Home Filosofie Libertarisme Libertarisch Schetsboek (3) – De wetkakkende macht

Libertarisch Schetsboek (3) – De wetkakkende macht

20

Vraag je aan iemand waar komen wetten vandaan, dan zal het antwoord luiden: van de regering en het parlement.

Iemand die ervoor heeft doorgeleerd, zal zeggen: van de wetgevende macht.

En dat klopt. Zo is het althans nu geregeld.

Wat zeg ik, wetgevende macht? Wetkakkende macht kun je beter zeggen.

De hoeveelheid wetten die over ons wordt uitgekakt in onze “democratische” staten is overstelpend. Ik heb geprobeerd exacte cijfers te vinden, maar dat viel niet mee. In 2019 is er nog een bericht verschenen in de pers dat het aantal wetten en regels Nederland in tien jaar Rutte (tot 2019) met duizend is toegenomen naar 9834.

Google bracht mij ook nog naar een artikel van Hub Jongen uit de Vrijspreker van 2010 (!), waarin Hub de hoeveelheid wetten en regelingen in de EU probeerde te achterhalen. Hij kwam uit op meer dan 90.000.

Ik heb in de Vrijspreker kort geleden al gememoreerd dat de Code of Federal Regulations in de V.S. in 2015 180.000 pagina’s besloeg. Dat is 220 keer de complete Lord of the Rings trilogie.

Let wel even op: de Code of Federal Regulations is maar een deel van de wetgeving in de V.S. Het zijn alle regels en beschikkingen die in de loop der tijd zijn afgegeven door de meer dan 50 federale instanties in de V.S. Ze zijn nooit door het congres goedgekeurd, net als ministeriële beschikkingen in Nederland niet door het parlement worden goedgekeurd. Het Amerikaanse Congres zelf voert ook nog minstens 100 nieuwe wetgevingspakketten per jaar in.

Bieden al deze wetten de burgers bescherming? Rechtszekerheid? Iedereen die in Nederland weleens met de rechterlijke macht te maken heeft gehad, weet wel beter. Het systeem kent hoge drempels, is langzaam, inefficiënt, ondoorgrondelijk. In plaats van dat we rijdende rechters hebben die ons helpen met onze echte problemen, moeten we advocaten inschakelen voor 250 euro per uur. Die kunnen dit soort bedragen kunnen vragen omdat hun specialisatie nodig is als je iets wil bereiken binnen het systeem.

Het effect van alle regels is dan ook niet zozeer dat ze ons beschermen, maar dat ze ons leven regelen. En hoe. Er zijn zoveel wetten dat we allemaal criminelen zijn geworden zonder dat we het weten. De Amerikaanse advocaat Harvey Silverglate heeft ooit berekend dat Amerikaanse burgers gemiddeld drie keer per dag federale strafwetten (“criminal laws”) overtreden. Dit naast alle kleine overtredingen van de regels. In Europa zal dat niet anders zijn.

Dat we zoveel wetten hebben, heeft er alles mee te maken dat de bevoegdheid om wetten te maken bij regering en parlement ligt. Want wat doe je als je de “wetgevende macht” bent? Wetten maken natuurlijk. Zoals een timmerman timmert. Burgers in een democratie verwachten dat ook. Voor alle problemen willen ze een wet, en liefst een waar ze zelf beter van worden.

Maar ho even, zult u zeggen – dat de bevoegdheid om wetten te maken ligt bij de wetgevende macht, is toch logisch? Wou ik soms beweren dat het ook anders kan?

Ja, daar gaat dit stukje inderdaad over.

Een van de belangrijkste redenen waarom mensen meestal niet geloven in “anarchisme” of “anarcho-kapitalisme” is omdat ze denken dat dit een samenleving zonder regels inhoudt. Anarchisme betekent dat er “geen heerser” is, dus geen staat, en daaruit volgt volgens de meeste mensen: geen wetten en regels.

Leoni omschrijft democratie treffend als “a legal war of all against all”

Maar die laatste gevolgtrekking is onjuist. Regels zijn inderdaad nodig om samen te kunnen leven, dat vind ik ook, maar ze hoeven niet door een staat of heerser te worden uitgevaardigd. Ze kunnen ook “van onderop” tot stand komen. Net zoals de economie niet centraal hoeft te worden geleid, hoeft ook de wet dat niet.

