Gedwongen onderwijs

Het begint al bij de term “onderwijs”. Waar de mensenrechten over het “right to education” spreekt (VN Kinderrechtenverdrag van 1989, Art. 28), gebruikt de (ongeautoriseerde) Nederlandse vertaling het woord “onderwijs“. En dat is voor veel mensen iets heel anders. In Nederland verwisselt de overheid het recht op educatie met de geïnstitutionaliseerde schoolplicht. Zo gauw een recht een plicht wordt is het geen recht meer.
Onderwijs is in Nederland via scope creep gedegenereerd tot een overgefinancierde indoctrinatiemachine, die met verplichte leerstof “kerndoelen” nastreeft en deze vervolgens niet haalt. Dat is een boude bewering die uitleg verdient. Kijk je echter naar de uitkomsten van het peperdure systeem, dan wordt gemeld: 25% van de 15-jarigen is functioneel analfabeet en de aantallen kinderen met “gedragsproblemen” (dyslexie, ADHD, etc.) zijn enorm toegenomen. Is dat de financiering waard? En het lijkt er toch heel erg op dat hoe meer belastinggeld de overheid in het onderwijs stopt, hoe slechter het wordt. In de vijftiger jaren zei A.W. van Liefland, hoofd van een school voor buitengewoon onderwijs te Groningen: ‘Het klinkt als een paradox, maar het is niettemin een feit, dat de leerplicht de belangrijkste oorzaak is geweest voor de ontstellende toename van de zwakzinnigheid. Die schiep niet alleen de debielenschool, maar ook de tienduizenden debielen zelf.’
De leerplichtwet van 1901 ging uit van de gedachte dat alle kinderen een recht op scholing hadden en dat dit recht door de overheid beschermd moest worden. De ouderlijke macht werd door die wet ingeperkt om kinderen tegen misbruik door de ouders en hun families te beschermen. Het was vanzelfsprekend dat de wet er niet was om de kinderen uit de gegoede burgerij te beschermen: particulier onderwijs was in die kringen heel gewoon want de kinderen gingen de zaken later overnemen en moesten daarvoor het een en ander aanleren. Daartoe werden gouvernantes en onderwijzers in dienst genomen, en de kinderen werden naar scholen en internaten gestuurd, waar naast kennis van zaken ook een behoorlijke portie sociaal-maatschappelijke statusgewoontes werd aangeleerd.

Indoctrinatie

Onderwijzen betekent eigenlijk ‘iemand ondersteuning bieden door hem de weg te wijzen‘. Het gaat om de definitie van de goede weg. Vanuit die gedachte heeft de betekenis zich ontwikkeld tot die van ‘lesgeven‘. In “les” en “lering” zit moraliteit verborgen, en daar gaat het bij de financiers van onderwijs uiteindelijk om: het aanleren van maatschappelijk gewenst gedrag. De financierende ouders wilden de opvoeding van hun kinderen vooral uitbesteden aan mensen die ze vertrouwden. Onderwijs was daardoor oorspronkelijk een domein van levensbeschouwelijke en religieuze organisaties. Sinds de oorspronkelijke wet op de leerplicht hebben de ouders steeds minder, en de overheid steeds meer grip op het onderwijs gekregen. Vanuit de oorspronkelijke gedachte van het recht op onderwijs heeft zich in 120 jaar de schooldwang ontwikkeld, die “burgerschapsvorming” tot doel heeft. Het van de EU afkomstige “Education for democratic citizenship” dat in het Nederlands met “burgerschapsvorming” wordt vertaald. Het is een term waarmee je libertariërs op de kast kunt jagen. Het drukt een toxisch indoctrinatiegehalte uit.
Niemand is erover verrast dat de overheid het onderwijs wil monopoliseren en intensiveren. Daartoe is een monsterlijke, verambtelijkte bureaucratie opgezet, die zichzelf gelukkig van binnenuit aan het opblazen is, omdat het de nevendoelstelling van het aanleren van vaardigheden niet kan halen. A.F.M. Brenninkmeijer stelde in een artikel in de Staatscourant van 18.2.2008 over het rapport “Tijd voor onderwijs” dat de zorg van de regering ernstig is doorgeschoten: “De partijpolitieke belangen gingen volgens voorzitter Dijsselbloem boven de belangen van de kinderen.”
Zelfs de meest idealistische socialist bekent dat er intussen iets mis is. Eén zin uit het standpunt over onderwijs van de SP zou zomaar uit een libertarische koker kunnen komen: “Docenten hebben veel te weinig zeggenschap, zij krijgen minder bureaucratie en de vrijheid in de klas die ze verdienen“. Helaas zegt de SP helemaal niets over de vrijheid van kinderen en al helemaal niets over het primaat van de ouders. Bij socialisten lijkt het nog steeds te gaan om de uitbating van het individu ten behoeve van de collectiviteit: “Ieder kind verdient een eerlijke kans om zichzelf te kunnen ontwikkelen en een bijdrage te leveren aan de samenleving.


