Vanaf het begin van het postzegelverzamelen (circa 1850) tot circa 1980 vonden op het gehele zegelfront prijsstijgingen plaats. Deze prijsstijgingen zijn te categoriseren als prijsstijgingen van niet productieve  vermogensbestanddelen, in zoverre het althans gaat om zegels met waarde van enige betekenis.

Andere niet productieve vermogensbestanddelen zijn goud, zilver, schilderijen en antieke meubelen.

Als men een niet productief vermogensbestanddeel in een lade legt en deze lade na verloop van enge tijd opent, vindt men precies wat men in de lade gelegd heeft:  wanneer dat een kilo goud is, vindt men een kilo goud; wanneer het gaat om een vel postzegels, vindt  men hetzelfde vel postzegels, zij het wellicht in een slechtere conditie ten gevolge van het ontbreken van de juiste klimatologische omstandigheden in de ruimte waar het vel opgeslagen was.

Een niet productief vermogensbestanddeel levert jaarlijks niet meer op dan opbrengst van de entreekaartjes  die men verkoopt aan hen, die het voorwerp willen aanschouwen. Maar voor de meeste dergelijke vermogensbestanddelen zijn entreekaartjes onverkoopbaar.

Niemand wil toegangsgeld betalen om uw goudstaven in ogenschouw te nemen en het tentoonstellen van uw postzegelverzameling zal vermoedelijk niet de kosten opleveren die nodig zijn voor het in goede staat houden van de collectie.

De verkoper van niet productieve zaken  vertelt of suggereert de koper vaak, dat het door hem gekochte op de lange  termijn  zal toenemen in waarde.

Maar vaak is dat niet waar. De nazaten van iemand die in het jaar 1000 zijn geld in goud belegde, krijgen anno  2018  vermoedelijk niet meer  koopkracht terug voor hun goud dan  indertijd voor het  goud opgeofferd is. Mochten zij er realiter wel meer voor terugzien, dan is dat vermoedelijk het gevolg van een bubbel in 2018 of een   dal in het jaar 1000. Maar ook in dat geval heeft het goud  gedurende de afgelopen 1018 jaar  jaarlijks ten hoogste een fractie van een duizendste promille aan jaarlijks rendement opgebracht. Met postzegels is dat nog veel erger. Postzegelverzamelen is  namelijk een voorbijgaande fase in de geschiedenis  de mensheid.

Er zijn perioden geweest, dat bepaalde categorieën zegels jaarlijks in  prijs stegen. Wie  in 1955 Nederlandse zegels in een lade legde, kon deze zegels vermoedelijk in 1975 met  een behoorlijke winst verkopen. Maar wie zelf geen handelaar was, zag een deel van de waardetoeneming in rook opgaan ten gevolge van de handelsmarge.

Deze  handelsmarge is in de postzegelhandel niet gering. Wie zijn aan- en verkopen via een veiling verricht, wordt geconfronteerd met een marge die circa een derde van de bruto-opbrengst bedraagt. Bruto-opbrengst definieer ik hier als de prijs die  de koper  betaald  inclusief opgeld. De koper biedt  100 euro op een kavel  en  betaalt inclusief opgeld  circa  120 euro.  De inzender ontvangt circa 80 euro. Veertig euro, een derde deel   van de totaalopbrengst gaat verloren  doordat de marktpartijen hun transacties doen via een veiling. Is niet een veiling, maar een handelaar de  tussenpersoon, dan kan deze marge hoger of lager zijn.

Het  aan- en verkopen van zegels is vaak bewerkelijk. Gaat het om vellen zegels van hoge waarde, dan valt dat werk in verhouding tot de waarde van de zegels wel mee. Gaat het om een verzameling, dan moeten topstukken van hoge waarde een voor een bekeken worden.  Als de verzameling weinig overzichtelijk is, neemt het werk toe en wordt  het taxeren nattevingerwerk. Bij de waardebepaling dient een zekere  marge in acht worden genomen.

