4 REACTIES

  1. Het betoog van Socrates of kunde vs. democratisch snoepgoed is glashelder en volkomen logisch, maar toch mist er iets. Gelukkig kwam er gisteren hier iets voorbij dat heel bruikbaar is om te illustreren.

    Stel jezelf eerst voor; een ‘loslopende man en vrouw’ vinden elkaar, zijn vruchtbaar en vermenigvuldigen zich, waarna een stam ontstaat. Op het punt dat het eerste ambt ontstaat, een stamhoofd, bevindt die stam zich op een afslag richting ‘highway to hell’. De grote vraag is wat dat stamhoofd gaat doen. Wat afhankelijk is van denkbeelden. Kennelijk hebben druïden, geestelijken en sjamanen stamhoofden (later vorsten) geïnspireerd om de afslag richting ‘highway to hell’ te nemen.
    Terwijl het zelf-bestuurlijke model origineel all-in-one was, ieder individu volledig autonoom hoewel in samenwerking met de omgeving, werden groepen met functies geïmplementeerd. Originele instituties werden gedraaid en binnenste buiten gekeerd om tot iets te komen wat later corporatisme werd genoemd. Wat de creatie van weer volgende instituties vereiste. En de verdringing van bepaalde kennis, die voor het originele zelf-bestuurlijke model relevant waren maar voor een collectief sociaal model ongewenst. Censuur die nadrukkelijker werd na de introductie van het feodalisme, onder de in ieder geval deels ontzielende leiding van geestelijken.

    Dan doorschakelen om in staat te raken filosofische dwaalwegen te corrigeren: Gisteren kwam hier de term ‘generativity’ voorbij. Er blijken een aantal varianten op dit thema te bestaan, zie Engelstalige wikipedia:

    1) Generativity: De zorg voor het neerzetten en leiden van een volgnede generatie. Klinkt mooi, maar dit betreft niet de simpele lichamelijke, geestelijke, intellectuele dimensies. Het is een ‘social technology’ constructie voor ‘social engineering’. De psychoanalist die dit heeft bedacht heeft kennelijk uit de grabbelton van gewoonten en gebruiken iets geplukt, daar een mooie naam aan gegeven en daar een mooi klinkende theorie omheen gebouwd. Zo komt het in ieder geval over.

    2) Generativity Theory (GT, een soort Grand Tourismo): Komt van een psycholoog die ervan uitgaat dat creativiteit een vaardigheid is die geleerd kan worden. Dat is een feit, zij het dat deze psycholoog een dwaalweg á la B.F. Skinner (behaviorisme) inslaat. Daarvan komen toverwoorden á la Challenging, Broadening, Surrounding and Capturing. Vooral dat vangen is een oud gebruik. Inzicht in het red box and banana problem dat een duif oplost door op een rood voetstuk te gaan staan. Mooie woorden voor iets dat allang was bedacht, want ambten en posities waren er allang.

    3) Generative grammar: “Aha, eindelijk gaat het interessant worden” dacht ik. De bedenker, Noam Chomsky, wordt gezien als anarchistisch en libertarisch. Het betreft hier taalkunde, maar wat Noam stelt is ook van toepassing op het gebied van psychologie en zel-bestuur. Hij stelt dat er zoiets is als ‘universal grammer’. Woorden om iets onder woorden te brengen wat ieder (al dan niet diep) binnenin weet. Daarnaast zijn er woorden voor allerlei vakgebieden; jargon. Daarmee kom je via de verdringing van bepaalde kennis die ik zojuist noemde, tijdens en na de introductie van het feodalisme, bij een concept wat Noam Poverty of the stimulus (POS) noemde.
    Het mechanisme van POS vertaalt zou je kunnen stellen dat de verdringing van bepaalde kennis uit beschavingen ervoor zorgt dat inkomende stimuli (woorden) zodanig verarmd zijn, armoedig en pover zijn geworden, dat ‘universal grammer’ simpelweg incompleet is. Veronderstelde veredeling impliceert daarmee verarming, zoals dat ook op andere aandachtspunten het geval is.
    Aanvaarde en gebruikelijke recepten voor sociale modellen komen ook met andere schadelijke bijwerkingen: Als er geen woorden voor iets bedacht zijn, dan zal het volgens ‘de autoriteiten’ wel niet de moeite waard zijn om erover na te denken. En ‘dus’ doen volgzame anderen dat niet, of misschien stiekem en buiten beeld van Inquisitie-achtige praktijken die in feite schending van het kern-gezonde impliceren.
    Daarnaast is iets beseffen en weten één ding, maar woorden in het gebied ‘universal grammer’ zouden ook tot bepaalde gedragingen leiden. Wat van origine het geval was, maar in projecten genaamd ‘beschaving’ taboe is verklaard of ‘gewoon’ verboden.
    Anders uitgedrukt wordt het door allerlei inkomende dwang een helse klus om ondanks omgevingsfactoren toch nog een navolgbaar voorbeeld neer te zetten. Omdat de ‘highway to hell’ verplicht is gesteld. Dat hebben geestelijken en opperhoofden zo besloten, op hun manier demo(n)cratisch.