In tegenstelling daarmee vindt de LP dat onderwijs een zaak is van de kinderen zelf en van hun ouders. Geen politiek in het onderwijs en dus gooit de LP het liefst de overheid eruit. Hier is, ter opfrissing, het standpunt van de Libertaire Partij:

Inspirerend Onderwijs
Onze scholen zijn vaak inspiratieloze fabriekshallen. Waarbij iedereen dezelfde methoden krijgt voorgeschoteld. Raar dat scholen in honderd jaar niet vooruit zijn gegaan. Dit is de stempel van de politiek.
Leraren en leerlingen aan het roer. Zo ziet de LP het onderwijs. De politiek moet pas op de plaats maken en zich minder bemoeizuchtig opstellen. Het huidige systeem sluit niet meer aan en moet grondig hervormd worden.
De financiering van het onderwijssysteem hervormen wij. Slechte schoolprestaties en fraude worden door het huidige systeem in de hand gewerkt. Ouders en leerlingen krijgen het recht om eisen te stellen aan het onderwijs waar zij voor kiezen en betalen, niet de overheid.
Financiering regelen we via een vouchersysteem. Daarbij gaat er geen geld meer rechtstreeks van de overheid naar onderwijsinstellingen. Hoe lesgeld te besteden is aan studenten en ouders van jongere leerlingen. Onze vouchers kunnen zij naar wens uitgeven aan een opleiding. Zo krijgen scholen de ruimte om het beste onderwijs vorm te geven.
Dit doet de LP door:

  • Meer vrijheid voor onderwijsprofessionals
  • Meer keuzemogelijkheden voor leerlingen en ouders
  • Onafhankelijke onderwijsinstellingen

Het natuurlijke leren niet verhinderen
Als libertariërs geen verplichte collectieve onderwijsvoorzieningen willen, dan wil dat nog lang niet zeggen dat wij educatie daarom onbelangrijk zouden vinden!
LP-lid Peter Hartkamp wijst erop hoe het Nederlandse onderwijssysteem ernaar streeft om kinderen te trainen in gehoorzamen. Hartkamp stelt “vanuit dwang kun je niet leren” en heeft een duidelijke visie hoe het anders kan. Zelf heeft hij zich ingezet om het concept van de Sudbury Valley School in Nederland in te voeren, en heeft al doende kennisgemaakt met de ware aard van de overheid, die er veel aan bijdroeg het concept te frustreren. Zijn ervaringen heeft hij in zijn boek “Het gedwongen onderwijs voorbij” samengevat. Hij beschrijft de strijd tegen de ambtenarij, de moeite die het kost om via het juridisch systeem door ongeschreven(!) wetten door te breken, maar vooral ook – en dat is indrukwekkend – bewijst hij dat natuurlijke leerprocessen superieur zijn aan het institutioneel “aanleren”:

“Sudbury Valley heeft geen kinderen met dyslexie. Dyslexie is een door gedwongen lezen gecreëerd probleem”.

“Kinderen kunnen voor zichzelf – al vanaf 4 jaar – heel goed bepalen wat in hun eigen context goed voor ze is. Ze leren verantwoordelijkheid voor hun eigen keuzes en de consequenties ervan. Een school biedt een veilige context. Voor iedereen een fijne plek, schoon, ordelijk. De regels zijn er duidelijk, zonder achterkamertjes”.

Peter Hartkamp maakte jarenlang deel uit van de landelijke onderwijscommissie van de VVD, en wisselde later naar D66. Maar bij beide partijen zat er geen enkel “denken” achter hun onderwijsbeleid. Doordat LP-coryfee Toine Manders een keer een proces bijwoonde kwam hij in contact met het libertarisme, dat nog het meest aansloot bij zijn ideeën.