Sterker, er bestaat zowel in de Angelsaksische als in de Romeinse geschiedenis een lange traditie van wetten die “van onderop” tot stand kwamen. Dit wordt prachtig beschreven door de Italiaanse rechtsgeleerde Bruno Leoni in zijn klassieke werk Freedom and the Law uit 1962.

Zowel in Rome als in Engeland waren het lange tijd de rechters en rechtsgeleerden (“jurisconsults”) die wetten maakten, schrijft Leoni, niet de politici. In Engeland (en later in de Verenigde Staten) staat deze judge-made law bekend als de common law. Leoni:

Both the Romans and the English shared the idea that the law is something to be discovered more than to be enacted and that nobody is so powerful in his society as to be in a position to identify his own will with the law of the land. The task of ‘discovering’ the law was entrusted … to the jurisconsults and the judges, respectively …”

Frappant is dat de Romeinen en de Britten alom worden bewonderd om hun juridische tradities, schrijft Leoni, terwijl vrijwel niemand zich meer realiseert wat die tradities inhielden:

“Everybody today pays lip service to the Romans no less than to the English for their legal wisdom. Very few realize, however, what this wisdom consisted in, that is, how independent of legislation those systems were in so far as the ordinary life of the people was concerned, and consequently how great the sphere of individual freedom was both in Rome and in England during the very centuries when their respective legal systems were most flourishing and successful….”

Volgens Leoni leidde het Romeinse en Britse recht dus tot een relatief grote particuliere levenssfeer waarin burgers vrij waren om te leven zoals ze wilden. Zij konden niet worden “verrast” door willekeurige wetgeving die van bovenaf, door de machthebbers, werd opgelegd:

“The Romans accepted and applied a concept of the certainty of the law that could be described as meaning that the law was never to be subjected to sudden and unpredictable changes. Moreover, the law was never to be submitted, as a rule, to the arbitrary will or the arbitrary power of any legislative assembly or of any one person, including senators or other prominent magistrates of the state.”

Dit was de basis van de vrijheid van Romeinse burgers, inclusief hun economische vrijheid. Het behoeft geen betoog dat die vrijheid niet gold voor slaven en de lagere klassen – zover waren ze nog niet in de Romeinse tijd.

De Britse common law werkte op dezelfde manier, veelal op basis van precedenten (besluiten van andere rechters in soortgelijke gevallen):

“The British courts of judicature could not easily enact arbitrary rules of their own in England, as they were never in a position to do so directly, that is to say, in the usual, sudden and widely ranging and imperious manner of legislators. Moreover, there were so many courts of justice in England and they were so jealous of one another that even the famous principle of the binding precedent was not openly recognized by them as valid until comparatively recent times.”

Een van de grote voordelen van de common law traditie, merkt Leoni op, is dat de rechters pas besluiten nemen als daar door individuele burgers om wordt gevraagd. Die besluiten hebben dan in principe ook niet meteen gevolgen voor de rest van de bevolking:

“[When judges make law, they] intervene only when they are asked to do so by the people concerned. Moreover, their decisions apply only to the parties to the dispute. Thirdly, these decisions are rarely reached without reference to the decisions of other judges and lawyers in similar cases. All this means that the authors of these decisions have no real power over other citizens beyond what those citizens themselves are prepared to give them…”

Vergelijk dit met het hedendaagse democratische systeem, waarin wetten van bovenaf worden opgelegd door de staat en voor iedereen gelden. In zo’n staat is geen ruimte voor individuele keuzes, zoals de coronacrisis eens te meer heeft aangetoond. Het leidt er ook toe dat mensen via de staat meerderheden proberen te vormen om hun wil op te leggen aan anderen. Leoni omschrijft de moderne democratie dan ook treffend als een “legal war of all against all”.