    Ga je, dit beseffende, terug naar wat Aristoteles te vertellen had over kunde en snoepgoed, dan is het evident dat er een noodzaak bestaat om terug te gaan naar het punt waarop de afslag richting ‘highway to hell’ genomen werd en van daaruit op een andere manier verder te gaan. Voor het in de circulatie brengen van allerlei vervalsingen van filosofische concepten en ideeën werd dat De Weg genoemd – ook bekend als Tao. Om de verwarring compleet te maken is er een vervalste versie van De Weg uitgebracht. Waardoor nu angstscenario’s in omloop zijn over bijv. een ineenstorting of omkering van yin en yang, en niemand eraan schijnt te denken dat ook het huidige yin en yang concept in feite een vervalsing is van een origineel. Minstens het leeuwendeel van alle ellende die er tegenwoordig is kan m.i. terug herleid worden naar het nemen van de afslag richting ‘highway to hell’ en het vervalsen van kern-gezonde concepten. Wat niet wegneemt dat er destijds redenen waren om die afslag richting filosofische dwaalweg te nemen. Nood breekt wet zal men destijds gedacht hebben. Waardoor allerlei wetten sindsdien in feite tijdelijke noodwetten zijn geworden. Een inmiddels eeuwenlang aanhoudende noodtoestand om het maar zo uit te drukken, die netjes in stand wordt gehouden.

  2. Demo(n)cratie is de dictatuur van de meerderheid, ongeacht welke perverse richting die ingaat.

    Zojuist voor gebruik elders een stukkie geschreven over mensen die menen dieren gevangen te mogen nemen en houden, zoals overigens mensen dat ook met mensen menen te mogen doen:

    De casuaris is kennelijk een nogal onbekende vogel. Wel een leerzaam praatplaatje: Deze alleseter heeft precies in het midden (denk aan de gulden middenweg) nagels van 12 cm. Lang genoeg om zichzelf en desnoods anderen te kunnen beschermen.

    Dit doet denken aan het verschil tussen een actuaris en een een casuaris: Een actuaris ziet toe op solvabiliteit, rentabiliteit en technische voorzieningen. Door en voor anderen, want een toezichthouder is zelf een buitenstaander.
    Wat je een casuaris zou kunnen noemen is heel iets anders. Stel jezelf een aandachtspunt als een balletje voor, wat in een andere context geplaatst kan worden. Hoe gedraagt zo’n balletje zich dan, en hoe verhoudt zo’n balletje zich tot de omgeving, wat juristen ‘in casu’ zouden noemen?

    Het is een kwestie van perspectief, maar traditie vereist dat er naar voorzieningen wordt gekeken zonder dat er gekeken wordt naar hoe één aandachtspunt zich gedraagt (of gebrekkig is, of niet functioneert) in een andere context. Daar komen veel denkfouten van. Gewoon omdat gevolgen van beslissingen onvoldoende in beeld komen.

    Agressie
    Er wordt van de casuaris gezegd dat deze vogel iedereen aanvalt. Agressief! Maar nee. Deze vogel valt vooral degenen aan die haar of hem gevangen nemen en gevangen houden. Is dat zo moeilijk om te bedenken?

    Doet denken aan iemand die ik recent sprak, met een kaketoe op de schouder. Omdat die kaketoe beet, moest ‘ie in de kooi. Maar misschien wilde deze kaketoe gewoon liever ergens anders zijn… en dat hoor je dan weer niemand zeggen. Een aangelijnd of gekooid dier is ‘slecht’ als ‘ie bijt. Maar nee, de wannabe eigenaar heeft dan een gebrekkig of rottig karakter. Want dieren en mensen willen alleen met een ander samen zijn als de ander geen gebrekkig of rottig karakter in zich heeft. Tenzij om te corrigeren, dat is de uitzondering op de regel. Eerlijk is eerlijk.

  3. @only you [3]: Het marx-isme komt over als een ander handelsmerk van degenen die de touwtjes in handen willen houden. Onder de valse vlag van allerlei moois voor de arbeidersklasse werd die als een soort slavenklasse behandeld, met minachting. Ook al zijn er bijv. in de DDR heus wel leerzame sociale experimenten uitgevoerd. Zie bijv. het artikel De seksuele heilstaat.

    Jezelf wat gunnen maar meer dan een ander riekt naar verknipt kapitalisme. Onder de vlag ‘sommigen zijn meer gelijk dan anderen’. In de kern van dergelijk denken gaat iets gruwelijk mis…

Comments are closed.