maandag, 6 juli 2015
Doorsturen Doorsturen   Printen Printen

Lokten de Verenigde Staten de aanval op Pearl Harbor uit? (deel 2)

gale boettischerGale Boetticher: In deel 1 van dit drieluik over het ontstaan van de oorlog tussen Amerika en Japan bekeken we de relaties tussen de twee landen tot aan 1939. Hoewel er sprake was van vijandigheid, was een oorlog zeer ver weg. Dat veranderde door de Duitse invasie van Polen in september van dat jaar…

De kans op oorlog tussen Japan en de Verenigde Staten werd een stuk groter door de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog. Nadat Hitler in september 1939 Polen binnenviel, verklaarden zowel Frankrijk als het Verenigd Koninkrijk de oorlog aan Nazi-Duitsland. In de eerste maanden na die oorlogsverklaring gebeurde er eigenlijk niet veel in West-Europa, maar dat veranderde in mei 1940. Hitler startte toen een groot offensief om Frankrijk te veroveren. Met zijn bekende Blitzkrieg-tactieken lukte het hem om de Fransen in slechts enkele maanden te onderwerpen. Het Franse leger werd destijds door velen gezien als het best getrainde in de wereld, en dus kwam het nieuws van die nederlaag aan als een grote schok in de rest van de wereld. Om Duitsland te beschermen tegen een Britse invasie, veroverde Hitler ook Nederland, België, Luxemburg, Denemarken en Noorwegen. Daardoor was in de zomer van 1940 een groot deel van West-Europa in zijn handen, en de Britten vreesden dat zij ook snel aan de beurt zouden zijn om door de Duitse oorlogsmachine onder de voet te worden gelopen. Een aanzienlijk deel van het machtige Britse leger was namelijk omgekomen in de slag om Frankrijk, en vele andere regimenten bevonden zich ver van Engeland in de vele koloniën. Bijzonder veel mankracht om de Britse eilanden te verdedigen was er daardoor niet. (1)

Winston Churchill, de man die kort na de uitbraak van de oorlog premier van het Verenigd Koninkrijk was geworden, dacht daarom dat hij alleen van Hitler zou kunnen winnen als de Amerikanen zich ook met de oorlog zouden gaan bemoeien. Toen zijn zoon hem vroeg hoe hij de strijd zou winnen, zei Churchill dan ook letterlijk: “Ik zal de Verenigde Staten er in slepen.” (1) Gelukkig voor hem, was de Amerikaanse president Roosevelt (FDR) een goede vriend van de Britse premier. De twee hadden al jarenlang contact met elkaar. FDR was een anglofiel, en nog belangrijker: hij vreesde dat een Britse nederlaag de weg vrij zou maken voor Hitler’s wereldoverheersing. Om die reden wilden FDR en een groot deel van zijn regering graag de Britten steunen en deelnemen aan de oorlog tegen Nazi-Duitsland. Er was echter een groot probleem dat hem niet de mogelijkheid daartoe gaf. Na de teleurstellende afloop van de Eerste Wereldoorlog was het overgrote deel van het Amerikaanse publiek en parlement oorlogsmoe. Hoewel de VS bij de winnaars van die oorlog hoorde, was de wereldvrede die toenmalig president Wilson had beloofd nooit gekomen. Na ‘De Oorlog Die Alle Oorlogen Zou Beëindigen’ was er alleen maar meer oorlog. Als gevolg daarvan hadden de meeste Amerikanen geen zin om zich weer in een Europese oorlog te storten. Opiniepeiligen toonden aan dat de meerderheid een buitenlandse politiek van non-interventie steunde. Het Amerikaanse congres verklaarde daarom luid en duidelijk tegen interventie in de Britse strijd tegen Hitler te zijn. En zonder haar steun kon FDR niet de oorlog verklaren. Omdat hij echter vastberaden was om het Verenigd Koninkrijk te redden, ging hij op zoek naar andere manieren om de strijd met de nazi’s aan te kunnen gaan. (1)

Churchill en FDR ontmoetten elkaar op de Atlantische Conferentie in augustus 1940 om te bespreken hoe zij toch samen konden werken om Hitler te verslaan. Churchill vroeg de Amerikaanse president om de oorlog te verklaren, maar FDR vertelde hem nogmaals dat dit politiek gezien niet mogelijk was. “Ik kan de oorlog niet verklaren”, zei hij. “Ik kan oorlog maken. Als ik het congres zou vragen om de oorlog te verklaren, dan zullen zij daar maanden over discussiëren.” (2) Om oorlog te kunnen ‘maken’, hoopte de Amerikaanse president een accident met Nazi-Duitsland uit te kunnen lokken in de Atlantische Oceaan. Tijdens de Eerste Wereldoorlog had Duitsland het Amerikaanse passagiersschip de Lusitania laten zinken, en dat had een groot effect op de Amerikaanse bereidwilligheid om aan die oorlog deel te nemen. FDR hoopte dat zoiets nu weer zou gebeuren. Om dat te bewerkstelligen werden vele Amerikaanse schepen naar het Verenigd Koninkrijk gestuurd met wapens en andere hulpgoederen die de Britten enigszins uit de brand zouden moeten helpen. Zelfs hele vliegtuigen werden voor een spotprijsje die kant opgestuurd. Toen de Britse schatkist zelfs het kleine beetje geld daarvoor niet meer kon ophoesten, lukte het FDR om het Amerikaanse congres te overtuigen de wapens praktisch gratis weg te geven via de Lend-Lease Act. Officieel werden de goederen via die wet aan de Britten geleend, maar iedereen wist dat ze nooit terug zouden komen. Toch lukte het niet om ervoor te zorgen dat Hitler die wapenleveringen aan zou vallen en FDR zo de mogelijkheid zou geven zich officieel in de oorlog te mengen. De Duitse dictator wist namelijk dat Amerikaanse deelname hem grote problemen zou kunnen opleveren, en was dan ook zo slim om er alles aan te doen dat te voorkomen. Op 25 april 1941 gaf hij daarom de Duitse marine nogmaals te verstaan dat “alle incidenten met Amerikaanse schepen voorkomen moeten worden.” (3) En op 22 mei van dat jaar zei hij tegen admiraal Raeder, één van de weinige Duitse officieren die wel voor oorlog met de VS waren, dat “wapens niet gebruikt mogen worden. Zelfs niet als de Amerikaanse schepen zich niet neutraal opstellen.” (3) Zodoende onstonden er geen serieuze conflicten tussen Duitse en Amerikaanse schepen. Hitler liet zich niet een oorlog met de VS inlokken, en daarom kon FDR nog steeds niet de strijd aangaan. De Amerikaanse president had echter nog een andere strategie – een plan B – om dat mogelijk te maken.

