op prijs. Ze serveerden hem af door hem monddood te maken. Waarom? Als mensen daadwerkelijk wijzer gemaakt worden, dan blijft er minder werk over voor entertainers die af en toe een klein beetje inzichten laten doorsijpelen (werkgelegenheid dus).
    Hieruit heb ik geleerd dat de waarde van beeldende kunst omhoog schiet als je de moraal van het verhaal erbij vertelt. Want van ‘iedereen ziet er wat anders in’ wordt niemand echt wijzer.

    Zoals je aan watermanagement kunt doen, zo kun je aan kennismanagement doen. Wie gebrek creëert, heeft een lucratief handeltje te gecreëerd.

    Als het gaat om grondbeginselen, dan kun je deze gang van zaken beschouwen als de industriële aanpak. Vergelijk het ambacht van moedermelk (zuivere grondbeginselen, goed voor het immuunsysteem) produceren en verstrekken met industriële productie van melkflessen en droge melkpoeder met daarin weinig of geen werkzame bestanddelen om het immuunsysteem te versterken. Niet met liefde geproduceerd en afgeleverd, maar wel inclusief fopspeen.
    Zo gaat het ook met bestuur van industriële kwaliteit. Mensen worden niet daadwerkelijk wijzer gemaakt, maar dienen oeverloos aan de fopspeen te lurken om hen zoet te houden.

    2) Een restauranthouder had een kok verboden het ‘geheim van de kok’ te verklappen, een recept voor een bepaald gerecht. Op die manier garandeerde de restauranthouder voor zichzelf omzet. Toen we aangaven dat we gingen emigreren, kregen we ‘bij de gratie Gods’ het recept mee. Omdat de restauranthouder wist dat we het niet in zijn omgeving zouden verspreiden.

    Iets dergelijks kennen we van anderssoortige professionals. Sommigen kunnen knap chagrijnig worden als je vraagt hoe hun kunstje eigenlijk werkt. Of als je hun vakgebied betreedt met kennis (oei! heiligschennis!)
    De kaken gaan dan stijf op elkaar. Ze weten; als je wijzer wilt worden dien je daar de prijs voor te betalen. Zo werkt dat nu eenmaal in de scholingsindustrie.

    In deze twee voorbeelden zie je dat de liefhebber anders optreedt dan de professional die uit is op een broodwinning en handhaving van een status.

    Een amateur (liefhebber) kan soms meer ambachtelijke vaardigheden hebben dan een professional. Opmerkelijkerwijs vindt een amateur het maar al te leuk om opgedane inzichten te delen om er anderen mee verder te helpen. De amateur houdt er in meerdere opzichten een andere moraal op na dan een professional.

  15. @Leonardo Pisano [19]: Over schaarste bestaan misverstanden. Sommige dingen zijn feitelijk schaars (beperkt), andere niet. Op het gebied van primaire behoeften wordt bewust schaarste gecreëerd. Daarbij heb ik het niet over voedsel, maar meer. Dat gaat ongeveer zo:
    “Je wilt je man of vrouw liefhebben, je kinderen zo goed als mogelijk opvoeden? Leuk bedacht, maar je zult eerst moeten voldoen aan eisen alvorens dat je toegestaan wordt”

    Anders uitgedrukt worden primaire behoeften van een mens als hefboom of breekijzer misbruikt, zodat iemand primair doet wat bijv. een werkgever, bestuurder of regering wenst.

    In de natuur werkt de cyclus van zaaien, groei en bloei, verval en afsterven van binnenuit naar buiten. De bloei levert van nature een overschot op die aan de omgeving wordt uitgedeeld.
    Op menselijk en sociaal vlak kan er ook menselijk kapitaal (goed karakter, deugden) geproduceerd worden en als erfenis aan de volgende generatie doorgegeven worden.

    Maatschappelijk is die cyclus door elkaar gehusseld en werkt het van buiten naar binnen. De bloeitijd wordt op school of op het werk doorgebracht, de groei wordt gebruikt om een bestaan uit te vreten (van buitenaf, een soort kannibalisme). Natuurlijk wordt er wel kennis in een leven gezaaid, maar dan meer als een landbouwproject met monocultuur om zoveel als mogelijk te kunnen oogsten (roofbouw).

    De uiteindelijke uitkomst is een leven dat zoveel als mogelijk is uitgevreten, door ziekte sterft in plaats van voldaan van het leven in te slapen, te weinig menselijk kapitaal (zie bovenstaand) geproduceerd kon worden en aangezien maatschappelijke systemen ook de levens van kinderen kapen ook nauwelijks erfenis (van dat menselijke kapitaal) doorgegeven kon worden aan de volgende generatie.

    Het creëren van gebrek van van andere levens te kunnen profiteren is dus geen verheffende bezigheid. Hoewel degenen die dat praktiseren er prat op gaan dat ze anderen welvaart bezorgen. Wie dat wil kan immers op de ladder stijgen om meer speeltjes en pleziertjes te verkrijgen, maar het blijft qua menselijk kapitaal armoede troef.
    In de loop der jaren kwam ik mensen tegen die voor de poen echt niet meer hoefden te werken, ze hadden meer dan genoeg, maar op het menselijke en sociale vlak bleken ze in een rampgebied met bloedstollende schaarste te leven. Misschien vandaar dat ze jegens werknemers en zakelijke relaties veelal kil en berekenend optraden.

Comments are closed.