De ‘marktwerking in de zorg (en vul nog maar wat dingen in) is doorgeslagen

Hoe zo ‘marktwerking’?

  • als de vestigingseisen door vergunningen bijna onmogelijk gemaakt worden,
  • de tarieven vast staan en onder druk,
  • verbeteringen en vernieuwingen nauwelijks en pas na lange trajecten toegestaan worden,
  • het grootste deel van de ziektekosten niet door de verzekeringspremies wordt betaald, maar via de inkomstenbelasting,
  • medici zijn 40-60% van hun tijd met administratie bezig, dus niet met de verbetering van de zorg.

Allemaal opgelegde punten, die niets met marktwerking te maken hebben, integendeel, dat werkt niet.

Tekst plaatje door Björn Schellingen

En of we de zorg, NS, projectontwikkelaars of energiebedrijven bekijken: steeds weer worden er meer en andere overheidseisen aan hun bedrijfsvoering gesteld. Vaak nog tegenstrijdige ook. Dát is dus geen vrije markt.

Het enige vrije dat is overgebleven van de marktwerking is of de fysiotherapeut of arts nog wil werken voor de al 10 jaar lang zelfde tarieven (gezien de tekorten hebben ze in de verpleging hier al vrij over besloten).

Nog wat van die schunnige voorbeelden:

  • In de VS gingen na ‘privatisering’ energiecentrales failliet: omdat ze de stijgende energieprijzen, niet mochten doorberekenen.
  • de banken worden bijna onmogelijk te controleren eisen mbt opsporing witwassen opgelegd, eisen waartoe de normale opsporingsdiensten niet in staat waren, maar de banken krijgen wel de miljoenenboetes. Wie wil er nog een financiële instelling opzetten of daar werken?
  • projectontwikkelaars krijgen dusdanige gemeenteregels, dat er eenvoudigweg geen betaalbare huurhuizen voor gebouwd kunnen worden. Dus steeds grotere tekorten.

en dan achteraf sneren dat marktwerking te ver is doorgeschoten.

Of andersom: wie kan er nu nog een luchtvaartmaatschappij opzetten, wanneer alle privileges naar de KLM gaan?

25 REACTIES

  1. Studenten die geneeskunde willen gaan studeren, worden slechts mondjesmaat toegelaten. Dat leidt tot schaarste van het aanbod. Dan moet je er niet vreemd van opkijken dat de prijzen van geneeskundigen hoog zijn en blijven.

  2. Marktwerking kan alleen gunstig uitpakken als er een machtsbalans is tussen de vragende en de aanbiedende partij. Bij gezondheidszorg is dat heel moeilijk te realiseren. De zieke kan niet spelen met zijn gezondheid, er is een ongelijke informatie situatie en er is voor de vrager geen vrije keuze mogelijk tussen aanbieders. Je heil verwachten van gunstige effecten van marktwerking in deze bedrijfstak is ongegrond. Kijk naar de VS en de exorbitante kosten die mensen uit pure wanhoop maken voor zinloze chemotherapie van handige jongens in de private sector. Ook al kan al elke doctor een kliniek openen, er is geen chemotherapeut die eerlijk zal zeggen hoe vaak chemotherapie niet meer helpt en slechts de kwaliteit van het resterende leven aanzienlijk verslechtert.

    Het libertarisme doet er volgens mij goed aan de sjabloon van ‘marktwerking is de oplossing’ te laten vallen en te kijken in welke bedrijfstakken dit een goede zaak lijkt en in welke niet. Dan krijgt het meer aanhang en kan het meer bereiken.

    Bertuz [3] reageerde op deze reactie.
    Floris van den Berg [11] reageerde op deze reactie.

  3. zodra je de marktwerking een beetje belemmert, ondersteun je de bestaande leveranciers. Zodra je nieuwe toetreders helpt of subsidieert, belemmer je bestaande leveranciers. Hoe goed bedoeld ook, ingrijpen in de markt, kost altijd geld en werkt uiteindelijk averechts. Natuurlijk moeten dan inderdaad ook de belemmeringen van aantal (tand)artsen die opgeleid worden, of beloningsregels afgeschaft worden.

  4. Het is niet de marktwerking, maar de regelzucht van onze pseudo bestuurders die de boel verziekt, plus het nog steeds elitaire kaartje wat aan sommige vakken hangt, met opzet !, een afgestudeerde jonge Ats, begint dan aan zijn eigenlijke opleiding, in de practijk !
    In de gezondheidszorg, lopen veek mensen met een algemene Artsen opleiding, die deze opleiding door hun specialisatie maar gedeeltelijk kunnen gebruiken, het zijn de gezondheids techniciens die het werk doen, wat Chemo betreft ’t is bijna crimineel, maar men gelooft er toch nog in schijnbaar, lijkt ook op chantage voor mij, groet !

  5. Die zogenaamde marktwerking wat dat ook moge zijn, onze middenstands greop is aan het verdampen, in een heel rap tempo, deze middenstand bezat een zekere rijkdom, door keihard werken, en een zorgelijk bestaan, verworven, ziet er lelijk uit de dorpen de kleine en middengrote stadjes, ontdaan van hun finaniele en economische harteklop, dit werkt door, er gaat een enorme verarming optreden, de rijken worden rijker en de rest zoekt het maar uit, niet een echt leuk moment in mijn leven, om een belangrijk stuk van onze samenleving te zien sterven ! R.I.P.

    Nico [9] reageerde op deze reactie.
    Floris van den Berg [12] reageerde op deze reactie.

  6. In een werkelijk vrije markt is er sprake van balans m.b.t. de EROI waarmee Albert Spits op de proppen kwam. Boekhoudkundig zou je zeggen dat debet en credit dan in evenwicht zijn, zonder vreemd vermogen rechts op de balans of oninbare vordering links op de balans.

    In zo’n context stroomt alles lekker door zonder last van buitenaf. Als er echter van buitenaf bijgestuurd wordt door het gezonde te hinderen of saboteren zodat de boel verziekt wordt… dan zuigt dat. It sucks. Hoewel dat ook van binnenuit kan gebeuren, door bijv. een gebrek aan bepaalde kennis.

    Aan je eigen gebreken kun je wat doen door bij te leren. De gebreken van anderen die de boel verstoren is een ander verhaal. Met vereende krachten kan allerlei perversiteit ingesteld en gehandhaafd worden.

    @jhon [4]: Wat bedoel je met wennen aan globalisering? Als ZZP heb ik te maken gehad met verschillende (belevings)werelden. Als het ‘markt’ landschap niet zo egaal is, dan zie je ‘globes’ voorbij komen die gedomineerd worden door Global Cooling (ijskoud optreden), Global Warming (heethoofden), Global Poisoning (levens die kennelijk gezien worden als dumpplaatsen van chemisch afval). De seizoenswerking is kennelijk verstoord geraakt. Terwijl je zou denken dat niets zo veranderlijk is als het weer komt noodzakelijke klimaatverandering dan niet voorbij.