Op lange   termijn is belegging  in  zegels bijna  altijd een slechte zaak. Een zegel van 10 gulden dat aangeschaft is in 1913  brengt, als het goede staat verkeerd, in 2018 circa 300  euro op. Het prijsindexcijfer  met 100  als basis voor 1913  bedraagt circa  2500. De opbrengst vertaald in  guldens van 1913 bedraagt derhalve  4 procent  van (300 x 2,20371) x 1 gulden =   ruim  26  gulden.

Dat betekent  over een periode van 105 jaar een jaarlijks voor  inflatie gecorrigeerd brutorendement  van circa   één procent. Van dit brutorendement moeten dan nog afgetrokken worden de  kosten van opslag en verzekering, zodat uiteindelijk een miserabel  rendement resteert.

Ik zou hier andere voorbeelden kunnen laten zien,  die soms een iets hoger, maar  in het gros van de gevallen een veel lager en meestal  negatief rendement laten zien.

Wie zijn geld belegt, kan beter zijn geld stoppen in iets, dat  wel een jaarlijks rendement oplevert. Dat postzegels een goede geldbelegging zijn, is een mythe. Men verzamele deze voor zijn plezier en niet als geldbelegging.

Waar komt deze mythe vandaan? Vermoedelijk in de eerste plaats van personen die zichzelf graag rijk willen rekenen en in de tweede plaats van de postzegelbranche die deze mythe in de loop van de tijd maar al te graag aangezwengeld heeft.  De postzegelbranche staat niet alleen met deze aanzwengeling; handelaren in munten, kunst, antiek meubilair en oude whiskey vertellen hetzelfde.

Het resultaat van de verkeerde  inschatting van postzegels als beleggingsobject is dat  er aan het eind van de rit, als men het beleggingsobject wil verzilveren, meestal sprake is van een teleurstelling.

Het zijn niet alleen al dan niet vermogende particulieren  die deze teleurstelling  ervaren, het is ook de postzegelhandel zelf die de zaken verkeerd ingeschat heeft.

Menig winkelier wees in het verleden op een kast met zegels als hem gevraagd werd , hoe  hij  zorgde voor zijn pensioen. Bij veel handelaren bestond namelijk in betere tijden de idee, dat  de waardetoename van hun voorraad tot in de eeuwigheid door zou gaan; zij konden zich eenvoudig niet voorstellen, dat er aan de waardestijging een eind  zou komen en  dat  deze zou kunnen omslaan in een waardedaling.

Maar die waardedaling kwam. De veelgeprezen kast met de kostbare voorraad werd tot een nachtmerrie , waarvan de  opbrengst de optimistische  verwachting niet  waarmaakte.

Helaas zal de ook de bitcoin voor velen van droom tot nachtmerrie worden, een nachtmerrie waarvan de intrinsieke waarde bij aankoop nul bedroeg: een uiteindelijk waardeloos bezit, dat jaarlijks niets produceert dan illusies en opwinding voor de bezitter.

Hugo van Reijen

43 REACTIES

  1. @Scrutinizer [12]: Kijk, daar kan ik het mee eens zijn, ofschoon ik geen kortlopend staatspapier heb.

    Wat betreft Duitsland, de verschillende bundeslander hebben zich ook goed in de schulden gestoken: https://de.statista.com/statistik/daten/studie/629/umfrage/oeffentliche-pro-kopf-verschuldung-nach-bundeslaendern/ Om en nabij de 10k€ per inwoner, dat is dus inclusief bejaarden en zuigelingen, waardoor je de schuld per werkende Duitser wel mag verdubbelen. Volgens mij komt dit bovenop de nationale schulden van mevrouw Merkel en haar ‘kuch’ conservatieve beleid. Maar ik ben hier niet helemaal zeker hiervan. Als dat gaat schuiven, wat onvermijdelijk is als de rente gaat stijgen, is er geen houden meer aan.