Hij merkt op:

“[Nowadays] legislation has … come to resemble more and more a sort of diktat that the winning majorities in the legislative assemblies impose upon the minorities, often with the result of overturning long-established individual expectations and creating completely unprecedented ones. The succumbing minorities, in their turn, adjust themselves to their defeat only because they hope to become sooner or later a winning majority …”

Leoni staat sceptisch ten opzichte van het idee (zoals bijvoorbeeld aangehangen door Hayek) dat een geschreven grondwet in staat is om de staat in toom te houden. Hij noemt dit een “illusoire zekerheid”, aangezien de grondwet altijd weer kan worden gewijzigd (of genegeerd) door de machthebbers. Beter is het volgens hem om de wetgevende macht weg te halen bij de staat, of op zijn minst te beperken tot strikt “publieke” zaken.

Moraal: recht en wet zijn mogelijk zonder de staat. Wanneer de wet daarentegen een verlengstuk is van de staat, zoals in onze maatschappij, is het gedaan met de vrijheid.

20 REACTIES

  1. Op 1 januari 2019 waren er 9834 regelingen, een regeling is de meest concrete uitleg van de wet.
    Verschil tussen een wet, besluit en regeling.
    In een wet staan algemeen verbindende voorschriften. Dat betekent dat er in grote lijnen uitgelegd wordt welke regels er voor een bepaald onderwerp gelden. De Eerste en Tweede Kamer moeten een wetsvoorstel goedkeuren.
    Een besluit, ook wel Algemene maatregel van bestuur, is een gedetailleerdere beschrijving van de wet. In een besluit staat verder uitgewerkt hoe (een deel van) de wet uitgelegd moet worden.
    Een regeling wordt meestal afgeleid van een besluit. De regeling is de meest concrete uitleg van de wet. Een regeling bevat bijvoorbeeld specifieke regels waaraan een school moet voldoen om bijzondere of aanvullende bekostiging te krijgen.
    (Overgenomen van https://duo.nl/zakelijk/middelbaar-beroepsonderwijs/wet-en-regelgeving/wetten-besluiten-en-regelingen.jsp want zo slim ben ik zelf niet )

  2. Wetgeving door wie of wat ook gemaakt, kan tot concentratie van macht leiden. En zal dat waarschijnlijk ook. Evenmin is uitgesloten dat de wetgever nieuwe stijl niet ook tot wetkakkende macht verwordt. Pas als mensen het intrinsiek in zich hebben zich te weten en kunnen gedragen, zal er minder wetgeving nodig zijn. De roep om wetgeving zal als vanzelf verstommen. Mensen hebben eigenschappen, belangen, noden. Dat maakt ze tot wie ze zijn en wat ze doen en willen. Klootzakken, hufters, aso’s, maar ook behulpzaam, aardig, vlijtig etc..

    • Dus ongeveer fifty fifty Bertuz, het een heft het ander als het ware op of vult het aan, een soort natuurlijke balans dus. Waar zouden wij toe behoren? Ik behoor bij de oude zakken zonder wijn in ieder geval. Nog een anekdote waarbij een aangeschoten man een kroeg binnenkomt en tegen de aanwezige mannen (het was nog voor de snowflakes/transgender tijd) zegt wijzend op verschillende tafels, “Jullie zijn allemaal klootzakken en jullie zijn allemaal vreemdgangers”, waarop één van de “vreemdgangers” op staat en zegt, “Meneer, mag ik u er op wijzen dat ik nog nooit vreemd ben gegaan,” waarop de aangeschoten man zegt, “Dan moet je bij de klootzakken gaan zitten.” Tja het waren andere tijden, toen kon he dat nog zeggen zonder een berecht te worden, levenslang te krijgen en na het uitzitten een nekschot 🙂

      • Soms ben ik een klootzak, soms ben ik aardig. Vermoedelijk hangt een dergelijk oordeel af van degene aan wie je het vraagt. Als je iemand behoedt voor iets gevaarlijks zonder dat hij dat zelf zo ziet, zal hij je (toch) een klootzak vinden. En als ik iemand iets zoets of vets te eten geef, omdat hij dat lekker vindt, zal hij mij aardig vinden, ook al gaat hij daardoor eerder dood. Ik ben niet zo van de instituties of de regels. Laat de mens zoveel als mogelijk vrij. En Willem, ik word vermoedelijk ook gezien als oude(re) zak. Helaas moet ik het vullen met wijn wel zelf doen. Maar soms word ik op een glas getrakteerd. De manier waarop Carmiggelt naar mensen kijkt, spreekt mij aan. De mens hij kloot maar wat aan.