    Recent heb ik een medewerker van Unilever het vuur aan de schenen gelegd. Vanwege verdenking van verticale prijsbinding en een soort kartelafspraken tussen schakels in de distributieketen. Hij was als een clown die ik op leugen betrapte, ermee confronteerde en evengoed geen krimp gaf. Een professionele grappenmaker die ijskoud een bepaalde koers handhaafde. Waarom moest ik denken aan premier Rutte, die ook bij Unilever vandaan komt?

    Unilever lijkt me gezien het recente contact een uitstekende leerplaats voor het bewaren en handhaven van bedrijfsgeheimen, dat wel. Helaas heeft men daar kennelijk niet door dat gebrek aan een bepaalde transparantie precies het tegenovergestelde veroorzaakt dan men (hopelijk) beoogt. Om die les over te dragen moet het kennelijk nog wat heter onder die voeten worden 😀

  7. @johannes [7]: Er wordt wel gezegd dat ‘kleine ondernemers’ (wat ik vertaal naar ZZP) de motor van de economie zijn. Als werken als ZZP de algemene norm zou zijn, zou niemand motorproblemen hebben.

    Helaas worden sommigen kennelijk helemaal wild van reactoren. Op een andere manier kan ik niet verklaren dat er systematisch inspanningen worden geplaagd om van anderen reactoren te maken, als loonslaaf of loonslavenhouder. Pardon, als werknemer of werkgever. Hoe dat soort verschijnselen ook genoemd worden, de betrokkenen zijn niet meer dan reactieproducten. Instrumenten in de handen van anderen. Daarmee komt de zonnige kant van kleinambacht tevoorschijn:

    Er is geen betere leerschool dan streven naar individuele onafhankelijkheid en dito zelfstandigheid. Zonder patronage, zoals bij werkgevers en werknemers. Wie ‘gunsten’ verleend aan een broodheer in ruil voor de bescherming van veronderstelde veilige vleugels blijft immers in een gebrekkige toestand.
    Ik moet terugdenken aan een kleinambachtsman die producten voor de rijken produceerde. Prachtige producten maakte hij, maar zijn zelfverzekerdheid (beroepshalve) werd helaas geneutraliseerd door zijn (mijns inziens) te onderdanige houding jegens de broodheren en afgezanten daarvan. Dat stond bepaalde leerprocessen toch wat in de weg merkte ik. Patronage en bijzondere aandacht voor broodheren heeft zowel voor- als nadelen, dat is een feit. Je zou kunnen stellen dat zo’n verhouding het marktlandschap wat verstoort of vormt, het is maar hoe je het bekijkt. Egaal is het niet, zoals dat bij ieder als ZZP zou zijn. Dus dat kan dan anders, beter, gezonder.

  8. Problemen met een vrije markt zijn vooral een mentaliteitskwestie, zoveel is zeker.

    Vergelijk dat met restauranthouders, die het innerlijke van anderen menen te restaureren. Dat lijkt mooi, maar het geheim van de kok (recept) wordt niet vrijgegeven. Zelfs de principes niet, waar iemand meer aan heeft dan een recept. Dat heeft kennelijk te maken met het geheim van de smid, die restauranthouders heeft geproduceerd. Bepaalde dingen worden angstvallig en krampachtig geheim gehouden. Op die manier werkt een bezoek aan een restaurant wel verkwikkend uit, maar niet zo inspirerend. Je moet als een hacker gaan onderzoeken wat er nu eigenlijk in die gerechten zit. Met meer transparantie zou een bezoek aan een restaurant veel leuker kunnen worden, voor wie wil leren.

    Zo werkt een té gereguleerde markt. Geheimhouding ‘hier’ om ‘daar’ zoveel mogelijk van uiteindelijke uitkomsten te kunnen profiteren. Om die mentaliteitskwestie te verhullen wordt een bepaalde afstand tussen producent en consument gecreëerd. Een rookgordijn om om die hete brij te kunnen blijven draaien.
    Bij (zelf)bestuur en wetgeving is het geen rookgordijn, maar een muur. The ‘law’ is andersom een ‘wall’ die mentaliteitskwesties niet kan oplossen, hoogstens een instrument is om de behandeling ervan uit te kunnen stellen. Bij stellen weet je dat als er eenmaal een muur is opgetrokken, de echtscheiding nabij is. Tenzij die muur als de Berlijnse muur wordt behandeld, en samen wordt ontmanteld.

  9. @anp rebel [2]:

    “Marktwerking kan alleen gunstig uitpakken als er een machtsbalans is tussen de vragende en de aanbiedende partij. Bij gezondheidszorg is dat heel moeilijk te realiseren. De zieke kan niet spelen met zijn gezondheid, er is een ongelijke informatie situatie en er is voor de vrager geen vrije keuze mogelijk tussen aanbieders.”

    Pardon my french, maar wat een kulargument. Als je zo redeneert dan is er altijd in iedere situatie een ongunstige machtsbalans. Een consument heeft honger, een winkelier heeft geen honger dus er is een machtsbalans tussen de aanbiedende en vragende partij. Honger hebben is immers geen keuze.

    Dat slaat nergens op. Zoiets zou misschien opgaan bij acute honger waarbij iemand binnen nu en 5 minuten het loodje legt, maar dat is maar een fractie van de totale markt. In de overige 99.999% van de tijd heb je alle mogelijkheid om te shoppen. En mensen kunnen shoppen omdat er een grote mate van vrije markt is in voedselvoorziening. Stel dat de overheid maar 2 spelers op de voedselmarkt zou toelaten en die spelers 60% van de tijd formulieren zou laten invullen. Wat zou er dan gebeuren met de voedselprijs denk je?

    Hetzelfde geldt natuurlijk voor de zorg. Hoe meer aanbieders die hun diensten vrijelijk kunnen aanbieden, hoe beter voor de consument. De overheid is een ramp voor de zorg.

    anp rebel [13] reageerde op deze reactie.

  10. @johannes [7]: De rijken worden rijker en de armen worden ook rijker. Vergelijk eens iemand die arm is in 2019 met iemand die arm is in 1800. Daar waar mensen armer worden ligt de oorzaak in steeds hogere belastingen in combinatie met werkverboden.

  11. @Floris van den Berg [11]:

    Bedankt voor je reactie.