Libertarisch onderwijs?
Op de vraag of de Sudbury Valley school libertarisch onderwijs aanbiedt zegt hij: “School moet je niet aan een politieke richting binden“. De Sudbury Valley school – er is er nu één in Nederland, in Amersfoort – gaat uit van de vrijheid van het individu om dat te leren wat je belangrijk en interessant vindt. Het concept ligt dicht bij de Democratische scholen. Een Sudburyschool valt onder de definitie van een democratische school. Elke democratische school is echter weer anders in de manier waarop ze hun organisatie hebben opgezet, in hoeverre ze leeftijden mixen en in de mate waarin de leerling invloed kan uitoefenen. Toch beseft ook Peter Hartkamp dat elk schools onderwijs in Nederland onder een enorme invloed staat van de overheid.
Ook alle socialistische onderstromingen veroorzaken dat scholing wordt misbruikt om kinderen met allerlei collectivistische politieke ideeën te indoctrineren. De pogingen van Forum voor Democratie om alternatieve “rechtse” scholen op te zetten kun je beschouwen als een reactie hierop.

Thuisonderwijs.
Een alternatief, thuisonderwijs, wordt door veel libertariërs, en vooral door de anarcho-kapitalisten onder hen, gezien als een alternatief voor het staatsonderwijs. Een originele en leerzame kijk hierop geeft Divya Tate in haar interview op het Indiase kanaal The Labyrinth: Homeschooling, Urban Farming & Off-Grid Living. In Nederland is thuisonderwijs echter – hoewel niet expliciet verboden – praktisch onmogelijk gemaakt. De Duitse bezetter heeft hieraan meegewerkt door de schoolplicht te verscherpen: ze waren bezorgd dat het verplichte onderwijs in de Duitse taal zou worden ontlopen, en deze aanscherping is in 1948 weer teruggedraaid en vervolgens bij de Leerplichtwet 1969 werd het thuisonderwijs weer bijzonder veel moeilijker gemaakt.

Unschooling.
Unschooling (“ontscholing”) is het summum van libertarisch onderwijs. De term “unschooling” heeft traditie: reeds in 1972 sprak Ivan Illich over “deschooling society” [5]. “Unschooling” betekent: informeel leren dat uitgaat van de zelfgekozen activiteiten van de leerling als primaire kennisbron. Het heeft geen vastgestelde leerdoelen maar werkt vanuit het standpunt van de leerling, bijvoorbeeld het oplossen van een probleem. De Sudbury school komt hier van alle nu bestaande schoolvormen in Nederland nog het dichtste bij. Een school kan natuurlijk het voordeel boven het thuisonderwijs hebben dat kinderen met leeftijdgenoten uit andere gezinnen omgaan, vooral als mensen geïsoleerd wonen.
In 2010 vertrok Laura Dekker, toen net 14 jaar oud, voor een solo-zeiltocht rond de wereld. Na een jaar van procederen tegen de jeugdzorg die dit voornemen wilde torpederen. De schoolplicht bleek een machtig wapen van de overheid, maar uiteindelijk bepaalde een kinderrechter dat ze haar voornemen mocht uitvoeren. Zie deze video. Vanaf minuut 3 wordt het echt interessant. Laura toonde vervolgens aan dat het heel goed mogelijk is om zelf, zonder schoolsysteem, te leren, en vestigde en passant nog een wereldrecord.