    Zelf heb ik alleen goud, zilver en cryptomunten + fiat als handgeld om mijn rekeningen te kunnen betalen. Ik denk dan ook niet dat de cryptomunten, als hierboven omschreven, geclassificeerd moeten worden als niet-productieve vermogensbestanddelen, maar als het beste geld wat de mensheid ooit gekend heeft. Het is waar dat er een scaling probleem is en het is nog niet duidelijk of bitcoin of een van de andere munten dit gaat oplossen, spreiden is daarom verstandig.

    Voor aandelen moet je nu, zo lijkt mij, na 10 jaar koersstijgingen, naar verkoopmomenten zoeken. Evenzo staatspapier na > 30 jaar rentedalingen. Daarentegen zijn er commodities (koffie bv) die er behoorlijk interessant uitzien. Het voordeel van grondstoffen is dat ze niet failliet kunnen gaan en moeilijker uit de gratie vallen als bv postzegels.

    Scrutinizer [33] reageerde op deze reactie.

  2. Gelukkig kun je uitgerust zijn met een goede gezondheid dan al die materiële lusten?

  3. @Keinstein [31]: Tja, ik schreef met een bepaald publiek in het achterhoofd (en dat ondanks alle gekanger op de EU al bij al toch in NL/Vl. blijft wonen…).

    Als je het werkelijk wil weten: ik voorspel burgeroorlog in de gehele EU en heb qua roerend vermogen minder dan 3% nog in EUR belegd.

    Wat dan wel?
    Naast een stevige portie edel metaal, een mix van enerzijds USD (30%) en anderzijds CAD(10%) , AUD(10%), NZD(10%), HKD(20%) en SGD(20%).
    (De overweging van USD is omdat mijn nieuwe woonland grotendeels gedollariseerd is maar ik wil niet uitsluitend USD want als net daarmee wat mis is en die for daalt t.o.v. de peso dan ben ik voor 100% de pineut. De overweging van SGD en HKD is omdat ik via die beurzen aandelen koop en nog verder ga kopen van bedijven elders in de regio maar die daar een listing hebben. Als een Chinees bedrijf in HK noteert of een Maleisch in Singapore dan moeten ze rapporteren in het Engels, volgens de locale boekhoudregels en vindt de handel plaats op een min of meer fatsoenlijke markt waar corruptie en insider trading zwaar bestraft worden i.t.t. in bv. China zelf waar het schering en inslag is).

    Amper 1/3e zit nu reeds in value stocks en 2/3 in kortlopend papier en klaar om in te zetten na een stevige correctie (huiswerk al gemaakt: kooplijstje ligt klaar, alleen nog de kat uit de boom kijken).
    Door niet 100% beegd te zijn liet ik de jongste jaren wat winst liggen, maar toch haalde ik zeer aardige rendementen omdat meer dan een kwart van mijn posities voorwerp werd van een overname (aand forse premies boven de laatste koers). Kennelijk hadden grotere branchegegenoten ook opgemerkt hoe velachelijk goedkoop sommige value stocks waren (met bv. een P/E van 7 en een P/B van 0,7). Dus al bij al presteerde ik met amper 1/3 belegd (en dus 2/3 niet exposed aan een mogelijke crash) bijna zo goed als wie volbelegd was doch slechts de beursindices volgde.

    Keinstein [37] reageerde op deze reactie.

  4. @hugo van reijen [27]:

    Contant geld is in casino’s niet meer nodig. Het martingale systeem is al heel oud. Het was een serieuze bedreiging voor casino’s. Het is een van de redenen waarom bij roulette de nul is ingevoerd, en de maximale tafelinzet.

    Onder de huidige regels win je er niet veel mee, maar het grote voordeel is, dat je een leuke avond hebt zonder je geld kwijt te zijn.

    Je kan het zelf uitproberen door slechts 1 euro als openingsinzet te kiezen en een maximum van 1024 euro te stellen. Je kan dan tot 10 speelrondes verliezen (512 euro). Als je de 11e ronde wint, heb je je geld weer terug en heb je een euro gewonnen.