    Je geeft aan dat het bestaan van een machtsbalans tussen vrager en aanbieder van een voorziening geen goede maatstaf is voor het beoordelen of marktwerking zou kunnen zorgen voor zowel een bevredigende afzet voor de aanbieder als consumptie voor de vrager.
    Want zeg je, kijk maar naar de voedselmarkt. Daar is ook geen machtsbalans, want de vrager heeft honger en de aanbieder niet. En neem ik aan, je bedoelt te zeggen, dat daar marktwerking in het algemeen naar bevrediging verloopt.

    Dat op de groente- en fruitmarkt als voorbeeld marktwerking tot bevredigende resultaten leidt komt omdat de mensen juist geen honger hebben! Als de groente erg duur is, nemen ze alleen de seizoen groenten of slaan een dagje over. Trekken wel een blikje open. De aanbieder blijft dan zitten met groenten die snel verleppen. En de aanbieder die dan nog wel ‘los’ gaat heeft geen extra opslag kosten, etc. Maar de mensen willen wel, als het niet te duur is, lekkere groenten en fruit kopen! Snap je dat daardoor vanzelf een machtsbalans kan ontstaan?

    Die omstandigheden doen zich niet voor bij de gezondheidszorg. Dat heb ik bedoeld te zeggen. De arts hoeft zijn chemospul niet zo gauw weg te gooien. De patiënt weet niet, heeft ook geen ervaring ermee, hoe weinig aan inkoop die rotzooi de arts kost. De marktklant weet wat andijvie is, maar de patiënt weet niet van Cyclon Bc17a is. Als die daar een brutale vraag over stelt aan de arts, want hij heeft toch op internet gelezen etc., dan zegt de arts met een vriendelijk gezicht dat de patiënt in een aparte situatie zit van een ander soort kanker op een wat andere plek, waardoor alleen het peperdure Cyclon Bc17a nog in aanmerking komt. De patiënt hoeft het niet te doen hoor, zegt de arts, maar gaat u er dan maar vanuit dat het binnen een paar maanden afgelopen is met u. Met Cyclon Bc17a geef ik u een serieuze kans!

    Als tegenargument gebruik je ook nog de overweging dat als er maar genoeg concurrentie is tussen de artsen, de aanbieders van gezondheidszorg, dat dan er toch weer een machtsbalans zou ontstaan, waardoor in dat geval marktwerking ook in de gezondheidszorg bevredigend zou kunnen werken. Die concurrentie zou dan vanzelf ontstaan als er maar veel artsen zijn. Het blijkt dat dit niet zo werkt. Daar is een aantal redenen voor:

    1. Mensen vragen in de praktijk inderdaad vandaag de dag vaker om een second opinion. Maar daar blijft het ook bij. Het is namelijk ondoenlijk om net als op de markt de kraampjes af te lopen op zoek naar het beste aanbod.

    2. De artsenopleiding is veel langer dan die van de marktkoopman. Het zou een geweldige maatschappelijke verspilling zijn als wij vanwege de concurrentie veel meer artsen zouden hebben dan nodig. De artsen opleiding is niet alleen een van de langste, maar ook een van de duurste.

    3. De groente en fruit marktkoopman kan snel reageren op verandering van vraagvolume. Hij kan een ongeschoolde vragen hem op bepaalde dagen in de kraam mee te helpen of juist iemand minder nemen. Hij kan kiezen op welke markten hij wil staan. En als markten grote verandering in vraag kennen komen er meer of juist minder kraampjes. Het duurt negen jaar voordat je een overigens nog onervaren arts extra kan inzetten en elke arts die ander werk moet gaan doen zal zich eerst weer moeten opleiden. De chemoarts kan niet zomaar chirurgijn worden als daar werk in ontstaat.

    4. De groente en fruit koopman kan zijn productkennis gemakkelijk bijspijkeren als er nieuwe groenten en fruitsoorten aangevoerd worden. En groente en fruit blijven altijd verkocht worden. Maar wat gaat een medisch specialist doen als door een geheel andere en betere behandelmethode zijn specialisme eigenlijk zou moeten vervallen? Stuurt hij zijn patiënten dan allemaal zelf weg?

    5. Tijdens de opleiding krijgen vrijwel alle artsen hetzelfde te leren. Denk je dat ze plotseling in de praktijk heel anders gaan diagnosticeren? Heel veel artsen werken tegenwoordig met een en hetzelfde diagnostiek programma. Niet de arts bepaalt in hoofdzaak, maar het computerprogramma. Het is niet zoals op de markt, waar de ene kraamhouder juist veel appels heeft ingekocht en de andere meer ging voor de goedkopere sinaasappels.

    6. De definitieve uiteindelijke keuze zal de arts maken mede gebaseerd op zijn eigen verdiensten. Kan hij een leuke korting krijgen bij merk A met stof B, dan stelt hij dat voor zonder de beweegreden te noemen. De patiënt blijft hiervan onkundig. De marktklant ziet zelf alles wat er in de kraam ligt en kan zelf denken wat de koopman graag kwijt zou willen.

    7. Andijvie is andijvie, dat snapt de marktklant toch wel, al beweert de koopman nog zo van niet. Maar welke patiënt weet hoe hij moet kiezen tussen de duurdere Cyclon Bc17a of de goedkopere maar volgens de arts minder of niet werkende Cyclon Bc19e?

    8. De marktklant kan zich permitteren zich te vergissen. Hij koopt die grote prachtig gekleurde glanzende appels die melig blijken te smaken de eerste keer, maar koopt de volgende keren toch die wat kleinere onopvallende appels met hier en daar een klein vlekje, maar die wel veel lekkerder smaken. De patiënt die een niet werkend medicijn kiest heeft kans het niet meer na te kunnen vertellen, laat staan de mogelijkheid daarna nog een betere keuze te doen.

    9. De marktklant kan soms profiteren van informatie die hij van bekenden hoort die ook op de markt kopen. De patiënt zijn situatie is vaak uniek en behandeling door de een zegt vaak niets over wat een ander nodig heeft.

    10. Zowel marktkoopmannen als medische specialisten leren van elkaar ten aanzien van de omgang met de vraagkant. Maar bij markt koopmannen kan dat veel minder kwaad. Dat komt omdat deze een kooprelatie opbouwt met de meeste van zijn klanten en de medisch specialist niet. Daar is vaak maar één ziekte of aandoening die bestreden wordt met genezing, overlijden of einde behandeling als eindresultaat. Als de markt koopman een trouwe klant bedondert en hij negeert de klachten is hij de klant kwijt. De arts ging daar bij afloop van de behandeling al sowieso van uit.