In september 1940 was Japan officieel lid geworden van de As-mogendheden met de ondertekening van het Driemogendhedenpact. Dat was een militair bondgenootschap tussen Nazi-Duitsland, Italië en Japan. Voor de laatstgenoemde was het echter vooral symbolisch, aangezien er geen serieuze plannen waren om Japanse troepen naar Europa te sturen. Toch bleek de ondertekening van het pact een fatale fout te zijn voor de Japanners. Het gaf FDR namelijk de mogelijkheid om de strijd met Hitler aan te gaan door eerst Japan te provoceren tot een aanval. Door de slechte relatie tussen de VS en Japan, en omdat de Japanners gezien werden als raciaal inferieur, had een groot deel van de Amerikaanse bevolking al een zeer negatief beeld van dat land. FDR verwachtte dat deze opinie het voor hem makkelijker zou maken om eerst met Japan ten strijde te trekken en vervolgens ook met haar Duitse bondgenoot, in plaats van rechtstreeks aan de nazi’s de oorlog te verklaren. De Amerikaanse president zei tegen zijn minister van Binnenlandse Zaken, Harold Ickes, dat hij van plan was om “een strop om de nek van Japan te leggen en er af en toe eens een trek aan te geven.” (1) Daarom beval hij – kort na de ratificatie van het Driemogendhedenpact – een tweedelig embargo tegen Japan. De verkoop van staal en schroot aan Japan werd sterk beperkt en hij vroeg aan Amerikaanse zakenlui om materiaal dat geschikt was voor de productie van wapens niet meer naar dat land te exporteren. Echt veel stelden de maatregelen niet voor; ze vormden absoluut geen bedreiging voor de Japanse macht. Wat echter wel zeer verontrustend was voor de Japanners was de aankondiging dat er mogelijk een olie-embargo tegen hun land zou worden ingesteld in de toekomst. Historicus George Victor schreef dat ‘een grote toevoer van olie essentieel was [voor Japan] om haar oorlog in China voort te kunnen zetten. Aangezien het land zelf geen olie had, kocht Japan niet alleen het grootste deel van haar olie van de Verenigde Staten, maar ook 80 procent van haar petroleumproducten – inclusief 90 procent van haar benzine”. (1) De aankondiging van een mogelijk olie-embargo zorgde voor paniek bij het Japanse leiderschap, en bracht haar voor het eerst tot het serieus overwegen van oorlog met de Verenigde Staten. Zonder olie zou het Japanse Rijk ten dode zijn opgeschreven. FDR wist dat heel goed, en hoopte juist dat de Japanners uit angst daarvoor iets doms zou doen. Zo vertelde hij tegen een bezoeker aan het Witte Huis dat “dit land klaarstaat om de trekker over te halen als de Japanners iets doen. […] De publieke opinie zal geen domme dingen van de Japanners tolereren… Het enige wat mij zorgen maakt is dat de Japanners, de Duitsers en de Italianen al jarenlang geen fouten lijken te maken. […] Er kan nu echter een tijd komen waarin de Duitsers en Japanners wel iets doms zullen doen. En dat zal ons [de oorlog] in slepen.” (1)

In de maanden na de aankondiging van een mogelijk olie-embargo lieten de Japanners zich echter niet provoceren, en dus kon de VS nog steeds niet deelnemen aan de Tweede Wereldoorlog. In juni 1941 gebeurde er echter iets wat alles zou veranderen…

Dit was het tweede deel van het drieluik. Morgen verschijnt het derde en laatste deel op deze site.

Gale Boetticher

Bronnen:

The Pearl Harbor Myth (George Victor, 2007)

To Have and Have Not (Jonathan Marshell, 1995)

Pearl Harbor (Percy en Bettina Greaves, 2010)

 

 
Waardering: 
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars

Door , topic: Algemeen
Reacties op dit artikel kunnen gevolgd worden op de RSS 2.0 feed.
Reacties
  1. Jacob Bogers schreef op : 1

    (quote).. dat Amerikaanse deelname hem grote problemen zou kunnen opleveren, en was dan ook zo SLIM om er alles aan te doen dat te voorkomen…

    Zo “slim” was Adolf blijkbaar niet.
    en.wikipedia.org
    Germany was obliged to come to the aid of Japan if a third country attacked Japan, but not if Japan attacked a third country. Nevertheless, the German government chose to declare war on the United States.