Door Stefan Gleason, Money Metals Exchange

President Joe Biden ontkent het inflatierisico.

De president heeft het kort over inflatie gehad en kon niet ontkennen dat de prijzen dit jaar snel zijn gestegen, maar ontkende dat deze sterke toename bijzonder was.

“Sommige mensen hebben hun bezorgdheid geuit dat dit een teken van aanhoudende inflatie zou kunnen zijn, maar dat is niet onze mening,” aldus Biden. “Onze experts geloven en de gegevens tonen aan dat de meeste prijsstijgingen werden verwacht en naar verwachting tijdelijk zullen zijn”.

Vertrouw op de experts! Immers, wanneer hebben ze zich over iets vergist… naast oorlogen en pandemieën?

Ze hebben het de laatste tijd helemaal mis als het om inflatie gaat.

Het Amerikaanse Ministerie van Arbeidszaken rapporteerde vorige week een toename van 5,4% in de consumentenprijsindex van juni 2020 op juni 2021. Geen van Biden’s experts had zo’n grote stijging verwacht.

Het Begrotingsbureau van het Witte Huis had in zijn recente begrotingsvoorstel een inflatie van 2,1% in 2021 voorspeld. De werkelijke inflatie is meer dan het dubbele.

De Federal Reserve heeft op zijn beurt de inflatie dit jaar tijdens beleidsvergaderingen iedere maand onderschat. Men weet zeker dat de overschrijdingen “van tijdelijke aard” zijn, maar wat als ze daar ook fout zitten?

Zou het kunnen dat al deze zogenaamde “experts” andere doelstellingen hebben dan het verkondigen van de waarheid? En is een politiek verhaal belangrijker, het dienen van Wall Street, of het onderbouwen van een gekozen financiele politiek? De  inflatieontkenners dienen machtige belangen die niet liever niet willen dat het publiek een groeiende inflatiedreiging waarneemt of ernaar handelt.

Discussies over het inflatieniveau zijn niet alleen academisch. Het verkeerd inschattten van inflatie kan verschrikkelijke gevolgen hebben voor beleggers.

Als de markten de echte inflatie onderschatten en het inflatierisico onvoldoende meewegen, dan kan dit betekenen dat hele beleggingscategorieën onjuist worden gewaardeerd.

Dat zorgt voor een risicovol beleggingsklimaat.

Denk aan het meest voor de hand liggende geval: de obligatiemarkt. De berekening of obligaties voldoende rendement opleveren om positieve reële rendementen te bieden, is vrij eenvoudig. Als de inflatie bijvoorbeeld op 5% loopt, moeten obligaties minstens 5% rendement opleveren om de koopkracht van beleggers te behouden.

Als de verwachte inflatie in de toekomst zal toenemen, dan moeten beleggers hun renemensteis (vooral op langlopende obligaties) boven de huidige inflatie stellen om het inflatierisico te compenseren.

In plaats daarvan blijven obligatiehouders steken in rendementen van 1% – 2% – zelfs niet genoeg om de eigen vastgestelde inflatiedoelstelling van de Fed te compenseren, laat staan huidige veel hogere inflatie.

Als de markten de inflatie onderschatten, dan heeft dit ook implicaties voor de aandelenmarkt. Uit de koers-winstverhouding blijkt de groeiverwachting. Inflatie holt die groei in reele termen uit.

Als de markten de inflatie onderschatten, dan zijn edelmetalen te goedkoop. Het opwaartse potentieel van de goud- en zilverprijzen  hangt rechtstreeks samen met het neerwaartse risico van de Amerikaanse dollar; ofwel inflatie.

Wanneer beleggers door krijgen dat de inflatie niet langer van voorbijgaande aard is en hun portefeuilles beginnen af te dekken tegen dit fenomeen, dan zijn er buiten edelmetalen weinig andere beleggingsopties.

Stijgende goud-  en zilverprijzen dienen als een signaal van onderliggende problemen in de fiscale en monetaire stelsels, en daarom proberen de machthebbers de inflatiedreiging te bagatelliseren.

De regering-Biden wil veel geld uitgeven. Omdat het Witte Huis ontkent dat zijn $1,9 biljoen American Relief Plan de inflatiedruk heeft aangewakkerd, kan het er nu $1,2 biljoen aan infrastructuur en $3,5 biljoen aan andere uitgaven door drukken.

Waar andere regeringen, republikeinse en democratische, ook uitgaven hebben opgevoerd en tekorten hebben opgelopen, is dit de eerste in de geschiedenis die dit heeft gedaan zonder concessies te doen aan fiscale terughoudendheid.

Voormalig minister van Financiën Larry Summers is een van de weinige Democraten die kanttekeningen plaatst bij dit losgeslagen uitgaven festijn. Summers is bezorgd over de stijgende inflatie, en wenst dat de Federal Reserve haar stimuleringsprogramma’s inperkt.

Voorlopig is de politieke druk op extra fiscale en monetaire stimulansen echter overweldigend. De daaruit voortvloeiende inflationaire krachten kunnnen de financiële markten overweldigen en onverwacht leed veroorzaken voor beleggers die er niet in zijn geslaagd tijdig voldoende harde activa op te nemen in hun beleggingsportfolio.

Stefan Gleason is president van Money Metals Exchange, het nationaleedelmetalenbedrijf dat in de Verenigde Staten uitgeroepen is tot “Dealer of the Year” 2015 door een onafhankelijke wereldwijde ratinggroep. Gleason is afgestudeerd aan de Universiteit van Florida en is een doorgewinterde bedrijfsleider, investeerder, politiek strateeg en volksactivist. Gleason is vaak verschenen op nationale televisienetwerken zoals CNN, FoxNews en CNBC, en zijn geschriften zijn verschenen in honderden publicaties zoals de Wall Street Journal, Detroit News, Washington Times en National Review.

 

2 REACTIES

  1. Verbazingwekkend dat ze het uberhaupt niet helemaal weg gelogen hebben die inflatie cijfers.

Comments are closed.