    Ik hoop dat je nu meer inziet dat het vraagstuk of vrije marktwerking in een bedrijfstak een goed idee is gecompliceerd is en het best per bedrijfstak bekeken kan worden. Voor wat betreft de gezondheidszorg zou je bijvoorbeeld nog wel goed kunnen denken aan het open gooien van de markt van minder ingrijpende medicijnen. Dus meer medicijnen naar de drogist dan nu het geval is. De apotheker is te duur omdat hij teveel rekent voor zogenaamde receptcontroles die weinig of niets voorstellen en voor adviezen die niet gegeven worden of waar de klant geen behoefte aan heeft.

    Floris van den Berg [14] reageerde op deze reactie.

  12. @anp rebel [13]:

    “Je geeft aan dat het bestaan van een machtsbalans tussen vrager en aanbieder van een voorziening geen goede maatstaf is voor het beoordelen of marktwerking zou kunnen zorgen voor zowel een bevredigende afzet voor de aanbieder als consumptie voor de vrager.”

    Wat een vreemde samenvatting van mijn woorden. In hoeverre er sprake zal zijn van een “bevredigende afzet” is afhankelijk van vele factoren. Laat de markt nu juist de plek zijn waar door een veelheid aan aanbieders met verschillend aanbod – diversiteit dus – een voor iedereen zo gunstig mogelijke transactie tot stand kan komen. Het beperken van het aanbod staat daar haaks op.

    Jij kwam met het argument dat vrije markt in de zorg niet kan werken omdat mensen ziek zijn en dus geen keuzemogelijkheden hebben. Dat is zoals ik al zei regelrechte kletspraat. Iemand die honger heeft kan shoppen in het aanbod. Iemand die ziek is kan shoppen in het aanbod.

    “De arts hoeft zijn chemospul niet zo gauw weg te gooien. De patiënt weet niet, heeft ook geen ervaring ermee, hoe weinig aan inkoop die rotzooi de arts kost. De marktklant weet wat andijvie is, maar de patiënt weet niet van Cyclon Bc17a is.”

    Dat hoeft de klant ook niet te weten. Daar huurt hij de dokter voor in. De klant hoeft alleen maar te weten of de dokter capabel is en binnen zijn prijsbereik. Je hoeft ook niets te weten van het werk dat een stukadoor doet om een stukadoor in te huren.

    “Mensen vragen in de praktijk inderdaad vandaag de dag vaker om een second opinion. Maar daar blijft het ook bij. Het is namelijk ondoenlijk om net als op de markt de kraampjes af te lopen op zoek naar het beste aanbod. ”

    Waarom is dat ondoenlijk?

    “De artsenopleiding is veel langer dan die van de marktkoopman. Het zou een geweldige maatschappelijke verspilling zijn als wij vanwege de concurrentie veel meer artsen zouden hebben dan nodig.”

    Waarom is dat verspilling?

    “De chemoarts kan niet zomaar chirurgijn worden als daar werk in ontstaat.”

    Een timmerman wordt ook niet zomaar een straaljagerpiloot als de markt daar op vraagt. Wat is je punt?

    “Maar wat gaat een medisch specialist doen als door een geheel andere en betere behandelmethode zijn specialisme eigenlijk zou moeten vervallen?”

    Een andere baan zoeken.

    “Tijdens de opleiding krijgen vrijwel alle artsen hetzelfde te leren. Denk je dat ze plotseling in de praktijk heel anders gaan diagnosticeren?”

    Dat kan ik niet beoordelen en jij ook niet. Tevens heb ik geen idee wat je daarmee wilt zeggen. Als er een reden is om op een andere manier een diagnose te stellen dan zullen artsen dat wel doen. Geneeskunde staat niet stil.

    “De definitieve uiteindelijke keuze zal de arts maken mede gebaseerd op zijn eigen verdiensten. Kan hij een leuke korting krijgen bij merk A met stof B, dan stelt hij dat voor zonder de beweegreden te noemen. De patiënt blijft hiervan onkundig.”

    Want artsen studeren 20 jaar om je daarna doodleuk niet werkende medicijnen voor te schrijven omdat daar zo leuk aan te verdienen is. Ofzo. Je hebt een erg laatdunkend beeld van artsen.

    “Maar welke patiënt weet hoe hij moet kiezen tussen de duurdere Cyclon Bc17a of de goedkopere maar volgens de arts minder of niet werkende Cyclon Bc19e?”

    Hoe weet ik of de stukadoor mengseltje A of B op mijn muur moet smeren zodat de tegels blijven hangen? Dat weet je niet en dat hoef je niet te weten. Je gaat af op de expertise van de stukadoor. Als dan toch de tegels van de muur afdonderen dan beland die info wel op de één of andere review site waar anderen kunnen lezen dat ze deze stukadoor moeten mijden.

    “Ik hoop dat je nu meer inziet dat het vraagstuk of vrije marktwerking in een bedrijfstak een goed idee is gecompliceerd is en het best per bedrijfstak bekeken kan worden.”

    Dat vraagstuk is in het geheel niet gecompliceerd. De zorgmarkt moet in zijn geheel open. Een vrije markt maakt de zorg beter en goedkoper zoals vrije concurrentie dat altijd doet.

    anp rebel [15] reageerde op deze reactie.

  13. @Floris van den Berg [14]:

    Bedankt voor je reactie

    Je stelt:
    ”… vraagstuk is in het geheel niet gecompliceerd. De zorgmarkt moet in zijn geheel open. Een vrije markt maakt de zorg beter en goedkoper zoals vrije concurrentie dat altijd doet.”

    Wat ik je geprobeerd heb duidelijk te maken is, dat het niet zo simpel ligt. Dat heb ik toegelicht aan het noemen van nogal wat verschillen tussen de groente en fruitmarkt en de gezondheidszorg. Als gevolg daarvan ligt het veel meer voor de hand te veronderstellen dat marktwerking gunstiger kan uitpakken bij de eerste dan bij de tweede.

    Ik begin te begrijpen wat jij over het hoofd ziet. Waar jij je onvoldoende mee hebt beziggehouden is de voorwaarden waaronder een vrije marktwerking kan functioneren. Daarbij moet je op een meer abstract niveau maatschappelijke verhoudingen bezien. Daar komen ook mijn punten, overigens niet uitputtend in aantal, vandaan waarom ik overweeg dat de gezondheidszorg zich niet zo leent voor vrije marktwerking. Ik heb dat deze keer samengevat in de omschrijving dat er een machtsbalans moet zijn tussen aanbieders en vragers. Ik heb dat een andere keer ook wel eens gedaan door voorwaarden voor bevredigende marktwerking na te lopen. Ik wil er nog wel eens een paar noemen:

    1. Er moeten voldoende aanbieders zijn waaruit de vragers een gelijkwaardige keuze kunnen maken. Je kan wel veel artsen hebben, maar de keuze wordt er niet groter op als in de praktijk hooguit er een ’second opinion’ optie is voor de patiënt.

