Stel, ik ben het in de toekomst helemaal zat met de belastingen, regelgeving en politieke correctheid in Nederland. Ik ben te laat. Velen zijn mij voor gegaan en hebben het land verlaten. Er is wetgeving opgesteld om de autochtonen binnen te houden. Ik ga toch. Ik laat huis en haard achter en mag van de NL overheid volgens de anti emigratie wetten slechts mijn kleding meenemen. Ik moet verder alles achterlaten. Ik meld me berooid als fiscale vluchteling in Suriname. Suriname erkent fiscale vluchtelingen en na een procedure word ik erkend fiscaal vluchteling. Ik probeer te integreren in de Surinaamse samenleving, leg taaltoetsen af, en bouw een nieuw bestaan op. Ik krijg kinderen.

Opeens bemerk ik dat men in Suriname een traditie heeft die ze witte piet noemen. Wit geschminkte negers met klompen hebben een dubbelrol. Ze geven kinderen cadeau’s en ze dreigen stoute kinderen in een aardappelzak terug te nemen naar Nederland. Hoe ga ik daarmee om?

Word ik boos zoals ik de economische vluchtelingen uit Afrika rond 2019 dat heb zien doen met Neerlands zwarte piet? Word ik boos zoals de Antillianen die vrijwillig kiezen om zich in het land van de voormalig slaven halende kolonisator te vestigen? En zich vervolgens opwinden over zwarte piet? Of de geschiedenis van Nederland?

Of besef ik dat vooral dankbaar mag zijn? En het niet aan mij is om te bepalen hoe iemand zich gedraagt? En het wel zeer onbeleefd is om in het huis van de gastheer de gastheer van racisme te betitelen? Een gastheer die heeft geholpen toen men in nood was. Toen niet heeft gekeken naar geloof of huidskleur. Deze gastheer van racisme betitelen is wel erg triest en laag bij de grond. Maar het gebeurt wel massaal in Nederland. Het zogenaamd racistische Nederland. Dat honderdduizenden, zo niet miljoenen vreemdelingen heeft opgenomen. En deze vreemdelingen vaak voorrang geeft bij de gesubsidieerde huizenmarkt.

Als ik gastheer ben en iemand beledigt mij, dan is een correcte reactie deze persoon het huis uit te zetten. Een ongezonde reactie is me daadwerkelijk racist te voelen. En zwarte piet af te schaffen, de kerstboom het huis uit te gooien, en kerstmis het lichtjesfeest te gaan noemen. En dat is precies wat er gebeurt. Deze totaal misplaatste reacties op onterechte beschuldigingen maken Nederland steeds minder leefbaarder voor de autochtone bevolking.

Nawoord: ik gebruik hier groepsdenken, en heb het over “de Nederlander” of “de Antillianen”. Soms is het handig om op deze manier vraagstukken te benaderen, maar het is een zwaktebod bij gebrek aan beter. De agressie vanuit libertarisch oogpunt bij zwarte (of witte) piet is anderen te ontzeggen hoe ze zich willen schminken. De agressie zit niet in het schminken zelf.

8 REACTIES

  1. Aangezien er maar één wereld is, begint de agressie van het opdelen van die wereld in al dan niet erkende landen, zijnde machtsblokken (groepen met vereende krachten) die met elkaar concurreren, daartoe kwalificaties bedenken en wedstrijdjes doen inzake rangorde. Verder wordt allerlei gezeur over wie het nu eigenlijk voor het zeggen heeft (over anderen) kennelijk uitgelegd als racisme.

    Vreemd genoeg hoor je nergens dat het veel gezonder zou uitwerken als ieder optimale controle over zichzelf opbouwt. Wat dan weer te maken heeft met zeggenschap over anderen, als kapstok voor identiteitspolitiek.

    Lang, lang geleden, vóór het bedenken van allerlei mythen en sprookjes, stond optimale controle van iemand over zichzelf nog centraal. Als spil waar omheen van alles draaide. Tegenwoordig is dat ‘fout’, omdat het ‘goed’ zou zijn OM je naar anderen (en constructies en regelingen, stropoppen) te schikken. Allerlei denkbeelden en redeneringen zijn kennelijk ‘van de weg’ geraakt of ‘de bocht uit gevlogen’ bij gebrek aan voldoende zelf-kennis en zelf-beheersing.