Libertair perspectief.
Iedereen heeft een andere levensfilosofie. Vanuit ons libertarisch gedachtengoed zijn we ervan overtuigd dat diversiteit natuurlijk en goed is. Ouders hebben een natuurrecht om als eerste te bepalen vanuit welke waarden ze hun kinderen opvoeden. Kinderen hebben een natuurrecht om te leren en kunnen hun zelfstandigheid opeisen wanneer ze denken er zelf aan toe zijn. Dit mag nooit door een collectief zoals een overheid verhinderd worden. De grens die ouders stellen om corrigerend in te grijpen is wanneer er voor kinderen fysiek gevaar ontstaat. En deze bescherming kunnen ouders tot op zekere hoogte uitbesteden aan anderen.
Over de definitie van leerdoelen mag een overheid nooit een monopolie bezitten. De bescherming van het recht op educatie houdt in dat overheden, ambtenaren, inspecteurs en onderwijsgevenden zich respectvol gedragen ten opzichte van de inzichten van kinderen en hun ouders. Ze mogen het natuurlijk leerproces van kinderen en (jonge) mensen niet verhinderen en niet vervangen door onnatuurlijk, gedwongen onderwijs.
Vanuit die gedachte is minder onderwijs beter dan meer onderwijs. Mensen die twijfelen of dit werkt kunnen een voorbeeld aan Finland nemen: met een zeer veel kleiner onderwijsstelsel en met het vanzelfsprekend toestaan van thuisonderwijs, zijn hun PISA-resultaten veel beter dan in Nederland. Er zijn Zweedse families die naar de Finse, Zweedstalige Åland-eilanden verhuizen omdat ze hun kinderen zelf willen onderwijzen zonder door de staat vervolgd te worden.
De libertarische activist Marshall Fritz stichtte in 1994 de Amerikaanse “Alliance for the Separation of School & State“. De Alliance stelt dat staatsonderwijs niet legitiem is.
Het Kinderrechtenverdrag (Artikel 28 sub e) stelt dat verdragsstaten maatregelen moeten nemen om regelmatig schoolbezoek te bevorderen. Er bestaat geen schooldwang. In het libertarisme zul je nooit een schoolplicht tegenkomen. Waar die nog bestaat zouden we die moeten afschaffen.

Libertarische bronnen:

  1. Hartkamp, Peter. “Het gedwongen onderwijs voorbijeen pleidooi voor het realiseren van de rechten van het kind binnen het onderwijs“, 2016 (ISBN 978-90-825641-0-5)
  2. Gatto, John Taylor. “The Underground History of American Education: A Schoolteacher’s Intimate Investigation into the Problem of Modern Schooling“, 2000 (ISBN 0-945700-05-9)
  3. Boyack, Connor. “The Tuttle Twins“. Libertas Press 18 August 2021. N.B. Dit is serie van 12 kinderboeken en bedoeld als tegengif tegen sociaaldemocratische indoctrinatie. Het Mises-Instituut werkt aan een Nederlandse vertaling.
  4. Schoolland, Ken. “The adventures of Jonathan Gullible – a free market Odyssey“. 2004, Leap Publishing, Cape Town. Nederlandse vertaling: “De avonturen van Jonathan Gullible. Een vrije markt odyssee“. 2013.
  5. Illich, Ivan. “De-schooling society“.  Harper & Row, 1972.

Dit artikel is een uitgave van libertair perspectief, de nieuwsbrief van de LP. Ga naar stemlp.nl en vul je mailadres in bij de popup.

9 REACTIES

  1. Volledig mee eens dat er heel veel verbeterd kan worden in alle onderwijslagen. Een probleempunt lijkt mij wel dat je moet kunnen omschrijven/definiëren hoe een goede opleiding er uitziet. Dat is nog niet zo eenvoudig. Sowieso zul je veel eerder moeten gaan specialiseren. Analoog aan tennis- en voetbalscholen zul je muziekscholen, IT talentenscholen, filosofen scholen e.d gaan krijgen. Daarvoor zal dan eerder een sterkte/zwakte analyse gemaakt moeten worden van elk kind om eerder te weten waarvoor hij/zij geschikt is.

  2. Niet alle ouders zijn in staat om hier een oordeel over te velen of om te kunnen oordelen wat nou het beste is voor hun zoon of dochter.
    Vele zullen een godsdienstig soort onderwijs op de eerste plaats zetten en de rest als minder belangrijk vinden.
    En ik ken toch echt volwassen ouders die niet in staat zijn om uit leggen wat een vierkante meter is.
    Laat staan hoe je dit berekend.
    Wat ook mee speelt is het aantal leerlingen dat niet of nauwelijks Nederlands spreekt of kan schrijven.
    Die waren er niet toen ik op school zat dus was daar ook geen gedoe over op school.
    En die specialisatie in onderwijs was er al maar weer afgeschaft.
    Als je metselaar wilden worden ging je naar een metsel school, enz…..
    Wilde je advocaat worden, zocht je wat hoger op.\
    Niet iedereen wordt met dezelfde capaciteit geboren en talenten.
    Mede bepaald door het nest waar je vandaan komt en in opgroeit.
    Maar iets minder bemoeienis van de overheid is wel gewenst.