    2. Er moeten voldoende vragers zijn die getalsmatig invloed kunnen uitoefenen op het aanbod. Iemand die aan een zeldzame ziekte lijdt kan verrekken bij vrije marktwerking. Waarom zou iemand in zo’n situatie zich daarin nog specialiseren? Commercialisering leidt tot verschraling van het aanbod. Waarom is er alleen nog maar rotzooi op tv, waarom zijn er lokale treintjes opgeheven?

    3. Zowel vragers als aanbieders dienen onafhankelijk van elkaar te opereren. Indien dat niet het geval is zal er prijsopdrijving door de aanbieders ontstaan of afpersing door de vragers. Het is een koud kunstje voor de enkele ziekenhuizen in een regio om afspraken met elkaar te maken over tarieven en tariefstructuren ook al hebben ze daar nog zoveel artsen werken.

    4. Vragers en aanbieders moeten vrij de markt kunnen betreden of verlaten. Iemand die ziek is en dringend geholpen moet worden kan zich niet permitteren de gezondheidsmarkt te verlaten als het hem allemaal te duur is. Een arts die 9 jaar heeft moeten studeren alvorens hij aan de slag kon gaan zal niet zomaar zeggen ik stop met deze behandeling en ik ga weer iets heel anders behandelen als de inkomsten tegenvallen. Andersom zal gelden dat artsen die veel werk krijgen de prijzen enorm kunnen opvoeren, omdat het toch 9 jaar duurt voordat er nieuwe artsen hun markt zullen betreden. En via de dan particuliere opleidingscentra zullen zij er dan wel voor zorgen dat het dan nog veel langer duurt. Kijk eens naar de Nederlandse advocatuur en de Orde van Advocaten zou ik zeggen.

    5. De markt moet een stabiel karakter hebben. Stabiliteit ontstaat alleen door snelle correctie mogelijkheid van vraag en aanbod door het prijsmechanisme. Als door felle concurrentie van veel specialisten het inkomen sterk terug zou vallen gaat niemand meer de lange en inspannende specialistische opleiding volgen, waardoor na verloop van tijd juist weer een groot tekort ontstaat aan die artsen. Echt neem van mij aan dat men als fruitverkoper op de markt sneller kan toetreden dan als snijdend oncoloog.

    6. Vrije marktwerking als zodanig moet een stabiel vooruitzicht hebben. Het instellen is één ding en al garantie voor chaos, het openhouden van de markt is nog iets heel anders. Om te voorzien of een in een bedrijfstak ingestelde vrije marktwerking een bevredigende toekomst heeft moeten maatschappelijke verhoudingen worden bestudeerd die van toepassing zijn op die bedrijfstak. En die zijn niet gunstig voor de gezondheidszorg. Denk bijvoorbeeld aan het fusievraagstuk of politieke inmenging of druk van patiëntenverenigingen en farmaceuten.

    Natuurlijk zie ik ook grote tekortkomingen in het huidige Nederlandse gezondheidszorg systeem. En die hebben ook te maken met zaken die ontbreken en juist wel aanwezig zijn bij een goed functionerende vrije markt. Maar het aanpakken van die gebreken wil niet automatisch zeggen dat het geheel overlaten aan de vrije markt van de gezondheidszorg voor mensen een goed idee zou zijn.

    Floris van den Berg [16] reageerde op deze reactie.

  14. @anp rebel [15]: Knap dat jij zonder mij te kennen kan zien hoe ik al dan niet op abstract niveau maatschappelijke verhoudingen kan zien. Heb je dat gezien in je glazen bol? Je woorden wekken irritatie op, niet in de laatste plaatst omdat je gewoon ongelijk hebt.

    Niemand beweerd dat voedselmarkt precies hetzelfde werkt als de zorg en élke dienst/service leent zich voor de vrije markt. De vrije markt is simpelweg vraag en aanbod zonder van staatswege afgedwongen restricties. Laat ik nog even benadrukken dat er in de zorg momenteel géén vrije markt is.

    “1. Er moeten voldoende aanbieders zijn waaruit de vragers een gelijkwaardige keuze kunnen maken.”

    Dit ben ik met je eens. Het aanbod wordt op dit moment op allerlei manieren kunstmatig beperkt. In een vrije markt zou er een veel groter en diverser aanbod zijn en daardoor meer keuzevrijheid.

    “2. Er moeten voldoende vragers zijn die getalsmatig invloed kunnen uitoefenen op het aanbod. Iemand die aan een zeldzame ziekte lijdt kan verrekken bij vrije marktwerking.”

    Wat is voldoende? Interessant dat je vindt dat mensen met een zeldzame ziekte kunnen verrekken. Dat zegt veel over jou.

    “3. Zowel vragers als aanbieders dienen onafhankelijk van elkaar te opereren. Indien dat niet het geval is zal er prijsopdrijving door de aanbieders ontstaan of afpersing door de vragers.”

    Zoals ik je al eerder probeerde uit te leggen, maar kennelijk komt dat niet binnen, kun je dat (ten onrechte) op elke markt toepassen. Als iemand heel erge honger heeft dan kan hij worden afgeperst door een groenteboer, want er is een scheve machtspositie. In de praktijk werkt dit nooit zo.

    “4. Vragers en aanbieders moeten vrij de markt kunnen betreden of verlaten. Iemand die ziek is en dringend geholpen moet worden kan zich niet permitteren de gezondheidsmarkt te verlaten als het hem allemaal te duur is.”

    Iemand kan het zich ook niet permitteren om niet te eten als het eten allemaal te duur is. Hij kan de voedselmarkt niet verlaten. Toch ligt de supermarkt vol met betaalbaar voedsel. Dat komt natuurlijk door concurrentie. Dat snap je zelf ook wel.

    “5. De markt moet een stabiel karakter hebben. Stabiliteit ontstaat alleen door snelle correctie mogelijkheid van vraag en aanbod door het prijsmechanisme.”

    Dit ben ik ook met je eens. Dat prijsmechanisme is er nu niet, want er is geen sprake van vrije markt. Sterker: de prijzen worden geheim gehouden. Weet jij vooraf wat een beenbreuk operatie kost? Ik ook niet. De zorg is een gesocialiseerd, potdicht staatskartel met gedwongen afname en een veelvloed aan andere dwangmatige invloeden.

    “6. Vrije marktwerking als zodanig moet een stabiel vooruitzicht hebben. Het instellen is één ding en al garantie voor chaos, het openhouden van de markt is nog iets heel anders. ”

    Wat bedoel je met “het openhouden van de markt?”