    Dit patroon is overigens typisch voor alle beleggingen en investeringen. Low risk = low gain & high risk = high gain. Je moet nooit gokken met geld dat je niet kan missen.

    Voor bedrijven geldt hetzelfde. Je goedlopende producten en diensten (cash cows) financieren je innovatieprogramma. Maar van de 10 innovatieprojecten mislukken er 8 of 9. De 1 of 2 die het wél goed doen moeten op de lange termijn je nieuwe cash cows worden en het verlies van de mislukte projecten (meer dan) goedmaken. Dat vereist een hoog ROI.

  5. @rien [29]: “Als er sprake is van een kill-event dan kun je statistiek uit het raam gooien.”

    Feitelijk is dit onjuist (statistiek betreft immers natuurwetten) maar mensen hebben wel de neiging om op zeker te spelen.

    Als je een aantal mensen laat kiezen tussen 85% kans op 1000 euro (en dus 15% kans op niets) en 500 euro contant in het handje, dan kiezen veruit de meeste mensen voor de zekerheid van die 500 euro.

    Dat is niet slim en onlogisch. Het risico (kans x resultaat) is in het eerste geval immers gunstiger dan in het tweede (0,85×1000 + 0,15×0 = 850 euro is hoger dan 1,00×500 = 500 euro).

    Bij vervoersstatistieken reageren mensen hetzelfde. Vliegtuigen zijn duizend keer veiliger dan auto’s. Toch zijn veel mensen angstiger om in een vliegtuig te stappen dan in een auto (over kill-event gesproken! 😉

    rien [36] reageerde op deze reactie.

  6. @Peter de Jong [35]: Die angst voor het vliegtuig is correct. 🙂

    Het probleem zit hem in de eenmaligheid. Voor de persoon zelf is er sprake van een asymetrische uitkomst. Het heeft dan weinig zin om over gemiddelden te spreken. Elk risico waarvan één van de opties resulteert in een wipe-out (kill-event) moet men niet nemen, hoe gemiddeld de uitkomst ook mag zijn. (Darwin laat groeten)

    (PS: auto vs vliegtuig is complexer omdat het hier twee kansen betreft die niet van elkaar afhangen)

    Peter de Jong [38] reageerde op deze reactie.

  7. @Scrutinizer [33]:
    “Als je het werkelijk wil weten: ik voorspel burgeroorlog in de gehele EU…”

    Dat denk ik ook. Ik woon nog wel in Europa, maar niet meer in Nederland. Wacht op de eerste freecity en vertek dan daar naartoe; anders misschien naar Azie ergens.

    Een burgeroorlog is wellicht nog een van de betere varianten, ik kan ze immers slechter verzinnen. Het zal, naar ik verwacht, leiden tot de totale balkanisering waar mensen volgens raciale en culturele overeenkomsten bij elkaar gaan wonen. Het zal het einde zijn van het Europa zoals we dat kennen en wat eeuwenlang de wereld gedomineerd heeft. Misschien is het de start van een nieuw begin als mensen gaan inzien dat hun verlangen naar een uitkeringkje, sociale zekerheid, daarmee het afstaan van hun souvereiniteit aan een politieke elite die, geheel voorspelbaar, vervolgens hun eigen megalomane plannetjes gaan uitvoeren. Maar het zou me verbazen als mensen dat gaan inzien. Het is de cyclus van opkomst, groei, bloei en verval waar uiteindelijk alle culturen aan ten prooi vallen; gelijk elk levend organisme.

    Scrutinizer [42] reageerde op deze reactie.

  8. Iemand die nu zijn geld steekt in edelmetaal of peperduur antiek speelgoed heeft geld teveel. De vraag is wat de mensen die geld teveel hebben – de nieuwe generatie – over 30, 40, 50 jaar willen hebben. Als het hip wordt in Azië postzegels te verzamelen is er al snel een tekort, ook aan Nederlandse postzegels.

    Postzegels waren een hype. Het is de vraag of het ooit weer terug komt. Het kan dus wel, als veel Aziaten die zooi willen hebben.