  3. Waar het ook weer niet over gaat is dat het onderwijs is aangepast aan de domste leerling van de klas.
    Onder het motto dat iedereen gelijk is en iedereen moest mee kunnen komen.
    Gevolgen laten zich raden. Daar is de overheid zeker schuldig aan.
    Een gedeelte zit er dan voor spek en bonen vanwege het lage niveau en de ontbrekende aanbod/ leerstof.
    Als je vroeger niet mee kon komen vanwege de ontbrekende capaciteit ging je naar de lom school zodat de rest normaal verder kon.
    Nu moet iedereen elk jaar over gaan naar de volgende klas.

    Bij mij op school (lagere school) bleef ook niemand zitten, bestonden de klassen uit minimaal 30-35 leerlingen.
    En toch is iedereen redelijk tot goed terecht gekomen.
    Maar dat was voordat ze besloten hadden om de halve wereld hier te laten meedoen en de halve klas uit niet Nederlands sprekende stoorzender bestond.
    Er waren toen ook geen stennis makers die over tafels wandelde en de leerkracht fysiek bedreigden.

  4. Eén zin uit het standpunt over onderwijs van de SP zou zomaar uit een libertarische koker kunnen komen: “Docenten hebben veel te weinig zeggenschap, zij krijgen minder bureaucratie en de vrijheid in de klas die ze verdienen“.

    Dit gaan jullie controversieel vinden.

    Maar vergeet niet dat de wortelen van libertarisme, socialistisch zijn

    Benjamin Tucker, noemde zichzelf een….socialist, die opkwam voor het volk en zich verzette tegen een financiële/statische elite

    Ik zou het wel heel interessant vinden, als een financiële man en/of vrouw van de SP, eens met bijvoorbeeld Robert Valentine in debat zou gaan. Om te kijken, of er een soort middenweg mogelijk is, een compromis

    • Hebben docenten altijd veel te weinig zeggenschap gehad of last gehad van bureaucratie?
      Volgens mij is dit iets van de laatste 20 jaar toen ze het normale onderwijs niet meer konden regelen met een stel analfabeten in de klas die geen woord Nederlands spraken.
      Maar dat onderwerp wordt angstvallig buiten elke discussie gehouden wanneer het over het onderwijs gaat.
      Maar politieke stromingen zijn altijd uitstekend geweest om weg te laten hoe iets ontstaan is.
      Dus ook liberatiers blijven om de kluit heen draaien als om de oorzaak gaat van deze ellende.

      • Over het beheersen van de Nederlandse taal gesproken. Lees je reactie eens door voordat je hem verzend.

      • Leraren die ik ken/kende, zijn vooral boos over de managers in het onderwijs, die de boel tiranniseren en al het gemeenschapsgeld opsouperen. Zijn dit dan managers, of bureaucraten? Een definitiekwestie

        Ja, ik weet niet. Zet gewoon van die eigen schooltjes op, zou ik zeggen.

      • Hey takkie, mijn grootste fan, had je weer last van een persoonlijk storing in je hoofd.
        Je moet ook op tijd je pilletjes blijven eten eten tegen je psychoses.
        Was je weer even je echte reageerders naam vergeten.
        Misschien moet je wat minder zuipen als je er niet tegen kan of heb je weer klappen gehad van dat zeik wijf van je.
        Daar ga je ook raar van lullen, van te veel klappen.

  5. Ik ben “deschooling society” van Ivan Illich (1971) aan het herlezen en ben verrast te zien hoe anarchisch en libertarisch zijn visie op educatie was. Hij was nota bene Rooms-Katholiek priester maar had het vaker aan de stok met zijn bisschoppen. De visie op libertarisch onderwijs bestond toen al, maar heeft zich niet weten door te zetten. Overal ter wereld heeft de overheid het “onderwijs naar zich toe getrokken – met als gevolg dat iedereen in termen van leerdoelen en curricula denkt: formuleer eens libertarische leerdoelen … Ouders die niet weten wat goed voor hun kroost is … Dat is mainstream denken, dat denken heb je op school geleerd. Op school … De hele maatschappij is erdoor getekend. Illich had groot gelijk. We zijn geblokkeerd om ons voor te kunnen stellen dat ouders en kinderen zelf kunnen bepalen wat het leren waard is, dat moeten blijkbaar “professionals” voor ons doen. Beseffen we niet veel te weinig wat voor macht je degenen in handen legt die daar graag – voor anderen – over beslissen?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in