    “Maar het aanpakken van die gebreken wil niet automatisch zeggen dat het geheel overlaten aan de vrije markt van de gezondheidszorg voor mensen een goed idee zou zijn.”

    De zorg in de vrije markt is het beste idee van de wereld. Tenzij je geen betaalbare en kwalitatief goede zorg wil. Dan is het een slecht idee.

    anp rebel [18] reageerde op deze reactie.

  15. “Het instellen is één ding en al garantie voor chaos, het openhouden van de markt is nog iets heel anders.”

    Wat is er in hemelsnaam mis met chaos? De chaos van de vrije markt zorgt al minstens sinds de Gouden Eeuw voor een steeds hoge levensstandaard. Ondertussen zie je in landen die zeer geordende centrale planning hanteren dat mensen sterven van de honger. Kijk naar het voormalige USSR. Doet mij maar chaos.

    anp rebel [18] reageerde op deze reactie.

  16. @Floris van den Berg [16]: @Floris van den Berg [17]:

    Bedankt voor je reacties.

    Je bent een volhouder. Ik mag dat wel. Ik zal nog eens op een andere manier uitleggen waarom dat vrije markt met concurrentie mechanisme alleen niet werkt.
    We stellen nu eens dat aan de door mij eerder genoemde voorwaarden voor het functioneren van de vrije markt wordt voldaan. Gaat het dan wel marcheren? Gaat de mensheid dan een toekomst tegemoet van vastgehouden welvaart in tegenstelling tot wat we in onze historie, de afgelopen 5000 jaar hebben gezien?

    De participanten in de vrije markt wereld zijn de ondernemer, de kapitaalverschaffer, de arbeider en de consument. De eerste drie leveren de goederen en diensten waar de laatste gebruik van maakt. Welvaart betekent dat er in voldoende mate goederen en diensten worden aangemaakt die aansluiten bij de behoeften hiërarchie van de mensheid en door de mens ook kunnen worden genoten.

    Centraal opgelegde collectieve regelingen, om te zorgen dat dit gebeurt bestaan niet. De aanhanger van het vrije markt met concurrentie beginsel ziet dat als slechts contra productief. Nee, laat alles maar aan de vrije markt over. Dan komt het goed. De argumentatie daarbij is dat kapitaalverschaffer, ondernemer en arbeider voor hun eigen belang gaan, maar zij het vanzelf wel zullen merken als hun handelen niet leidt tot producten en diensten waar de consument behoefte aan heeft. Dan wordt er niks verkocht en dat komt hen duur te staan. En dat houdt hem op het pad naar de bevrediging van behoeften van de mens volgens de behoeften hiërarchie. De consument kent een soortgelijke motivatie. Hij wil graag producten en diensten die op de markt worden aangeboden ontvangen, maar kan dat alleen als hij zich inspant om een bijdrage te leveren aan het maken van producten en diensten waar behoefte aan is, hetzij als ondernemer, hetzij als kapitaalverschaffer of hetzij als arbeider.
    Dus de kern van deze economische filosofie van de vrije markt met concurrentie bestaat uit de idee dat vanuit het nastreven van het individuele belang van elk mens bij deze wijze van economische organisatie vanzelf het collectief belang in de vorm van welvaart ontstaat en in stand wordt gehouden.

    De achillespees van deze filosofie is de afwijzing van opgelegde collectieve regelingen omdat zij te moeilijk zijn voor de mens. Het lukt de mens niet om daarmee de welvaart te bevorderen is de idee. Elke ingreep in het economisch proces op deze manier leidt weer tot een nieuwe situatie die zo mogelijk nog erger is dan de kwaal.
    En hiermee ontstaat voor de filosofie van de vrije markt met concurrentie het volgende onoverkomelijke probleem. Als je als uitgangspunt moet nemen dat de mens niet in staat is zijn samenleving te besturen door centraal opgelegde collectieve regelingen in het leven te roepen, ook niet als deze ontstaan vanuit maatschappelijk belang overwegingen nadat verdieping van kennis over zijn samenleving als geheel heeft plaatsgevonden, wie is dan in staat te zorgen wat maatschappelijk gezien wenselijk is? Niemand, dat doet de markt vanzelf is dan het antwoord. Maar wat komt er dan op die vrije markt? Zijn dat wel goederen en diensten waar de mens het meest behoefte aan heeft?

    En dan gaat de filosoof van de vrije markt met concurrentie over op een cirkelredenering. Kijk, zegt hij dan, blijkbaar is aan de goederen en diensten die op de markt komen behoefte, want anders zouden ze niet op de markt komen.

    Daarmee is de zwakheid van de filosofie van de vrije markt met concurrentie bloot gelegd. De aanhanger hiervan controleert niet of de marktwaar wel overeenkomt met de menselijke behoeften hiërarchie. En er is alle reden om aan te nemen dat veel van de marktwaar niet overeenkomt met de behoeften hiërarchie. Dat wordt veroorzaakt door de zwakke schakel in de theorie dat het nastreven van het eigen belang van ondernemer, kapitaalverschaffer, arbeider en consument automatisch leidt tot keuzes in de richting van het bijdragen leveren aan de totstandkoming van goederen en diensten volgens de behoeften hiërarchie van de mensheid als geheel, de standaard van welvaart.

    Voorbeeld. Neem de woningnood. Behoorlijk wonen bevindt zich in de basis van de behoeften hiërarchie. De kapitaalverschaffer kijkt naar rendement. Als hij meer kan verdienen met het opknappen van woningen in grote steden en opdelen in kamers en die te verhuren doet hij dat en laat hij geen extra woningen bouwen om de woningnood te verkleinen en daarmee ook nog eens zijn rendement op termijn. De aannemer is niet beroerd al die woningen in kamertjes op te delen in plaats van nieuwe huizen te bouwen als hij daar meer mee kan verdienen. De bouwvakker pakt zijn loon mee en laat waar hij aan het werk moet aan zijn baas over. De consument zou heel graag in een woning willen wonen, maar die is voor hem niet op de markt verkrijgbaar. Daarom gaat hij maar op kamers.

    Zo kunnen voor meerdere bedrijfstakken voorbeelden worden gegeven. Voor de gezondheidszorg is een bekend voorbeeld de geringe investering die wordt gedaan in aandoeningen die veel voorkomen en waar mensen veel last van ondervinden en die met betrekkelijk geringe onderzoekskosten aangepakt zouden kunnen worden. Maar het gebeurt niet, omdat de perceptie bij de kapitaalverschaffer in de gezondheidszorg is dat met de waarschijnlijk eenvoudige behandelmethoden die uit de onderzoeksresultaten zouden volgen weinig rendement valt te behalen.

    Floris van den Berg [19] reageerde op deze reactie.
    Nico [20] reageerde op deze reactie.