    Er zijn momenteel te veel mensen met te veel geld. Een deel van dat geld is geleend tegen lage rente. Dat zijn de zwakke eigenaren, en die moeten er eerst worden uitgeschut. Dat veroorzaakt een prijsdaling. Als de zwakke eigenaren eruit zijn kan de prijs weer omhoog. Het kan ook allemaal anders lopen.

    De economische winter kan overigens lang duren. Zo lang, dat het lijkt dat het nooit meer zomer wordt. En een mensenleven is natuurlijk beperkt. Generatie niks zou weleens achter het net kunnen vissen – ze zitten straks met een pensioen van niks. Na de babyboom-tsunami is alles kapot, vergelijkbaar met een sprinkhanenplaag. Plus immigratie van voornamelijk zwakbegaafden en criminelen.

    Als postzegels in een erfenis zitten zou ik ze lekker bewaren.

    Geld is belangrijk, maar welzijn is meer dan geld alleen.

  9. Edelmetaal loopt ook risico om flink in waarde te dalen. Maar het kan ook de andere kant op: prijsexplosie.

    Wat is antiek speelgoed over 50 jaar waard? Wat de gek er voor geeft. Postzegels hetzelfde, en edelmetaal eigenlijk ook.

    Ik zou graag een beetje zekerheid willen – die is er niet, accepteer het. Het kan vriezen, het kan dooien. Je moet maar afwachten.

  10. Als je afhankelijk bent voor je pensioen van de opbrengst van je postzegelverzameling verwacht ik een zeer mager pensioen.

    Ik verwacht dat als de babyboomers alles gedumpt hebben dat ze bezitten, als alles op de markt is gekomen, dat er dan een dieptepunt is aangebroken. Tenminste: in dingen die wereldwijd verkocht kunnen worden.

    OG op een verkeerde plek heeft een probleem. En OG is en blijft plaatsgebonden.

  11. @Keinstein [37]: Waar woont u momenteel? En waarom daar? En welk land (in Azie?) heeft u in gedachte als volgende bestemming? En voor wanneer precies is dat voorzien?

    De reden waarom ik het vraag is enerzijds om er zelf mogelijk wat van bij te leren en anderzijds om u mogelijk met mijn eigen destijdse gedachtengang van dienst te kunnen zijn.
    Zie reactie 22 en verder van deze oude draad:
    http://www.vrijspreker.nl/wp/2015/10/waar-moet-je-heen-als-woiii-uitbreekt/

    Overigens ben ik op zich wel een groot fan van Azie (ben trouwens net terug van een maandje China) en niet alleen om het voedsel en het “natuurschoon” maar uit oogpunt van risk management lijkt het me verstandiger een land in Latijns-Amerike uit te kiezen. De reden is dat men er (behoudens in Brazilie) overal Spaans spreekt. Stel dat u een land in Azie uitkiest en het blijkt een gode keus geweest te zijn. Prima. Maar wat als zich na een paar jaar plots toch iets voordoet (zoals een revolutie leidend tot dictatuur) waardoor u maar beter opkrast? Wel, dan had je na 4 jaar eindelijk voldoende Thais onder de knie, moet je plots Vietnamees gaan leren.
    Als Uruguay al bij al niet meer geschikt blijkt te zijn, kan je verhuizen naar Ecuador of Panama of Chili of whatever zonder weer helemaal op nieuw te moeten beginnen met het leren van een taal.
    Kortom: wie meer dan 1 verhuizing vooruit denkt, zou uit praktische overwegingen misschien beter opteren voor een land waarvan de taal ook in meerdere andere landen gesproken wordt en dan verdient Latijs-Amerika de voorkeur boven Azie.

  12. @market wizard…. dat met die suikerzakjes van van der valk!
    Als er geen vraag naar is, is de waarde nihil. Geeft niets, maar daarom lig ik ook in een deuk om dit verhaal. Gefeliciteerd met deze totaalparodie!!!!
    Of was het wel serieus? Dan is het ernstig met uw vertrouwen.

Comments are closed.