  3. De rechter moet de wet toetsen aan de Grondwet ! uiteindelijk beslist het Grondwettelijk Hof ! in een Constitutionele Rechtstaat.

    • Of dat iets oplost, vraag ik mij af. Dat Grondwettelijke Hof zou dan veel macht hebben. En om macht wordt gevochten. Het leidt tot machtsverschuiving. Vermoedelijk is er niet voor niets voor het woord “Hof”. Dat woord drukt uit dat het niet het hoogste orgaan denkbaar is. Meestal wordt dan gekozen voor een naam met het woord “raad” erin. Denk aan Hoge Raad, denk aan Raad van State. Maar ik zou er wel voor zijn.

      • Dat heb ik gedaan. Lang geleden met mijn kinderen. Bij het vakje maatschappijleer kwam de grondwet voorbij.

      • @Karel
        Klopt, met name de positieve grondrechten zijn fout, hier ontbreken helaas de uitzonderingsclausules die bij de negatieve grondrechten wel steeds worden genoemd (behoudens uitzondering te stellen bij wet). ***art 20: De bestaanszekerheid der bevolking en spreiding van welvaart zijn voorwerp van zorg der overheid*** Spreiding van welvaart uitdrukkelijk genoemd. Bescherming van eigendom niet.

        Verder staan delen van de grondwet op gespannen voet met elkaar, iedereen is gelijk, en dan komt vervolgens de paragraaf over het koningschap.

      • Bron Wikipedia; Sociale grondrechten zijn niet afdwingbaar; klassieke grondrechten wel.

      • Bescherming eigendom moet je als burger kennelijk zelf doen. Maar inbreuk maken op eigendomsrecht is expliciet geregeld. Dat mag de overheid niet zo maar. “Het EVRM kent slechts in artikel 1 van het Eerste Protocol een bepaling die het eigendomsrecht beschermt. In de tweede zin van deze bepaling wordt de betekenis van de bescherming wel direct flink gerelativeerd: ‘aan niemand zal zijn eigendom worden ontnomen, behalve in het algemeen belang en onder de voorwaarden voorzien in de wet en in de algemene beginselen van internationaal recht.’ Vervolgens wordt deze relativering nog verder kracht bijgezet door daar aan toe te voegen dat deze ‘op geen enkele wijze het recht aantasten, dat een Staat heeft om die wetten toe te passen, die hij noodzakelijk oordeelt om het gebruik van eigendom te reguleren in overeenstemming met het algemeen belang of om de betaling van belastingen of andere heffingen of boeten te verzekeren.’ Daarmee heeft artikel 1 van het Eerste Protocol nauwelijks een extra waarde ten opzichte van artikel 14 Gw.”

  4. De grondwet is als WC papier, doorgespoeld: noodwetten, dat is nu de praktijk.
    Ook al stelt de RvS grote vraagtekens daarbij.
    Maar minstens zo belangrijk in het artikel is dat in het ‘democratische’rechtssysteem, veelal mensen of lobbyisten, regels laten invoeren ten koste van anderen. Daarom zie je ook steeds meer antagonisme. De ene groep is voor, de andere dus tegen een nieuwe regel. Wanneer je via regels je zin/macht over anderen kunt krijgen, wordt het er niet vriendelijker op tov elkaar.

  5. Ik heb het niet zo op wetgeving. Evenmin heb ik het op rechtspraak. Wetgeving voert zichzelf niet uit. Mensen zorgen voor de uitvoering. En mensen hebben een agenda. Altijd. En daar kan het misgaan. Een Halsema die zonder blikken of blozen zegt wetgeving niet te zullen handhaven. De politie die niet overal te gelijk kan zijn. Met als gevolg dat er prioriteiten worden gesteld. Wie maakt die keuzes en waarom en waarop gebaseerd? Veel rechters werken niet of nauwelijks deductief. Zij kiezen een standpunt en zoeken daar een redenering bij. Maar als we dan toch met dit systeem moeten leven, lijkt het mij goed de macht zoveel als mogelijk te spreiden. En mensen zoals Halsema mogen wat mij betreft ontslagen worden. Zij stelt daarmee haar eigen normen en waarden boven die van de wet. De Franse revolutie is te danken geweest juist aan mensen zoals Halsema. Aan mensen die zichzelf boven de wet stellen. Geschiedenis, wel leren er niet veel van.