  17. @anp rebel [18]:

    “We stellen nu eens dat aan de door mij eerder genoemde voorwaarden voor het functioneren van de vrije markt wordt voldaan. Gaat het dan wel marcheren? Gaat de mensheid dan een toekomst tegemoet van vastgehouden welvaart in tegenstelling tot wat we in onze historie, de afgelopen 5000 jaar hebben gezien?”

    Je veronderstelt dat we al 5000 jaar te maken hebben met vrije markten? Was het maar zo’n feest. Kapitalisme en de vrije markt zijn vrij recente uitvindingen. En om je vraag te beantwoorden: ja, dan zouden we een toekomst van vastgehouden welvaart zien.

    “De argumentatie daarbij is dat kapitaalverschaffer, ondernemer en arbeider voor hun eigen belang gaan, maar zij het vanzelf wel zullen merken als hun handelen niet leidt tot producten en diensten waar de consument behoefte aan heeft. Dan wordt er niks verkocht en dat komt hen duur te staan.”

    Correct. Als je iets op de markt aanbiedt waar geen behoefte aan bestaat, dan gaat je bedrijf failliet. Jaarlijks gaan er dan ook duizenden bedrijven failliet.

    “Dus de kern van deze economische filosofie van de vrije markt met concurrentie bestaat uit de idee dat vanuit het nastreven van het individuele belang van elk mens bij deze wijze van economische organisatie vanzelf het collectief belang in de vorm van welvaart ontstaat en in stand wordt gehouden”

    Op zich correct, met de kanttekening dat er geen collectief belang staat. Louter individueel belang.

    “wie is dan in staat te zorgen wat maatschappelijk gezien wenselijk is”

    Wij allemaal. Wij als mensen bepalen wat er maatschappelijk gezien wenselijk is.

    “En dan gaat de filosoof van de vrije markt met concurrentie over op een cirkelredenering. Kijk, zegt hij dan, blijkbaar is aan de goederen en diensten die op de markt komen behoefte, want anders zouden ze niet op de markt komen.”

    Dit is een omkering van de werkelijkheid. Er worden *voortdurend* dingen op de markt aangeboden waar geen behoefte aan is. Die dingen sterven uit, want die bedrijven gaan failliet of gaan iets anders doen. De dingen waar wél behoefte aan is komen bovendrijven, worden gekopieerd door anderen en verbeterd, enzovoorts.

    “Daarmee is de zwakheid van de filosofie van de vrije markt met concurrentie bloot gelegd. De aanhanger hiervan controleert niet of de marktwaar wel overeenkomt met de menselijke behoeften hiërarchie.”

    En dat gebeurd dus voortdurend. Aanbod dat niet wordt geconsumeerd verdwijnt. Datgene dat wel wordt geconsumeerd blijft.

    “Als hij meer kan verdienen met het opknappen van woningen in grote steden en opdelen in kamers en die te verhuren doet hij dat en laat hij geen extra woningen bouwen om de woningnood te verkleinen en daarmee ook nog eens zijn rendement op termijn.”

    Als er geen vraag is naar woningen dan zal dat ongetwijfeld zo zijn. En is er geen bestaand aan de wensen tegemoetkomend aanbod dan is daar altijd nog de mogelijkheid om tegen betaling iets te laten bouwen of zelf een huis te bouwen.

    “Zo kunnen voor meerdere bedrijfstakken voorbeelden worden gegeven. Voor de gezondheidszorg is een bekend voorbeeld de geringe investering die wordt gedaan in aandoeningen die veel voorkomen en waar mensen veel last van ondervinden en die met betrekkelijk geringe onderzoekskosten aangepakt zouden kunnen worden.”

    Maar er is dan ook geen enkele vorm van vrije markt in de zorg. In een vrije markt zouden patiënten zich kunnen verenigen en rechtstreeks kunnen betalen voor onderzoek naar een medicijn. Iets dat nu absoluut niet kan. De vrije markt zou een zegen zijn voor mensen met een zeldzame aandoening.

    Nico [20] reageerde op deze reactie.
    anp rebel [23] reageerde op deze reactie.

  18. @anp rebel [18] en @Floris van den Berg [19]: Kanttekening vanaf de zijlijn:

    “Nee, laat alles maar aan de vrije markt over. Dan komt het goed. De argumentatie daarbij is dat kapitaalverschaffer, ondernemer en arbeider voor hun eigen belang gaan…”

    Zo’n schets van een vrije markt lijkt wat op een universitair lesje voor het vak dogmatiek. Zo’n vrije markt is niet vrij, want er zijn afhankelijkheden in het ontwerp gebouwd. Dat is de olifant in de kamer.

    In een werkelijk vrije markt zijn deze 3 partijen met elkaar verenigd in de persoon van een freelancer. Die heeft ‘kapitaal’ (wat daar dan ook de definitie van is, zoals karakter en/of kennis, capaciteiten) gebouwd, is initiatiefrijk, bedenkt en voert zelf plannen uit.
    Vrij betekent doen wat je wilt en laten wat je niet wilt. Afhankelijkheden misvormen een ‘vrije’ markt. Je zou dan denken dat de taak voor een marktmeester is om ervoor te zorgen dat de markt werkelijk vrij blijft door geen geforceerde afhankelijkheden toe te staan. Waarbij het dan de vraag is wie die marktmeester is, want een zelfstandige zorgt ervoor meester over de eigen activiteiten te zijn of in ieder geval te worden.

    Floris van den Berg [21] reageerde op deze reactie.

  19. @Nico [20]: anp rebel lijkt te denken dat uitvinden welke spullen gewild zijn op de markt zijn een soort magie is. “Zomaar ineens vanuit het niets komen er spullen op de markt die iedereen wil!”. Zoiets is natuurlijk totaal losgezongen van de werkelijkheid.

    In werkelijkheid wordt gewoon alles waarvan we maar kunnen bedenken dat het misschien waardevol is aangeboden en zit daar min of meer toevallig af en toe een treffer tussen. Zonde van de inspanning zou je zeggen om van alles aan te bieden waar geen behoefte aan is, maar het is altijd beter dan centrale planning.

    Nico [22] reageerde op deze reactie.

  20. @Floris van den Berg [21]: Voor wie zelf de centrale planning van het eigen leven verzorgt, komt maar weinig uit het niets. Alle verschijnselen zijn veroorzaakt. Zo ook overproductie van ‘diensten’ en producten die nogal contra-productief uitwerken, schadelijk voor gezondheid.

  21. @Floris van den Berg [19]:

    Bedankt voor je reactie.