    • Mythen en sprookjes hebben een oorsprong en kernen van waar gebeurde voorvallen, gegoten in een acceptabel jasje, om ten tijde van geen radio, televisie en internet elkaar te vermaken. Er was geen tijd van voor het bedenken van mythen, het waren overleveringen van gebeurtenissen en die waren er altijd al.

    • Daaruit volgt dat mythen er niet altijd al waren. Ze zijn ontstaan via ervaringen, gingen verder via overleveringen. Misschien was er geen tijd voor het bedenken van mythen (ervaringen), maar er is wél tijd besteed aan de vraag hoe die overgeleverd konden worden. Ondertussen vraag ik me ook af of degenen die mythen in de circulatie hebben gebracht voldoende hebben nagedacht over de gevolgen van dit soort verhalen. Ze tekenen nl. een bepaalde manier van denken uit. Het (zelf)bestuurlijke ‘DNA’. Maar wat nu als ervaringen een dwaalweg op leiden? Dan doen mythen dat ook.

      Sprookjes hebben een ander doel, iemand proberen te bewegen over te gaan naar een ander soort leven dat meestal buiten bereik blijft. Het zwakke van sprookjes is dat niemand er concreet beter van wordt. Ze zetten geen kern-gezonde manier van denken neer, maar draaien om lapmiddelen. Ieder weet dat. Bewust of onbewust. Vandaar dat ze niet erg krachtig uitwerken.

  2. Ik herrinner me dat in mijn kindertijd Sinterklaas en Zwarte Piet vaak vergezeld waren van een aantal “Pietinnekes” en dat ik deze zwart geschminkte dames als kind op een of andere manier bijzonder aantrekkelijk vond. Neen, dat leidde later niet tot een voorkeur voor Afrikaanse dames maar die -vaak blauwogige!- volledig zwart geschminkte dames vond ik op een of andere manier opwindend. Als zij mee van de partij waren (wat niet altijd het geval was, immers vaak zag men ook alleen maar het duo Sint+Piet), dan ging mijn aandacht 100% uit naar hen.

  3. Het “gastheer model” gaat hier niet op. Een gast vertoeft ergens slechts tijdelijk. Immigranten willen blijven en zijn uit op een gelijkwaardige rol. Eeuwige dankbaarheid kan en mag je denk ik niet verwachten. De grijze oude allochtone knar wordt wellicht afhankelijk van een vitale en hardwerkende gast. Wees blij dat mensen “hun plekje claimen”. Het is geen vreemd verschijnsel. Je kinderen doen dat ook. Bovendien zijn sommig gastheren deze titel niet waard. Een waar gastheer stelt niet uitsluitend eisen aan zijn gast. Hij laat zijn gast ook ruimte. Zeker een libertaire gastheer.

  4. Er van uitgaande twee indentieke personen samen te brengen, zo van met de hoed in de hand, en die goed doet goed ontmoet, dat zijn dan veronderstellingen, die mensen die ik duid hier, zijn behept met een middeleeuws dogmatisch denken nee nee ondenken, ik heb ze mee gemaakt op mijn verschillende reizen, ik heb gezien hoe deze bezetenen, omgaan in hun landen met mensen die anders denken, minderheden dus, nu ik wil ten koste van alles dat dit niet gaat gebeuren in Europa, je kunt het zelf iedere dag constateren, hun assimilatie kent geen grenzen, 455 moskeeën, 900 000 Moslims, ik leef duizend keer liever met Joden dan met Moslims, de genen die zich hier niet aan willen storen, raad ik aan met hen mee te vertrekken, als de tijd hier voor is aangebroken !

    • Met je(ons)zelf leven is al een hele opgaaf Toute, misschien iets makkelijker voor de meesten, zij die een metgezel kunnen verdragen of denken nodig te hebben, maar gewoon op jezelf, kijk een beetje om je een, verbaas je over al de waanzin en lach er om.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in