  6. Dit is wellicht het beste artikel dat ik op vrijspreker gelezen heb!
    Ik sta er dan ook voor 100% achter!
    Wow, dat gebeurt me niet vaak 😉

    Misschien zal ik binnenkort mijn artikelen serie “Redt het libertarisme, weg met het NAP” eens insturen voor publicatie. (Maar ben er nog niet helemaal tevreden over)

    • Ben zeer benieuwd naar je serie Redt het libertarisme,
      en ook
      weg met het NAP”
      ik zou je r bijna toe willen dwingen om het hier te publiceren 😉

      • LOL!
        OK, ik zal er wat meer haast van maken…
        (PS: je hoeft deze serie niet op mijn website te zoeken daar staat hij niet, en ik heb ook geen plannen om hem daar te plaatsen)

    • Hi Rien
      ***Dit is wellicht het beste artikel dat ik op vrijspreker gelezen heb!***
      Leuk dat je deze positieve terugkoppeling deelt. Als we een keer een minder artikel schrijven, mag je dat natuurlijk ook zeggen. Ik blijf me verbazen over de verhouding tussen facebook likes en de kwaliteit van artikelen. Hoge kwaliteit geeft vaak lage likes (op dit moment 2 likes).

      We hebben vroeger artikelen van je site overgenomen, onder meer over postmodernisme. ik ben benieuwd naar de nieuwe series. Met name weg met het NAP.

      • ***Hoge kwaliteit geeft vaak lage likes (op dit moment 2 likes).***

        Misschien zitten de mensen die hoge kwaliteit waarderen niet op faceplant?
        (ik blijf daar ver vandaan, net als van andere a- social platforms)

  7. Ik verbaas me altijd over het gepoch over de Trias Politica die we zouden hebben. De driehoek wetgever, handhaver en rechter zouden strikt gescheiden en dus onafhankelijk van elkaar moeten zijn. Wat natuurlijk kolder is. Allereerst is de wetgever tevens de “baas” over de rechters en de handhavers. Daarnaast valt het op dat het merendeel van de Nederlandse rechters lid is van D66. Een dergelijk lidmaatschap heeft in elk geval de schijn van partijdigheid. Iets dat zich regelmatig uit in de soms belachelijke straffen die worden uitgedeeld.

    Sommige mensen zijn gewoon stuk. Die móét je levenslang opsluiten omdat ze een blijvend gevaar zijn voor de maatschappij. Desondanks blijven veel (D66)rechters geloven in de “goedheid van de mens” en worden levensgevaarlijke psychopaten na een strafje van 6 jaar (in de praktijk 4) en wat therapie weer losgelaten. Zogenaamd omdat iedereen een tweede kans verdient. Bah!

    • De term rechtstaat is al een tegenstelling in zichzelf. Je handhaaft het Recht door het Recht te breken: 50% belastingheffing om de overige 50% te beschermen – en zelfs dat niet, want puntje bij paaltje kan je alles afgenomen worden. Het Engelse ‘Rule of Law’ klinkt al beter omdat de staat uit de vergelijking verdwenen is. Dat gezegd hebbend krijg ik niet de indruk dat het met de rechtspraak in de UK of de VS nu zoveel beter gesteld is.

      Om maar eens een paar extreme uitspraken er tegenaan te gooien.
      1. Als de functie van rechtspraak, in ieder geval gedeeltelijk, afschrikking is, dan dienen straffen publiekelijk uitgevoerd te worden.
      2. De functie van de doodstraf is niet alleen om te voorkomen dat je zieke geesten levenslang in een peperdure Pieter Baan kliniek moet opsluiten, met het risico dat ze daaruit ontsnappen. De functie is tevens en misschien wel vooral dat deze mensen zich niet kunnen voortplanten.
      3. Het voordeel van Godgegeven recht is dat mensen er niet aan kunnen wriemelen. Diefstal is diefstal. We weten allemaal wat het is. Waarom alle zijvarianten ervan uitschrijven in juridische code?

Comments are closed.