    In mijn Reactie nr. 2 is uitgelegd dat marktwerking dan alleen gunstig kan uitpakken als er een machtsbalans is tussen de vragende en de aanbiedende partij.
    In mijn Reactie nr. 13. Is daaraan toegevoegd dat concurrentie tussen aanbieders waarvan jij veel heil verwacht vaak om praktische redenen of maatschappelijk op onoverkomelijke bezwaren stuit. Ik geef als voorbeeld een groot deel van de gezondheidszorg.
    In Reactie nr. 15 heb ik systematisch nagelopen een zestal premissen waarvan de vrije markt met concurrentie filosofie uitgaat en toegelicht dat deze voorwaarden in nogal wat bedrijfstakken niet vervuld worden.
    Tenslotte heb ik in Reactie nr. 18 uitgelegd dat i.t.t. wat jij als ’vrije markt met concurrentie’ filosoof beweert zelfs als aan al die premissen wordt voldaan de marktwerking tekort schiet in het aanbieden van producten en diensten overeenkomend met de behoeften hiërarchie van de mens. Ik heb daarvoor het voorbeeld van de woningnood in de grote steden gegeven:

    ”Behoorlijk wonen bevindt zich in de basis van de behoeften hiërarchie. De kapitaalverschaffer kijkt naar rendement. Als hij meer kan verdienen met het opknappen van woningen in grote steden en opdelen in kamers en die te verhuren doet hij dat en laat hij geen extra woningen bouwen om de woningnood te verkleinen en daarmee ook nog eens zijn rendement op termijn. De aannemer is niet beroerd al die woningen in kamertjes op te delen in plaats van nieuwe huizen te bouwen als hij daar meer mee kan verdienen. De bouwvakker pakt zijn loon mee en laat waar hij aan het werk moet aan zijn baas over. De consument zou heel graag in een woning willen wonen, maar die is voor hem niet op de markt verkrijgbaar. Daarom gaat hij maar op kamers.”

    Je verweer hier op:
    ”Als er geen vraag is naar woningen dan zal dat ongetwijfeld zo zijn. En is er geen bestaand aan de wensen tegemoetkomend aanbod dan is daar altijd nog de mogelijkheid om tegen betaling iets te laten bouwen of zelf een huis te bouwen.”

    Dus als ik het goed begrijp:

    1. Als de consument zich niet kan permitteren een bestaand huis te kopen, dan kan hij altijd een nieuwe kopen, want de markt daarvoor is concurrerend en de verkopers van nieuwe woningen weten niet hoeveel de bestaande woningen kosten?

    2. Als de consument zich niet kan permitteren een bestaand huis te kopen, dan kan hij altijd er zelf een bouwen, want dan bestaat de ver doorgevoerde arbeidsdeling van onze complexe samenleving ineens niet meer en kan elke consument die voor het marktkraampje staat even omlopen en achter het kraampje gaan staan: maar even zelf zijn woning bouwen?

    3. Als door ruimtegebrek woningnood bestaat, dan heeft de consument daar toch geen last van want dan komen er door concurrentie meer aanbieders die aardoppervlak op de markt aanbieden? En dan kan de consument daarop gewoon zijn eigen huis bouwen?

    4. Als de consument zich niet kan permitteren een bestaand huis met aanwezige aansluitingen te kopen, dan kan hij overal zijn eigen huis bouwen en kan hij op de markt voordelig kiezen uit het aanbod van aansluitingen. De grond ligt vol met rioleringen, water- en energieleidingen en op de grond openbare wegen. Door concurrentie van aanbieders op die markten kan hij voordelig terecht?

    Ik stop er mee. Jij hebt gewonnen. Ik kan jou niet op gedachten brengen. Als ik moet kiezen tussen jouw ’vrije markt met concurrentie lost alles op’ filosofie en Nico’s filosofie van ’als de mensen nou eens liever tegen elkaar doen wordt alles opgelost’ vind ik die van Nico realistischer. Maar aan jou het laatste woord.

    Floris van den Berg [25] reageerde op deze reactie.

  22. ANP rebel en Floris van den Berg: Intuïtief… bespeur ik dat jullie wat langs elkaar heen communiceren. Het is geen wedstrijdje hé… Suggestie: Denk eens na over ‘elkaar iets gunnen’. Een feitelijk vrije markt kan niet zonder dat bestaan. Problemen ontstaan pas bij afgunst, misgunnen, jaloezie. Of laksheid, luiheid etc. Het gaat niet primair om constructies en regelingen, maar om de aard, het karakter.

  23. @anp rebel [23]:

    “In mijn Reactie nr. 2 is uitgelegd dat marktwerking dan alleen gunstig kan uitpakken als er een machtsbalans is tussen de vragende en de aanbiedende partij.”

    En ik heb uitgelegd waarom dat niet klopt.

    “In mijn Reactie nr. 13. Is daaraan toegevoegd dat concurrentie tussen aanbieders waarvan jij veel heil verwacht vaak om praktische redenen of maatschappelijk op onoverkomelijke bezwaren stuit.”

    En ik heb uitgelegd waarom dat niet klopt.

    “In Reactie nr. 15 heb ik systematisch nagelopen een zestal premissen waarvan de vrije markt met concurrentie filosofie uitgaat en toegelicht dat deze voorwaarden in nogal wat bedrijfstakken niet vervuld worden.”

    En ik heb uitgelegd waarom dat niet klopt.

    “Tenslotte heb ik in Reactie nr. 18 uitgelegd dat i.t.t. wat jij als ’vrije markt met concurrentie’ filosoof beweert zelfs als aan al die premissen wordt voldaan de marktwerking tekort schiet in het aanbieden van producten en diensten overeenkomend met de behoeften hiërarchie van de mens.”

    En ik heb uitgelegd waarom dat niet klopt. Als je mijn reacties niet leest dan heeft discussie natuurlijk weinig zin.

    “Als de consument zich niet kan permitteren een bestaand huis te kopen, dan kan hij altijd een nieuwe kopen, want de markt daarvoor is concurrerend en de verkopers van nieuwe woningen weten niet hoeveel de bestaande woningen kosten?”

    En behalve dat je mijn reacties niet leest, verplaats je ook de doelpalen. Je argument was dat de markt niet het type huizen levert waar de consument om vraagt. Mijn reactie daarop was dat de consument zelf initiatief kan nemen om het huis te krijgen dat hij wél wil.

    “want dan bestaat de ver doorgevoerde arbeidsdeling van onze complexe samenleving ineens niet meer”

    Ik heb geen idee waar je het over hebt.

    “Als door ruimtegebrek woningnood bestaat, dan heeft de consument daar toch geen last van want dan komen er door concurrentie meer aanbieders die aardoppervlak op de markt aanbieden?”

    De rest van je verhaal is ook wartaal. Laten we er maar mee stoppen.

Comments are closed.